<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBNHO:2022:10402</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-12-07T08:41:59</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-11-24</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Noord-Holland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Noord-Holland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2022-11-16</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">10037372 \ CV EXPL  22-4681</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#bodemzaak">Bodemzaak</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Haarlem</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2022:10402">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2022:10402</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-12-07T08:41:22</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-12-07</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBNHO:2022:10402 Rechtbank Noord-Holland , 16-11-2022 / 10037372 \ CV EXPL  22-4681</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBNHO:2022:10402:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>duploos. toewijzen achterstallige huur en mutatiekosten</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBNHO:2022:10402:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK NOORD-HOLLAND</bridgehead>
    <para>Handel, Kanton en Insolventie</para>
    <para>locatie Haarlem</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknr./rolnr.: 10037372 \ CV EXPL  22-4681</para>
      <para>Uitspraakdatum: 16 november 2022</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van de kantonrechter in de zaak van:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de stichtin<emphasis role="bold">g Stichting Woningbedrijf Velsen</emphasis></para>
      <para>gevestigd te Velsen</para>
      <para>eiseres</para>
      <para>verder te noemen: Woningbedrijf Velsen</para>
      <para>gemachtigde: Gerechtsdeurwaarderskantoor De Klerk Vis Niekus</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde] </emphasis>
      </para>
      <para>wonende te [plaats] </para>
      <para>gedaagde  </para>
      <para>verder te noemen: [gedaagde] </para>
      <para>procederend in persoon</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>
      <nr>1</nr>Het procesverloop</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Woningbedrijf Velsen heeft bij dagvaarding van 29 juli 2022 een vordering tegen [gedaagde] ingesteld. [gedaagde] heeft mondeling geantwoord.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Op 20 oktober 2022 heeft een zitting plaatsgevonden. Woningbedrijf Velsen is verschenen. [gedaagde] is, ondanks behoorlijk te zijn opgeroepen, zonder bericht van verhindering niet verschenen. Voorafgaand aan de zitting heeft Woningbedrijf Velsen bij brief van 27 september 2022 nog stukken toegezonden.  </para>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Feiten</title>
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>Tussen partijen bestond een huurovereenkomst op grond waarvan [gedaagde] van Woningbedrijf Velsen de woning aan de [adres] (hierna: de woning) huurde, tegen een bij vooruitbetaling verschuldigde huurprijs. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>Op 13 oktober 2020 heeft de politie een hennepplantage in de woning aangetroffen. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>Bij brief van 23 november 2020 heeft [gedaagde] in verband hiermee en op aandringen van Woningbedrijf Velsen de huurovereenkomst opgezegd. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>Op 7 juni 2021 heeft de eindinspectie en oplevering van de woning plaatsgevonden.   </para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>De vordering</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>Woningbedrijf Velsen vordert dat de kantonrechter [gedaagde] veroordeelt tot betaling van € 3.454,78 (€ 1.019,51 achterstallige huurpenningen, € 1.980,96 mutatiekosten, € 514,31 buitengerechtelijke incassokosten, minus € 60,00 voldaan), te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de dag van de dagvaarding en de proceskosten.  </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>Woningbedrijf Velsen legt aan de vordering – kort weergegeven – ten grondslag dat [gedaagde], ondanks diverse verzoeken en sommaties, in gebreke is gebleven met betrekking tot betaling van de huurachterstand. Verder is bij de eindinspectie gebleken dat de woning niet in goede staat en bezemschoon was opgeleverd, waardoor Woningbedrijf Velsen kosten heeft moeten maken die voor rekening van [gedaagde] komen. </para>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>Het verweer</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>
        [gedaagde] betwist de vordering (gedeeltelijk). Hij erkent dat hij nog een bedrag aan huur aan Woningbedrijf Velsen verschuldigd is. Verder zijn de gevorderde mutatiekosten gedeeltelijk wel juist, maar in ieder geval niet ten aanzien van de kosten van de voordeur. [gedaagde] is van mening dat het niet redelijk is dat hij de overige mutatiekosten moet betalen, omdat hij nooit een reactie van Woningbedrijf Velsen heeft gekregen op zijn voorstel tot een betalingsregeling. </para>
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>5</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>5.1.</nr>
      <para>Woningbedrijf Velsen heeft de vordering ter zitting nader toegelicht en het door [gedaagde] gevoerde verweer gemotiveerd weerlegd. Woningbedrijf Velsen heeft onder meer verklaard dat (i) de kosten van de voordeur al van de mutatiekosten waren afgehaald en dus niet in rekening zijn gebracht, (ii) er veel schade aan de woning was, onder meer door de aangetroffen hennepplantage en (iii) tussen partijen een (minimale) betalingsregeling was getroffen, maar dat [gedaagde] die niet nakwam en daarna nergens meer op reageerde. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2.</nr>
      <para>
        [gedaagde] heeft, door ter zitting niet te verschijnen, op het voorgaande niet meer gereageerd. Het door Woningbedrijf Velsen weerlegde verweer van [gedaagde] wordt dan ook als onvoldoende onderbouwd gepasseerd, zodat de vordering van Woningbedrijf Velsen toewijsbaar is.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.3.</nr>
      <para>De proceskosten komen voor rekening van [gedaagde], omdat hij ongelijk krijgt.  </para>
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>6</nr>De beslissing	</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter:</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>6.1.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde] tot betaling aan Woningbedrijf Velsen van € 3.454,78 te vermeerderen met de wettelijke rente over dat bedrag vanaf 29 juli 2022 tot aan de dag van de gehele betaling;</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.2.</nr>
      <parablock>
        <para>veroordeelt [gedaagde] tot betaling van de proceskosten, die de kantonrechter aan de kant van Woningbedrijf Velsen tot en met vandaag vaststelt op:</para>
        <para>dagvaarding	€ 127,43</para>
        <para>griffierecht	€ 487,00</para>
        <para>salaris gemachtigde	€ 436,00;</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.3.</nr>
      <parablock>
        <para>verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad. <?linebreak?></para>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. J.J. Dijk en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De griffier		De kantonrechter</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>