<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBNHO:2022:10237</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-06-06T16:53:23</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-11-17</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Noord-Holland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Noord-Holland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2022-11-17</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/15/331726 / HA RK 22-147</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Alkmaar</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>ERF-Updates.nl 2023-0019</rdf:li>
          <rdf:li>JERF Actueel 2022/392</rdf:li>
          <rdf:li>JERF Actueel 2022/405</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2022:10237">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2022:10237</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-12-05T15:28:45</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-12-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBNHO:2022:10237 Rechtbank Noord-Holland , 17-11-2022 / C/15/331726 / HA RK 22-147</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBNHO:2022:10237:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Ontslag en benoemen vereffenaar 2:23 lid 2 en 5 BW. Verzoeker niet-ontvankelijk want geen (mede)vereffenaar. Verzoek toch toegewezen omdat vereffenaar instemt met het verzoek en gelet op wat uit het verzoekschrift blijkt. Beloning cfm Recofa richtlijnen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBNHO:2022:10237:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="7946c376-54cf-46f8-a621-04a21f093ace" depth="2" width="13" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="491a9095-2e1b-4a11-a45f-d798532fa133" depth="2" width="523" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>beschikking</para>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK NOORD-HOLLAND</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Handel, Kanton en Bewind</para>
      <para>Zittingsplaats Alkmaar</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer / rekestnummer: C/15/331726 / HA RK 22-147</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Beschikking van 17 november 2022</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">MR. [verzoeker]</emphasis>,</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">handelend in zijn hoedanigheid van vereffenaar in de nalatenschap van wijlen [erflater]</emphasis>,  </para>
      <para>kantoorhoudende te [plaats 1] ,</para>
      <para>verzoeker,</para>
      <para>advocaat mr. I.P.M. Schreven te Rosmalen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het verzoek</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Op 8 september 2022 heeft verzoeker een verzoekschrift ingediend tot ontslag en benoeming van een vereffenaar op grond van artikel 2:23 lid 2 van het Burgerlijk Wetboek (hierna: BW). </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>De beoordeling</title>
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <parablock>
        <para>Verzoeker verzoekt ontslag van mevrouw [weduwe] (hierna: de weduwe).</para>
        <para>als vereffenaar en benoeming van mr. [naam 1] als opvolgend vereffenaar als bedoeld in artikel 2:23 lid 2 BW.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <parablock>
        <para>Uit het verzoekschrift blijkt het volgende:</para>
        <para>Op 29 december 2014 is overleden de heer [erflater] (hierna: erflater). Erflater was gehuwd met de weduwe. Erflater heeft naast de weduwe vier van zijn kinderen als erfgenamen achtergelaten. De nalatenschap van erflater is beneficiair aanvaard. De kinderen hadden eerst de weduwe gevolmachtigd om de nalatenschap af te wikkelen, maar omdat zij daarin tekortschoot is verzoeker benoemd tot vereffenaar van de nalatenschap. Tot de nalatenschap van erflater behoren aandelen van [de b.v.] B.V. Uit het handelsregister blijkt dat op 1 augustus 2017 is besloten tot ontbinding van [de b.v.] waarbij de weduwe is ingeschreven als vereffenaar. Omdat erflater en de weduwe gehuwd waren onder huwelijkse voorwaarden, die elke gemeenschap van goederen uitsloten, behoren de aandelen van [de b.v.] volledig tot de nalatenschap van erflater. Tot eigendom van [de b.v.] behoorde het eigendom van de woning aan de [adres 1] te [plaats 2] . De weduwe heeft deze woning verkocht, maar nooit de verkoopopbrengst opgeëist. De verkoopopbrengst van € 146.830,02 stond eerst op de derdengeldrekening van de notaris, terwijl creditrente in rekening werd gebracht, en is nu gestald op de derdengeldrekening van de vereffenaar. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>In artikel 2:23 lid 2 BW is bepaald dat als de rechter een vereffenaar ontslaat, hij een of meerdere andere kan benoemen. Ontbreken vereffenaars, dan benoemt de rechtbank een of meer vereffenaars op verzoek van een belanghebbende of het openbaar ministerie. Lid 5 van het artikel bepaalt dat de rechtbank een vereffenaar kan ontslaan, hetzij op verzoek van de vereffenaar zelf, hetzij wegens gewichtige redenen op verzoek van een medevereffenaar, het openbaar ministerie of ambtshalve.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>Verzoeker is geen (mede)vereffenaar van [de b.v.] B.V., zodat niet aan de criteria van artikel 2:23 lid 5 BW is voldaan. Verzoeker is daarom niet-ontvankelijk in zijn verzoek. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <para>Aan het verzoekschrift is een door de weduwe ondertekende verklaring gehecht waaruit blijkt dat zij instemt met haar ontslag als vereffenaar en benoeming van mr. [naam 1] als de opvolgend vereffenaar. Gelet op deze verklaring en dat wat uit het verzoekschrift blijkt, zal de rechtbank de weduwe op grond van artikel 2:23 lid 5 BW ontslaan als vereffenaar en mr. [naam 1] als vereffenaar benoemen. Uit een aan het verzoekschrift gehechte verklaring van mr. [naam 1] blijkt dat hij met zijn benoeming kan instemmen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.6.</nr>
      <para>In artikel 2:23 lid 2 BW is bepaald dat een beloning aan een door de rechtbank benoemde vereffenaar kan worden toegekend. De rechtbank zal, zoals verzocht, bepalen dat het salaris van de vereffenaar dient te worden berekend aan de hand van de ‘Recofa-richtlijnen voor faillissementen en surseance van betaling’.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>De beslissing</title>
    <para>De rechtbank</para>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>verklaart verzoeker niet-ontvankelijk in zijn verzoek,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>ontslaat met ingang van heden mevrouw [weduwe] als vereffenaar van de besloten vennootschap [de b.v.] B.V.,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>benoemt tot (opvolgend) vereffenaar van de besloten vennootschap [de b.v.] B.V. mr. [naam 1] , geboren op [geboortedatum] te [plaats 3] , kantoorhoudende bij [naam 2] aan de [adres 2] te [plaats 4] ,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>bepaalt dat het salaris van de vereffenaar dient te worden berekend aan de hand van de Recofa-richtlijnen voor faillissementen en surseance van betaling,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.5.</nr>
      <para>verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Deze beschikking is gegeven door mr. S.M. Auwerda en in het openbaar uitgesproken op 17 november 2022.<footnote-ref linkend="_b2ff1883-cd67-45a5-be44-4b3c72477aef" /></para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
  <footnote id="_b2ff1883-cd67-45a5-be44-4b3c72477aef" label="1">
    <para>type: MKG </para>
    <para>coll: SA</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>