<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBNHO:2021:6863</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-08-16T08:58:36</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-08-16</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Noord-Holland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Noord-Holland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2021-07-16</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/15/318250 / HA RK 21/135</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Alkmaar</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2021:6863">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2021:6863</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-08-16T08:55:17</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-08-16</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBNHO:2021:6863 Rechtbank Noord-Holland , 16-07-2021 / C/15/318250 / HA RK 21/135</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBNHO:2021:6863:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>kennelijke ongegrond verklaring wrakingsverzoek</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBNHO:2021:6863:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="d5737a28-09b4-4c83-a6e3-f1eb6c04b5c5" depth="2" width="13" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="8046a66c-419f-49d3-b0b8-749a81374b36" depth="2" width="523" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>beslissing</para>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK NOORD-HOLLAND</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Wrakingskamer</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer / rekestnummer: C/15/318250 / HA RK 21/135</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Beslissing van 16 juli 2021</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>op het verzoek tot wraking ingediend door:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verzoeker]
        </emphasis>
      </para>
      <para />
      <para>wonende te [woonplaats]</para>
      <para>verzoeker.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het verzoek is gericht tegen:</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">mr. I.H. Lips,</emphasis>
      </para>
      <para>hierna te noemen: de rechter.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>
      <nr>1</nr>Procesverloop</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <parablock>
        <para>Verzoeker heeft bij brief gedateerd 2 juli 2021, bij de rechtbank ingekomen op 6 juli 2021, schriftelijk een klacht ingediend, die door de griffie van het kantongerecht als wrakingsverzoek is beoordeeld.</para>
        <para>De klacht is gericht tegen de rechter in de bij deze rechtbank, team Handel, Kanton &amp; Bewind, locatie Alkmaar aanhangige zaak met als zaaknummer ALK 9212705 WM VERZ 21-169 (Wet Mulder-zaak), hierna te noemen: de hoofdzaak.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>De wrakingskamer heeft op grond van de hierna opgenomen overwegingen besloten geen datum te bepalen voor een mondelinge behandeling van het verzoek door de wrakingskamer.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Het standpunt van verzoeker</title>
    <para>Verzoeker heeft in zijn brief van 2 juli 2021 het volgende opgenomen:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">“N.a.v. de zitting van 02-07-2021 om 9.30 uur is meteen in het begin duidelijk geworden dat u al van te voren een besluit heeft genomen en mocht ik niet uitspreken wat ik wilde. Dien dan ook een KLACHT in wegens de zeer onzuiverige houding van uw zijde, te weten:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>
      <emphasis role="italic">- Tijdens de zitting mocht de griffier niet alles opschrijven van u omdat bepaalde zaken niet mochten genoemd worden dan wel belangrijke informatie mocht niet op papier komen.</emphasis>
    </para>
    <para>
      <emphasis role="italic">- U wilde niets weten en u wilde niet weten dat [naam 1] bij de geboorte is verwisseld. De nageboorte dus de placenta wordt geregistreerd en vanaf 1666 wordt dit al gedaan. Als een baby 3 dagen oud is moet de ouders aangifte doen van de geboorte van de baby. Dan wordt niet de baby als levende baby geregistreerd maar de nageboorte van de baby. De kantonrechter is hier volledig van op de hoogte maar negeert dit van alle kanten.</emphasis>
    </para>
    <para>
      <emphasis role="italic">- U wist dat een levende mens [naam 1] voor u zat maar de zaak ging over [naam 2] een fysieke persoon welke dus niet bestaat. Tevens heb ik diverse malen duidelijk aangegeven dat namen in hoofdletters niet bestaat voor het bedrijf De Staat der Nederlanden NV.</emphasis>
    </para>
    <para>
      <emphasis role="italic">- Tevens heb ik aangegeven heel duidelijk dat de griffier is de Trustee en dat [naam 1] is de Benificiary is en dat u de Executor was en dit heeft u niet tegengesproken en dus mocht ik er dus van uit gaan dat dit juist was en is.</emphasis>
    </para>
    <para>
      <emphasis role="italic">- Mocht op geen enkele wijze vragen stellen.</emphasis>
    </para>
    <bridgehead role="italic">(…)</bridgehead>
    <para>
      <emphasis role="italic">- U heeft doelbewust de syntax taalgebruik niet toegepast wat een rechter behoord te doen in een zitting.</emphasis>
    </para>
    <para>
      <emphasis role="italic">- Tevens moet u altijd als zuivere rechter in het hier en nu aanwezig zijn wat u beslist vandaag niet was.</emphasis>
    </para>
    <para>
      <emphasis role="italic">- U gaf de tegenpartij continu gelijk wat een rechter niet mag doen of behoord te doen.</emphasis>
    </para>
    <para>
      <emphasis role="italic">- Tijdens de gehele zitting gaf u met uw houding continu aan dat alles al was besloten door u als rechter.</emphasis>
    </para>
    <para>
      <emphasis role="italic">- Enz.</emphasis>
    </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Met andere woorden u als rechter had direct de zitting moeten sluiten daar deze zaak ging over de fictieve persoon [naam 2] die volgens de bedrijven overheid en de rechtbank niet bestaat maar u ging gewoon door.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">U weet dat de staat der nederlanden een bedrijf is en kortom alle overheidsinstellingen zijn bedrijven en dient dus een contract aanwezig te zijn tussen alle partijen met een natte handtekening maar volgens u hoeft er geen contracten aanwezig te zijn en mag iedereen zomaar een factuur sturen naar iedereen en dus moet je als rechter zeer onzuiver zijn.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Kortom ik dien een KLACHT in omdat u de kantonrechter I.H. Lips doelbewust fraude, oplichting, misleiding, niet onafhankelijk was, doelbewust niet naar feiten wilde luisteren, enz. en daarom hou ik u persoonlijk aansprakelijk en verantwoordelijk enz. en de schade zal ik op u verhalen.”</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>De beoordeling</title>
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>Op 2 juli 2021 is verzoeker verschenen voor de rechter in verband met een opgelegde administratieve sanctie wegens een verkeersovertreding (overschrijding maximum snelheid met 14 km/uur). Kennelijk kort nadat de zitting was geëindigd, heeft verzoeker de hiervoor gedeeltelijk geciteerde brief geschreven.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>De wrakingskamer is van oordeel dat de inhoud van deze brief evident niet kan leiden tot een gegrond wrakingsverzoek. Het verzoek zal daarom als kennelijk ongegrond worden afgewezen.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>Beslissing</title>
    <para>De rechtbank</para>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>verklaart het wrakingsverzoek kennelijk ongegrond,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>beveelt de griffier onverwijld aan verzoeker een voor eensluidend gewaarmerkt afschrift van deze beslissing toe te zenden.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <para>bepaalt dat de zaak wordt voortgezet in de stand waarin deze zich bevond op 6 juli 2021 en beveelt daartoe de onmiddellijke mededeling van deze beslissing aan de voorzitter van de rechtbank Noord-Holland, afdeling Handel, Kanton &amp; Bewind.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Deze beslissing is gegeven door mr. L.J. Saarloos, voorzitter, mr. W.C. Oosterbroek en mr. S. Jongeling, leden van de wrakingskamer, in tegenwoordigheid van mr. A.J. Bruijn, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 16 juli 2021.</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>griffier						voorzitter</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">de griffier is buiten staat om</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">deze beslissing te ondertekenen</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>