<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBNHO:2021:2968</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-04-20T12:02:05</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-04-12</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Noord-Holland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Noord-Holland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2021-03-31</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">312662</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Alkmaar</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2021:2968">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2021:2968</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-04-12T14:15:55</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-04-20</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBNHO:2021:2968 Rechtbank Noord-Holland , 31-03-2021 / 312662</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBNHO:2021:2968:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Huwelijk tussen partijen naar Nederlands recht ontbonden. Vrouw vordert op grond van onrechtmatige daad medewerking van de man aan de islamitische en Egyptische echtscheiding</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBNHO:2021:2968:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK NOORD-HOLLAND</bridgehead>
    <para>Handel, Kanton en Bewind</para>
    <para>Locatie Alkmaar</para>
    <para>WG/AH</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaak- en rolnummer: C/15/312662 / HA ZA 21/51</para>
      <para>datum: 31 maart 2021</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van de enkelvoudige kamer voor de behandeling van burgerlijke zaken</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        [eiseres] te [woonplaats 1] ,</para>
      <para>EISERES bij dagvaarding van 11 januari 2021,</para>
      <para>advocaat: mr. drs. J. el Hannouche te Utrecht,</para>
      <para>(toev.nr. 4OA3687)</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        [gedaagde] te [woonplaats 2] ,</para>
      <para>GEDAAGDE,</para>
      <para>n i e t   v e r s c h e n e n</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegen gedaagde is verstek verleend.</para>
      <para>De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>HET VERLOOP VAN HET GEDING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Eiseres heeft gesteld en gevorderd als vermeld in de aan dit vonnis in fotokopie gehechte en als hier ingelast geldende dagvaarding.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>DE BEHANDELING VAN DE ZAAK</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>Het gevorderde komt de rechtbank niet onrechtmatig of ongegrond voor en kan derhalve worden toegewezen, behoudens het navolgende.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <parablock>
        <para>De primair gevorderde lijfsdwang zal worden afgewezen. De rechtbank ziet in de enkele verwachting van eiseres dat gedaagde een veroordelend vonnis niet zal nakomen onvoldoende grond om dat dwangmiddel reeds nu toe te wijzen.</para>
        <para>De (subsidiair) gevorderde dwangsommen zijn wel toewijsbaar. De dwangsommen zullen worden gemaximeerd als hierna vermeld.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>Gelet op de relatie tussen partijen zullen de proceskosten tussen hen worden gecompenseerd, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt.</para>
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>DE BESLISSING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
      <para>Bij verstek</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <parablock>
        <para>Gelast gedaagde om binnen twee weken na betekening van dit vonnis zijn medewerking te verlenen aan de ontbinding van het religieuze huwelijk van partijen, meer in het bijzonder door aan eiseres per aangetekende post een door hem ondertekende brief te sturen met de tekst:</para>
        <para>
          <emphasis role="italic">“Ondergetekende, de [gedaagde] geboren [geboortedatum 1] 1968 te [geboorteplaats 1] ( [land 1] ), verklaart hierbij te scheiden van [eiseres] , geboren op [geboortedatum 2] 1968 te [geboorteplaats 2] ( [land 2] ) wonende aan de [adres] te [woonplaats 1] en verleent haar hierbij de drievoudige definitieve en onherroepelijke islamitische echtscheiding: ‘anti taliqa, ‘anti taliqa, ‘anti taliqa (jij bent gescheiden, jij bent gescheiden, jij bent gescheiden), indien en voor zover vereist bevestigt ondergetekende hierbij dat de islamitische echtscheiding (talaaq) tevens mondeling op drie verschillende momenten is uitgesproken en in ieder geval definitief en onherroepelijk is”</emphasis>, </para>
        <para>althans een zodanige handeling te verrichten die volgens islamitisch recht noodzakelijk is om het religieuze huwelijk tussen partijen te ontbinden, onder verbeurte van een dwangsom van € 250,00 per dag dat gedaagde in gebreke blijft hieraan te voldoen, met een maximum van € 10.000,00.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>Gelast gedaagde om zijn medewerking te verlenen om de Egyptische echtscheiding uit te spreken bij de Egyptische ambassade te Den Haag door middel van het afleggen van een daartoe vereiste verklaring op de Egyptische ambassade tegen afgifte van een behoorlijk bewijs aan eiseres waaruit de definitieve onherroepelijke echtscheiding naar Egyptisch recht tussen partijen blijkt, althans al datgene te doen wat de Egyptische ambassade vereist van gedaagde om de echtscheiding definitief te maken, onder verbeurte van een dwangsom van € 250,00 per dag dat gedaagde in gebreke blijft hieraan te voldoen, met een maximum van € 10.000,00.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>Gelast gedaagde indien de Egyptische ambassade te Den Haag de echtscheiding niet definitief kan maken om de Egyptische echtscheiding in Egypte te verzoeken door middel van het inschakelen  van mr. E. El-Sharkawi, advocaat te Nederland en Egypte om namens gedaagde en eiseres de echtscheiding te bewerkstelligen in Egypte en zijn medewerking te blijven verlenen totdat de definitieve onherroepelijke echtscheiding naar Egyptisch recht is bewerkstelligd, waarbij gedaagde tevens dient af te geven een behoorlijk bewijs aan eiseres waaruit de definitieve onherroepelijke echtscheiding naar Egyptisch recht tussen partijen blijkt, onder verbeurte van een dwangsom van € 250,00 per dag dat gedaagde in gebreke blijft hieraan te voldoen, met een maximum van € 10.000,00.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>Compenseert de kosten van het geding aldus dat iedere partij de eigen kosten draagt.</para>
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.5.</nr>
      <para>Verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.6.</nr>
      <para>Wijst af het meer of anders gevorderde.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door de rechter mr. A.C. Haverkate en uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 31 maart 2021 in tegenwoordigheid van de griffier.</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>