<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBNHO:2021:12360</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-01-12T12:00:28</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-01-06</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Noord-Holland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Noord-Holland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2021-12-21</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/15/321605 / KG ZA 21-567</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Alkmaar</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2021:12360">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2021:12360</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-01-11T11:56:56</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-01-12</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBNHO:2021:12360 Rechtbank Noord-Holland , 21-12-2021 / C/15/321605 / KG ZA 21-567</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBNHO:2021:12360:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Proces-verbaal mondeling uitspraak. Vordering meewerken verdeling saldi bankrekeningen per peildatum toegewezen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBNHO:2021:12360:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="f0dcd98c-1bbb-438d-b6d4-8f52a40257d1" depth="2" width="13" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="6f485552-c5fe-48d9-b732-3ccdbf46a46f" depth="2" width="523" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>proces-verbaal mondelinge uitspraak </para>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK NOORD-HOLLAND</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Handel, Kanton en Bewind</para>
      <para>Zittingsplaats Alkmaar</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer / rolnummer: C/15/321605 / KG ZA 21-567</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de voorzieningenrechter van  21 december 2021 </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [eiser]
        </emphasis>,</para>
      <para>wonende te [woonplaats] ,</para>
      <para>eiser,</para>
      <para>advocaat mr. A.I. Lunshof te Amsterdam,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde]
        </emphasis>,</para>
      <para>wonende te [woonplaats] ,</para>
      <para>gedaagde,</para>
      <para>advocaat mr. A.W. Hoogland te Den Helder.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen zullen hierna de man en de vrouw genoemd worden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De zitting wordt gehouden in het gebouw van deze rechtbank ter behandeling van een vordering in kort geding.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegenwoordig zijn mr. L.J. Saarloos, voorzieningenrechter, en mr. I.C.C. Kerkhoven, griffier.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Na uitroeping van de zaak verschijnen:</para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>De man in persoon, bijgestaan door mr. Lunshof voornoemd,</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>De vrouw in persoon, bijgestaan door mr. Hoogland voornoemd.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij de aanvang van de zitting heeft de man de voorzieningenrechter laten weten dat de vrouw aan hem zojuist duidelijkheid heeft verschaft over de saldi van de bankrekeningen die per peildatum op haar naam stonden. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De vorderingen zijn ter zitting besproken. Beide partijen hebben het woord gevoerd. De voorzieningenrechter heeft de zitting geschorst voor overleg. Dit heeft niet tot overeenstemming van partijen geleid over de overige vorderingen van de man. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De voorzieningenrechter heeft na afloop van de behandeling ter zitting mondeling uitspraak gedaan.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De uitgangspunten</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Bij beschikking van 24 maart 2021 (hierna: de beschikking) heeft deze rechtbank de ontbinding uitgesproken van het geregistreerd partnerschap van partijen en als wijze van verdeling van de saldi van de bankrekeningen van partijen bepaald dat partijen elkaar een overzicht dienen te verschaffen waaruit de saldi van alle op hun naam staande bankrekeningen op de peildatum blijken, met de bepaling dat deze saldi bij helfte tussen partijen worden verdeeld. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>2</nr>De gronden van de beslissing</title>
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>De vrouw heeft aan de man duidelijkheid verschaft over de saldi van de bankrekeningen die per peildatum op haar naam stonden. Daarom heeft de man de vordering op dat punt ingetrokken.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>Tijdens de zitting heeft de man verklaard dat het saldo van de spaarrekening van de vrouw per peildatum € 8.069,22 bedraagt en het saldo van haar betaalrekening € 361,-.   In totaal bedragen de saldi van de bankrekeningen op naam van de vrouw per peildatum      € 8.430,22. <?linebreak?>De man heeft tijdens de zitting verklaard dat uit productie 5 bij dagvaarding blijkt dat de saldi van de bankrekeningen die per peildatum op zijn naam staan in totaal € 2.800,- bedragen. Op grond van de beschikking is de vrouw € 4.215,11( € 8.430,22 / 2) aan de man verschuldigd. De man is op zijn beurt € 1.400,- (€ 2.800,- / 2) aan de vrouw verschuldigd. De vrouw moet € 2.815,11 (€ 4.215,11 – € 1.400,-) aan de man betalen. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>De voorzieningenrechter volgt het standpunt van de man. In zoverre is de vordering daarom toewijsbaar, inclusief de gevorderde dwangsom.<?linebreak?>De termijn voor de betaling door de vrouw zal worden bepaald op drie maanden. De voorzieningenrechter meent dat deze termijn vanwege de financiële positie van de vrouw redelijk is. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>In dit geval ziet de voorzieningenrechter aanleiding om – in afwijking van het uitgangspunt om de kosten tussen ex-partners te compenseren – de vrouw te veroordelen in de proceskosten. Reden daarvoor is dat de vrouw de man op kosten heeft gejaagd door de beschikking niet na te komen. De man was daardoor genoodzaakt om deze procedure te starten. Deze kosten worden aan de zijde van de man begroot op € 121,39 aan kosten dagvaarding, € 309,00 aan griffierecht en op € 656,00 aan salaris van de advocaat. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>De beslissing</title>
    <para>De voorzieningenrechter:</para>
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>gebiedt de vrouw om binnen drie maanden na 21 december 2021 mee te werken aan de verdeling van de saldi van de bankrekeningen die op de peildatum op naam van  partijen staan;</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>bepaalt dat deze saldi bij helfte tussen partijen worden verdeeld (waarbij de vrouw dus binnen drie maanden na 21 december 2021 een bedrag van € 2.815,11 aan de man dient te voldoen);</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>bepaalt dat de vrouw een dwangsom verbeurt van € 5.000,- ineens en € 100,- voor iedere dag dat de vrouw in gebreke blijft om aan de hiervoor onder 3.1 genoemde veroordeling te voldoen;</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>veroordeelt de vrouw in de proceskosten, aan de zijde van de man tot op heden begroot op:</para>
      <para>- explootkosten		121,39</para>
      <para>- griffierecht		309,00</para>
      <para>- salaris advocaat	<emphasis role="underline">	656,00</emphasis></para>
      <para>Totaal	€ 	1.086,39</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.5.</nr>
      <para>verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit mondelinge vonnis is gewezen door mr. L.J. Saarloos, voorzieningenrechter, en in het openbaar uitgesproken op 21 december 2021.</para>
        <para>Waarvan proces-verbaal,</para>
        <para>De griffer,					De voorzieningenrechter,</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>