<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBNHO:2021:10903</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-11-30T11:43:13</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-11-26</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Noord-Holland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Noord-Holland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2021-11-17</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">9129770 \ CV EXPL  21-2199</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#opTegenspraak">Op tegenspraak</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Haarlem</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_verbintenissenrecht">Civiel recht; Verbintenissenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2021:10903">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2021:10903</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-11-30T11:41:36</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-11-30</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBNHO:2021:10903 Rechtbank Noord-Holland , 17-11-2021 / 9129770 \ CV EXPL  21-2199</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBNHO:2021:10903:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Luchtvaartzaak. Incident. Beroep op nietigheid van de dagvaarding faalt.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBNHO:2021:10903:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK NOORD-HOLLAND</bridgehead>
    <para>Handel, Kanton en Insolventie</para>
    <para>locatie Haarlem</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknr./rolnr.: 9129770 \ CV EXPL  21-2199</para>
      <para>Uitspraakdatum: 17 november 2021</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis in het incident van de kantonrechter in de zaak van:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr> [passagier sub 1]</title>
    <parablock>
      <para>2. <emphasis role="bold">[passagier sub 2]</emphasis></para>
      <para>beiden wonende te [woonplaats]</para>
      <para>eisers in de hoofdzaak en verweerders in het incident</para>
      <para>hierna gezamenlijk te noemen de passagiers</para>
      <para>gemachtigde mr. R. Bos</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de rechtspersoon naar buitenlands recht</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">Easyjet Airline Company Limited</emphasis>
      </para>
      <para>gevestigd te Luton (Verenigd Koninkrijk)</para>
      <para>gedaagde in de hoofdzaak en eiseres in het incident</para>
      <para>hierna te noemen de vervoerder</para>
      <para>gemachtigde mr. B. Koolhaas</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="procesverloop">
    <title>
      <nr>1</nr>Het procesverloop</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>De passagiers hebben bij dagvaarding van 22 maart 2021 een vordering tegen de vervoerder ingesteld. De vervoerder heeft schriftelijk geantwoord inhoudende een incidentele conclusie tot nietigverklaring van de dagvaarding, tevens conclusie van antwoord. De passagiers hebben schriftelijk gereageerd in zowel de hoofdzaak als het incident. </para>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De vordering in de hoofdzaak</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>De passagiers hebben bij inleidende dagvaarding van de vervoerder, naast nevenvorderingen, betaling gevorderd van € 800,00. De passagiers hebben aan de vordering ten grondslag gelegd dat zij op 6 december 2019 vanaf Amsterdam-Schiphol Airport naar Lissabon zouden vliegen. Deze vlucht is geannuleerd. Op grond van de Verordening (EG) nr. 261/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 11 februari 2004 tot vaststelling van gemeenschappelijke regels inzake compensatie en bijstand aan luchtreizigers bij instapweigering en annulering of langdurige vertraging van vluchten en tot intrekking van de verordening (EEG) nr. 295/91 (hierna: de Verordening) en de daarop betrekking hebbende rechtspraak van het Europese Hof van Justitie stellen de passagiers dat de vervoerder vanwege de annulering van de vlucht gehouden is te compenseren conform artikel 7 van de Verordening tot een bedrag van € 800,00.</para>
      <para />
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>De vordering en het verweer in het incident</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>De vervoerder heeft, alvorens zijn standpunten in de conclusie van antwoord nader toe te lichten, in zijn incidentele conclusie gevorderd dat de dagvaarding nietig wordt verklaard. Hij legt aan zijn incidentele vordering ten grondslag dat de dagvaarding niet voldoet aan de eis van artikel 111 lid 2 onder d van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv). De passagiers hebben volgens de vervoerder de algemene stellingen in de dagvaarding niet nader toegelicht dan wel onderbouwd, ook niet aan de hand van producties. Er zijn geen boekingsgegevens overgelegd waaruit volgt dat de passagiers de onderhavige vlucht hadden geboekt, er zijn geen volmachten overgelegd en er is geen documentatie overgelegd waaruit een onderbouwing van het voortraject volgt. De vervoerder heeft hierdoor geen (adequaat) verweer kunnen voorbereiden. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>De passagier hebben verweer gevoerd. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>De beoordeling van het incident</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>Artikel 111 Rv bepaalt in lid 2 sub d, dat de dagvaarding de eis en de gronden daarvan vermeldt. Het niet voldoen aan dit voorschrift brengt ingevolge artikel 120 lid 1 Rv, nietigheid van de dagvaarding met zich mee. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>De passagiers hebben, anders dan de vervoerder stelt, bij dagvaarding de door de vervoerder genoemde producties overgelegd. De datum van de vlucht, het vluchtnummer en de grondslag van de vordering (Verordening nr. 261/2004) worden allen genoemd. De feiten en omstandigheden waarop de vorderingen zien, zijn duidelijk omschreven alsmede de vorderingen zelf. Het beroep op de nietigheid van de dagvaarding faalt dan ook.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <para>De vervoerder zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten van het incident worden veroordeeld.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5</nr>De beslissing	</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">in het incident</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>5.1.</nr>
      <para>wijst het gevorderde af;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2.</nr>
      <para>veroordeelt de vervoerder in de kosten van het incident, aan de zijde van de passagiers tot op heden begroot op € 75,00;</para>
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">in de hoofdzaak</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.3.</nr>
      <para>verwijst de zaak naar de rol van <emphasis role="bold">15 december 2021</emphasis> voor conclusie van dupliek;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.4.</nr>
      <para>houdt iedere verdere beslissing aan.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. S.N. Schipper, kantonrechter en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum in aanwezigheid van de griffier. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De griffier		De kantonrechter</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>