<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBNHO:2020:9880</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-12-04T09:33:48</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-11-26</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Noord-Holland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Noord-Holland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2020-12-02</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">8673619 CV EXPL 20-3745</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#opTegenspraak">Op tegenspraak</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Alkmaar</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2020:9880">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2020:9880</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-12-04T09:33:28</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-12-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBNHO:2020:9880 Rechtbank Noord-Holland , 02-12-2020 / 8673619 CV EXPL 20-3745</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBNHO:2020:9880:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Geschil over factuur autoreparatie</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBNHO:2020:9880:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK NOORD-HOLLAND</bridgehead>
    <para>Handel, Kanton en Bewind</para>
    <para>locatie Alkmaar</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknr./rolnr.: 8673619 CV EXPL 20-3745</para>
      <para>Uitspraakdatum: 2 december 2020</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van de kantonrechter in de zaak van:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [eiser] h.o.d.n. [naam]</emphasis>
      </para>
      <para>wonende te [woonplaats]</para>
      <para>eiser</para>
      <para>verder te noemen: [eiser]</para>
      <para>gemachtigde: deurwaarder M.G. Lasonder</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde]
        </emphasis>
      </para>
      <para>wonende te [woonplaats]</para>
      <para>gedaagde  </para>
      <para>verder te noemen: [gedaagde]</para>
      <para>gemachtigde: J.A. Klaver</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>
      <nr>1</nr>Het procesverloop</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>
        [eiser] heeft bij dagvaarding van 20 juli 2020 een vordering tegen [gedaagde] ingesteld. [gedaagde] heeft schriftelijk geantwoord. [eiser] heeft hierop schriftelijk gereageerd, waarna [gedaagde] een schriftelijke reactie heeft gegeven. </para>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De feiten</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>Op 8 december 2019 heeft de auto van [gedaagde] schade opgelopen bij een aanrijding.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>
        [gedaagde] heeft zich rond 12 december 2019 tot [eiser] gewend in verband met de taxatie van de schade.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>
        [eiser] heeft de schade getaxeerd op EUR 2.439,36 inclusief b.t.w. Deze taxatie is op 18 december 2019 overgenomen door Dekra Automotive en als expertiserapport doorgezonden aan de betrokken verzekeraar.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>
        [eiser] heeft de schade aan de auto hersteld en [gedaagde] daarvoor een rekening gestuurd ad EUR 1.900,91 inclusief b.t.w.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <para>Op 4 januari 2020 heeft [gedaagde] aan [eiser] een SMS gestuurd: “Ik heb nog geen geld ontvangen van de verzekering. Als geld binnen is kom ik naar je toe.” En later op 8 februari 2020 schreef [gedaagde] aan [eiser]: “Wanneer verzekering betaald krijg je pas.”</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>De vordering</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>
        [eiser] vordert dat de kantonrechter [gedaagde] veroordeelt tot betaling van EUR 1.900,91, vermeerderd met rente en (buitengerechtelijke) kosten. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>
        [eiser] legt aan de vordering ten grondslag – kort weergegeven – dat hij de auto van [gedaagde] volgens afspraak heeft gerepareerd en dat [gedaagde] de overeengekomen kosten daarvan moet betalen.</para>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>Het verweer</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>
        [gedaagde] betwist de vordering. Hij voert aan – samengevat – dat [eiser] op eigen initiatief is overgegaan tot reparatie van de auto en dat de factuur van [eiser] niet strookt met de eerder begrote kosten van EUR 1.200,-.</para>
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>5</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>5.1.</nr>
      <para>
        [eiser] stelt dat er tussen partijen een overeenkomst tot stand is gekomen op grond waarvan hij de schade aan de auto van [gedaagde] zou repareren voor een bedrag van EUR 1.900,91 inclusief b.t.w. Ter onderbouwing daarvan heeft hij de berichten die partijen over en weer hebben gestuurd in het geding gebracht. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2.</nr>
      <para>Tussen partijen staat vast dat [gedaagde] zijn beschadigde auto naar [eiser] heeft gebracht. [eiser] heeft ten behoeve van de expert van de betrokken verzekeraar een schadeopstelling gemaakt die sluit op EUR 2.439,36 inclusief b.t.w. die ook is geaccepteerd. [eiser] heeft uitgelegd dat hij de auto voor een lager bedrag heeft gerepareerd op verzoek van [gedaagde]; de beschadigde portier is, anders dan in de schadebegroting, niet vervangen, maar uitgedeukt. Uit de door [eiser] overgelegde berichten aan en van [gedaagde] blijkt dat [gedaagde] opdracht heeft gegeven tot reparatie. Er blijkt niet uit dat [gedaagde] enig bezwaar had tegen de reparatie of tegen de (hoogte van) de factuur. Integendeel, [gedaagde] heeft betaling toegezegd zodra de verzekering zou uitbetalen. Onder deze omstandigheden heeft [gedaagde] zijn betwisting van de overeenkomst met [eiser] onvoldoende onderbouwd, zodat daaraan voorbij moet worden gegaan.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.3.</nr>
      <para>Hetzelfde geldt voor de stelling van [gedaagde] dat de kwaliteit van het werk te wensen overliet.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.4.</nr>
      <para>De conclusie is dat de kantonrechter de vordering van [eiser] zal toewijzen. De buitengerechtelijke kosten komen eveneens voor toewijzing in aanmerking, nu deze niet zijn betwist.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.5.</nr>
      <para>De proceskosten komen voor rekening van [gedaagde], omdat hij ongelijk krijgt. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>6</nr>De beslissing	</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter:</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>6.1.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde] tot betaling aan [eiser] van EUR 2.206,46 te vermeerderen met de wettelijke rente over EUR 1.900,91 vanaf 18 juli 2020 tot aan de dag van de gehele betaling;</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.2.</nr>
      <parablock>
        <para>veroordeelt [gedaagde] tot betaling van de proceskosten, die de kantonrechter aan de kant van [eiser] tot en met vandaag vaststelt op:</para>
        <para>dagvaarding	€	87,99</para>
        <para>griffierecht	€	236,00</para>
        <para>salaris gemachtigde	€	360,00	;</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.3.</nr>
      <para>verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.4.</nr>
      <parablock>
        <para>wijst de vordering voor het overige af.</para>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. M. Flipse en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De griffier		De kantonrechter</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>