<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBNHO:2020:9797</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-11-09T11:57:33</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-11-24</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Noord-Holland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Noord-Holland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2020-10-28</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">8426989 \ WM VERZ 20-157</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#bodemzaak">Bodemzaak</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Zaanstad</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2020:9797">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2020:9797</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-11-09T11:57:14</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-11-24</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBNHO:2020:9797 Rechtbank Noord-Holland , 28-10-2020 / 8426989 \ WM VERZ 20-157</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBNHO:2020:9797:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>vernietiging beschikking en gegrondverklaring beroep wegens het niet verstrekken van opgevraagde stukken</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBNHO:2020:9797:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK NOORD-HOLLAND</bridgehead>
    <parablock>
      <para>Handel, Kanton en Bewind</para>
      <para>locatie Zaandam</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummer	: 8426989 \ WM VERZ  20-157</para>
      <para>CJIB-nummer	: [nummer]</para>
      <para>Uitspraakdatum	: 28 oktober 2020</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Uitspraak op een beroep als bedoeld in artikel 9 van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (WAHV)</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
      <para>naam		: [betrokkene]</para>
      <para>adres		: [adres]</para>
      <para>woonplaats	: [woonplaats] (hierna te noemen: betrokkene)</para>
      <para>gemachtigde	: M.J.M. Bergers, Boete.nu te Maastricht.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>Het verloop van de procedure</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna te noemen: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter heeft de behandeling van de zaak ter zitting van 18 augustus 2020 aangehouden tot uiterlijk 29 september 2020 teneinde de officier van justitie in de gelegenheid te stellen de foto van de gedraging te overleggen met daarop de vermelding van de datum en het tijdstip van de gedraging, zodat deze op dit onderdeel alsnog voldoet aan de voorwaarden zoals vermeld in het Beleidskader. De betreffende foto is niet ontvangen, waarna de kantonrechter uitspraak heeft bepaald.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>Overwegingen:</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De gedraging waarvoor de sanctie is opgelegd luidt - kort omschreven -  als volgt: handelen in strijd met gesloten verklaring in beide richtingen weg(gedeelte) bestemd voor bepaalde categorie voertuigen.   </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Betrokkene is het niet eens met de beslissing van de officier van justitie en heeft in het beroepschrift – dat zich bij de stukken bevindt – de gronden daarvoor aangevoerd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Nu de door de kantonrechter gestelde termijn is verstreken en er van of namens de officier van justitie nog steeds geen juiste foto van de gedraging is verstrekt, is de gedraging onvoldoende vast komen te staan. </para>
      <para>De kantonrechter acht voor de beoordeling van onderhavige zaak kennisneming van de correcte foto van de gedraging noodzakelijk. De kantonrechter overweegt dat met de summiere gegevens uit het zaakoverzicht niet kan worden vastgesteld of de gedraging op de  bewuste datum en tijdstip is gepleegd en verbindt hieraan de gevolgtrekking dat het beroep gegrond zal worden verklaard.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De inleidende beschikking dient te worden vernietigd en het beroep dient gegrond te worden verklaard.  </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De gemachtigde heeft een kostenveroordeling gevraagd wegens een door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand. Nu het beroep gegrond wordt verklaard, komen de proceskosten voor vergoeding in aanmerking. Met toepassing van het Besluit proceskosten bestuursrecht zal de kantonrechter de officier van justitie veroordelen in de kosten tot een bedrag van € 787,50. Daarbij is rekening gehouden met drie proceshandeling (het indienen van een beroepschrift bij de officier van justitie en bij de kantonrechter en de telefonische hoorzitting van de officier van justitie), een waarde per punt van € 525,00, en een waardering van het gewicht van de zaak op ‘licht’, met bijbehorende wegingsfactor 0,50.  </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>De uitspraak</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>‒ verklaart het beroep gegrond;</para>
      <para>‒ vernietigt de beslissing van de officier van justitie en de beschikking waarbij de </para>
    </parablock>
    <para>boete is opgelegd;</para>
    <para>‒ bepaalt dat de officier van justitie het bedrag dat betrokkene als zekerheidstelling heeft betaald, aan betrokkene terugbetaalt;</para>
    <parablock>
      <para>‒	veroordeelt de officier van justitie tot het vergoeden van de proceskosten van betrokkene tot een bedrag van € 787,50 en wijst de Staat der Nederlanden aan als rechtspersoon die deze kosten moet vergoeden;</para>
      <para>‒	bepaalt dat het bedrag van € 787,50 aan de gemachtigde van betrokkene zal worden uitbetaald door het Centraal Justitieel Incassobureau te Leeuwarden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze uitspraak is gedaan door mr. J.S.A.M.  Schokkenbroek, kantonrechter, bijgestaan door de griffier, en in het openbaar uitgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De griffier							De kantonrechter</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegen deze uitspraak kan op grond van artikel 14 WAHV hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, binnen 6 weken na de hieronder vermelde dag van toezending. Hoger beroep is in beginsel alleen mogelijk als de boete in de uitspraak is bepaald op een bedrag van meer dan € 70,00. Het beroepschrift moet worden verzonden aan de afdeling Kanton van de rechtbank Noord-Holland, Postbus 251, 1800 BG Alkmaar. De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure in hoger beroep, tenzij door u bij het beroepschrift uitdrukkelijk om een mondelinge behandeling van de zaak is verzocht. <emphasis role="bold">Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk</emphasis>.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Datum toezending: </para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>