<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBNHO:2020:8344</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-10-23T12:00:31</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-10-19</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Noord-Holland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Noord-Holland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2020-10-21</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">8562437 CV EXPL 20-2501</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#opTegenspraak">Op tegenspraak</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Alkmaar</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2020:8344">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2020:8344</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-10-21T08:36:23</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-10-23</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBNHO:2020:8344 Rechtbank Noord-Holland , 21-10-2020 / 8562437 CV EXPL 20-2501</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBNHO:2020:8344:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Verkeerde rechtspersoon gedagvaard.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBNHO:2020:8344:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK NOORD-HOLLAND</bridgehead>
    <para>Handel, Kanton en Bewind</para>
    <para>locatie Alkmaar</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknr./rolnr.: 8562437 CV EXPL 20-2501</para>
      <para>Uitspraakdatum: 21 oktober 2020</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van de kantonrechter in de zaak van:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Community of Our Street B.V.</emphasis>
      </para>
      <para>gevestigd te Opperdoes</para>
      <para>eiseres</para>
      <para>verder te noemen: COS</para>
      <para>vertegenwoordigd door haar directeur [naam]</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Cindro Bereiding B.V.</emphasis>
      </para>
      <para>gevestigd te Andijk</para>
      <para>gedaagde  </para>
      <para>verder te noemen: Cindro</para>
      <para>gemachtigde: mr. L. Bijl</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>
      <nr>1</nr>Het procesverloop</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>COS heeft bij dagvaarding van 25 mei 2020 een vordering tegen Cindro ingesteld. Cindro heeft schriftelijk geantwoord. COS heeft hierop schriftelijk gereageerd, waarna Cindro nog een schriftelijke reactie heeft gegeven. </para>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De feiten</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>COS heeft vanaf 1 juni 2017 werkzaamheden verricht voor Cindro B.V., een zustervennootschap van Cindro, in het kader van een overeenkomst van opdracht.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>Op 24 april 2019 heeft Cindro B.V. de overeenkomst van opdracht opgezegd.</para>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>De vordering</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>COS vordert dat de kantonrechter Cindro veroordeelt tot betaling van € 3.216,22, vermeerderd met rente en kosten. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>COS legt aan de vordering ten grondslag – kort weergegeven – dat Cindro gehouden is om de overeengekomen managementvergoeding over de laatste drie weken van april te voldoen.</para>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>Het verweer</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>Cindro betwist de vordering. Zij voert aan – samengevat en voor zover relevant – dat zijn geen contractspartij is van COS.</para>
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>5</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>5.1.</nr>
      <para>Cindro heeft – door COS onbetwist – aangevoerd dat niet zij maar Cindro B.V. een overeenkomst van opdracht met COS heeft gesloten, zodat COS niets van haar te vorderen kan hebben. COS heeft ook zelf in haar dagvaarding opgeschreven dat zij een overeenkomst van opdracht heeft gesloten met Cindro B.V. Tussen partijen staat vast dat die overeenkomst is gesloten op 1 juni 2017. Cindro is opgericht op 15 maart 2018. COS heeft niet uitgelegd hoe Cindro contractspartij bij de overeenkomst van opdracht is geworden. De door COS overgelegde opzeggingsbrief was bovendien afkomstig van Cindro B.V. en niet van Cindro. Op grond van het voorgaande kan de vordering van COS niet slagen.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2.</nr>
      <para>De conclusie is dat de kantonrechter de vordering van COS zal afwijzen.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.3.</nr>
      <para>De proceskosten komen voor rekening van COS, omdat zij ongelijk krijgt. Daarbij wordt COS ook veroordeeld tot betaling van € 105,00 aan nasalaris, voor zover daadwerkelijk nakosten door Cindro worden gemaakt.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>6</nr>De beslissing	</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter:</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>6.1.</nr>
      <para>wijst de vordering af;</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.2.</nr>
      <para>veroordeelt COS tot betaling van de proceskosten, die tot en met vandaag voor Cindro worden vastgesteld op een bedrag van € 420,00 aan salaris van de gemachtigde van Cindro en veroordeelt COS tot betaling van € 105,00 aan nasalaris, voor zover daadwerkelijk nakosten door Cindro worden gemaakt. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.3.</nr>
      <parablock>
        <para>verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.</para>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. M. Flipse en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De griffier		De kantonrechter</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>