<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBNHO:2020:1775</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-09-08T10:34:07</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-03-09</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Noord-Holland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Noord-Holland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2020-03-11</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/15/297113 / HA ZA 19-795</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#bodemzaak">Bodemzaak</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Haarlem</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_burgerlijkProcesrecht">Civiel recht; Burgerlijk procesrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2020:1775">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2020:1775</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-09-08T10:33:54</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-09-08</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBNHO:2020:1775 Rechtbank Noord-Holland , 11-03-2020 / C/15/297113 / HA ZA 19-795</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBNHO:2020:1775:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>vonnis in incident tot vrijwaring. Toegewezen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBNHO:2020:1775:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="4f152752-ae42-4e78-9328-58d30e0448a4" depth="2" width="13" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="4b76de42-d339-4a42-82b7-445f1292ff3f" depth="2" width="523" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>vonnis</para>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK NOORD-HOLLAND</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Handel, Kanton en Insolventie</para>
      <para>Zittingsplaats Haarlem</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer / rolnummer: C/15/297113 / HA ZA 19-795</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis in incident van 11 maart 2020</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>
      [eiser 1],</title>
    <para>wonende te [plaats 1], gemeente [gemeente],</para>
    <para>2.	<emphasis role="bold">[eiser 2]</emphasis>,</para>
    <para>wonende te [plaats 1], gemeente [gemeente],</para>
    <para>3. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">HET KRAAIENNEST HOLDING B.V.</emphasis>,</para>
      <para>statutair gevestigd te Andijk,</para>
      <para>eisers in de hoofdzaak,</para>
      <para>verweerders in het incident,</para>
      <para>advocaat mr. F.J. Laagland te Eindhoven,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">GROZA B.V.</emphasis>,</para>
      <para>statutair gevestigd en kantoor houdende te Haarlem,</para>
    </parablock>
    <para>2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">BMBN B.V.</emphasis>,</para>
      <para>statutair gevestigd te Weert en kantoor houdende te Haarlem,</para>
    </parablock>
    <para>3.	<emphasis role="bold">[gedaagde 1]</emphasis>,</para>
    <parablock>
      <para>wonende te [plaats 2],</para>
      <para>gedaagden in de hoofdzaak,</para>
      <para>eisers in het incident,</para>
      <para>advocaat mr. F.J. van Velsen te Haarlem,</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>4. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">AKTUA VASTGOED B.V.</emphasis>,</para>
      <para>statutair gevestigd te Nieuw-Vennep (gemeente Haarlemmermeer) en kantoor houdende te Heemstede,</para>
    </parablock>
    <para>5. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">SYLVESTRE BEHEER B.V.</emphasis>,</para>
      <para>statutair gevestigd te Nieuw-Vennep (gemeente Haarlemmermeer) en kantoor houdende te Heemstede,</para>
    </parablock>
    <para>6.	<emphasis role="bold">[gedaagde 2]</emphasis>,</para>
    <parablock>
      <para>wonende te Heemstede,</para>
      <para>gedaagden in de hoofdzaak,</para>
      <para>niet verschenen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen zullen hierna [eiser 1] c.s., Groza  c.s. en Aktua c.s. genoemd worden.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>de dagvaarding</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de akte overlegging producties van de zijde van [eiser 1] c.s.</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de incidentele conclusie tot oproeping in vrijwaring</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de incidentele conclusie van antwoord.</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Ten slotte is vonnis bepaald in het incident.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>De beoordeling in het incident</title>
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>
        [eiser 1] c.s. vorderen in de hoofdzaak vernietiging, althans ontbinding van 56 koopovereenkomsten voor de koop van percelen, althans (meer subsidiair) betaling van een schadevergoeding.  [eiser 1] c.s. leggen aan de vorderingen ten grondslag dat de percelen  voor een veel te hoge waarde door Groza zijn verkocht en sprake is van misleiding, althans dwaling, althans bedrog dan wel misbruik van omstandigheden. Voorts is door Fransen een beroep gedaan op artikel 1:88 BW en is door de Kwekerij de pauliana ex artikel 3:45 BW ingeroepen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>Groza  c.s. vordert dat haar wordt toegestaan Aktua c.s. (gedaagden sub 4 t/m 6 in de hoofdzaak) in vrijwaring op te roepen. Zij stelt dat zij ten aanzien van [eiser 1] de zorgvuldigheid in acht genomen heeft die van haar verwacht mocht worden en dat haar geen verwijt treft. Indien desondanks in de hoofdzaak anders wordt geoordeeld, zal dat volgens  Groza c.s alleen gelegen kunnen zijn in verwijtbare handelingen door de medewerkers van Aktua, de bij de transacties betrokken makelaar, waar Groza geen weet van heeft gehad. Indien Groza dan wel haar directie hoofdelijk aansprakelijk wordt gehouden voor de schade die [eiser 1] (c.s.) als gevolg daarvan heeft geleden, dient in dat geval in de interne verhouding binnen die hoofdelijkheid Aktua c.s. op te komen voor de gehele schade, aldus Groza c.s.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>
        [eiser 1] c.s. voert verweer. Zij voeren aan dat Groza  c.s. in de incidentele conclusie tot oproeping in vrijwaring niet naar voren hebben gebracht dat Aktua c.s. krachtens enige rechtsverhouding met Groza c.s. gehouden is de nadelige gevolgen voor Groza  c.s. in de hoofdzaak te dragen. Om die reden verzoeken zij de rechtbank de gevorderde vrijwaring af te wijzen. Daarnaast zou de oproeping in vrijwaring voor de nodige vertraging zorgen in de hoofdzaak. Zij verzoeken dan ook dat bij toewijzing de procedures te splitsen om onredelijke en onnodige vertraging te voorkomen. Subsidiair refereren zij zich aan het oordeel van de rechtbank.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <para>Voor toewijzing van een incidentele vordering tot oproeping in vrijwaring is vereist dat eiser in het incident, de gewaarborgde, zich met redenen omkleed beroept op een rechtsverhouding met een derde, de waarborg, die meebrengt dat de waarborg verplicht is om de nadelige gevolgen van een eventuele veroordelende beslissing tegen de gewaarborgde in de hoofdzaak te dragen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.6.</nr>
      <para>Gelet op de samenwerking tussen Groza c.s. en Aktua c.s. bij het tot stand komen van de koopovereenkomsten die in de hoofdzaak onderwerp van het geschil zijn, valt niet op voorhand uit te sluiten dat Aktua c.s. gehouden kan worden om in de interne verhouding met Groza c.s. laatstgenoemden te vrijwaren voor de gevolgen van een veroordelend vonnis in de hoofdzaak. Om die reden is de rechtbank van oordeel dat de incidentele vordering moet worden toegewezen, omdat de aangevoerde gronden die vordering kunnen dragen. De rechtbank ziet vooralsnog geen aanleiding de vrijwaringsprocedure  en de hoofdzaak te splitsen. De enkele stelling dat als gevolg van de vrijwaring enige vertraging zal optreden, is daartoe onvoldoende.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.7.</nr>
      <para>Naar het oordeel van de rechtbank kan in het incident geen van partijen als de in het ongelijk gestelde partij worden beschouwd. Daarom zullen de proceskosten worden gecompenseerd in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>De beslissing</title>
    <para>De rechtbank</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">in het incident</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>staat toe dat:</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Aktua Vastgoed B.V., kantoor houdende te (2102 LE) Heemstede aan de Van den Eijndekade 6, 2de verdieping (6-c),</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de besloten vennootschap Sylvestre Beheer B.V., kantoor houdende te (2102 LE) Heemstede aan de Van den Eijndekade 6 c,</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>
            [gedaagde 2], wonende te ([adres],</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para>door Groza  c.s. worden gedagvaard tegen de terechtzitting van 22 april 2020,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>compenseert de kosten van het incident tussen partijen, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt,</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">in de hoofdzaak </emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>bepaalt dat de zaak weer op de rol zal komen van <emphasis role="bold">22 april 2020</emphasis> voor conclusie van antwoord aan de zijde van Groza  c.s.;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>houdt iedere verdere beslissing aan.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. H.A. Pott Hofstede en in het openbaar uitgesproken op 11 maart 2020.<footnote-ref linkend="_e76fa5ba-f5a2-4a52-a3e6-3e91a7fdb932" /></para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
  <footnote id="_e76fa5ba-f5a2-4a52-a3e6-3e91a7fdb932" label="1">
    <para>type: 1155</para>
    <para>coll:</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>