<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBNHO:2019:998</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2019-02-15T10:26:03</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2019-02-07</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Noord-Holland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Noord-Holland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2019-02-12</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">AWB - 18 _ 5530</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#voorlopigeVoorziening">Voorlopige voorziening</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Alkmaar</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht">Bestuursrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2019:998">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2019:998</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2019-02-15T10:25:44</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2019-02-15</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBNHO:2019:998 Rechtbank Noord-Holland , 12-02-2019 / AWB - 18 _ 5530</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBNHO:2019:998:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Tijdens de behandeling van de zaak ter zitting is gebleken dat vóór de zomer niet zal worden begonnen met de bouw van de biovergister, en dan nog alleen met de voorziene sleufsilo’s. De installatie zelf zal op zijn vroegst over een jaar worden gebouwd. De behandeling van het beroep zal voor de zomer plaatsvinden. Gelet hierop is er op dit moment geen aanleiding om een voorlopige voorziening te treffen. Een spoedeisend belang daarbij is er niet.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBNHO:2019:998:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK NOORD-HOLLAND</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Alkmaar</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bestuursrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer: HAA 18/5530</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">uitspraak van de voorzieningenrechter van 12 februari 2019 op het verzoek om voorlopige voorziening in de zaak tussen</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [verzoeker 1] , [verzoeker 2] en [verzoeker 3] , allen te [woonplaats] , verzoekers </bridgehead>
    <para>(gemachtigde: mr. S. Smit),</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">het college van burgemeester en wethouders van Texel, verweerder </bridgehead>
    <para>(gemachtigde: mr. T.M. van Gorsel).</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Als derde-partijen hebben aan het geding deelgenomen:</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">AT Texel Holding B.V.</emphasis>, te Oosterend </para>
      <para>(gemachtigde: mr. E.A. Veld), en</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">Gasunie New Energy B.V.</emphasis>, te Groningen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>Procesverloop</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij op 6 november 2018 verzonden besluit heeft verweerder een omgevingsvergunning verleend voor de bouw van een biovergister op het perceel [perceel] . </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verzoekers hebben tegen dit besluit beroep ingesteld. Zij hebben de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verweerder heeft een verweerschrift ingediend. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 29 januari 2019. [verzoeker 1] en [verzoeker 3] zijn verschenen, bijgestaan door hun gemachtigde. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde, vergezeld door [naam 1] en [naam 2] . AT Texel Holding B.V. heeft zich laten vertegenwoordigen door haar gemachtigde, vergezeld door [naam 3] . Gasunie New Energy B.V. heeft zich laten vertegenwoordigen door [naam 4] .</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Overwegingen</title>
    <para />
    <para>1. Op grond van artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht kan, indien tegen een besluit bij de rechtbank beroep is ingesteld, de voorzieningenrechter van de rechtbank die bevoegd is in de hoofdzaak op verzoek een voorlopige voorziening treffen indien onverwijlde spoed, gelet op de betrokken belangen, dat vereist. </para>
    <para />
    <para>2. Over het vereiste spoedeisende belang overweegt de voorzieningenrechter het volgende. Van onverwijlde spoed is sprake indien de uitkomst van het geschil in de hoofdzaak niet kan worden afgewacht omdat een betrokken partij daardoor (mogelijk) onevenredig in zijn belangen wordt geschaad. </para>
    <para />
    <para>3. Tijdens de behandeling van de zaak ter zitting is gebleken dat vóór de zomer niet zal worden begonnen met de bouw van de biovergister, en dan nog alleen met de voorziene sleufsilo’s. De installatie zelf zal op zijn vroegst over een jaar worden gebouwd. De behandeling van het beroep zal voor de zomer plaatsvinden. Gelet hierop is er op dit moment geen aanleiding om een voorlopige voorziening te treffen. Een spoedeisend belang daarbij is er niet. </para>
    <para />
    <para>4. De voorzieningenrechter wijst het verzoek daarom af.</para>
    <para />
    <para>5. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. </para>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze uitspraak is gedaan door mr. M. Kraefft, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. J. Poggemeier, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 12 februari 2019.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>griffier							voorzieningenrechter</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Afschrift verzonden aan partijen op: </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Rechtsmiddel</title>
    <para>Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.</para>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>