<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBNHO:2016:1004</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-22T07:55:39</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-02-10</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Noord-Holland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Noord-Holland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2016-02-17</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">4805494 OA VERZ 16-30</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#rekestprocedure">Rekestprocedure</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Alkmaar</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>AR 2016/1427</rdf:li>
          <rdf:li>NJF 2016/300</rdf:li>
          <rdf:li>AR-Updates.nl 2016-0543</rdf:li>
          <rdf:li>VAAN-AR-Updates.nl 2016-0543</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2016:1004">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2016:1004</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2016-05-25T15:02:13</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-05-25</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBNHO:2016:1004 Rechtbank Noord-Holland , 17-02-2016 / 4805494 OA VERZ 16-30</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBNHO:2016:1004:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Werknemer verzoekt met een verzoekschrift dat de werkgever wordt veroordeeld tot betaling van salaris. Zaak wordt verwezen naar de dagvaardingsprocedure. Ook na invoering van de Wwz moet een dergelijke vordering met een dagvaarding worden ingeleid.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBNHO:2016:1004:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK NOORD-HOLLAND</bridgehead>
    <parablock>
      <para>Afdeling Privaatrecht</para>
      <para>Sectie Kanton - locatie Alkmaar</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknr/repnr.:  4805494 \ OA VERZ  16-30 WD</para>
      <para>Uitspraakdatum:  17 februari 2016 </para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">Beschikking in de zaak van:</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        [de werknemer] , wonende te [woonplaats] ,</para>
      <para>verzoekende partij [verder ook te noemen: de werknemer],</para>
      <para>gemachtigde: mr. P.P.J.L. Appelman,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de besloten vennootschap Technische Dienstverlening David Mulder B.V., gevestigd te Warmenhuizen,</para>
      <para>verwerende partij [verder ook te noemen: de werkgever]</para>
      <para>niet verschenen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>Het procesverloop</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De werknemer heeft een verzoekschrift ingediend.</para>
      <para>Tenslotte is heden uitspraak bepaald.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Het verzoek</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De werknemer verzoekt dat de kantonrechter uitvoerbaar bij voorraad de werkgever veroordeelt tot betaling van een bedrag van € 7.338,43, bruto, te vermeerderen met vakantiegeld, wettelijke verhoging, wettelijke rente en proceskosten.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>De beoordeling</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ingevolge het bepaalde in lid 2 van artikel 261 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (hierna: Rv) worden gedingen slechts aanhangig gemaakt middels een verzoekschrift, indien dit uit de wet voortvloeit. Voor zover niet uit enige wettelijke bepaling is te herleiden dat een geding ingeleid wordt met een verzoekschrift, dient dat te gebeuren door middel van het uitbrengen van een dagvaarding.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Onderhavige zaak betreft de nakoming van een arbeidsovereenkomst, meer specifiek een door de werknemer gestelde verplichting voor de werkgever om het verschuldigde loon aan de werknemer uit te betalen. </para>
      <para>Een dergelijke zaak wordt in beginsel met het uitbrengen van een dagvaarding aanhangig gemaakt, nu een wettelijke bepaling die indiening van een verzoekschrift voorschrijft, niet voorhanden is.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Weliswaar behelst artikel 7: 686a lid 3 BW sinds de invoering van de Wet Werk en Zekerheid een uitzondering op het voorgaande, maar dan slechts voor die situatie dat (behoudens onderhavig geding) tussen partijen al een geding aanhangig is dat is gebaseerd op het bij of krachtens afdeling 9 van Titel 10 van Boek 7 BW bepaalde, welke afdeling handelt over de beëindiging van de arbeidsovereenkomst. Een dergelijk geding is tussen partijen niet aanhangig. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter zal de werknemer op de voet van artikel 69 lid 3 Rv bevelen dat het geding in de stand waarin zich het bevindt wordt voortgezet volgens de regels van de dagvaardingsprocedure. De zaak zal worden verwezen naar de rol van woensdag 16 maart 2016 om 9:30 uur, voor welke datum en tijdstip de werknemer de werkgever bij exploot zal moeten oproepen, met inachtneming van de voor de dagvaarding voorgeschreven termijnen en formaliteiten.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Beveelt dat het geding in de stand waarin het zich bevindt wordt voorgezet volgens de regels van de dagvaardingsprocedure;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verwijst de zaak hiertoe naar de rol <emphasis role="bold">van woensdag 16 maart 2016 om 9:30 uur</emphasis> voor het overleggen van een oproepingsexploot door de werknemer.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze beschikking is gegeven door mr. P.J. Jansen, kantonrechter, bijgestaan door de griffier en op 17 februari 2016 in het openbaar uitgesproken. </para>
    </parablock>
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="2">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <tbody>
          <row>
            <entry>
              <para>De griffier</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>De kantonrechter</para>
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>