<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBNHO:2015:4223</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-22T21:03:16</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2015-05-22</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Noord-Holland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Noord-Holland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2015-05-22</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">14/004359 en 14/004360</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#rekestprocedure">Rekestprocedure</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Alkmaar</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>NJFS 2015/160</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2015:4223">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2015:4223</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-05-26T14:34:30</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2015-05-26</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBNHO:2015:4223 Rechtbank Noord-Holland , 22-05-2015 / 14/004359 en 14/004360</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBNHO:2015:4223:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <parablock>
        <para>Officier van justitie wenst halvering immateriële schadevergoeding i.v.m. minderjarigheid verdachte. De rechtbank is van oordeel dat redenen van billijkheid zich ertegen verzetten aan een gewezen verdachte een lagere vergoeding dan de forfaitaire vergoeding toe te kennen vanwege het enkele feit dat die gewezen verdachte minderjarig is. </para>
        <para>Daarbij neemt het de rechtbank in aanmerking dat in de oriëntatiepunten van het LOVS waarin de forfaitaire bedragen voor op de voet van art. 89 Sv toe te kennen schadevergoeding zijn genoemd, geen onderscheid wordt gemaakt tussen meerderjarigen en minderjarigen.</para>
      </parablock>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBNHO:2015:4223:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK NOORD-HOLLAND</bridgehead>
    <para>Afdeling Publiekrecht, Sectie Straf</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Locatie Alkmaar</para>
      <para>Enkelvoudige raadkamer</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Registratienummers: 14/004359 en 14/004360 </para>
      <para>Parketnummer: 15.746338-13</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Beschikking</emphasis> (art. 89 en 591a Sv.)</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>
      <nr>1</nr>Ontstaan en loop van de procedure</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op 26 november 2014 is op de griffie van de rechtbank Noord-Holland, locatie Alkmaar, ingekomen een door mr. M.S. Kikkert, advocaat, ingediend verzoekschrift, van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verzoeker]
        </emphasis>, verzoeker,</para>
      <para>geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats], </para>
      <para>domicilie kiezende te (2023 GD) Haarlem, Sint Jorisveld 10, </para>
      <para>ten kantore van mr. M.S. Kikkert, voornoemd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het verzoekschrift strekt tot toekenning van een vergoeding ten laste van de Staat ten bedrage van </para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>€ 105,-, ter zake van de schade die verzoeker stelt te hebben geleden ten<?linebreak?>gevolge van ten onrechte ondergane verzekering;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>€ 280,-, wegens de kosten van bijstand met betrekking tot het opstellen en indienen van het onderhavige verzoekschrift.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>De officier van justitie heeft geconcludeerd tot inwilliging van het verzoek als, met betrekking tot het verzoekschrift ex art. 89 Sv wordt verzocht om € 52,50 (in plaats van € 105,--) nu het beleid van de Rechtbank Noord-Holland, locatie Haarlem, is om minderjarigen de helft van het forfaitaire bedrag van € 105,- per dag inverzekeringstelling toe te kennen. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>Beoordeling </title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De strafzaak tegen verzoeker is geëindigd door het onherroepelijk worden van het vonnis van de kinderrechter in deze rechtbank van 19 augustus 2014, waarbij verzoeker van het hem tenlastegelegde is vrijgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het door verzoeker ondertekende verzoekschrift is tijdig ingediend.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verzoeker is op 13 januari 2014 in verzekering gesteld en op 14 januari 2014 in vrijheid gesteld.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op de voet van het bepaalde in de artikelen 89, 90 en 591a van het Wetboek van Strafvordering kan de gewezen verdachte – indien de strafzaak is geëindigd zonder oplegging van straf of maatregel en zonder dat toepassing is gegeven aan artikel 9a van het Wetboek van Strafrecht – aanspraak maken op vergoeding van de door deze ten gevolge van ondergane vrijheidsbeneming geleden schade, respectievelijk de gemaakte kosten van een raadsman, zo daartoe althans, alle omstandigheden in aanmerking genomen, gronden van billijkheid aanwezig zijn.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank is van oordeel dat redenen van billijkheid zich ertegen verzetten aan een  gewezen verdachte een lagere vergoeding dan de forfaitaire vergoeding toe te kennen vanwege het enkele feit dat die gewezen verdachte minderjarig is. </para>
      <para>Daarbij neemt het de rechtbank in aanmerking dat in de oriëntatiepunten van het LOVS waarin de forfaitaire bedragen voor op de voet van art. 89 Sv toe te kennen schadevergoeding zijn genoemd, geen onderscheid wordt gemaakt tussen meerderjarigen en minderjarigen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank acht in dit geval, alle omstandigheden in aanmerking genomen, gronden van billijkheid aanwezig voor de toekenning van een vergoeding ten gevolge van de ondergane vrijheidsbeneming, </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het verzoek zal dan ook worden ingewilligd op de wijze als hieronder is aangegeven.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>Beslissing </title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Kent aan verzoeker ten laste van de Staat een vergoeding toe van <emphasis role="bold">€ 385,- </emphasis></para>
      <para>(zegge: driehonderdvijfentachtig euro), welk bedrag als volgt is samengesteld:</para>
      <para>€ 105,- wegens een verblijf van 1 dag op een politiebureau;</para>
      <para>€ 280,- wegens de kosten van een raadsman voor de opstelling en indiening van het verzoekschrift.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Beveelt de uitbetaling door de griffier van deze rechtbank van de bij deze beschikking aan verzoeker toegekende vergoeding op de derdengeldrekening van verzoekers advocaat, bankrekeningnummer [rekeningnummer] ten name van Stichting Derdengelden Vallenduuk Advocaten te Haarlem, onder vermelding van “[naam]vergoeding ex art. 591a Sv.”</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>Samenstelling raadkamer en uitspraakdatum </title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze beschikking is gegeven door mr. L.J. Saarloos, rechter, </para>
      <para>in tegenwoordigheid van M. Dambrink, griffier, </para>
      <para>en in het openbaar uitgesproken op 22 mei 2015.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>