<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBNHO:2015:10669</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-10-24T08:41:03</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2015-12-07</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Noord-Holland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Noord-Holland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2015-10-01</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">4438122</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#voorlopigeVoorziening">Voorlopige voorziening</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Zaanstad</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2015:10669">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2015:10669</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-10-24T08:40:44</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2015-12-07</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBNHO:2015:10669 Rechtbank Noord-Holland , 01-10-2015 / 4438122</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBNHO:2015:10669:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Wet Mulder. Vordering gijzeling wordt toegewezen, omdat voldoende is gebleken dat betrokkene in staat is tot het betalen van de geldboete en dat sprake is van betalingsonwil. Machtiging tot toepassing van het dwangmiddel gijzeling wordt gegeven onder de voorwaarde dat thans en bij het in gijzeling stellen van betrokkene geen sprake is van ondercuratelestelling, onderbewindstelling, faillissement of een wettelijke schuldsaneringsregeling ten aanzien van betrokkene, en dat geen sprake is van detentie-ongeschiktheid van betrokkene, waaronder begrepen medische, sociale of gezinsomstandigheden die in de weg staan aan gijzeling.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBNHO:2015:10669:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK NOORD-HOLLAND</bridgehead>
    <parablock>
      <para>Afdeling Privaatrecht</para>
      <para>Sectie Kanton – locatie Zaanstad</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknr.: 	4438122 \ WM VERZ 15-1309 en 4438131 \ WM VERZ 15-1310</para>
      <para>CJIB-nummer: 	[nummer]</para>
      <para>Uitspraakdatum:	29 oktober 2015</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Beslissing op een vordering als bedoeld in artikel 28 van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (WAHV)</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van:</para>
      <para>	[naam]</para>
      <para>
        [adres]
      </para>
      <para>
        [woonplaats]
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hierna te noemen betrokkene.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>Het verloop van de procedure</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De officier van justitie heeft een vordering ingesteld om te worden gemachtigd tot het toepassen van het dwangmiddel gijzeling, voor de duur van het in de vordering genoemde aantal dagen. De vordering is gegrond op het feit dat aan betrokkene een administratieve sanctie, een geldboete, is opgelegd en dat deze sanctie en de verhogingen niet zijn betaald.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De zaak is behandeld ter zitting van 1 oktober 2015. Ter zitting is niemand verschenen.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>Overwegingen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gijzeling is een dwangmiddel waartoe alleen in uiterste noodzaak mag worden overgegaan en is bedoeld om degene die wel kan, maar niet wil betalen, tot betaling aan te zetten. Een machtiging tot het toepassen van dit dwangmiddel kan dan ook alleen worden gegeven als blijkt dat degene aan wie de geldboete is opgelegd, deze kan betalen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De officier van justitie heeft onder verwijzing naar de overgelegde stukken gesteld dat  geen sprake is van betalingsonmacht, maar van betalingsonwil.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter is van oordeel dat voldoende is gebleken dat betrokkene in staat is tot het betalen van de geldboete en dat sprake is van betalingsonwil. Doorslaggevend daarvoor is dat uit de door de officier van justitie overgelegde stukken blijkt dat betrokkene in de periode van november 2014 tot en met juli 2015 na eerdere toepassing van dwangmiddelen, waaronder buitengebruikstelling voertuig en inname rijbewijs, boetes heeft betaald tot een totaal bedrag van ongeveer € 3.000,00. Er zijn daarnaast geen aanwijzingen dat sprake is van betalingsonmacht. Uit eerdergenoemde stukken blijkt dat betrokkene niet is opgenomen in het Centraal Curatele- en bewindregister of het Centraal Insolventieregister, en op 17 augustus 2015 als kentekenhouder van een (ander) voertuig werd geregistreerd, welk voertuig verzekerd en APK-gekeurd is. Gelet op deze gegevens is toepassing van het dwangmiddel gijzeling gerechtvaardigd. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De vordering van de officier van justitie zal dus worden toegewezen.</para>
      <para>De machtiging tot het toepassen van het dwangmiddel gijzeling zal worden gegeven onder de hierna genoemde voorwaarde.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> wijst de vordering toe en machtigt de officier van justitie tot het toepassen van het dwangmiddel gijzeling van betrokkene voor veertien dagen;</para>
      <para> de machtiging wordt gegeven onder de voorwaarde dat thans en bij het in gijzeling stellen van betrokkene geen sprake is van ondercuratelestelling, onderbewindstelling, faillissement of een wettelijke schuldsaneringsregeling ten aanzien van betrokkene, en dat geen sprake is van detentie-ongeschiktheid van betrokkene, waaronder begrepen medische, sociale of gezinsomstandigheden die in de weg staan aan gijzeling.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze beslissing is gegeven door mr. P.J. Jansen, kantonrechter, bijgestaan door de griffier en in het openbaar uitgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="2">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <tbody>
          <row>
            <entry>
              <para>De griffier</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>De kantonrechter</para>
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>