<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBNHO:2013:14299</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-21T19:36:11</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-01-25</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Noord-Holland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Noord-Holland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2013-10-23</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">2327971 CV EXPL 13-9989</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#opTegenspraak">Op tegenspraak</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Haarlem</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>AR 2018/473</rdf:li>
          <rdf:li>AR-Updates.nl 2018-0123</rdf:li>
          <rdf:li>VAAN-AR-Updates.nl 2018-0123</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2013:14299">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2013:14299</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-01-25T14:47:41</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-01-25</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBNHO:2013:14299 Rechtbank Noord-Holland , 23-10-2013 / 2327971 CV EXPL 13-9989</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBNHO:2013:14299:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>niet weersproken vordering opzegging arbeidsovereenkomst tijdens ziekte</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBNHO:2013:14299:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <section>
    <title>RECHTBANK NOORD-HOLLAND</title>
    <parablock>
      <para>Afdeling Privaatrecht</para>
      <para>Sectie Kanton – locatie Haarlem</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaak/rolnr.: 2327971/ CV EXPL 13-9989</para>
      <para>datum uitspraak: 23 oktober 2013</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>VONNIS VAN DE KANTONRECHTER </title>
    <para />
    <parablock>
      <para>inzake</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      [eiser]
    </title>
    <parablock>
      <para>te [woonplaats]</para>
      <para>eiser</para>
      <para>hierna te noemen [eiser]</para>
      <para>gemachtigde mr. J.A.H. van Marwijk</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid </title>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">MDL Detachering B.V.</emphasis>
      </para>
      <para>te Hoofddorp</para>
      <para>gedaagde</para>
      <para>hierna te noemen MDL</para>
      <para>gemachtigde F.J.M. Duijnmayer</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>De procedure</title>
    <para>
      [eiser] heeft MDL op 30 augustus 2013 gedagvaard. MDL heeft om uitstel van antwoord verzocht. MDL is uitstel verleend tot 9 oktober 2013. Op die datum heeft MDL niet van antwoord gediend.</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>De vordering</title>
    <parablock>
      <para>
        [eiser] vordert van MDL, uitvoerbaar bij voorraad:</para>
      <para>I vaststelling en verklaring voor recht dat de opzegging van de arbeidsovereenkomst tijdens ziekte en zonder in achtneming van de wettelijke opzegtermijn onregelmatig en kennelijk onredelijk is.</para>
      <para>II veroordeling van MDL om binnen zeven dagen na vonnisdatum aan [eiser] tegen behoorlijk bewijs van kwijting te betalen:</para>
    </parablock>
    <para>1. een vergoeding voor de niet in acht genomen opzegtermijn van drie maanden die, gelet op de datum van de afgifte van de ontslagvergunning, op zijn vroegst kon worden opgezegd tegen 1 juli 2013, ervan uitgaande dat door partijen eerst op vrijdag 1 maart 2013 op zijn vroegst van de vergunning kennis kon worden genomen.</para>
    <para>2. het salaris over de maand maart 2013, zijnde € 1.778,40 inclusief vakantiegeld en de opzegtermijn van drie maanden, totaal zijnde 4x € 1.778,40 = € 7.113,60.</para>
    <para>3. de wettelijke verhoging over de som van het salaris over de maand maart 2013 en over de opzegtermijn, zijnde 4x € 1.778,40 = € 7.113,60 x 50% = € 3.556,80 bruto.</para>
    <para>4. het onder 2 en 3 vast te stellen bedrag te vermeerderen met de wettelijke rente ex artikel 6:119 BW, vanaf de dag der opeisbaarheid van voornoemde aanspraken tot aan de dag der algehele voldoening.</para>
    <para>5. een vergoeding voor het kennelijk onredelijk ontslag, rekening houdend met de schadebepalende componenten van dit geval, begroot op € 50.000,00 bruto.</para>
    <para>6. een proceskostenvergoeding.</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Het verweer</title>
    <para>MDL heeft ondanks daartoe in de gelegenheid te zijn gesteld niet geantwoord.</para>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>De beoordeling</title>
    <para>De vordering is niet weersproken en deze komt de kantonrechter overigens niet onrechtmatig of ongegrond voor. De vordering zal daarom worden toegewezen. </para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>De beslissing</title>
    <parablock>
      <para>De kantonrechter:</para>
      <para>I stelt vast en verklaart voor recht dat de opzegging van de arbeidsovereenkomst tijdens ziekte en zonder in achtneming van de wettelijke opzegtermijn onregelmatig en kennelijk onredelijk is.</para>
      <para>II veroordeelt MDL om binnen zeven dagen na vonnisdatum aan [eiser] tegen behoorlijk bewijs van kwijting te betalen:</para>
    </parablock>
    <para>1. een vergoeding voor de niet in acht genomen opzegtermijn van drie maanden die, gelet op de datum van de afgifte van de ontslagvergunning, op zijn vroegst kon worden opgezegd tegen 1 juli 2013, ervan uitgaande dat door partijen eerst op vrijdag 1 maart 2013 op zijn vroegst van de vergunning kennis kon worden genomen.</para>
    <para>2. het salaris over de maand maart 2013, zijnde € 1.778,40 inclusief vakantiegeld en de opzegtermijn van drie maanden, totaal zijnde 4x € 1.778,40 = € 7.113,60.</para>
    <para>3. de wettelijke verhoging over de som van het salaris over de maand maart 2013 en over de opzegtermijn, zijnde 4x € 1.778,40 = € 7.113,60 x 50% = € 3.556,80 bruto.</para>
    <para>4. het onder 2 en 3 vast te stellen bedrag te vermeerderen met de wettelijke rente ex artikel 6:119 BW, vanaf de dag der opeisbaarheid van voornoemde aanspraken tot aan de dag der algehele voldoening.</para>
    <para>5. een vergoeding voor het kennelijk onredelijk ontslag, rekening houdend met de schadebepalende componenten van dit geval, begroot op € 50.000,00 bruto.</para>
    <para />
    <para>- veroordeelt MDL tot betaling van de proceskosten, die aan de kant van [eiser] tot en met vandaag worden begroot op de volgende bedragen: </para>
    <parablock>
      <para>dagvaardingskosten		€   92,82</para>
      <para>griffierecht			€ 213,00</para>
      <para>salaris gemachtigde		€ 250,00;</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>- verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;</para>
    <para />
    <para>- wijst het meer of anders gevorderde af. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. R.I.V. Scherpenhuijsen Rom en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum in aanwezigheid van de griffier.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Coll.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>