<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBMNE:2026:921</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-03-12T09:36:08</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2026-03-11</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Midden-Nederland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Midden-Nederland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2026-03-11</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">16/222744-25</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Utrecht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2026:921">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2026:921</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-03-12T09:35:29</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2026-03-12</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBMNE:2026:921 Rechtbank Midden-Nederland , 11-03-2026 / 16/222744-25</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBMNE:2026:921:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Vrijspraak. In deze zaak gaat het om overtreden van het collectief winkelverbod in Hoog Catharijne in Utrecht. Uit het dossier blijkt niet dat het verbod door een bevoegd persoon is gegeven en hoe verdachte moest weten dat de door hem betreden winkels onder dat verbod vielen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBMNE:2026:921:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND</bridgehead>
    <para>Strafrecht</para>
    <para>Zittingsplaats Utrecht</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 16/222744-25</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van de politierechter van 11 maart 2026</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de strafzaak tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte] ,</emphasis>
      </para>
      <para>geboren op [geboortedatum] 1994 te [geboorteplaats] (Algerije), </para>
      <para>op dit moment zonder bekende woon- of verblijfplaats.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>ONDERZOEK TER TERECHTZITTING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is bij verstek gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 25 februari 2026.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De politierechter heeft kennisgenomen van de vordering en standpunten van officier van justitie mr. B. van Weele.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>TENLASTELEGGING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op 12 augustus 2025 in Utrecht wederrechtelijk is binnengedrongen bij de Action in Utrecht, terwijl hem de toegang was ontzegd<emphasis role="italic">.</emphasis></para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>VRIJSPRAAK</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de officier van justitie</emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie vindt dat het ten laste gelegde wettig en overtuigend kan worden bewezen, omdat de verdachte heeft verklaard dat hij wist dat hij niet in de winkel mocht komen. Hij is aangehouden in de winkel en het collectieve winkelverbod zit in het dossier.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De officier van justitie eist dat aan de verdachte een gevangenisstraf voor de duur van 2 dagen, met aftrek van het voorarrest, wordt opgelegd.</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Het oordeel van de politierechter</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Algemene opmerkingen over lokaalvredebreuk</emphasis>
        </para>
        <para>Lokaalvredebreuk betekent dat iemand zonder toestemming of tegen de wil van de eigenaar of beheerder een plek binnenkomt. De eigenaar heeft dan duidelijk aangegeven dat je daar niet mag komen, bijvoorbeeld met een bordje, een hek of een verbod, maar jij negeert die waarschuwing. Dit kan bijvoorbeeld gebeuren als iemand zomaar een winkel, huis of ander afgesloten gebied binnenloopt terwijl het door de eigenaar verboden is. Zonder zo’n afwijzing of verbod is er meestal geen sprake van lokaalvredebreuk, omdat het dan niet verboden is. Het moet wel duidelijk zijn dat de persoon begreep dat hij er niet meer mocht komen. Als iemand geen Nederlands spreekt, moet dit duidelijk worden uitgelegd in een taal die hij wel begrijpt. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De eigenaar kan ook iemand anders vragen om die persoon op een bepaalde plek te weigeren. Als iemand wordt geweigerd door een persoon die daar niet toe bevoegd is, dan is meestal geen sprake van lokaalvredebreuk. Het is dan namelijk niet duidelijk wat de eigenaar wilde. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Overtreden collectief winkelverbod op 12 augustus 2025</emphasis>
        </para>
        <para>In deze zaak is de verdachte op 12 augustus 2025 de Albert Heijn in Hoog Catharijne binnengegaan, terwijl hij dat niet mocht, omdat hij eerder een collectief winkelverbod heeft gekregen. Met dit verbod mag iemand niet meer naar binnen in alle winkels die meedoen aan het collectief, omdat die persoon zich in één van die winkels verkeerd heeft gedragen. In het winkelverbod staat niet welke winkels dat precies zijn. In het winkelverbod staat dat bij de winkels een logo bij de ingang hangt, zodat je kunt zien dat ze meedoen aan het collectief winkelverbod. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Het collectief winkelverbod is door de supermarktmanager van de Albert Heijn in Hoog Catharijne aan de verdachte gegeven. De supermarktmanager van de Albert Heijn is niet de eigenaar van de Action. In het dossier staat ook niet dat hij (schriftelijk) toestemming heeft om het verbod namens de eigenaar van de Action of namens het collectief te geven. De politierechter spreekt de verdachte daarom vrij van lokaalvredebreuk, omdat er onvoldoende bewijs is dat de verdachte wederrechtelijk heeft gehandeld.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Uit het dossier blijkt ook niet dat bij de ingang van de winkel een logo hing of dat de verdachte op een andere manier wist dat deze Action bij het collectief hoorde en dat hij daarom niet in deze winkel mocht komen. De politierechter vindt dat daarom ook niet kan worden bewezen dat verdachte opzettelijk het winkelverbod heeft overtreden. </para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>BESLISSING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De politierechter:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">vrijspraak</emphasis>
      </para>
      <para>-    	verklaart niet bewezen dat de verdachte het feit heeft gepleegd en spreekt de verdachte daarvan vrij.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. S.D. Groen, politierechter, in tegenwoordigheid van mr. A.M. Newman en mr. E.M. Caruso, griffiers en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van 11 maart 2026.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Mr. A.M. Newman is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Bijlage: de tenlastelegging</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte wordt ten laste gelegd dat: </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 12 augustus 2025 te Utrecht</para>
      <para>in het besloten lokaal Action (in Hoog Catharijne),</para>
      <para>althans bij een ander of anderen dan bij verdachte, in gebruik</para>
      <para>wederrechtelijk is binnengedrongen</para>
      <para>immers was hem, verdachte, met ingang van 5 juli 2025 schriftelijk de</para>
      <para>toegang tot heel Hoog Catharijne ontzegd voor de duur van 12 maanden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>