<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBMNE:2026:501</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-02-17T09:46:17</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2026-02-16</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Midden-Nederland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Midden-Nederland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2026-01-06</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">NL:TZ:0000373592:B001</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Utrecht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2026:501">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2026:501</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-02-17T09:45:30</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2026-02-17</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBMNE:2026:501 Rechtbank Midden-Nederland , 06-01-2026 / NL:TZ:0000373592:B001</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBMNE:2026:501:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Bewindszaak. Verzoek hoge tarief beloning. Extra beloning na accepteren nul-aanbod. Bewindvoerder heeft verzocht om na het geaccepteerde nul-aanbod van 5 september 2025 nog een jaar het schuldentarief in rekening te mogen brengen (tot 5 september 2026). De kantonrechter heeft bepaald dat de bewindvoerder nog een jaar beloning in rekening mag brengen maar niet vanaf de verzochte datum maar vanaf de dag dat de minnelijke regeling is gestart, te weten 28 april 2025 t/m april 2026.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBMNE:2026:501:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND</emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Toezicht</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Locatie Utrecht</para>
  </parablock>
  <informaltable>
    <tgroup cols="3">
      <colspec colname="colA" />
      <colspec colname="colB" />
      <colspec colname="colC" />
      <tbody>
        <row>
          <entry>
            <para>toezichtnummer</para>
          </entry>
          <entry>
            <para>:</para>
          </entry>
          <entry>
            <para>NL:TZ:0000373592:B001</para>
          </entry>
        </row>
        <row>
          <entry>
            <para>CBM-nummer</para>
          </entry>
          <entry>
            <para>:</para>
          </entry>
          <entry>
            <para>BM39920</para>
          </entry>
        </row>
        <row>
          <entry>
            <para>beschikkingsnummer</para>
          </entry>
          <entry>
            <para>:</para>
          </entry>
          <entry>
            <para>002</para>
          </entry>
        </row>
        <row>
          <entry>
            <para>datum</para>
          </entry>
          <entry>
            <para>:</para>
          </entry>
          <entry>
            <para>6 januari 2026</para>
          </entry>
        </row>
      </tbody>
    </tgroup>
  </informaltable>
  <section>
    <title>Beschikking van de kantonrechter</title>
    <para>
      <?linebreak?>op verzoek van:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        [bewindvoerder 1] ,<?linebreak?>en<?linebreak?>[bewindvoerder 2] ,<?linebreak?>beiden vennoot van [bewindvoerder 1] ,<?linebreak?>Kamer van Koophandel-nummer [nummer] ,<?linebreak?>hierna te noemen: de bewindvoerder,</para>
      <para>
        <?linebreak?>met betrekking tot:</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      [betrokkene] ,<?linebreak?>geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1983,<?linebreak?>wonende te [adres] , [postcode] [woonplaats] ,<?linebreak?>hierna te noemen: betrokkene.</title>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Procedure</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter heeft kennisgenomen van:<?linebreak?>- het verzoek (met bijlagen), ontvangen op 11 december 2025,</para>
      <para>- de nadere informatie, ontvangen op 12 december 2025.   </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter heeft op grond van de ontvangen informatie afgezien van een mondelinge behandeling.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>Beoordeling</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor het verzoek zijn de volgende omstandigheden van belang. Het vermogen van betrokkende is op 31 augustus 2024 onder bewind gesteld. Betrokkene had tijdens de start van het bewind problematische schulden. De bewindvoerder heeft voor betrokkene de schulden geïnventariseerd, het dossier gestabiliseerd en op een aantal andere leefgebieden hulp geboden. Op 6 maart 2025 heeft de bewindvoerder betrokkene aangemeld bij schuldhulpverlening, op 28 april 2025 is de schuldhulpverlener gestart met het traject en op 3 september 2025 zijn de schuldeisers van betrokkene akkoord gegaan met een zogeheten nul-aanbod. Vanaf dat moment heeft betrokkene dus geen (problematische) schulden meer. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De bewindvoerder heeft verzocht om na het geaccepteerde nul-aanbod van 5 september 2025 nog een jaar het schuldentarief in rekening te mogen brengen, te weten vanaf 5 september 2025 tot 5 september 2026. De achtergrond van dit verzoek is als volgt. Op grond van art. 3 lid 2 sub b van de Regeling beloning curatoren, bewindvoerders en mentoren (de Regeling) heeft een bewindvoerder recht op het maandelijkse hogere (schulden)tarief als een betrokkene problematische schulden heeft. De gedachte achter de hogere beloning is – samengevat – dat het een bewindvoerder meer tijd kost om een schuldendossier te stabiliseren en de betrokkene naar een schuldhulpverleningstraject te begeleiden. Het zwaartepunt van de werkzaamheden zal doorgaans aan het begin van het schuldenbewind liggen, op het moment dat de bewindvoerder de schuldenpositie in kaart brengt. Tegenover die tijdsinvestering van de bewindvoerder in het begin van het bewind, staat het recht om gedurende het volledige schuldhulpverleningstraject het hoge tarief in rekening brengen. Daarmee ontvangt de bewindvoerder over een langere periode een vergoeding voor de extra werkzaamheden in verband met de schulden van een betrokkene. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Echter, sinds de wijziging van de Wet schuldsaneringsregeling natuurlijke personen komt het vaker voor dat de schulden van een betrokkene na relatief korte tijd zijn opgelost, bijvoorbeeld omdat schuldeisers een nul-aanbod accepteren. De bewindvoerder heeft in een dergelijk geval in het begin veel werkzaamheden verricht, waarvoor dan niet – zoals voorheen – over een langere periode een hoger tarief kan worden gerekend. Dit kan onder omstandigheden onredelijk uitpakken voor de bewindvoerder, zodat moet worden afgeweken van de hoofdregel uit de Regeling. Dit zal per geval moeten worden beoordeeld. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>In dit geval vindt de kantonrechter dat er voldoende grond is om van de hoofdregel af te wijken. Betrokkene was circa een jaar na de start van het bewind schuldenvrij. Gedurende dat jaar mocht de bewindvoerder dus het hogere (schulden)tarief rekenen, maar die vergoeding is opgeteld onvoldoende om de extra werkzaamheden die gepaard gaan met een schuldendossier te compenseren. Om tot een afwijkende beloning te komen, heeft de kantonrechter vastgesteld dat de bewindvoerder tot de start van de minnelijke regeling (28 april 2025) daadwerkelijk extra werkzaamheden die samenhangen met het schuldenbewind heeft verricht. De kantonrechter vindt het in dit geval redelijk dat de bewindvoerder vanaf dat moment nog gedurende een jaar recht heeft op de hogere beloning als compensatie voor de extra werkzaamheden, dus tot en met april 2026. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>Beslissing</title>
    <para>De kantonrechter bepaalt dat de bewindvoerder tot en met april 2026 de beloning conform artikel 3 lid 2 sub b van de Regeling  beloning curatoren, bewindvoerders en mentoren in rekening mag brengen.</para>
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Deze beschikking is gegeven door mr. G. Konings, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 6 januari 2026.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegen deze beschikking kan -uitsluitend door tussenkomst van een advocaat- hoger beroep worden ingesteld bij het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden:<?linebreak?>a.	door de verzoekers en degenen aan wie een afschrift van deze beschikking (digitaal) is verstrekt of verzonden binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;<?linebreak?>b.	door andere belanghebbenden binnen drie maanden na betekening daarvan of nadat deze beschikking hun op andere wijze bekend is geworden.</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>