<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBMNE:2026:4867</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-08-18T13:41:05</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2026-07-28</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Midden-Nederland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Midden-Nederland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2026-07-21</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">16/186009-25</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Utrecht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2026:4867">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2026:4867</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-08-18T13:40:49</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2026-08-18</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBMNE:2026:4867 Rechtbank Midden-Nederland , 21-07-2026 / 16/186009-25</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBMNE:2026:4867:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>De verdachte heeft zich samen met anderen schuldig gemaakt aan afpersing en poging tot afpersing van cryptovaluta. Toepassing ASR. Straf: 120 dagen jeugddetentie met aftrek, waarvan 75 dgn voorwaardelijk en met bijzondere voorwaarden. Daarnaast een werkstraf van 200 uur.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBMNE:2026:4867:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Strafrecht</para>
      <para>Zittingsplaats Utrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 16/186009-25 </para>
      <para>Tegenspraak</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van de meervoudige kamer van 21 juli 2026 in de strafzaak van:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte] ,</emphasis>
      </para>
      <para>geboren op [geboortedatum] 2006 in [geboorteplaats] , </para>
      <para>ingeschreven op het adres: [adres] , [postcode] in [plaats] ,</para>
      <para>(hierna: de verdachte).</para>
    </parablock>
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Zitting</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De strafzaak van de verdachte is inhoudelijk behandeld op de openbare zitting van 25 juni 2026. Het onderzoek is (enkelvoudig) gesloten op 21 juli 2026.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op de zitting waren aanwezig:</para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>de verdachte;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de advocaat van de verdachte: mr. C.G.J.E. Lut (hierna: de advocaat);</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de officier van justitie: mr. R.E. Craenen;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de advocaat van de benadeelde partij [aangever] : mr. S. Vermeulen, die waarneemt voor mr. L. van Gaalen-Van Beuzekom.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De officier van justitie beschuldigt de verdachte ervan dat hij, samengevat, op 29 mei 2025 in Utrecht:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline italic">feit 1</emphasis>
        <emphasis role="italic">:	</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">primair:	</emphasis>samen met anderen cryptovaluta ter waarde van ongeveer 30.000 dollar heeft afgeperst van [aangever] ;</para>
      <para>
        <emphasis role="italic">subsidiair:	</emphasis>medeplichtig is geweest aan de hiervoor genoemde afpersing;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline italic">feit 2: </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">primair:	</emphasis>samen met anderen heeft geprobeerd om € 100.000,- aan cryptovaluta af te persen van [aangever] ;</para>
      <para>
        <emphasis role="italic">subsidiair:	</emphasis>medeplichtig is geweest aan de hiervoor genoemde poging tot afpersing.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>De volledige tekst van de beschuldiging staat in bijlage I bij dit vonnis.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Bewijs </title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Standpunt van de officier van justitie</emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie stelt zich op het standpunt dat de verdachte moet worden vrijgesproken van feit 1 primair en feit 2 primair, omdat er geen sprake is van een nauwe en bewuste samenwerking (medeplegen).</para>
        <para>De officier van justitie stelt zich op het standpunt dat kan worden bewezen dat de verdachte de subsidiaire feiten heeft gepleegd, in die zin dat hij medeplichtig is geweest aan de (poging tot) afpersing. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Ten aanzien van feit 1 primair vindt de officier van justitie dat de verdachte gedeeltelijk vrijgesproken moet worden van het vierde gedachtestreepje van de beschuldiging (het dreigen met een pistool), omdat daarvoor onvoldoende bewijs in het dossier zit.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De standpunten van de officier van justitie worden – voor zover van belang voor de beoordeling – besproken in paragraaf 3.3.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Standpunt van de verdediging</emphasis>
        </para>
        <para>De advocaat verzoekt de rechtbank om de verdachte volledig vrij te spreken van de feiten 1 en 2. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De advocaat voert verschillende verweren over het bewijs. Deze worden - voor zover van belang voor de beoordeling - hierna besproken onder paragraaf 3.3.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>
        <emphasis role="underline">Oordeel van de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para />
      <paragroup>
        <nr>3.3.1.</nr>
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Inleiding</emphasis>
          </para>
          <para>De rechtbank stelt op basis van het dossier en wat er tijdens de zitting is besproken de volgende feiten en omstandigheden vast, die op de zitting ook niet ter discussie hebben gestaan.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Op 29 mei 2025 ging [aangever] (hierna: aangever) bowlen in Utrecht samen met [A] (hierna: [A] ) en de medeverdachte [medeverdachte 1] (hierna: [medeverdachte 1] ). Toen zij rond 23:23 uur klaar waren en naar hun auto liepen, werd aangever plots door drie personen benaderd: de verdachte, medeverdachte [medeverdachte 2] (hierna: [medeverdachte 2] ) en medeverdachte [medeverdachte 3] (hierna: [medeverdachte 3] ). Op camerabeelden is te zien dat aangever wordt aangesproken door [medeverdachte 2] , waarna [medeverdachte 2] met aangever wegloopt in de richting van een afgelegen steeg op het bedrijventerrein naast de bowling. Niet veel later voegt ook [medeverdachte 3] zich bij hen. Met zijn drieën lopen zij steeds verder de steeg in. Ondertussen blijft de verdachte staan bij [A] en [medeverdachte 1] , die nog bij de auto op de parkeerplaats staan. </para>
          <para>Na ongeveer 25 minuten loopt de verdachte naar [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] , waarna de verdachte en [medeverdachte 3] [A] en [medeverdachte 1] ophalen en naar aangever en [medeverdachte 2] lopen.</para>
          <para>Rond 23:56 uur vertrekken de verdachte, [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] gezamenlijk en een paar minuten later vertrekken ook aangever en zijn gezelschap. Diezelfde nacht belt aangever de politie en start onderzoek 31STRIKE25.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Vaststaat dat de verdachten deze avond contact hebben gehad met aangever en dat aangever ten tijde van dat contact cryptovaluta ter waarde van ongeveer 30.000 dollar heeft overgemaakt. Volgens aangever was dit onder dwang en bedreiging gebeurd zoals in de beschuldiging nader is omschreven (bijlage I), en is daarna door bedreiging met geweld geprobeerd om hem nog veel meer cryptovaluta over te laten maken. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>De verdachte wordt verweten dat hij zich als medepleger schuldig heeft gemaakt aan de (poging tot) afpersing, dan wel dat hij daaraan medeplichtig is geweest.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>De rechtbank moet eerst de vraag beantwoorden of op 29 mei 2025 sprake is geweest van een (poging tot) afpersing van aangever. Als sprake is van (poging tot) afpersing moet daarna nog de vraag beantwoord worden hoe de rol van de verdachte juridisch moet worden geduid en of er sprake is van medeplegen of medeplichtigheid. </para>
        </parablock>
        <para />
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>3.3.2.</nr>
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Bewijsmiddelen feit 1 primair en feit 2 primair</emphasis>
          </para>
          <para>De rechtbank oordeelt dat bewezen is dat de verdachte zich samen met anderen schuldig heeft gemaakt aan afpersing van [aangever] (feit 1 primair) en aan een poging tot afpersing van [aangever] (feit 2 primair). De rechtbank baseert dit oordeel op de bewijsmiddelen die in bijlage II van dit vonnis staan. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>De rechtbank legt hieronder uit waarom zij tot dit oordeel komt en gaat daarbij in op de verweren van de verdediging, voor zover die niet al worden weerlegd door de bewijsmiddelen.</para>
        </parablock>
        <para />
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>3.3.3.</nr>
        <para>
          <emphasis role="italic">Bewijsoverwegingen</emphasis>
        </para>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Bewezenverklaring </emphasis>(<emphasis role="italic">poging tot) afpersing</emphasis></para>
          <para>Aangever heeft meerdere verklaringen afgelegd over de (poging tot) afpersing, waarvan de eerste verklaring (de aangifte) nog diezelfde nacht is afgelegd. In dat kader stelt de rechtbank vast dat aangever uitgebreid en consistent heeft verklaard over wat er is gebeurd op 29 mei 2025, over de betrokken personen en over hun rol. Aangever kende de verdachte en zijn medeverdachten niet, met uitzondering van [medeverdachte 1] , met wie aangever bevriend was. Er is niet gebleken dat aangever een reden had om hen onterecht te beschuldigen van een ernstig misdrijf.  De kern van zijn verklaring wordt daarnaast ondersteund door de bewijsmiddelen. Zo bevestigen onder andere de camerabeelden de door aangever geschetste gang van zaken, blijkt uit financieel onderzoek dat aangever daadwerkelijk een grote hoeveelheid cryptovaluta heeft overgemaakt, zijn er op de telefoon van aangever screenshots van een gesprek aangetroffen waaruit blijkt dat er dreigende uitlatingen worden gedaan en aangever onder druk wordt gezet om nog meer geld over te maken en wordt er op de telefoon van de medeverdachte [medeverdachte 2] een afbeelding van een briefje aangetroffen met persoonlijke informatie over (familieleden van) aangever. Dit is precies de informatie waarvan aangever zegt dat deze informatie gebruikt is om hem die avond af te persen. </para>
          <para>Gelet hierop heeft de rechtbank geen reden om aan de verklaringen van aangever te twijfelen en vindt deze dan ook betrouwbaar.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>De rechtbank komt op basis van de bewijsmiddelen tot een bewezenverklaring van de afpersing (feit 1) en de poging tot afpersing (feit 2). Met de verdediging en de officier van justitie is de rechtbank van oordeel dat het dossier onvoldoende bewijs bevat dat de medeverdachte tijdens de afpersing aangever met een pistool heeft bedreigd. De rechtbank zal de verdachte daarom vrijspreken van (het medeplegen van) dat deel van de beschuldiging.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Betrokkenheid van verdachte bij de (poging tot) afpersing</emphasis>
          </para>
          <para>Op de zitting heeft de verdachte verklaard dat hij met [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] meeging naar een afspraak, maar dat hij niet wist waar dat was en wat daar zou gaan gebeuren. Bij de politie heeft de verdachte verklaard dat zij iemand zouden ontmoeten en dat hij ‘gewoon’ bij twee jongens moest staan. Wat er verder op dat moment gebeurde met aangever, wist hij niet. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>De rechtbank stelt met betrekking tot de betrokkenheid van de verdachte het volgende vast. Op de camerabeelden is te zien dat de verdachte samen met de medeverdachten aangever opwachten en op hem aflopen. [medeverdachte 2] loopt daarna met aangever weg, [medeverdachte 3] voegt zich bij hen en de verdachte blijft staan bij het gezelschap van aangever. De verdachte voegt zich een kort moment bij [medeverdachte 2] , [medeverdachte 3] en aangever, waarna [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] verder lopen met aangever en de verdachte weer teruggaat naar het gezelschap van aangever. De verdachte zag en hoorde wat er gebeurde en had een duidelijke functie binnen het geheel. Hij moet dus begrepen hebben wat zich daar afspeelde en wat er van hem werd verwacht.</para>
          <para>De betrokkenheid van de verdachte gaat bovendien verder dan het enkele staan bij het gezelschap van aangever. Uit de verklaring van [A] volgt dat de verdachte, toen hij bij hen stond, dreigende uitlatingen heeft gedaan. Na de afpersing (en gedurende de poging tot afpersing) wordt de verdachte opgehaald door [medeverdachte 2] en lopen zij naar aangever en [medeverdachte 3] toe. De verdachte loopt vervolgens samen met [medeverdachte 3] terug naar de parkeerplaats en gebaart dat het gezelschap van aangever mee moet komen naar de afgelegen plek. Eenmaal daar geven [A] en [medeverdachte 1] hun telefoons aan de verdachte en [medeverdachte 3] en die leggen de telefoons vervolgens op de auto van [A] .</para>
          <para>Na de afpersing ontvangt de verdachte via WhatsApp van [medeverdachte 3] een zogeheten <emphasis role="italic">seed phrase, </emphasis>die hoorde bij een walletadres waar volgens het financiële onderzoek de afgeperste cryptovaluta van aangever naartoe is overgemaakt.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Medeplegen of medeplichtigheid?</emphasis>
          </para>
          <para>Voor de kwalificatie van medeplegen is vereist dat sprake is van een nauwe en bewuste samenwerking. Die kwalificatie is alleen gerechtvaardigd als de bewezen verklaarde – intellectuele en/of materiële – bijdrage van de verdachte aan het delict van voldoende gewicht is.  Het kernverwijt bij medeplichtigheid is het bevorderen en/of vergemakkelijken van een door een ander begaan misdrijf, terwijl bij medeplegen de samenwerking centraal staat.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>De rechtbank is anders dan de officier van justitie en de advocaat van oordeel dat het handelen van de verdachte naar uiterlijke verschijningsvorm kan worden gekwalificeerd als medeplegen van de afpersing en poging tot afpersing. De rechtbank legt hieronder uit waarom.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Uit het dossier blijkt duidelijk dat de verdachte, [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] met zijn drieën optrokken en samen met de auto vanuit Eindhoven naar Utrecht zijn gereden, samen aangever anderhalf uur in de auto hebben opgewacht tot hij klaar was met bowlen, samen richting aangever zijn gelopen en uiteindelijk samen zijn weggereden. Het langdurig samen optrekken met de medeverdachten voorafgaand aan de afpersing, duidt op een gewichtige bijdrage van de verdachte aan de voorbereiding daarvan. </para>
          <para>Ter plaatse was er sprake van een duidelijke onderlinge taakverdeling. De verdachte wist, soms na alleen een handgebaar van een medeverdachte, kennelijk wat hij moest doen en waar hij moest staan, waaruit kan worden afgeleid dat er ook sprake was van een vooropgezet plan. Dit wordt bevestigd door de verklaring van de verdachte bij de politie dat hij wist dat hij meegevraagd werd voor een afspraak waar hij bij twee jongens zou moeten staan.</para>
          <para>
            [medeverdachte 2] was degene die aangever aansprak, hem naar de steeg liet meelopen en de bedreigende uitlatingen deed. [medeverdachte 3] liep met aangever en [medeverdachte 2] mee naar de plek waar de afpersing plaatsvond. Daar stond [medeverdachte 3] steeds dicht bij aangever en [medeverdachte 2] . </para>
          <para>De verdachte bleef ondertussen staan op de parkeerplaats bij [A] en [medeverdachte 1] (het gezelschap van aangever). Van zijn enkele aanwezigheid ging al een zekere mate van dreiging uit. Daar komt bij dat [A] heeft verklaard dat de verdachte ook bedreigende uitlatingen heeft gedaan in de trant van dat zij niet naar hem mochten kijken en dat hij wist waar hun ouders wonen. </para>
          <para>Ook is de verdachte uiteindelijk wel aangesloten bij de medeverdachten op de plek waar aangever werd afgeperst, en heeft hij samen met [medeverdachte 3] de telefoons van het gezelschap van aangever ingenomen en weggelegd.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>De verdachte heeft met zijn aanwezigheid en uitlatingen er mede voor gezorgd dat het gezelschap van aangever geen hulp kon inschakelen of aangever te hulp kon schieten. Dat uiteindelijk is gebleken dat medeverdachte [medeverdachte 1] in het complot van de (poging tot) afpersing zat, maakt geen verschil, want ook dan paste zijn handelen in het draaiboek voor het plegen van deze feiten. </para>
          <para>Tegelijkertijd versterkte zijn aanwezigheid de dreiging die uitging van [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] ten opzichte van aangever. Als aangever al een poging zou doen om te vluchten, zou hij geconfronteerd worden met de verdachte die bij de auto stond.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>De verdachte heeft dus door zijn aanwezigheid en de hiervoor genoemde gedragingen en uitlatingen, een significante bijdrage geleverd aan de (poging tot) afpersing en ervoor gezorgd dat de (poging tot) afpersing kon plaatsvinden zoals die heeft plaatsgevonden. De verdachte heeft zich bovendien op geen enkel moment gedistantieerd van het gebeuren. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>De rechtbank is gelet op dit alles van oordeel dat de verdachte als medepleger moet worden aangemerkt.  Dat niet kan worden vastgesteld dat de verdachte zelf een van de ten laste gelegde feitelijke handelingen heeft verricht, staat aan bewezenverklaring van medeplegen niet in de weg. Dat de verdachte niet naast de medeverdachte stond toen die aangever bedreigde, vindt de rechtbank onder deze omstandigheden ook niet doorslaggevend. Zijn rol ter plaatse was inwisselbaar met die van [medeverdachte 3] . Eén van hen moest het gezelschap van aangever bewaken terwijl de ander bij aangever zelf stond. Een andere rolverdeling was ook denkbaar geweest. Dat de verdachte degene was die het gezelschap van aangever bewaakte maakt zijn rol niet kleiner. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Conclusie</emphasis>
          </para>
          <para>De rechtbank komt tot een bewezenverklaring van het medeplegen van de afpersing (feit 1) en het medeplegen van de poging tot afpersing (feit 2). Met de verdediging en de officier van justitie is de rechtbank wel van oordeel dat het dossier onvoldoende bewijs bevat dat tijdens  de afpersing aangever met een pistool is bedreigd. De rechtbank zal de verdachte daarom gedeeltelijk vrijspreken van deze handeling.</para>
        </parablock>
        <para />
      </paragroup>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Bewezenverklaring </emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank verklaart bewezen dat de verdachte: </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">1</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">op 29 mei 2025 te Utrecht tezamen en in vereniging met anderen, met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door bedreiging met geweld  [aangever] heeft gedwongen tot de afgifte van cryptovaluta ter waarde van ongeveer 30.000 dollar, dat aan die [aangever]  toebehoorde door</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">- die [aangever] mee te laten lopen naar een steeg en een bedrijventerrein,</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">- tegen [aangever] te zeggen: “ik moet je omleggen in de naam van je broer”, en</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">- aan die [aangever] blijk te geven van kennis over zijn privé-gegevens, zoals de namen en adresgegevens van die [aangever] en diens vriendin, en diens ouders en diens schoonouders en de adresgegevens van de vakantiewoning van die [aangever] in Mexico;</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">- tegen die [aangever] te zeggen dat dat hij geld moest overmaken en de app Metamask en/of Telegram moest openen en (vervolgens) cryptovaluta moest overboeken,</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">2</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">op 29 mei 2025 te Utrecht tezamen en in vereniging met anderen, ter uitvoering van het door verdachte en/of zijn mededader(s) voorgenomen misdrijf om met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door bedreiging met geweld [aangever] te dwingen tot de afgifte van cryptovaluta ter waarde van ongeveer 100.000 euro,  dat aan die [aangever] toebehoorde,</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">- tegen die [aangever] heeft gezegd (nog) minimaal 100.000 euro te willen zien en dat die [aangever] een uur heeft om dit te regelen en</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">- tegen die [aangever] heeft gezegd dat hij niet naar de politie mag gaan, er mensen bij zijn woning staan en dat hij wordt omgelegd als hij niet meewerkt,</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid.</emphasis>
      </para>
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>De rest van de tekst van de beschuldiging kan niet worden bewezen. De verdachte wordt daarvan vrijgesproken.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De taal- en/of schrijffouten die in de tekst van de beschuldiging voorkomen zijn in de bewezenverklaring verbeterd. Dit benadeelt de verdachte niet.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>Kwalificatie en strafbaarheid</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Kwalificatie</emphasis>
        </para>
        <para>De bewezen feiten leveren de volgende strafbare feiten op:</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Feit 1 primair:	<emphasis role="italic">afpersing, gepleegd door twee of meer verenigde personen;</emphasis></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Feit 2 primair:	<emphasis role="italic">poging tot afpersing, gepleegd door twee of meer verenigde personen.</emphasis></para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Strafbaarheid feiten en verdachte</emphasis>
        </para>
        <para>De feiten en de verdachte zijn strafbaar.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>Straf en maatregel</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>5.1.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Vordering van de officier van justitie</emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie eist dat de verdachte wordt veroordeeld tot een jeugddetentie van vier maanden, waarvan één maand voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaar en met de bijzondere voorwaarden zoals geadviseerd door de reclassering en een contactverbod met aangever.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De officier van justitie eist dat de bijzondere voorwaarden en het reclasseringstoezicht direct na de uitspraak van het vonnis ingaan (dadelijk uitvoerbaar zijn). </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Standpunt van de verdediging</emphasis>
        </para>
        <para>De advocaat verzoekt om niet mee te gaan in de eis van de officier van justitie en aan de verdachte geen onvoorwaardelijke jeugddetentie op te leggen die langer is dan de tijd dat de verdachte al in voorarrest heeft gezeten, maar die gelijk is aan het voorarrest. Aan een voorwaardelijk strafdoel kunnen dan de bijzondere voorwaarden van de reclassering gekoppeld worden.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De advocaat voert daartoe aan dat de verdachte zijn leven nu op orde heeft en alles wordt doorkruist bij een onvoorwaardelijke gevangenisstraf.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.3.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Oordeel van de rechtbank</emphasis>
        </para>
        <para>Bij het bepalen van deze straf houdt de rechtbank rekening met de ernst van de gepleegde feiten en de omstandigheden waaronder de verdachte deze feiten heeft gepleegd. Ook weegt de rechtbank het strafblad van de verdachte en zijn persoonlijke omstandigheden mee. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Ernst van de feiten en de omstandigheden waaronder de feiten zijn gepleegd</emphasis>
        </para>
        <para>De verdachte heeft zich samen met anderen op 29 mei 2025 schuldig gemaakt aan  afpersing en een poging tot afpersing. De afpersing heeft ruim een half uur geduurd. De verdachte heeft aangever, die nietsvermoedend aan het bowlen was, samen met de medeverdachten buiten opgewacht. Aangever moest vervolgens meelopen naar een afgelegen steeg op een bedrijventerrein. Daar is hij onder bedreiging met geweld gedwongen tot afgifte van cryptovaluta. De bedreiging werd kracht bijgezet doordat de medeverdachte [medeverdachte 2] onder andere persoonlijke gegevens over aangever en zijn familie noemde, zoals namen en adressen. Ondertussen liep de medeverdachte [medeverdachte 3] steeds met de aangever en [medeverdachte 2] mee en bleef de verdachte bij het gezelschap van aangever staan bij de auto. </para>
        <para>Aangever heeft uit angst cryptovaluta ter waarde van ongeveer 30.000 dollar overgemaakt. Aangever moest daarvoor allerlei handelingen in zijn telefoon verrichten en op die manier zijn belagers actief meehelpen om zijn geld af te pakken. Daarna is onder bedreiging met geweld geprobeerd om aangever nog meer cryptovaluta ter waarde van € 100.000,- over te laten maken. Dat dit uiteindelijk niet gebeurd is, is niet aan de verdachte(n) te danken. De poging tot afpersing is gestopt doordat aangever, na aandringen van zijn naasten, zelf de politie heeft ingeschakeld.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Dat was een moeilijke beslissing omdat het kon dat hij zichzelf en zijn naasten daarmee verder in gevaar bracht. Verdachten hebben aangever dus niet alleen veel geld afhandig gemaakt maar hem ook langere tijd onder grote psychische druk gezet. Uit de verklaringen van aangever en het verzoek tot schadevergoeding blijkt dat aangever doodsangsten heeft uitgestaan, zowel tijdens als na de afpersing. Hij was bang dat hem of zijn familieleden iets zou overkomen door alle privégegevens die bij de verdachten bekend waren. De verdachten zijn koel en berekenend te werk gegaan. Ze hebben alleen maar gedacht aan hun eigen voordeel en niet hoe dit voor aangever moet zijn geweest. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De verdachte heeft op de zitting enerzijds eerlijk verklaard dat hij is meegegaan naar ‘een afspraak’ en dat hij daar bij twee jongens moest staan. Op alle nadere vragen over zijn rol kon of wilde de verdachte geen antwoord geven. De verdachte blijft erbij dat hij van niets wist. Uit de bewijsmiddelen leidt de rechtbank echter af dat de verdachte bij de (poging tot) afpersing nauw en bewust heeft samengewerkt met de medeverdachten. De verdachte neemt dus geen (volledige) verantwoordelijkheid voor zijn handelen. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Persoonlijke omstandigheden van de verdachte</emphasis>
        </para>
        <para>Bij de strafoplegging heeft de rechtbank gekeken naar het strafblad van de verdachte van 19 februari 2026, waaruit blijkt dat hij weliswaar eerder is veroordeeld voor soortgelijke feiten maar dit al van langere tijd geleden is.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank heeft ook kennisgenomen van het reclasseringsadvies van 12 juni 2026. Daarin staat dat de verdachte een moeilijke start van zijn jeugd kende, waarbij vermoedelijk sprake was van pedagogische verwaarlozing en een onveilige thuissituatie. De verdachte was hierdoor veel op straat met pro-criminele netwerkleden. Vanwege de impulsiviteit en beïnvloedbaarheid van betrokkene kwam hij regelmatig in de problemen. De reclassering schrijft dat de verdachte sinds de schorsing een positieve ontwikkeling laat zien. Er is sprake van positieve dagbesteding en een steunend netwerk. Doordat de verdachte ook gemotiveerd is voor hulpverlening, schat de reclassering het risico op herhaling onder de huidige omstandigheden laag in. Bij het wegvallen van steunfiguren schat de reclassering het risico verhoogd in, onder meer vanwege de tekortkomende handelingsvaardigheden van de verdachte. De reclassering vindt het daarom van belang dat er ook een professioneel vangnet is dat vroegtijdig kan signaleren en bijsturen mocht de verdachte vervallen in oude patronen. Daarbij kan ook ingezet worden op het vergroten van de zelfredzaamheid en het maken van juiste gedragskeuzes. De reclassering adviseert daarom als bijzondere voorwaarde, naast een meldplicht, de laagdrempelige ambulante begeleiding via Stichting Jeugdcoach.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Toepassing adolescentenstrafrecht (geen volwassenenstrafrecht)</emphasis>
        </para>
        <para>De verdachte was 18 jaar ten tijde van het plegen van de feiten. Dat maakt dat in beginsel het volwassenstrafrecht op hem van toepassing is, tenzij de rechtbank in de persoonlijkheid van de dader of de omstandigheden waaronder de feiten zijn begaan aanleiding ziet om het jeugdstrafrecht toe te passen.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank ziet aanleiding om af te wijken van de hoofdregel en om bij de bestraffing van de verdachte het jeugdstrafrecht toe te passen. Daarbij baseert zij zich onder meer op het reclasseringsrapport waarin wordt geadviseerd om het jeugdstafrecht toe te passen. Daarin staat dat uit het Wegingskader Adolescentenstrafrecht factoren naar voren komen voor de toepassing van het jeugdstrafrecht. Zo kan de verdachte risico’s en gevolgen van zijn eigen gedrag niet goed overzien, heeft hij onvoldoende handelingsvaardigheden en is hij zeer ontvankelijk voor pedagogische ondersteuning van anderen. In het contact wordt de verdachte jonger ervaren dan zijn kalenderleeftijd.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Gelet op het reclasseringsrapport maar ook de indruk die de rechtbank van de verdachte op de zitting heeft gekregen, ziet de rechtbank aanleiding om toepassing te geven aan het jeugdstrafrecht en zal de verdachte dan ook overeenkomstig het jeugdstrafrecht berechten.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Strafkader</emphasis>
        </para>
        <para>Bij het bepalen van de straf heeft de rechtbank enerzijds gelet op de aard en de ernst van de feiten en de straffen die in soortgelijke zaken worden opgelegd. Dat de (poging tot) afpersing samen met anderen is gepleegd en de hoogte van de daarmee gemoeide bedragen, weegt de rechtbank in strafverzwarende zin mee. </para>
        <para>Anderzijds houdt de rechtbank in het voordeel van de verdachte rekening met zijn positieve ontwikkeling zoals blijkt uit het reclasseringsadvies, de toepassing van het jeugdstrafrecht, zijn jonge leeftijd en het gegeven dat hij geen leidende rol heeft gehad in het geheel.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De ernst van de feiten rechtvaardigen normaal gesproken een jeugddetentie die langer duurt dan de tijd die de verdachte al in voorarrest heeft doorgebracht. Dat zou betekenen dat de verdachte terug moet naar de gevangenis, zoals ook is geëist door de officier van justitie. De rechtbank vindt dat de verdachte niet terug hoeft naar de gevangenis. Uit het reclasseringsadvies volgt dat de verdachte een positieve ontwikkeling laat zien. Zo heeft hij onder andere dagbesteding en zet hij goede stappen in de richting van een delictvrije toekomst. Dit zou allemaal doorkruist worden als de verdachte naar de gevangenis zou moeten. De rechtbank meent dat de verdachte, en zo ook de maatschappij, meer gebaat is bij de voortzetting van deze positieve ontwikkeling dan bij een detentie. Daarbij weegt ook de jonge leeftijd van de verdachte mee. De rechtbank zal de verdachte daarom een kans geven om de positieve stappen die hij in de afgelopen periode heeft gezet, voort te zetten.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Wel vindt de rechtbank, gelet op de ernst van de feiten, het belangrijk dat de verdachte een voorwaardelijke gevangenisstraf boven het hoofd hangt. De voorwaardelijke straf is bedoeld om de verdachte ervan te weerhouden zich in de toekomst opnieuw aan strafbare feiten schuldig te maken. Ook biedt een voorwaardelijk strafdeel de rechtbank de mogelijkheid om daaraan bijzondere voorwaarden te verbinden waaraan de verdachte zich moet houden. Dat zal de rechtbank dan ook doen. De rechtbank zal de bijzondere voorwaarden opleggen, zoals geadviseerd door de reclassering. Daarnaast zal een contactverbod met aangever als bijzondere voorwaarde worden opgelegd. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Ook is het belangrijk dat de verdachte ook nu nog de gevolgen van zijn strafbare handelen ervaart. De rechtbank zal daarom aan de verdachte ook een taakstraf opleggen.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Gelet op dit alles legt de rechtbank aan de verdachte op een jeugddetentie voor de duur van 120 dagen, met aftrek van het voorarrest, waarvan 75 dagen voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaar en de bijzondere voorwaarden zoals door de reclassering geadviseerd. Daarnaast legt de rechtbank als bijzondere voorwaarde een contactverbod met aangever op. De bijzondere voorwaarden staan nader omschreven in het dictum.</para>
        <para>Daarnaast legt de rechtbank aan de verdachte een taakstraf (in de vorm van een werkstraf) op van 200 uur, te vervangen door 100 dagen jeugddetentie als de verdachte deze werkstraf niet of niet goed uitvoert. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Ondanks dat de rechtbank een andere deelnemingsvorm bewezen vindt dan de officier van justitie, namelijk het primaire medeplegen van de (poging tot) afpersing in plaats van de subsidiaire medeplichtigheid daaraan, wijkt de rechtbank af van de eis van de officier van justitie, omdat zij meer rekening houdt met het reclasseringsadvies en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Dadelijke uitvoerbaarheid </emphasis>
        </para>
        <para>Uit het reclasseringsadvies volgt dat zij vanwege de heftigheid van de feiten, het delictverleden van de verdachte en de tekortkomende handelingsvaardigheden een verhoogd risico zien als belangrijke steunfiguren wegvallen. Zonder professioneel vangnet om de verdachte heen moet er ernstig rekening mee moet worden gehouden dat hij opnieuw een misdrijf zal begaan dat gevaar veroorzaakt voor de onaantastbaarheid van het lichaam voor een of meer personen. De rechtbank zal de bijzondere voorwaarden en het uit te oefenen toezicht daarom dadelijk uitvoerbaar verklaren. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Voorlopige hechtenis</emphasis>
        </para>
        <para>Nu de rechtbank beslist dat de verdachte niet terug hoeft naar de jeugdgevangenis zal de rechtbank het geschorste bevel tot voorlopige hechtenis opheffen.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>In beslag genomen voorwerpen</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>6.1.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Vordering van de officier van justitie</emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie stelt zich op het standpunt dat de in beslag genomen goederen die te maken hebben met de Wet Wapens en Munitie (te weten de patroonhouders, munitie, wapendoos en boekje wapen) moeten worden onttrokken aan het verkeer.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Ten aanzien van de in beslag genomen telefoon verzoekt de officier van justitie om deze verbeurd te verklaren omdat er delict gerelateerde informatie (namelijk een seed phrase) op staat, of te onttrekken aan het verkeer omdat hij met de telefoon toegang zou kunnen krijgen tot wallets.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.2.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Standpunt van de verdediging</emphasis>
        </para>
        <para>De advocaat verzoekt om de telefoon terug te geven aan de verdachte, nadat de digitale recherche van de politie de seed phrase van de telefoon heeft gehaald. Ten aanzien van het overige beslag heeft de advocaat geen standpunt ingenomen.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.3.</nr>
      <para>
        <emphasis role="underline">Oordeel van de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Onttrekking aan het verkeer</emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank zal de in beslag genomen voorwerpen die verband houden met de Wet Wapens en Munitie, te weten de munitie, patroonhouders, wapendoos en het boekje, onttrekken aan het verkeer. Deze voorwerpen zijn van zodanige aard dat het ongecontroleerde bezit daarvan in strijd is met de wet of met het algemeen belang. De voorwerpen zijn aangetroffen bij gelegenheid van het onderzoek naar de door de verdachte begane feiten.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Verbeurdverklaring</emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank zal de in beslag genomen telefoon verbeurd verklaren, omdat er delictgerelateerde informatie op staat, namelijk een seed phrase die toegang geeft tot een wallet. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>7</nr>Vordering benadeelde partij</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>7.1.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Vordering van de benadeelde partij</emphasis>
        </para>
        <para>
          [aangever] heeft zich gesteld als benadeelde partij en vordert de verdachte te veroordelen tot het betalen van een schadevergoeding van € 37.500,- voor feit 1 en 2, vermeerderd met de wettelijke rente. Dit bedrag bestaat uit € 32.500,- voor vergoeding van materiële schade (feit 1) en   € 5.000,- voor vergoeding van immateriële schade (smartengeld) van feit 1 en 2. De materiële schade bestaat uit de overgemaakte cryptovaluta, waarbij de bedragen door de benadeelde partij naar beneden zijn afgerond. Verder verzoekt de benadeelde partij de schadevergoedingsmaatregel op te leggen. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>7.2.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Standpunt van de officier van justitie</emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie stelt zich op het standpunt dat de vordering in zijn geheel kan worden toegewezen, met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>7.3.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Standpunt van de verdediging </emphasis>
        </para>
        <para>De advocaat verzoekt primair de vordering niet-ontvankelijk te verklaren vanwege de bepleite vrijspraak.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Subsidiair moet de materiele schade niet-ontvankelijk verklaard worden, omdat er geen nadeel is.  De overboeking van de cryptovaluta is geblokkeerd en kan dus weer terug naar de aangever. Daarnaast moet de immateriële schade afgewezen worden, omdat deze onvoldoende onderbouwd is.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>7.4.</nr>
      <para>
        <emphasis role="underline">Oordeel van de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Materiele schade</emphasis>
        </para>
        <para>De vordering tot vergoeding materiële schade van € 32.500,- is voldoende onderbouwd. Op grond van het dossier en het onderzoek op de zitting kan worden vastgesteld dat de benadeelde partij rechtstreeks schade heeft geleden door het onder 1 bewezen verklaarde feit, voor het gevorderde bedrag. Dit betreft namelijk de cryptovaluta die door de aangever onder dwang zijn overgemaakt. De aangever is de cryptovaluta kwijt en het is ook uit zijn macht. Hij kan hier dus niet meer over beschikken. Dat de wallets waar de cryptovaluta door de verdachten naartoe zijn overgeboekt zijn bevroren, doet hier niet aan af. De rechtbank wijst de vordering tot vergoeding van materiële schade daarom geheel toe.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Immateriële schade</emphasis>
        </para>
        <para>Vergoeding van immateriële schade is op grond van artikel 6:106 sub b BW mogelijk als de benadeelde partij lichamelijk letsel heeft opgelopen, is aangetast in zijn eer en goede naam of ‘op andere wijze’ in zijn persoon is aangetast. De rechtbank begrijpt dat de vordering van de benadeelde partij in dit geval op deze laatste grondslag is gebaseerd.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Uit de rechtspraak van de Hoge Raad blijkt dat van aantasting in de persoon ‘op andere wijze’ in ieder geval sprake is als het slachtoffer geestelijk letsel (psychische schade) heeft opgelopen. Het bestaan van geestelijk letsel moet naar objectieve maatstaven worden vastgesteld. Als geestelijk letsel niet kan worden vastgesteld, kan de aantasting in de persoon ‘op andere wijze’ volgen uit de aard en de ernst van de normschending (het strafbare feit) en de gevolgen daarvan. De gevolgen moeten met concrete gegevens worden onderbouwd. In uitzonderlijke situaties kunnen de nadelige gevolgen voor het slachtoffer zó voor de hand liggen dat ook zonder nadere onderbouwing kan worden aangenomen dat sprake is van een aantasting in de persoon.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>In dit geval is naar het oordeel van de rechtbank sprake van zo’n uitzonderlijke situatie, zodat de benadeelde partij recht heeft op vergoeding van immateriële schade. Er was sprake van een planmatige afpersing door meerdere daders, waarbij aangever naar een steeg en afgelegen bedrijventerrein is meegenomen en waar hij onder dreiging met geweld werd gedwongen om cryptovaluta over te boeken. Bij de bedreiging werd gedetailleerde (kennis over) privé gegevens over hem en zijn naasten gedeeld, waaronder adresgegevens. Zowel tijdens als na de afpersing heeft aangever doodsangsten uitgestaan Aangever is hierdoor noodgedwongen verhuisd omdat hij zich niet langer veilig voelde in zijn eigen huis.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Voor de vaststelling van de hoogte van de immateriële schadevergoeding kijkt de rechtbank onder meer naar de ‘Rotterdamse schaal’. Dit betreft een ordening van smartengeldbedragen bij letsel en andere persoonsaantastingen en bevat indicaties voor het toekennen van een passende immateriële schadevergoeding. De rechtbank kijkt naar de indicatieve smartengeldbedragen die worden genoemd bij de voor deze zaak toepasselijke categorie van de Rotterdamse schaal. Deze bedragen betrekt de rechtbank bij de billijkheidsafweging. De benadeelde partij heeft aangevoerd dat aansluiting gezocht zou moeten worden bij categorie 19.1 a)<footnote-ref linkend="_5a108659-b491-4ee6-9faa-3f21561ca5aa" /> (met een bandbreedte tussen € 3.000,- en € 8.000,-). De rechtbank gaat uit van categorie 19.1 b) (<emphasis role="italic">tot</emphasis> een bedrag van € 3.000,-) nu niet is bewezen dat er een vuurwapen is gebruikt door de daders, de afpersing niet langer dan een half uur heeft geduurd en de benadeelde partij niet fysiek is aangepakt. De rechtbank ziet in genoemde omstandigheden aanleiding om dit bedrag naar beneden bij te stellen. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Nu de aard en omvang van het geestelijk letsel niet nader is onderbouwd zal de rechtbank niet méér toewijzen dan het bedrag dat op basis van wat de benadeelde partij is overkomen in ieder geval billijk wordt geacht. Dat bedrag stelt de rechtbank naar billijkheid vast op € 1.500,-. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De benadeelde partij krijgt geen gelegenheid om de vordering alsnog verder te onderbouwen, omdat dat leidt tot een te grote belasting van deze strafprocedure. De rechtbank bepaalt daarom dat de benadeelde partij voor het meer gevorderde niet-ontvankelijk is in de vordering. De benadeelde partij kan de vordering aan de burgerlijke rechter voorleggen.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Wettelijke rente</emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank wijst de gevorderde wettelijke rente toe vanaf 29 mei 2025 (de datum van het ontstaan van de schade) tot de dag dat de verdachte de schadevergoeding volledig heeft betaald.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Proceskosten</emphasis>
        </para>
        <para>Bij vorderingen tot schadevergoeding is de hoofdregel dat de partij die ongelijk krijgt, de proceskosten van de andere partij moet vergoeden. Omdat de vordering tot schadevergoeding grotendeels wordt toegewezen, moet de verdachte de kosten vergoeden die de benadeelde partij heeft gemaakt.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank is van oordeel dat op dit moment niet vast staat dat de benadeelde partij kosten heeft gemaakt voor het indienen en toelichten van de vordering en begroot de kosten daarom op nihil.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Schadevergoedingsmaatregel</emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank legt de schadevergoedingsmaatregel aan verdachte op, zodat (kort gezegd) de benadeelde partij de schadevergoeding niet zelf bij de verdachte hoeft te incasseren, maar dat de Staat dit voor hem doet. De rechtbank bepaalt daarom dat de verdachte een bedrag van </para>
        <para>€ 34.000,- aan de Staat moet betalen.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit bedrag wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 29 mei 2025 (datum ontstaan schade) tot de dag dat de verdachte het volledige bedrag heeft betaald.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Gijzeling</emphasis>
        </para>
        <para>Als de verdachte de schadevergoeding niet (volledig) betaalt, kan gijzeling (een vorm van vrijheidsbeneming van de verdachte) worden toegepast voor de duur van 171 dagen. De gijzeling komt niet in de plaats van de verplichting om te betalen. Ook als gijzeling wordt toegepast, blijft de verdachte dus verplicht om de schadevergoeding te betalen.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Hoofdelijkheid</emphasis>
        </para>
        <para>Omdat de verdachte de strafbare feiten waarvoor schadevergoeding wordt toegekend samen met mededaders heeft gepleegd, zijn zij daarvoor samen aansprakelijk (juridische term: hoofdelijk aansprakelijk). Voor zover een van de mededaders een bedrag aan de benadeelde partij of aan de Staat heeft betaald, hoeft de verdachte dat deel van de schadevergoeding niet meer aan de benadeelde partij of aan de Staat te betalen.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>8</nr>Toegepaste wetsartikelen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De opgelegde straf en beslissing op het beslag zijn gebaseerd op de volgende wetsartikelen 33, 33a, 36b, 36d, 36f, 45, 47, 77c, 77g, 77i, 77m, 77n, 77x, 77y, 77z, 77aa, 77gg en 317 van het Wetboek van Strafrecht.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>9</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">bewezenverklaring</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>verklaart bewezen dat de verdachte feit 1 primair en feit 2 primair heeft gepleegd, zoals hierboven in paragraaf 3.4 is omschreven;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>verklaart het overige dat in de beschuldiging staat niet bewezen en spreekt de verdachte daarvan vrij;</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">strafbaarheid feiten</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart het bewezenverklaarde strafbaar en kwalificeert dit zoals hiervoor in paragraaf 4.1 is vermeld; </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">strafbaarheid verdachte</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart de verdachte strafbaar voor het bewezenverklaarde;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">straf en maatregel</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- veroordeelt verdachte tot <emphasis role="bold">een jeugddetentie van 120 dagen</emphasis>; </para>
    <para>- bepaalt dat de tijd, door verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van de jeugddetentie in mindering zal worden gebracht;</para>
    <para>- bepaalt dat van de jeugddetentie <emphasis role="bold">een gedeelte van 75 dagen, niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij</emphasis> de rechter later anders gelast op grond van het feit dat verdachte de hierna te melden voorwaarden niet heeft nageleefd;</para>
    <para>- stelt daarbij <emphasis role="bold">een proeftijd van twee (2) jaar</emphasis> vast; </para>
    <para>
      <emphasis role="bold">-	</emphasis>als <emphasis role="bold">algemene voorwaarden </emphasis>gelden dat de verdachte:</para>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking verleent aan het nemen van één of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>medewerking verleent aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 77aa, eerste tot en met vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclassering zo vaak en zolang als de reclassering dit noodzakelijk acht, daaronder begrepen;	</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para>
      <emphasis role="bold">-	</emphasis>als <emphasis role="bold">bijzondere voorwaarden </emphasis>gelden dat de verdachte gedurende de proeftijd:</para>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>zich meldt op afspraken met de reclassering, zo vaak en zolang de reclassering dat nodig vindt. De reclassering bepaalt op welke dagen en tijdstippen deze afspraken zijn. Voor de eerste afspraak meldt de verdachte zich binnen drie dagen nadat de proeftijd is ingegaan bij Reclassering Nederland op het adres Polluxstraat 114 in Eindhoven of telefonisch via 088 804 1504;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>zich laat begeleiden door Stichting Jeugdcoach of een soortgelijke zorgverlener, te bepalen door de reclassering. De begeleiding start zo snel mogelijk en duurt de gehele proeftijd of zoveel korter als de reclassering nodig vindt;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>op geen enkele wijze – direct of indirect – contact heeft of zoekt met [aangever] , geboren op [geboortedatum] 1998;</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>waarbij de gecertificeerde instelling Reclassering Nederland, opdracht wordt gegeven als bedoeld in artikel 77aa van het Wetboek van Strafrecht toezicht te houden op de naleving van de voorwaarden en de verdachte ten behoeve daarvan te begeleiden;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>beveelt dat de bijzondere waarden en het toezicht door de reclassering <emphasis role="bold">dadelijk uitvoerbaar </emphasis>zijn:</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <para>- veroordeelt de verdachte tot een <emphasis role="bold">taakstraf (in de vorm van een werkstraf)</emphasis> van <emphasis role="bold">200 uur</emphasis>;</para>
    <para>- beveelt dat voor het geval de verdachte de taakstraf niet of niet naar behoren verricht de taakstraf wordt vervangen door 100 dagen jeugddetentie; </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">beslag (feit 1 primair en feit 2 primair)</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart de telefoon (G860438) verbeurd;</para>
    <para>- verklaart de volgende voorwerpen onttrokken aan het verkeer:</para>
    <para>munitie, patroonhouders, wapendoos en boekje;</para>
    <para>- verklaart de volgende voorwerpen onttrokken aan het verkeer:</para>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>patroonhouders (G3589342 en G860367)</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>munitie (G3589364 en G860365<emphasis role="italic">)</emphasis>; </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>wapendoosje (G860370);</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>boekje wapen (G860368)</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">vordering tot schadevergoeding van benadeelde partij [aangever] (feit 1 primair en feit 2 primair)</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>wijst de vordering van [aangever] gedeeltelijk toe tot een bedrag van € 34.000,-, bestaande uit € 32.500,- aan materiële schade en € 1.500,- aan immateriële schade; </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>veroordeelt de verdachte hoofdelijk tot betaling aan [aangever] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 29 mei 2025 tot de dag van volledige betaling; </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>verklaart  [aangever] voor wat betreft het meer gevorderde niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering voor dat deel kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter; </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>veroordeelt de verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil; </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>legt aan de verdachte de hoofdelijke verplichting op ten behoeve van [aangever] aan de Staat € 34.000,- te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 29 mei 2025 tot de dag van volledige betaling, bij niet betaling aan te vullen met 171 dagen gijzeling;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>bepaalt dat de verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij en/of (een van) zijn mededader(s) op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed; </para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">voorlopige hechtenis </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- heft op het geschorste bevel tot voorlopige hechtenis.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. O. Böhmer, voorzitter, mr. C.S.K. Fung Fen Chung en mr. S.E. Garvelink, rechters, in tegenwoordigheid van mr. G.S.M. van Duinkerken als griffier en is in het openbaar uitgesproken op 21 juli 2026. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Bijlage I: De tenlastelegging </emphasis>
      </para>
      <para>Aan de verdachte is na wijziging van de tenlastelegging ten laste gelegd dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>1</para>
      <para>hij op of omstreeks 29 mei 2025 te Utrecht tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en/of bedreiging met geweld  [aangever] heeft gedwongen tot de afgifte van cryptovaluta ter waarde van ongeveer 30.000 dollar, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan die [aangever] en/of een derde toebehoorde(n) door</para>
    </parablock>
    <para>- die [aangever] mee te laten lopen naar een steeg en/of een bedrijventerrein,</para>
    <para>- tegen [aangever] te zeggen: “ik moet je omleggen in de naam van je broer”, althans woorden van gelijke aard of strekking, en/of</para>
    <para>- aan die [aangever] blijk te geven van kennis over zijn privé-gegevens, zoals de namen en/of adresgegevens van die [aangever] en/of diens vriendin, en/of diens ouders en/of diens schoonouders en/of de adresgegevens van de vakantiewoning van die [aangever] in Mexico;</para>
    <para>- een pistool, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, op het hoofd,</para>
    <para>althans het lichaam van die [aangever] te zetten en/of te richten en/of</para>
    <para>- tegen die [aangever] te zeggen dat dat hij geld moest overmaken en/of de app Metamask en/of Telegram moest openen en/of (vervolgens) cryptovaluta moest overboeken,</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        [medeverdachte 2] , [verdachte] , [medeverdachte 1] en/of een of meer (onbekend gebleven) personen op of omstreeks 29 mei 2025 te Utrecht, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en/of bedreiging met geweld [aangever] heeft gedwongen tot de afgifte van cryptovaluta ter waarde van ongeveer 30.000 dollar, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan die [aangever] en/of een derde toebehoorde(n), door</para>
    </parablock>
    <para>- die [aangever] mee te laten lopen naar een steeg en/of een bedrijventerrein,</para>
    <para>- tegen [aangever] te zeggen: “ik moet je omleggen in de naam van je broer”, althans woorden van gelijke aard of strekking, en/of</para>
    <para>- aan die [aangever] blijk te geven van kennis over zijn privé-gegevens, zoals de namen en/of adresgegevens van die [aangever] en/of diens vriendin, en/of diens ouders en/of diens schoonouders en/of de adresgegevens van de vakantiewoning van die [aangever] in Mexico;</para>
    <para>- een pistool, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, op het hoofd,</para>
    <para>althans het lichaam van die [aangever] te zetten en/of te richten en/of</para>
    <para>- tegen die [aangever] te zeggen dat dat hij geld moest overmaken en/of de app Metamask en/of Telegram moest openen en/of (vervolgens) cryptovaluta moest overboeken,</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>bij en/of tot het plegen van welk misdrijf verdachte op of omstreeks 29 mei 2025 te  Utrecht, opzettelijk behulpzaam is geweest en/of opzettelijk gelegenheid, middelen en/of inlichtingen heeft verschaft door</para>
    </parablock>
    <para>- bij [A] en [medeverdachte 1] (zijnde de metgezellen van die [aangever] ) te blijven staan, en daarmee te beletten dat zij zich bij die [aangever] konden voegen op het moment dat de afpersing plaatsvond, en/of (vervolgens)</para>
    <para>- tegen die [A] en [medeverdachte 1] te zeggen dat ze niet naar hem, verdachte, mochten kijken en/of dat ze rustig moesten blijven en/of dat hij, verdachte, wist wie [A] en/of [medeverdachte 1] waren en waar zijn/hun ouders woonden, althans woorden en/of gedragingen van gelijke aard of strekking, en/of (vervolgens)</para>
    <para>- een of meer telefoon(s) van die [A] en/of [medeverdachte 1] in te nemen en deze op een auto te leggen, waarbij tegen die [A] en [medeverdachte 1] werd gezegd dat zij tien minuten moesten wachten, en daarmee te beletten dat die [A] en/of [medeverdachte 1] de politie kon(den) alarmeren.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>2</para>
      <para>hij op of omstreeks 29 mei 2025 te Utrecht tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, ter uitvoering van het door verdachte en/of zijn mededader(s) voorgenomen misdrijf om met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en/of bedreiging met geweld [aangever] te dwingen tot de afgifte van cryptovaluta ter waarde van ongeveer 100.000 euro, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan die [aangever] en/of een derde toebehoorde(n),</para>
    </parablock>
    <para>- tegen die [aangever] heeft gezegd (nog) minimaal 100.000 euro te willen zien en/of dat die [aangever] een uur heeft om dit te regelen en/of</para>
    <para>- tegen die [aangever] heeft gezegd dat hij niet naar de politie mag gaan, er mensen bij zijn woning staan en/of dat hij wordt omgelegd als hij niet meewerkt,</para>
    <para>terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        [medeverdachte 2] , [verdachte] , [medeverdachte 1] en/of een of meer (onbekend gebleven) personen, op of omstreeks 29 mei 2025 te Utrecht, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, ter uitvoering van het door verdachte en/of zijn mededader(s) voorgenomen misdrijf om met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en/of bedreiging met geweld [aangever] te dwingen tot de afgifte van cryptovaluta ter waarde van ongeveer 100.000 euro, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan die [aangever] en/of een derde toebehoorde(n),</para>
    </parablock>
    <para>- tegen die [aangever] heeft gezegd (nog) minimaal 100.000 euro te willen zien en/of dat die [aangever] een uur heeft om dit te regelen en/of</para>
    <para>- tegen die [aangever] heeft gezegd dat hij niet naar de politie mag gaan, er mensen bij zijn woning staan en/of dat hij wordt omgelegd als hij niet meewerkt,</para>
    <para>terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>bij en/of tot het plegen van welk misdrijf verdachte op of omstreeks 29 mei 2025 te</para>
      <para>Utrecht, opzettelijk behulpzaam is geweest en/of opzettelijk gelegenheid, middelen</para>
      <para>en/of inlichtingen heeft verschaft door</para>
    </parablock>
    <para>- bij [A] en [medeverdachte 1] (zijnde de metgezellen van die [aangever] ) te blijven staan, en daarmee te beletten dat zij zich bij die [aangever] konden voegen op het moment dat de afpersing plaatsvond, en/of (vervolgens)</para>
    <para>- tegen die [A] en [medeverdachte 1] te zeggen dat ze niet naar hem, verdachte, mochten kijken en/of dat ze rustig moesten blijven en/of dat hij, verdachte, wist wie [A] en/of [medeverdachte 1] waren en waar zijn/hun ouders woonden, althans woorden en/of gedragingen van gelijke aard of strekking, en/of (vervolgens)</para>
    <para>- een of meer telefoon(s) van die [A] en/of [medeverdachte 1] in te nemen en deze op een auto te leggen, waarbij tegen die [A] en [medeverdachte 1] werd gezegd dat zij tien minuten moesten wachten, en daarmee te beletten dat die [A] en/of [medeverdachte 1] de politie kon(den) alarmeren.</para>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Bijlage II: Bewijsmiddelen</emphasis>
        <footnote-ref linkend="_79a52dfc-5db1-4bcd-995a-e46c91269629" />
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Er zijn meerdere feiten bewezen verklaard. De bewijsmiddelen worden alleen gebruikt voor het feit of de feiten waarover deze gaan.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Een proces-verbaal van aangifte door [aangever] , voor zover inhoudende:</emphasis>
      </para>
      <para>Op 29 mei 2025 was ik in Utrecht met [medeverdachte 1] (<emphasis role="italic">de rechtbank begrijpt: medeverdachte [medeverdachte 1] ) </emphasis>en [A] (<emphasis role="italic">de rechtbank begrijpt: [A] ) </emphasis>om te bowlen. Toen ik om 23:22 uur naar de auto liep hoorde ik dat iemand mijn naam riep en zag ik drie personen.<footnote-ref linkend="_89650a60-fb5b-454f-8013-d888c9a02d05" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ik hoorde dat NN1 zei dat ik met hem mee moest lopen. Ik hoorde dat NN1 zei dat NN2 moest meelopen en NN3 bij mijn vrienden moest blijven staan. Ik zag dat NN2 meeliep met mij. Ik liep richting een steeg. Ik hoorde dat NN1 zei dat ik met hem dingen moest bespreken. Dit had te maken met mijn broer en dat dit [B] was. Ik liep samen met NN1 en NN2 het bedrijventerrein op. Ik hoorde dat NN1 zei: “ik moet je omleggen in de naam van je broer”. Ik hoorde dat NN1 zei dat hij heel veel informatie had over mijn privéleven: de namen, geboortedatums en adresgegevens van mijn ouders, voor- en achternaam van mijn vriendin, mijn adresgegevens in Nederland en de adresgegevens van mijn vakantiewoning in Mexico.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tijdens dit gesprek had hij een telefoon vast. Ik zag dat hij uit deze telefoon veel informatie aan het oplezen was. Gedurende dit gesprek liepen we steeds het bedrijventerrein op. NN1 en NN2 liepen gedurende deze tijd met mij mee.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ik hoorde dat NN1 zei dat hij geld wilde zien. Ik hoorde dat hij zei dat ik de app 'Metamask' moest openen.<footnote-ref linkend="_c60916b5-c68b-4d3d-9790-109a46163e4a" /> Ik zei tegen NN1 dat ik op het platform Telegram meer vermogen had dan dat ik had op de app Metamask. Ik startte de app Telegram op. Ik had op Telegram ongeveer voor 30.000 dollar aan waarde staan. Ik gaf mijn telefoon aan NN1. NNl moest adresgegevens hebben om het geld naar hem toe te sturen. Ik moest transacties opmaken en versturen naar de Trust wallet van NN1. NN1 had net Telegram aangemaakt. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ik hoorde dat NN1 zei dat dit niet genoeg was. Ik hoorde dat NN1 minimaal nog 100.000 euro wilde zien. Ik hoorde NN1 zeggen dat ik dit binnen een uur moest gaan regelen. Ik hoorde NN1 zeggen dat ik  geen gekke dingen in me hoofd moest halen en dat ik geen politie moest bellen. Ik hoorde dat NN1 zei dat hij mensen bij mijn huis zou staan en dat hij mij zou omleggen als ik de politie erbij haal.</para>
      <para>Gedurende dit gesprek zei ik tegen NN2 dat als ik het geld zou overmaken dat zei mij</para>
      <para>alsnog om konden leggen. Ik hoorde NN2 zeggen dat ik gewoon moest doen wat ze</para>
      <para>vroegen. Ik hoorde dat NN2 zei dat als ik gewoon meewerkte dat mij niks zou</para>
      <para>overkomen.</para>
      <para>Ik hoorde dat NN1 tegen NN2 zei dat hij NN3 en [medeverdachte 1] en [A] moest halen. Ik hoorde dat NNl zei dat [medeverdachte 1] en [A] hun mobiele telefoons moest inleveren en dat NN1 NN2 en NN3 wegliepen met de telefoons. Ik ben na 5 minuten met [medeverdachte 1] en [A] naar onze voertuigen gelopen. Ik zag dat de telefoons van [medeverdachte 1] en [A] op [A] auto lagen.<footnote-ref linkend="_536556ee-4149-4865-839e-324fb38279d0" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Een proces-verbaal van uitkijken van de camerabeelden, voor zover inhoudende:</emphasis>
      </para>
      <para>Naar aanleiding van de aangifte van [aangever] werden camerabeelden van de plaats delict gevorderd. Alle in dit proces-verbaal opgenomen beelden werden vastgelegd op 29 mei 2025.<footnote-ref linkend="_d283aa89-aa6f-482a-9215-356102f0cf91" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>23:23:35: ik zag dat drie personen het pand van [horeca gelegenheid] uit kwamen lopen.</para>
      <para>23:23:30: ik zag dat [medeverdachte 2] uit zijn voertuig stapte en in een rechte lijn naar [aangever] liep.<footnote-ref linkend="_210e0c5f-47c9-49ee-a664-31b5cb33c7d7" /> [aangever] loopt met [medeverdachte 2] mee. Terwijl [medeverdachte 2] loopt lijkt hij een handgebaar te maken in de richting van [medeverdachte 3] en [verdachte] . [medeverdachte 3] en [verdachte] blijven bij [A] en [medeverdachte 1] staan.<footnote-ref linkend="_d85875d6-0dab-4a2d-8aa0-7d3655fc973f" /></para>
      <para>23:24:40: ik zag dat [medeverdachte 2] een handgebaar maakte dat [aangever] tot meelopen aanzette.<footnote-ref linkend="_ca662ccd-4a9c-4fe7-8f86-9223d0c64ae9" /></para>
      <para>23:25:45: ik zag dat [medeverdachte 3] een handgebaar maakte en dat [verdachte] vervolgens zijn kant op liep. Beiden liepen ze in de richting van [medeverdachte 2] en [aangever] . Tijdens het lopen zag ik dat [medeverdachte 3] zijn capuchon opzette.</para>
      <para>23:25:37: Ik zag dat [medeverdachte 3] zich bij [aangever] en [medeverdachte 2] voegde. Ik zag dat [aangever] naar achteren bewoog terwijl [medeverdachte 3] en [medeverdachte 2] richting [aangever] liepen.</para>
      <para>Opmerking verbalisant: Ik merkte op dat, door de snelheid waarmee [medeverdachte 3] op [aangever] inliep, [aangever] niet veel keus leek te hebben dan mee te bewegen.<footnote-ref linkend="_fbea182b-4a7e-42b6-b709-650cfab69214" /></para>
      <para>23:26:20: ik zag dat [medeverdachte 3] een gebaar maakte met zijn arm in de richting van [verdachte] . Hierna liep [verdachte] terug naar [A] en [medeverdachte 1] .<footnote-ref linkend="_b91284dc-cbfc-479d-a546-d7071d3b8ffa" /></para>
      <para>23:26:39: Ik zag dat [medeverdachte 2] , [aangever] en [medeverdachte 3] met zijn drieën liepen.<footnote-ref linkend="_d21ddda9-ea7e-4d54-baf9-092a78de4c55" /></para>
      <para>23:26:46: [aangever] stond in het midden tussen [medeverdachte 3] en [medeverdachte 2] in. Duidelijk zichtbaar was dat [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] bijna tegen [aangever] aanstonden.<footnote-ref linkend="_996be2c5-2d35-481b-9ae0-b1b896fc5587" /></para>
      <para>23:32:10: Ik zag dat [medeverdachte 3] , [medeverdachte 2] en [aangever] in beeld kwamen. Zichtbaar was dat [medeverdachte 2] in iedere hand één telefoon vasthield. Ik zag dat [aangever] ook een telefoon in zijn hand hield.<footnote-ref linkend="_94cd5b1b-dbf3-4332-8150-6bd6eb318712" /></para>
      <para>23:32:29: Ik zag dat [medeverdachte 2] wegliep en [aangever] bij [medeverdachte 3] stond.<footnote-ref linkend="_b1cf2c11-3db1-4bf4-ad15-8cf3af59fba2" /></para>
      <para>23:41:55: Ik zag dat [medeverdachte 2] naast [aangever] stond. [aangever] had een telefoon in zijn hand.</para>
      <para>23:42:20: Ik zag dat zowel [medeverdachte 2] als [medeverdachte 3] mee keken op de telefoon die [aangever] in zijn handen had.<footnote-ref linkend="_58753bec-f98a-49f1-af97-5c0503fa400e" /></para>
      <para>23:42:53: [medeverdachte 3] ging bijna tegen [aangever] aanstaan.<footnote-ref linkend="_fa8bbe08-9f9e-4961-a2f4-d5e4c529c689" /></para>
      <para>23:50:59: Ik zag dat [medeverdachte 2] liep in de richting van [A] , [medeverdachte 1] en [verdachte] .<footnote-ref linkend="_b7da9f3e-28ff-4744-a076-820ab5f3c8b4" /></para>
      <para>23:51:05: ik zag dat [medeverdachte 2] even bleef staan.  Opmerking verbalisant: Mogelijk dat hij iets roept/zegt of een gebaar maakt. Want terwijl hij daar stond, zag ik op Ch2 dat [verdachte] begon te lopen in zijn richting. </para>
      <para>23:51:56: Ik zag dat [medeverdachte 2] en [verdachte] in de richting van [aangever] en [medeverdachte 3] liepen.<footnote-ref linkend="_b6b583ef-2385-478f-8056-67b119cbea96" /></para>
      <para>23:52:43: Ik zag dat [medeverdachte 3] en [verdachte] beiden sychroon gebarende signalen maken met hun armen. Ook liepen ze in de richting van [A] en [medeverdachte 1] .<footnote-ref linkend="_687808ab-22ec-44f8-93dc-fb410c68a8ae" /></para>
      <para>23:55:51: Ik zag dat [A] en [medeverdachte 1] naar [aangever] liepen.</para>
      <para>23:56:02: Ik zag dat [verdachte] , [medeverdachte 3] en [medeverdachte 2] naar [aangever] , [A] en [medeverdachte 1] toeliepen.</para>
      <para>23:56:10: ik zag dat zowel [A] als [medeverdachte 1] iets aan [medeverdachte 3] en [verdachte] gaven. </para>
      <para>23:56:57: ik zag dat [verdachte] , [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] naar het voertuig van [medeverdachte 2] liepen en iets op het dak van de auto van [A] leggen.<footnote-ref linkend="_a24182af-5339-49f2-9483-b39df263aeef" /></para>
      <para>23:59:18: [aangever] , [A] en [medeverdachte 1] liepen richting hun voertuigen.<footnote-ref linkend="_b36643f2-e452-4a2c-9834-f66fb2bdfda6" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Proces-verbaal van de transactie-hashes en adressen van de crypto overboekingen van de afpersing door aangever, voor zover inhoudende:</emphasis>
      </para>
      <para>Uit analyse van de transacties bleek dat er op 29 mei 2025 tussen 23:43 en 23:47 (UTC+2) in totaal 10,4 Ether, ter waarde van $27.505,44 USD, werd overgemaakt van vijf adressen naar het adres van de afperser: [adrescode 1] op de Ethereum-blockchain. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ook werd er op 29 mei 2025 tussen 23:49 uur en 23:50 uur (UTC+2) in totaal 17 Binance Coin (BNB), ter waarde van $11.540,25 (USD) overgemaakt naar het adres van de afperser: [adrescode 1] op de Binance Smart Chain blockchain.<footnote-ref linkend="_9ad4a276-c778-4baa-9cc4-40d228605b2e" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>In totaal werd er op 29 mei 2025 tussen 23:43 uur en 23:50 uur (UTC+2) in acht transacties voor $39.045,69 (USD) aan crypto currency overgemaakt naar het adres</para>
      <para>
        [adrescode 1] .<footnote-ref linkend="_cb1e647f-0a33-4b21-9fe4-6aeb8d081550" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Een proces-verbaal van screenshots Telegram-chats op de telefoon van aangever, voor zover inhoudende:</emphasis>
      </para>
      <para>Tijdens de afpersing had de afperser het wallet-adres waarnaar hij de gelden moest overmaken per Telegram-bericht gestuurd. Van deze berichten maakte [aangever] screenshots. Ik werkte de berichten in de screenshots uit in tabel 1. Ik zag dat de tijdstippen van de berichten aansloten bij de verklaring van [aangever] . Ik zag het gedeelde wallet-adres overeenkwam met het wallet-adres dat gebruikt werd door de afperser. Ik zag dat [aangever] in zijn berichten alleen zei ermee bezig te zijn en dat <emphasis role="italic">[accountnaam 1]</emphasis> doorlopend druk uitoefende omdat er schijnbaar niets gebeurde.</para>
    </parablock>
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry>
              <para>
                <emphasis role="bold">Datum en tijd</emphasis>
              </para>
            </entry>
            <entry>
              <para>
                <emphasis role="bold">Gebruiker</emphasis>
              </para>
            </entry>
            <entry>
              <para>
                <emphasis role="bold">Bericht</emphasis>
              </para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>29 mei 2025 </para>
              <para>23:42 uur</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>
                [accountnaam 1]
              </para>
            </entry>
            <entry>
              <para>
                [adrescode 1]
              </para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>29 mei 2025 </para>
              <para>23:48 uur</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>
                [accountnaam 1]
              </para>
            </entry>
            <entry>
              <para>
                [adrescode 1]
              </para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>30 mei 2025<?linebreak?>00:12 uur</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>
                [accountnaam 1]
              </para>
            </entry>
            <entry>
              <para>Waar blijf die bro</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>30 mei 2025<?linebreak?>00:17 uur</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>
                [accountnaam 2]
              </para>
            </entry>
            <entry>
              <para>Ben er mee Bezig</para>
              <para>Stuur je solana wallet</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>30 mei 2025<?linebreak?>00:20 uur</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>
                [accountnaam 1]
              </para>
            </entry>
            <entry>
              <para>
                [adrescode 2]
                <?linebreak?>SNEL BRO</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>30 mei 2025<?linebreak?>00:23 uur</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>
                [accountnaam 2]
              </para>
            </entry>
            <entry>
              <para>Bro ik ben er mee bezig</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>30 mei 2025<?linebreak?>00:23 uur</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>
                [accountnaam 1]
              </para>
            </entry>
            <entry>
              <para>Tempo</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>30 mei 2025<?linebreak?>00:27 uur</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>
                [accountnaam 1]
              </para>
            </entry>
            <entry>
              <para>Bro</para>
              <para>Schiet op</para>
              <para>Ik zie niks</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>30 mei 2025<?linebreak?>00:31 uur</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>
                [accountnaam 1]
              </para>
            </entry>
            <entry>
              <para>Bro ik geef je letterlijk 3 min<?linebreak?>Je speelt kk spelletjes</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>30 mei 2025<?linebreak?>00:33 uur</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>
                [accountnaam 1]
              </para>
            </entry>
            <entry>
              <para>Bro je maakt grapjes<?linebreak?>Begin te sturem want ik zie niks<footnote-ref linkend="_c71d6739-4539-4626-ae3f-904e967fc80e" /></para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>30 mei 2025<?linebreak?>00:36 uur</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>
                [accountnaam 1]
              </para>
            </entry>
            <entry>
              <para>Je moet echt beginnen nu</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>30 mei 2025<?linebreak?>00:36 uur</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>
                [accountnaam 2]
              </para>
            </entry>
            <entry>
              <para>Doe ik</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>30 mei 2025<?linebreak?>00:36 uur</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>
                [accountnaam 1]
              </para>
            </entry>
            <entry>
              <para>Nu<footnote-ref linkend="_388f7475-c1f2-45d2-8b8e-7b89566961d0" /></para>
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Een proces-verbaal van onderzoek aan de telefoon van de verdachte, voor zover inhoudende:</emphasis>
      </para>
      <para>Ik trof op de iphone 12 mini, die bij [medeverdachte 2] werd aangetroffen tijdens zijn aanhouding, een afbeelding van een briefje aan en zag dat bovenaan het briefje de naam van aangever stond. Ik zag dat er op het briefje verschillende namen van familieleden van [aangever] stonden, namelijk: naam van de vader, broer, vader vriendin, broer vriendin, moeder vriendin, stiefzus vriendin en de naam van de vriendin van [aangever] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ook zag ik dat het adres van de ouders van [aangever] , schoonouders van [aangever] en het woonadres van [aangever] op het briefje stonden.<footnote-ref linkend="_c7486f3e-3bca-4b4c-b615-7c42342292d1" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Een proces-verbaal van de verklaring van [A] , voor zover inhoudende:</emphasis>
      </para>
      <para>Toen wij alleen stonden met die jongen naast ons, bedreigde hij ons best wel vaak. Toen wij mee moesten lopen bedreigde ze ons steeds. We weten waar je wonen en je familie. We moesten onze telefoons inleveren en wachten voordat we terug mochten naar de auto.<footnote-ref linkend="_6d0748cc-aeda-47a7-b414-c19fbb5c07b8" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>V: Wat vertellen ze jullie?<?linebreak?>A: Niet naar me kijken<emphasis role="bold">. </emphasis>Af en toe bedreigingen<emphasis role="bold">. </emphasis></para>
      <para>V: Waar bestonden bedreigingen uit?</para>
      <para>A: Ik weet wie je bent. Ik weet waar je ouders wonen.<footnote-ref linkend="_62c4bcef-29ab-41c4-81df-e4474944169e" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Verklaring van de verdachte in de raadkamer op 3 juli 2025, voor zover inhoudende:</emphasis>
      </para>
      <para>Ik was erbij. We zouden iemand ontmoeten en ik moest bij twee jongens gaan staan.<footnote-ref linkend="_3647e72d-e1b7-4003-ac2c-8edeb274f3e0" /> Ik had gezien wat er met de telefoons van de jongens is gebeurd. Die zijn inderdaad op het dak van de auto gelegd.<footnote-ref linkend="_47750482-d70f-4d98-a36c-2e76eded25b3" /></para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <footnote id="_5a108659-b491-4ee6-9faa-3f21561ca5aa" label="1">
    <para> Bedreigende situaties die gepaard gaan met diefstal (art. 312 Sr) en/of afpersing (art. 317 Sr).</para>
  </footnote>
  <footnote id="_79a52dfc-5db1-4bcd-995a-e46c91269629" label="2">
    <para>
      <emphasis role="italic">Wanneer hierna wordt verwezen naar dossierpagina’s, zijn dit pagina’s uit het dossier van politie eenheid Midden-Nederland met proces-verbaalnummer PL0900-2025177246, doorgenummerd pagina 1 tot en met 757. Tenzij hieronder anders wordt vermeld, wordt steeds verwezen naar bladzijden van een in de wettelijke vorm, door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren, opgemaakt proces-verbaal. Voor zover het gaat om geschriften als bedoeld in artikel 344 eerste lid onder 5 van het Wetboek van Strafvordering worden deze alleen gebruikt in verband met de inhoud van andere bewijsmiddelen. Alle opgenomen bewijsmiddelen zijn zakelijk weergegeven.</emphasis>
    </para>
  </footnote>
  <footnote id="_89650a60-fb5b-454f-8013-d888c9a02d05" label="3">
    <para> Pagina 52.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_c60916b5-c68b-4d3d-9790-109a46163e4a" label="4">
    <para> Pagina 53.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_536556ee-4149-4865-839e-324fb38279d0" label="5">
    <para> Pagina 54.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_d283aa89-aa6f-482a-9215-356102f0cf91" label="6">
    <para> Pagina 135.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_210e0c5f-47c9-49ee-a664-31b5cb33c7d7" label="7">
    <para> Pagina 143.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_d85875d6-0dab-4a2d-8aa0-7d3655fc973f" label="8">
    <para> Pagina 144.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_ca662ccd-4a9c-4fe7-8f86-9223d0c64ae9" label="9">
    <para> Pagina 144.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_fbea182b-4a7e-42b6-b709-650cfab69214" label="10">
    <para> Pagina 147.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_b91284dc-cbfc-479d-a546-d7071d3b8ffa" label="11">
    <para> Pagina 148.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_d21ddda9-ea7e-4d54-baf9-092a78de4c55" label="12">
    <para> Pagina 149.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_996be2c5-2d35-481b-9ae0-b1b896fc5587" label="13">
    <para> Pagina 150.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_94cd5b1b-dbf3-4332-8150-6bd6eb318712" label="14">
    <para> Pagina 152.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_b1cf2c11-3db1-4bf4-ad15-8cf3af59fba2" label="15">
    <para> Pagina 153.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_58753bec-f98a-49f1-af97-5c0503fa400e" label="16">
    <para> Pagina 155.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_fa8bbe08-9f9e-4961-a2f4-d5e4c529c689" label="17">
    <para> Pagina 156.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_b7da9f3e-28ff-4744-a076-820ab5f3c8b4" label="18">
    <para> Pagina 160.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_b6b583ef-2385-478f-8056-67b119cbea96" label="19">
    <para> Pagina 161.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_687808ab-22ec-44f8-93dc-fb410c68a8ae" label="20">
    <para> Pagina 162.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_a24182af-5339-49f2-9483-b39df263aeef" label="21">
    <para> Pagina 166.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_b36643f2-e452-4a2c-9834-f66fb2bdfda6" label="22">
    <para> Pagina 167.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_9ad4a276-c778-4baa-9cc4-40d228605b2e" label="23">
    <para> Pagina 296.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_cb1e647f-0a33-4b21-9fe4-6aeb8d081550" label="24">
    <para> Pagina 297.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_c71d6739-4539-4626-ae3f-904e967fc80e" label="25">
    <para> Pagina 208.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_388f7475-c1f2-45d2-8b8e-7b89566961d0" label="26">
    <para> Pagina 209.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_c7486f3e-3bca-4b4c-b615-7c42342292d1" label="27">
    <para> Pagina 240.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_6d0748cc-aeda-47a7-b414-c19fbb5c07b8" label="28">
    <para> Pagina 485.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_62c4bcef-29ab-41c4-81df-e4474944169e" label="29">
    <para> Pagina 486.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_3647e72d-e1b7-4003-ac2c-8edeb274f3e0" label="30">
    <para> Een proces-verbaal van het verhoor in raadkamer op 3 juli 2025, p. 1.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_47750482-d70f-4d98-a36c-2e76eded25b3" label="31">
    <para> Een proces-verbaal van het verhoor in raadkamer op 3 juli 2025, p. 2.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>