<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBMNE:2025:6598</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-12-19T13:30:05</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-12-11</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Midden-Nederland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Midden-Nederland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-11-17</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">UTR 25/4402</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#voorlopigeVoorziening">Voorlopige voorziening</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Utrecht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht">Bestuursrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2025:6598">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2025:6598</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-12-19T13:29:41</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-12-19</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBMNE:2025:6598 Rechtbank Midden-Nederland , 17-11-2025 / UTR 25/4402</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBMNE:2025:6598:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Vovo buiten zitting. Verzoeksters aanvraag om een exploitatievergunning is buiten behandeling gesteld omdat zij niet alle gevraagde informatie heeft verstrekt. Verzoekster wil tijdens de bezwaarprocedure haar bedrijf openen. Materiële connexiteit ontbreekt.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBMNE:2025:6598:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <para>
    <emphasis role="bold">RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND</emphasis>
  </para>
  <parablock>
    <para>Bestuursrecht</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>zaaknummer: UTR 25/4402</para>
  </parablock>
  <section>
    <title>
      <?linebreak?>uitspraak van de voorzieningenrechter van 17 november 2025 in de zaak tussen</title>
    <para>
      <?linebreak?>
      <emphasis role="bold">
        [verzoekster] , h.o.d.n. [handelsnaam] '</emphasis>, uit [plaats] , verzoekster</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>de burgemeester van de gemeente Woerden </title>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Inleiding</title>
    <para />
    <orderedlist numeration="arabic">
      <listitem>
        <para>In deze uitspraak beslist de voorzieningenrechter op het verzoek om een voorlopige voorziening van verzoekster. Verzoekster heeft een aanvraag gedaan om een exploitatievergunning voor [horeca gelegenheid] ’ in Woerden. De burgemeester heeft die aanvraag in het besluit van 27 juni 2025 (het bestreden besluit) buiten behandeling gesteld, omdat volgens hem noodzakelijke informatie om een Bibob-onderzoek te kunnen starten, wat nodig is voor een beoordeling van de aanvraag, ontbreekt. Verzoekster heeft hiertegen bezwaar gemaakt. Zij stelt dat zij alle gevraagde informatie wel heeft verstrekt.<?linebreak?></para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>Het oordeel van de voorzieningenrechter heeft een voorlopig karakter en bindt de rechtbank in een (eventueel) bodemgeding niet.</para>
      </listitem>
    </orderedlist>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>Omdat het verzoek kennelijk niet-ontvankelijk is doet de voorzieningenrechter uitspraak zonder zitting. Artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) maakt dat mogelijk. De voorzieningenrechter legt hierna uit waarom het verzoek kennelijk niet-ontvankelijk is.<?linebreak?><emphasis role="bold">Beoordeling door de voorzieningenrechter</emphasis><?linebreak?></para>
      <para>3. Uit artikel 8:81 van de Awb volgt dat een verzoek om een voorlopige voorziening moet voldoen aan de vereisten van formele en materiële connexiteit. Niet alleen is voor een ontvankelijk verzoek om een voorlopige voorziening nodig dat tegen een besluit bezwaar is gemaakt bij het bestuursorgaan of beroep is ingesteld bij de bestuursrechter (de formele connexiteit), ook moet wat verzoekster met haar verzoek wil bereiken betrekking hebben op de inhoud van dat bestreden besluit (de materiële connexiteit).<footnote-ref linkend="_68f157a8-e3ff-48a6-98ec-d5fd86326aca" /><?linebreak?></para>
      <para>4. In haar verzoek om voorlopige voorziening vraagt verzoekster de voorzieningenrechter om te bepalen dat de burgemeester, totdat hij op het bezwaar van verzoekster heeft beslist, moet gedogen dat haar restaurant open is. <?linebreak?></para>
      <para>5. De voorzieningenrechter oordeelt dat dit verzoek niet voldoet aan het hiervoor genoemde vereiste van materiële connexiteit, omdat wat verzoekster wil bereiken geen betrekking heeft op de inhoud van het bestreden besluit. Het bestreden besluit gaat alleen over het buiten behandeling stellen van een aanvraag om een exploitatievergunning. Met het verzoek om een voorlopige voorziening kan dus uitsluitend worden bereikt dat de burgemeester de aanvraag alsnog in behandeling neemt. <?linebreak?></para>
      <para>6. Verzoekster kan met dit verzoek om een voorlopige voorziening niet bereiken dat de burgemeester wordt opgedragen om aan haar de gevraagde exploitatievergunning nu al te verlenen of om de exploitatie van het restaurant tijdelijk te gedogen, want dat is te ver verwijderd van de inhoud van het bestreden besluit. Er is dus, anders dan verzoekster aanneemt, geen ruimte voor een voorziening die inhoudt dat het restaurant (tijdens de bezwaarprocedure) open mag zijn. Daarmee is dus niet voldaan aan het vereiste van materiële connexiteit.<footnote-ref linkend="_16272ab9-96cb-4295-a5a7-a07d264aa002" /><?linebreak?></para>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>Conclusie en gevolgen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>7. Het verzoek is kennelijk niet-ontvankelijk. Dat betekent dat de voorzieningenrechter het verzoek niet inhoudelijk beoordeelt. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.<?linebreak?><emphasis role="bold">Beslissing</emphasis></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De voorzieningenrechter verklaart het verzoek om voorlopige voorziening niet-ontvankelijk.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze uitspraak is gedaan door mr.  I. Helmich, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. M.E.C. Bakker, griffier.</para>
      <para>Uitgesproken in het openbaar op 17 november 2025.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="2">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <tbody>
          <row>
            <entry>
              <para>griffier</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>voorzieningenrechter</para>
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <bridgehead>Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open. </bridgehead>
  <footnote id="_68f157a8-e3ff-48a6-98ec-d5fd86326aca" label="1">
    <para> Zie bijvoorbeeld de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 2 april 2024, ECLI:NL:RVS:2024:1338, onder r.o. 5.2.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_16272ab9-96cb-4295-a5a7-a07d264aa002" label="2">
    <para> Vgl. de uitspraak van deze rechtbank van 21 augustus 2025, ECLI:NL:RBMNE:2025:4829.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>