<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBMNE:2025:6452</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-12-02T14:26:03</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-12-01</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Midden-Nederland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Midden-Nederland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-12-02</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">16/209115-24</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Utrecht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2025:6452">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2025:6452</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-12-02T14:22:53</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-12-02</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBMNE:2025:6452 Rechtbank Midden-Nederland , 02-12-2025 / 16/209115-24</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBMNE:2025:6452:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>De rechtbank oordeelt dat er sprake is van voldoende wettig en overtuigend bewijs dat de verdachte samen met anderen heeft geprobeerd om de ALDI te overvallen. De rechtbank past het volwassenstrafrecht toe en weegt strafverzwarend mee dat er sprake was van medeplegen. Gelet op de persoonlijke omstandigheden van de verdachte en het advies van de reclassering is de rechtbank van oordeel dat de verdachte niet terug hoeft naar de gevangenis. Wel vindt de rechtbank, gelet op de ernst van het feit, het belangrijk dat de verdachte een forse voorwaardelijke gevangenisstraf boven het hoofd hangt en dat hij een forse taakstraf gaat verrichten. De rechtbank legt daarom een gevangenisstraf op voor de duur van 365 dagen, met aftrek van het voorarrest, waarvan 294 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren. Ook zal de rechtbank de bijzondere voorwaarden opleggen zoals geadviseerd door de reclassering. Daarnaast legt de rechtbank aan de verdachte een taakstraf van 240 uren op.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBMNE:2025:6452:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND</bridgehead>
    <para>Strafrecht </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats: Utrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 16/209115-24</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegenspraak</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van de meervoudig kamer van 2 december 2025 in de strafzaak van:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        [verdachte] ,</para>
      <para>geboren op [2005] in [geboorteplaats] , </para>
      <para>adres: [adres 1] , [postcode 1] in [plaats] ,</para>
      <para>hierna: de verdachte.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Zitting</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De strafzaak van de verdachte is inhoudelijk behandeld op de openbare zitting van </para>
      <para>18 november 2025. De zaak is tegelijkertijd, maar niet gevoegd, behandeld met de zaak tegen medeverdachte [medeverdachte 1] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op de zitting waren aanwezig:</para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>de verdachte;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de officier van justitie: mr. S.K. Lanning-Stein;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de advocaat van de verdachte: mr. J.M. Keizer.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Tenlastelegging <?linebreak?></title>
    <para>De officier van justitie beschuldigt de verdachte ervan dat hij, samengevat:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>op 21 juni 2024 in vereniging heeft geprobeerd om een geldbedrag van de ALDI weg te nemen en daarbij heeft gedreigd met geweld en geweld heeft gebruikt door:<?linebreak?>- aan [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] een mes te tonen,<?linebreak?>- met een mes richting [slachtoffer 1] te wijzen, althans een mes richting die [slachtoffer 1] te bewegen<?linebreak?>- tegen [slachtoffer 1] te zeggen: "liggen op de vloer" en/of "jouw collega moet meewerken, zeg tegen jouw collega dat hij meewerkt", althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking,<?linebreak?>- [slachtoffer 2] te duwen en/of<?linebreak?>- de handen en/of polsen van [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] op zijn/hun rug vast te binden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De volledige tekst van de beschuldiging staat in bijlage I bij dit vonnis.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Bewijs </title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Standpunt van de officier van justitie</emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie stelt zich op het standpunt dat kan worden bewezen dat de verdachte het feit heeft gepleegd. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Standpunt van de verdediging</emphasis>
        </para>
        <para>De advocaat van de verdachte heeft aangevoerd dat er geen sprake was van geweld, omdat er geen serieuze verwondingen zijn veroorzaakt bij de medewerkers en de poging tot overval slechts een aantal minuten heeft geduurd. De advocaat voert verder geen verweer over het bewijs, omdat de verdachte het feit heeft bekend.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Oordeel van de rechtbank</emphasis>
        </para>
        <para>De verdachte bekent dat hij het feit heeft gepleegd, zoals dit hieronder bewezen is verklaard. </para>
        <para>Door de advocaat van de verdachte is ook niet om vrijspraak van dat feit gevraagd. In die situatie hoeft de rechtbank niet de inhoud van de bewijsmiddelen op te schrijven. De rechtbank noemt daarom alleen de bewijsmiddelen waarop zij haar oordeel baseert: <footnote-ref linkend="_5e6e9d49-05c1-45a8-8fa1-23f33f9892c0" /></para>
      </parablock>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>de bekennende verklaring van de verdachte op de zitting van 18 november 2025;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de aangifte van [slachtoffer 1] van 21 juni 2024;<footnote-ref linkend="_bf8cf58f-a769-41e7-b4d5-a785f37162ae" /></para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para>- de aangifte van [slachtoffer 2] van 22 juni 2024.<footnote-ref linkend="_ff4ccec6-eca1-4d97-942e-27745d5b484d" /></para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Bewezenverklaring </emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank verklaart bewezen dat de verdachte: </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>op 21 juni 2024 te [plaats]<?linebreak?>tezamen en in vereniging met anderen, <?linebreak?>ter uitvoering van het door verdachte en zijn mededaders voorgenomen misdrijf om een<?linebreak?>geldbedrag, dat geheel aan de ALDI, toebehoorde, weg te nemen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen en deze poging diefstal te doen vergezellen van geweld<?linebreak?>en bedreiging met geweld tegen [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] , te plegen met het oogmerk om die voorgenomen diefstal gemakkelijk te maken,<?linebreak?>door in het magazijn van de ALDI:<?linebreak?>- aan die [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] een mes heeft getoond,<?linebreak?>- met een mes richting die [slachtoffer 1] heeft gewezen, althans een mes richting die [slachtoffer 1] heeft bewogen,<?linebreak?>- die [slachtoffer 1] de woorden heeft toegevoegd: "liggen op de vloer" en/of "jouw collega moet<?linebreak?>meewerken, zeg tegen jouw collega dat hij meewerkt", althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking,<?linebreak?>- die [slachtoffer 2] heeft geduwd, en <?linebreak?>- de handen van die [slachtoffer 1] op zijn rug heeft vastgebonden, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid.</para>
        <para>De rest van de tekst van de beschuldiging kan niet worden bewezen. De verdachte wordt daarvan vrijgesproken.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De taal- en/of schrijffouten die in de tekst van de beschuldiging voorkomen zijn in de bewezenverklaring verbeterd. Dit benadeelt de verdachte niet. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>Kwalificatie en strafbaarheid</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <para>
        <emphasis role="underline">Kwalificatie </emphasis>
        <?linebreak?>Het bewezen feit levert het volgende strafbare feit op:</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">poging tot diefstal, vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal gemakkelijk te maken, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen. </emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <para>
        <emphasis role="underline">Strafbaarheid feit en verdachte </emphasis>
        <?linebreak?>Het feit en de verdachte zijn strafbaar.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>Straf </title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>5.1.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Vordering van de officier van justitie</emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie vordert dat het volwassenstrafrecht wordt toegepast en eist dat de verdachte wordt veroordeeld tot:</para>
      </parablock>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>een gevangenisstraf van 365 dagen, met aftrek van het voorarrest, waarvan een gedeelte van 294 dagen voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaren, met als bijzondere voorwaarden de voorwaarden zoals geadviseerd door de reclassering in het rapport van 11 november 2025;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>een taakstraf van 240 uren, te vervangen door 120 dagen gevangenisstraf als de verdachte deze niet of niet goed uitvoert.</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Standpunt van de verdediging</emphasis>
        </para>
        <para>De advocaat van de verdachte verzoekt de rechtbank om een onvoorwaardelijke gevangenisstraf gelijk aan het voorarrest op te leggen, aangevuld met een voorwaardelijk deel en een taakstraf. Indien nodig kan een proeftijd van drie jaar worden opgelegd. De advocaat verzoekt de rechtbank geen aanvullende onvoorwaardelijke gevangenisstraf op te leggen. Als de rechtbank dit wel oplegt, verzoekt de advocaat om een deels voorwaardelijke gevangenisstraf op te leggen waarbij de duur van het onvoorwaardelijk deel niet langer is dan zes maanden. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.3.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Oordeel van de rechtbank</emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank legt aan de verdachte een taakstraf van 240 uren op. Daarnaast legt de rechtbank een gevangenisstraf van 365 dagen op, met aftrek van het voorarrest, waarvan een gedeelte van 294 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren. De rechtbank legt daarbij algemene en bijzondere voorwaarden op, zoals hieronder opgenomen in de beslissing van de rechtbank. De rechtbank zal uitleggen hoe zij tot deze straffen is gekomen. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Bij het bepalen van deze straffen houdt de rechtbank rekening met de ernst van het gepleegde feit en de omstandigheden waaronder de verdachte dit feit heeft gepleegd. Ook weegt de rechtbank het strafblad van de verdachte en zijn persoonlijke omstandigheden mee. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Ernst en omstandigheden van het feit </emphasis>
        </para>
        <para>De verdachte heeft zich samen met anderen schuldig gemaakt aan een poging tot een overval op de ALDI, waarbij onder dreiging van een mes twee aanwezige medewerkers zijn gedwongen hun handen op hun rug te doen, zodat deze konden worden vastgebonden met tie-wraps. Bij één van de medewerkers is het de daders daadwerkelijk gelukt om zijn handen op zijn rug vast te binden. Verder zijn de medewerkers vastgepakt, is één van de twee medewerkers geduwd en is dreigend gezegd dat de medewerkers moesten meewerken.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Door deel te nemen aan dit feit is de verdachte medeverantwoordelijk voor de grote angst die bij de medewerkers van de ALDI is veroorzaakt. Een dergelijke gebeurtenis heeft een grote impact op slachtoffers en kan zelfs leiden tot trauma met langdurige psychische gevolgen. Daarnaast hebben dergelijke misdrijven ook invloed buiten de kring van de direct betrokkenen. Overvallen worden immers als schokkend ervaren door de samenleving.  Hierdoor nemen binnen de samenleving gevoelens van onveiligheid toe. De verdachte stond niet stil bij de gevolgen van zijn daden. Hij heeft enkel gedacht aan het nemen van wraak op de ALDI, omdat hij tegen zijn zin in is overgeplaatst naar een andere vestiging, terwijl zijn mededaders uit waren op geldelijk gewin. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Persoonlijke omstandigheden van de verdachte</emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank heeft gekeken naar het strafblad van de verdachte van 15 mei 2025, waaruit blijkt dat de verdachte niet eerder voor strafbare feiten is veroordeeld. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank heeft ook gekeken naar het rapport van [instelling] van                           11 november 2025. Daarin staat dat de verdachte de schorsing van de voorlopige hechtenis en de begeleiding die hij in dat kader heeft gekregen goed heeft doorlopen. Hij komt zijn afspraken na en heeft een behandeling gevolgd. Ook volgt hij een opleiding, heeft hij een zinvolle dagbesteding en een inkomen. Het recidiverisico is laag. Hoewel het goed gaat met de verdachte adviseert de reclassering om vanwege zijn jongvolwassenheid het toezicht en de begeleiding voort te zetten. Op deze manier kan ervoor gezorgd worden dat zijn schoolcarrière geen verdere vertraging oploopt. Verder adviseert de reclassering oplegging van een (deels) voorwaardelijke straf met (in het kort) de volgende bijzondere voorwaarden: een meldplicht bij de reclassering, de verplichting om zich in te spannen voor een zinvolle dagbesteding en een contactverbod met de medeverdachten. De reclassering adviseert om geen gevangenisstraf op te leggen. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Volwassenstrafrecht</emphasis>
        </para>
        <para>De verdachte was meerderjarig ten tijde van het plegen van het feit. Het uitgangspunt is dan dat het volwassenstrafrecht wordt toegepast. Indien zij daar echter aanleiding toe ziet, kan de rechtbank beslissen dat het jeugdstrafrecht wordt toegepast.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De reclassering heeft op grond van het wegingskader adolescentenstrafrecht geadviseerd het volwassenstrafrecht toe te passen. De rechtbank volgt het advies van de reclassering en zal het volwassenstrafrecht toepassen.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Strafverzwarende omstandigheden</emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank houdt rekening met het feit dat er sprake was van een bewuste en nauwe samenwerking tussen de verdachte en de medeverdachten en dus van medeplegen. De rechtbank weegt dit strafverzwarend mee. </para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Conclusie</emphasis>
        </para>
        <para>Het bewezen verklaarde feit is een ernstig feit. Vanwege die ernst kan eigenlijk niet volstaan worden met een andere straf dan een straf die vrijheidsbeneming meebrengt die langer duurt dan de duur van het voorarrest. Gelet op de persoonlijke omstandigheden van de verdachte en het advies van de reclassering is de rechtbank echter van oordeel dat de verdachte niet terug hoeft naar de gevangenis. De rechtbank heeft hierbij meegewogen dat de overval in een poging is blijven steken en dat de verdachte bekend heeft. Ook heeft de verdachte zich goed aan de schorsingsvoorwaarden gehouden en heeft hij aan zijn leven een positieve wending gegeven. De verdachte heeft laten zien dat hij verantwoordelijkheid neemt voor wat hij gedaan heeft. Daarnaast is de verdachte nog jong en kan hij zich verder ontwikkelen. Hij is ook niet eerder veroordeeld voor een strafbaar feit. Om deze reden geeft de rechtbank de verdachte de kans om onder begeleiding verder aan zichzelf te werken. Wel vindt de rechtbank, gelet op de ernst van het feit, het belangrijk dat de verdachte een forse voorwaardelijke gevangenisstraf boven het hoofd hangt en dat hij een forse taakstraf gaat verrichten. De rechtbank hoopt dat de verdachte met deze straf (en kans) enkel het goede pad zal blijven bewandelen en zich ervan zal weerhouden strafbare feiten te plegen. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank legt daarom een gevangenisstraf op voor de duur van 365 dagen, met aftrek van het voorarrest, waarvan 294 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren. De rechtbank is hierbij uitgegaan van een voorarrest van 71 dagen. Dit betekent dat de verdachte dus niet meer terug hoeft naar de gevangenis, als hij zich aan de voorwaarden houdt. Aan de voorwaardelijke gevangenisstraf is de algemene voorwaarde gekoppeld dat de verdachte zich niet schuldig maakt aan een strafbaar feit. Ook zal de rechtbank de bijzondere voorwaarden opleggen zoals geadviseerd door de reclassering. Daarnaast legt de rechtbank aan de verdachte een taakstraf van 240 uren op.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">De voorlopige hechtenis</emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank zal het geschorste bevel tot voorlopige hechtenis opheffen. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>In beslag genomen voorwerpen</title>
    <paragroup>
      <nr>6.1.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Vordering van de officier van justitie</emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie vordert:</para>
      </parablock>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>teruggave aan de rechthebbende van de twee jassen;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>verbeurdverklaring van het gereedschap, de tie-wraps en het mondkapje;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>onttrekking aan het verkeer van het mes.</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.2.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Standpunt van de verdediging</emphasis>
        </para>
        <para>De verdediging sluit zich aan bij het standpunt van de officier van justitie. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.3.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Oordeel van de rechtbank</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">De twee jassen</emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank zal teruggave gelasten van de twee jassen aan degene die redelijkerwijs als rechthebbende van deze voorwerpen kunnen worden aangemerkt, te weten het slachtoffer ALDI ( [adres 2] in [plaats] ). Deze jassen zijn niet vatbaar voor verbeurdverklaring of onttrekking aan het verkeer en het belang van strafvordering verzet zich niet tegen teruggave.</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Het gereedschap, de tie-wraps, het mondkapje en het mes</emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank zal de in beslag genomen gereedschap, tie-wraps, mondkapje en mes verbeurd verklaren, omdat uit de bewijsmiddelen blijkt dat het feit met behulp van deze voorwerpen is begaan. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>7</nr>Toegepaste wetsartikelen</title>
    <parablock>
      <para>De opgelegde straffen en beslissing op het beslag zijn gebaseerd op de volgende wetsartikelen:</para>
      <para>- artikelen 9, 14a, 14b, 14c, 22c, 22d, 33, 33a, 45, 47, 312 van het Wetboek van Strafrecht;</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>8</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">bewezenverklaring</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart bewezen dat de verdachte het feit heeft gepleegd, zoals in paragraaf 3.4. is omschreven;</para>
    <para>- verklaart het overige dat in de beschuldiging staat niet bewezen en spreekt hem daarvan vrij;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">strafbaarheid feit</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart het bewezenverklaarde strafbaar en kwalificeert dit zoals in paragraaf 4.1 is vermeld; </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">strafbaarheid verdachte</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart de verdachte strafbaar voor het bewezenverklaarde feit;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">straf </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- veroordeelt de verdachte tot <emphasis role="bold">een taakstraf van 240 uren</emphasis>;</para>
    <para>- beveelt dat voor het geval de verdachte de taakstraf niet of niet naar behoren verricht de taakstraf wordt vervangen door 120 dagen hechtenis;</para>
    <para>- veroordeelt de verdachte tot <emphasis role="bold">een gevangenisstraf van 365 dagen</emphasis>;</para>
    <para>- bepaalt dat de tijd, door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in</para>
    <parablock>
      <para>	verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van de</para>
      <para>	gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;</para>
    </parablock>
    <para>- bepaalt dat van de gevangenisstraf <emphasis role="bold">een gedeelte van 294 dagen</emphasis>, <emphasis role="bold">niet zal worden ten uitvoer gelegd</emphasis>, tenzij de rechter later anders gelast op grond van het feit dat de verdachte de hierna te melden algemene of bijzondere voorwaarden niet heeft nageleefd;</para>
    <para>- stelt daarbij <emphasis role="bold">een proeftijd van twee jaren</emphasis> vast;</para>
    <para>- als <emphasis role="bold">algemene voorwaarden</emphasis> gelden dat de verdachte:</para>
    <parablock>
      <para> zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;</para>
      <para> ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking verleent aan het nemen van één of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt;</para>
      <para> medewerking verleent aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 14c, zesde</para>
      <para>lid, van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclassering zo vaak en zolang als de reclassering dit noodzakelijk acht, daaronder begrepen;</para>
    </parablock>
    <para>- als <emphasis role="bold">bijzondere voorwaarden</emphasis> gelden dat de verdachte gedurende de proeftijd:</para>
    <parablock>
      <para> zich binnen drie dagen na het ingaan van de proeftijd meldt bij [instelling] , op het adres [adres 3] , [postcode 2] , in [plaats] . De verdachte blijft zich melden op afspraken met de reclassering, zo vaak en zolang de reclassering dit noodzakelijk acht;</para>
      <para> op geen enkele wijze – direct of indirect – contact zal opnemen, zoeken of hebben met medeverdachten [medeverdachte 2] (geboren op [2004] ) en [medeverdachte 1] (geboren op [2002] ), zolang het Openbaar Ministerie dit noodzakelijk acht;</para>
      <para> een opleiding volgt, zich inspant voor het behalen van een mbo-diploma en het vinden en behouden van betaald werk, en/of een prosociale vrijetijdsbesteding, met een vaste structuur;</para>
      <para> waarbij [instelling] opdracht wordt gegeven als bedoeld in artikel 14e, zesde lid, van het Wetboek van Strafrecht toezicht te houden op de naleving van de voorwaarden en de verdachte ten behoeve daarvan te begeleiden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">beslag </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart de volgende voorwerpen verbeurd:</para>
    <parablock>
      <para>	- 1 STK Mes (goednummer 3364036);</para>
      <para>	- 1 STK Gereedschap (goednummer 3364039);</para>
      <para>	- 1 STK Gereedschap: tie-wraps (goednummer 3364042);</para>
      <para>	- 1 STK Gereedschap: tie-wraps (goednummer 3364043);</para>
      <para>	- 1 STK Gereedschap: tie-wraps (goednummer 3364044);</para>
      <para>	- 1 STK Kleding: mondkapje (goednummer 3364045);</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>- gelast de teruggave aan de rechthebbende, te weten de ALDI ( [adres 2] in [plaats] ), van de volgende voorwerpen:</para>
    <parablock>
      <para>	- 1 STK Jas (goednummer 3364035);</para>
      <para>	- 1 STK Jas (goednummer 3364040);</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">voorlopige hechtenis  </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- heft op het geschorste bevel tot voorlopige hechtenis.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. J.E.S. Dolmans, voorzitter, mr. O. Böhmer en mr. C. Van Wambeke, rechters, in tegenwoordigheid van mr. A. Belhadi, griffier, en is in het openbaar uitgesproken op 2 december 2025.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Bijlage I: De tenlastelegging </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan de verdachte is ten laste gelegd dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 21 juni 2024 te [plaats]<?linebreak?>tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,<?linebreak?>ter uitvoering van het door verdachte en/of zijn mededader(s) voorgenomen misdrijf om een<?linebreak?>geldbedrag, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan de ALDI, in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) toebehoorde(n), weg te nemen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen en deze poging diefstal te doen voorafgaan, te doen vergezellen en/of te doen volgen van geweld en/of bedreiging met geweld tegen [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] , te plegen met het oogmerk<?linebreak?>om die voorgenomen diefstal voor te bereiden of gemakkelijk te maken, of om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf en/of andere deelnemer(s) aan het misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren,<?linebreak?>in het magazijn van de ALDI:<?linebreak?>- aan die [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] een mes heeft getoond,<?linebreak?>- met een mes richting die [slachtoffer 1] heeft gewezen, althans een mes richting die [slachtoffer 1] heeft bewogen,<?linebreak?>- die [slachtoffer 1] de woorden heeft toegevoegd: "liggen op de vloer" en/of "jouw collega moet<?linebreak?>meewerken, zeg tegen jouw collega dat hij meewerkt", althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking,<?linebreak?>- die [slachtoffer 2] heeft geduwd, en/of<?linebreak?>- de handen en/of polsen van die [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] op zijn/hun rug heeft vastgebonden, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;</para>
    </parablock>
  </section>
  <footnote id="_5e6e9d49-05c1-45a8-8fa1-23f33f9892c0" label="1">
    <para>
      <emphasis role="italic">Wanneer hierna wordt verwezen naar dossierpagina’s, zijn dit pagina’s uit het dossier van politie eenheid Midden-Nederland met proces-verbaalnummer MD4R024077 ( [.] ) doorgenummerd pagina 1 tot en met 291. Tenzij hieronder anders wordt vermeld, wordt steeds verwezen naar bladzijden van een in de wettelijke vorm, door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren, opgemaakt proces-verbaal. Voor zover het gaat om geschriften als bedoeld in artikel 344 eerste lid onder 5 van het Wetboek van Strafvordering worden deze alleen gebruikt in verband met de inhoud van andere bewijsmiddelen.</emphasis>
    </para>
  </footnote>
  <footnote id="_bf8cf58f-a769-41e7-b4d5-a785f37162ae" label="2">
    <para> Een proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer 1] van 21 juni 2024, pagina’s 141 t/m 144.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_ff4ccec6-eca1-4d97-942e-27745d5b484d" label="3">
    <para> Een proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer 2] van 22 juni 2024, pagina’s 146 t/m 149.	</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>