<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBMNE:2025:5444</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-11-27T08:51:32</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-10-17</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Midden-Nederland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Midden-Nederland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-10-20</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">593035 JE RK 25-683</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2025:5444">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2025:5444</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-11-27T08:51:07</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-11-27</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBMNE:2025:5444 Rechtbank Midden-Nederland , 20-10-2025 / 593035 JE RK 25-683</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBMNE:2025:5444:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Verzoek om de beschikkingsdatum te verbeteren. De rechtbank wijst het verzoek af. De beschikking is gedagtekend op 9 juli 2025 en verzonden op 31 juli 2025. Op grond van de wet moet de uitspraak in het openbaar geschieden. Aan dit vereiste is voldaan als de uitspraak in geschreven vorm op de griffie aanwezig is vanaf een bepaalde, aan partijen tevoren bekendgemaakte dag en zowel partijen als derden een afschrift van die beschikking konden krijgen. Aan dit vereiste was op 9 juli 2025 voldaan. De griffie heeft vervolgens verzuimd aan de verplichting van artikel 290 lid 3 Rv om aan belanghebbenden zo spoedig mogelijk een afschrift van de beschikking te sturen. Dit verzuim kan echter niet met het wijzigen van de datum van de uitspraak worden rechtgezet.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBMNE:2025:5444:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND</bridgehead>
    <para>Familierecht</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>locatie Utrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer: C/16/593035 / JE RK 25-683 </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Beschikking van <emphasis role="bold">20 oktober 2025</emphasis></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de gecertificeerde instelling Samen Veilig Midden-Nederland</emphasis>, </para>
      <para>gevestigd te Utrecht,</para>
      <para>hierna te noemen: de GI, </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>over</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [minderjarige 1]
        </emphasis>, geboren op [geboortedatum] 2013 in [geboorteplaats] ,</para>
      <para>hierna te noemen: [minderjarige 1] ,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [minderjarige 2]
        </emphasis>, geboren op [geboortedatum] 2014 in [geboorteplaats] ,</para>
      <para>hierna te noemen: [minderjarige 2] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [moeder]
        </emphasis>,</para>
      <para>hierna te noemen: de moeder,</para>
      <para>wonende in [woonplaats] ,</para>
      <para>advocaat: mr. A.M. Beuwer,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [vader]
        </emphasis>,</para>
      <para>hierna te noemen: de vader,</para>
      <para>wonende in [woonplaats] .	</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De verdere procedure</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>De moeder heeft de rechtbank op 31 juli 2025 verzocht de beschikking van deze rechtbank van 9 juli 2025 te verbeteren.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>De rechtbank heeft de vader en de GI in de gelegenheid gesteld om te reageren op het verzoek tot het geven van een herstelbeschikking. Zij hebben van deze gelegenheid geen gebruik gemaakt. </para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>De moeder vraagt om de datum van de beschikking te verbeteren. In de ondertekening van de beslissing staat ‘deze beslissing is gegeven door mr. H.E. Spruit, kinderrechter, en in het openbaar uitgesproken op 9 juli 2025’. De beschikking is echter pas op 31 juli 2025 aan partijen kenbaar gemaakt. De datum van de beschikking moet daarom 31 juli 2025 zijn en niet 9 juli 2025.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>De rechtbank wijst het verzoek tot verbetering af. De rechter kan op verzoek van een partij of ambtshalve op grond van artikel 31 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) een kennelijke rekenfout, schrijffout of andere kennelijke fout in zijn beschikking verbeteren. Van een kennelijke fout is sprake als voor partijen en anderen direct duidelijk is dat van een vergissing sprake is. Naar het oordeel van de rechtbank is in dit  geval geen sprake van een kennelijke fout. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>De beschikking in deze zaak is gedagtekend op 9 juli 2025. Vast staat dat de beschikking niet op die dag, maar (pas) op 31 juli 2025 door de griffie aan partijen is verzonden. De vraag is, of dit betekent dat niet op 9 juli 2025, maar op 31 juli 2025 uitspraak is gedaan. De rechtbank is van oordeel van niet. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>Op grond van (onder andere) artikel 29 lid 1 Rv geschiedt de uitspraak in het openbaar. Aan dat vereiste is ook voldaan als de uitspraak in geschreven vorm op de griffie aanwezig is vanaf een bepaalde, aan partijen tevoren bekendgemaakte dag en zowel partijen als derden een afschrift van die beschikking kunnen verkrijgen (zie Hoge Raad 21 april 2023, ECL:NL:2023:658). Aan dit vereiste was voldaan op 9 juli 2025. De kinderrechter heeft op de mondelinge behandeling van 11 juni 2025 immers aangekondigd vier weken na de zitting een beslissing te nemen. Partijen wisten dus dat zij vanaf vier weken ná 11 juni 2025 een afschrift van die beschikking konden krijgen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <para>De griffie van de rechtbank heeft vervolgens verzuimd aan de verplichting van artikel 290 lid 3 Rv om aan belanghebbenden zo spoedig mogelijk een afschrift van de beschikking te sturen. Dit verzuim kan echter niet met het wijzigen van de datum van de uitspraak recht worden gezet. </para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank wijst het verzoek om de beschikking van 9 juli 2025 te verbeteren af.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit is de beslissing van de rechtbank, genomen door mr. H.E. Spruit, kinderrechter, in samenwerking met mr. A. Minkjan als griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 20 oktober 2025 door mr. N. Chedra, kinderrechter. </para>
    </parablock>
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry />
            <entry />
            <entry />
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry />
            <entry />
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>