<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBMNE:2025:4019</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-08-06T08:34:18</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-07-29</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Midden-Nederland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Midden-Nederland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-07-09</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">11291797 \ UC EXPL  24-6000 VL/58599</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Utrecht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:relation rdfs:label="Formele relatie" ecli:resourceIdentifier="ECLI:NL:RBMNE:2025:1610" psi:type="http://psi.rechtspraak.nl/tussenuitspraak" psi:aanleg="http://psi.rechtspraak.nl/eerdereAanleg">Tussenuitspraak: ECLI:NL:RBMNE:2025:1610</dcterms:relation>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2025:4019">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2025:4019</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-08-06T08:29:46</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-08-06</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBMNE:2025:4019 Rechtbank Midden-Nederland , 09-07-2025 / 11291797 \ UC EXPL  24-6000 VL/58599</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBMNE:2025:4019:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Schadevergoeding grotendeels toegewezen. Geen matiging.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBMNE:2025:4019:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Civiel recht</para>
      <para>Kantonrechter </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Utrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummer: 11291797 \ UC EXPL  24-6000 VL/58599</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van 9 juli 2025</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [eiser] BV</emphasis>, </para>
      <para>gevestigd te [vestigingsplaats] ,</para>
      <para>eisende partij,</para>
      <para>hierna te noemen: [eiser] ,</para>
      <para>gemachtigde: mr. J.J.M. Damen,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde]
        </emphasis>, </para>
      <para>wonende te [woonplaats] ,</para>
      <para>gedaagde partij,</para>
      <para>hierna te noemen: [gedaagde] ,</para>
      <para>gemachtigde: mr. S. de Jong.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het verdere verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>het tussenvonnis van 9 april 2025;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de akte van [eiser] ;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de akte van [gedaagde] .</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Ten slotte is bepaald dat vandaag eindvonnis wordt gewezen.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>De (verdere) beoordeling</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">De cascoschade wordt toegewezen</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>
        [eiser] vordert € 6.907,02 aan cascoschade – de schade die is ontstaan aan de leaseauto waarin [gedaagde] reed. De kantonrechter leidt uit het taxatierapport van 3 augustus 2022<footnote-ref linkend="_dbd1931d-e115-44cd-826a-ce7b176a338f" /> af dat bij de berekening van de cascoschade rekening is gehouden met de dagwaarde van de auto en de hoogste bieding op de auto. Daaruit volgt een schadebedrag van € 7.157,02 exclusief btw. Nu door de leasemaatschappij bij [eiser] een lager bedrag, € 6.907,02 exclusief btw, in rekening is gebracht bij [eiser] , stelt de kantonrechter de cascoschade vast op dit lagere bedrag.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>De door [gedaagde] gestelde, vóór het ongeval aanwezig schade aan de auto is dermate minimaal dat dit geen invloed heeft op de schadebegroting door de kantonrechter. De gevorderde cascoschade wordt toegewezen.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">De gevorderde “WA-schadekosten” wordt gedeeltelijk toegewezen</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>
        [eiser] vordert de door de verzekeraar doorbelaste “WA-schadekosten” van in totaal € 9.177,92.<footnote-ref linkend="_765c0d44-067e-43ae-a764-6e288eab15fa" /> [eiser] heeft toegelicht dat deze schadekosten bestaan uit € 7.363,97 aan schade aan het voertuig van de benadeelde, € 1.000,95 aan letselschade en € 813,00 aan buitengerechtelijke kosten. De vordering wordt toegewezen voor zover deze ziet op vergoeding van schade aan het voertuig van de benadeelde en de letselschade, maar zonder de btw. Voor zover de vordering betrekking heeft op buitengerechtelijke incassokosten worden deze afgewezen. Deze schadeposten worden hierna afzonderlijk behandeld.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Schade aan het voertuig van de benadeelde wordt toegewezen, exclusief btw</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>
        [eiser] vordert € 6.248,11 + € 1.115,86 = € 7.363,97 aan WA schade die door de leasemaatschappij bij [eiser] in rekening is gebracht. Deze schade ziet op de schade aan het voertuig van de benadeelde. Uit productie 13A van [eiser] volgt dat de schade bij de eerste reparatie van het voertuig is vastgesteld op € 5.163,73 exclusief btw (€ 6.248,11 inclusief btw), waarbij rekening is gehouden met een aftrek nieuw voor oud. Uit productie 13B volgt dat de aanvullende schade aan het voertuig is vastgesteld op € 922,20 exclusief btw (€ 1.115,86 inclusief btw). [eiser] vordert de WA schade inclusief btw, maar omdat zij zelf btw kan verrekenen, is dit voor haar geen schade. De kantonrechter stelt de WA schade met betrekking tot het voertuig van de benadeelde daarom vast op € 5.163,73 + € 922,20 = € 6.085,93 exclusief btw.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <para>
        [gedaagde] stelt dat de vóór het ongeval aanwezig schade aan het voertuig van de benadeelde moet worden afgetrokken van de schade. Ook hier geldt dat de al aanwezige schade dermate minimaal is dat dit geen invloed heeft op de schadebegroting door de kantonrechter. [gedaagde] stelt verder dat € 450,00 van de schade moet worden afgetrokken, omdat dit het eigen risico van de verzekerde betreft. De kantonrechter beschouwt de verdeling van de kosten over de verzekerde en de verzekeraar, waarbij € 450,00 onder het eigen risico van de verzekerde zou vallen, als een opgave van het expertisebureau aan de verzekeraar<footnote-ref linkend="_b35ce08a-f024-4f8b-b200-4c15021eada3" />, welke splitsing niet relevant is voor de bepaling van de door [gedaagde] veroorzaakte schade. Daarvoor geldt immers geen eigen risico voor de benadeelde. Dit bedrag zal daarom niet worden afgetrokken van het schadebedrag. De kantonrechter wijst daarom € 6.085,93 toe.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Letselschade van de benadeelde wordt toegewezen</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.6.</nr>
      <parablock>
        <para>Uit productie 13C blijkt dat aan de benadeelde een bedrag van € 1.000,95 aan letselschade is uitgekeerd. De omvang van dit deel van de schade heeft [gedaagde] onvoldoende gemotiveerd betwist. De kantonrechter stelt de schade vast op het gevorderde bedrag. Deze vordering wordt toegewezen.</para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Geen vergoeding van de gevorderde buitengerechtelijke incassokosten</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.7.</nr>
      <para>
        [eiser] vordert € 813,00 aan buitengerechtelijke incassokosten die de leasemaatschappij kennelijk bij haar in rekening heeft gebracht. [eiser] heeft niet toegelicht op grond waarvan [gedaagde] aansprakelijk is voor deze kosten. Deze vordering wordt afgewezen.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">
            [gedaagde] moet rente vergoeden</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.8.</nr>
      <para>
        [eiser] vordert de wettelijke rente over het totale schadebedrag vanaf de dag van de dagvaarding tot het moment dat het volledige bedrag is betaald. [gedaagde] heeft dit onvoldoende gemotiveerd betwist. Deze vordering wordt toegewezen.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">De te vergoeden schade wordt niet gematigd</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.9.</nr>
      <para>De kantonrechter ziet, gelet op de grondslag van de aansprakelijkheid van [gedaagde] , geen aanleiding tot matiging van de te vergoeden schade. Doordat [gedaagde] is gaan rijden zonder rijbewijs, waren bovenstaande schadeposten niet verzekerd en ligt het op de weg van [gedaagde] om die te vergoeden, een en ander zoals is overwogen in het tussenvonnis van 9 april 2025.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Conclusie</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.10.</nr>
      <para>
        [gedaagde] moet aan [eiser] een schadebedrag van € 6.907,02 + € 6.085,93 + € 1.000,95 = € 13.993,90 betalen. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">
            [gedaagde] moet de proceskosten betalen</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.11.</nr>
      <para>
        [gedaagde] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [eiser] worden begroot op:</para>
      <para />
      <para>- dagvaarding	€	113,54</para>
      <para>- griffierecht	€	1.409,00</para>
      <para>- salaris gemachtigde	€ 	812,00	(2,0 punten x tarief € 406,00)</para>
      <para>- nakosten	<emphasis role="underline">€ 	135,00</emphasis></para>
      <para>Totaal	€	2.469,54</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Uitvoerbaar bij voorraad</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.12.</nr>
      <para>De kantonrechter zal de beslissing uitvoerbaar bij voorraad verklaren, zoals is gevorderd. Dat betekent dat de beslissing moet worden gevolgd, ook als één van partijen hoger beroep instelt tegen deze beslissing. De beslissing van de kantonrechter geldt in dat geval totdat het gerechtshof een andere beslissing neemt.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter:</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde] tot betaling aan [eiser] van € 13.993,90, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de dag van de dagvaarding tot het moment dat het volledige bedrag is betaald;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van € 2.469,54, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe. Als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend, dan moet [gedaagde] ook de kosten van betekening betalen;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>wijst al het meer of anders gevorderde af.</para>
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. A.A.T. Werner en bij haar afwezigheid op 9 juli 2025 ondertekend en in het openbaar uitgesproken door mr. F.H. Charbon.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
  <footnote id="_dbd1931d-e115-44cd-826a-ce7b176a338f" label="1">
    <para> Productie 12 van [eiser] .</para>
  </footnote>
  <footnote id="_765c0d44-067e-43ae-a764-6e288eab15fa" label="2">
    <para> Productie 3 van [eiser] .</para>
  </footnote>
  <footnote id="_b35ce08a-f024-4f8b-b200-4c15021eada3" label="3">
    <para> Zie onderaan pagina 15 van productie 13A en onderaan pagina 5 van productie 13B.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>