<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBMNE:2025:3265</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-09-23T15:48:13</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-07-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Midden-Nederland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Midden-Nederland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-07-04</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/16/595991 / JE RK 25-1029</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Utrecht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2025:3265">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2025:3265</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-09-23T15:44:31</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-09-23</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBMNE:2025:3265 Rechtbank Midden-Nederland , 04-07-2025 / C/16/595991 / JE RK 25-1029</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBMNE:2025:3265:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>GI alsnog niet-ontvankelijk in spoedverzoek machtiging tot uithuisplaatsing bij indiening na dertien dagen van de schrifteljke bevestiging van het mondelinge buiten kantoortijd behandelde verzoek. Artikel 2.8 Procesreglement Civiel Jeugdrecht.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBMNE:2025:3265:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Familie- en Jeugdrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Locatie Utrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummer: C/16/595991 / JE RK 25-1029</para>
      <para>Datum uitspraak: 4 juli 2025</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Beschikking van de kinderrechter over een (vervolg)machtiging tot uithuisplaatsing</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de gecertificeerde instelling <emphasis role="bold">Leger des Heils Jeugdbescherming &amp; Reclassering</emphasis>, gevestigd te Utrecht,</para>
      <para>hierna te noemen: de GI, </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>over</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [minderjarige]
        </emphasis>, geboren op [geboortedag] 2009 in [geboorteplaats] ,</para>
      <para>hierna te noemen: [minderjarige] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [de moeder]
        </emphasis>,</para>
      <para>hierna te noemen: de moeder,</para>
      <para>wonende in [plaats 1] ,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [de vader]
        </emphasis>,</para>
      <para>hierna te noemen: de vader,</para>
      <para>wonende in [plaats 2] . </para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het verdere verloop van de procedure</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>De kinderrechter neemt de volgende stukken mee in de beoordeling: </para>
      <para>- de beschikking van 20 juni 2025;</para>
      <para>- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 3 juli 2025;</para>
      <para>- de brief van mr. Toet van 4 juli 2025.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Op 4 juli 2025 heeft de kinderrechter de mondelinge behandeling (zitting) van de zaak met gesloten deuren voortgezet. Daarbij waren aanwezig:</para>
      <para>- de vader;</para>
      <para>- mevrouw [deskundige] namens de GI.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3.</nr>
      <parablock>
        <para>De moeder en [minderjarige] zijn niet verschenen. Zij stonden in de file en zouden dusdanig laat arriveren dat de kinderrechter heeft besloten om de zitting buiten hun aanwezig voort te zetten. Na het horen van de vader en de GI heeft de kinderrechter, gelet op de beslissing zoals hieronder beschreven staat, besloten dat het horen van de moeder en [minderjarige] niet meer nodig was. </para>
        <para />
        <para>2. <emphasis role="bold">De feiten</emphasis></para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>De ouders zijn belast met het ouderlijk gezag over [minderjarige] .</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>
        [minderjarige] woont bij zijn vader.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>De kinderrechter in deze rechtbank heeft bij beschikking van 12 september 2024 de ondertoezichtstelling van [minderjarige] verlengd tot 19 september 2025. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>In de beschikking van 20 juni 2025 heeft de kinderrechter in deze rechtbank [minderjarige] met spoed uit huis geplaatst bij een ouder met gezag, te weten de moeder, voor de duur van twee weken, dus tot 4 juli 2025. De kinderrechter heeft de beslissing op het resterende deel van het verzoek van de GI aangehouden. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Het verzoek</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De GI heeft op 20 juni 2025 verzocht om een spoedmachtiging tot uithuisplaatsing van [minderjarige] voor de duur van vier weken. De kinderrechter heeft daarover op 20 juni 2025 een beslissing genomen. De kinderrechter moet nu de belanghebbenden horen over deze beslissing.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De GI heeft verder verzocht om aansluitend op de spoedmachtiging een machtiging tot uithuisplaatsing van [minderjarige] bij een ouder met gezag, te weten de moeder, te verlenen voor de duur van vier maanden, met uitvoerbaarverklaring bij voorraad. De kinderrechter heeft op 20 juni 2025 de beslissing op dit verzoek aangehouden (uitgesteld). Daarover moet de kinderrechter dus nog een beslissing nemen. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">spoedmachtiging tot uithuisplaatsing</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>De kinderrechter zal de GI alsnog niet-ontvankelijk verklaren in haar verzoek om een spoedmachtiging tot uithuisplaatsing van [minderjarige] te verlenen voor de duur van vier weken zonder voorafgaand verhoor van belanghebbenden (de verzoeken onder 1. en 3.). De kinderrechter zal deze beslissing hierna uitleggen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>Volgens artikel 2.8 van het Procesreglement Civiel Jeugdrecht, geldend tot 1 juli 2025, kan een spoedeisend verzoek tot een machtiging tot uithuisplaatsing buiten de openingstijen van de griffie worden gericht aan een door de rechtbank bekend gemaakte piketdienst. Het verzoek kan dan telefonisch worden gedaan en wordt mondeling toe- of afgewezen. Het verzoek dient op de eerstvolgende werkdag vóór 12.00 uur bij de rechtbank te worden bevestigd. De kinderrechter voegt daaraan toe dat het dan gaat om een schrifteljke bevestiging. In deze zaak is het mondelinge verzoek op vrijdag 20 juni 2025 om 19.10 uur telefonisch besproken met de kinderrechter, die meteen een mondelinge beslissing heeft gegeven. De schriftelijke bevestiging van dit verzoek is echter niet op de volgende werkdag, maar pas dertien dagen later, namelijk op donderdag 3 juli 2025, bij de rechtbank ingediend. Dit is zo laat, dat partijen onvoldoende in de gelegenheid zijn geweest om zich een oordeel te vormen over het schriftelijke verzoek en deze mening tijdens de zitting van 4 juli 2025 kenbaar te maken aan de kinderrechter. Een ordelijke behandeling van het verzoek waarbij recht kan worden gedaan aan de belangen van alle partijen is hierdoor niet mogelijk geweest. Gelet hierop is de kinderrechter van oordeel dat de GI alsnog niet-ontvankelijk moet worden verklaard in haar verzoek. Door deze niet-ontvankelijkverklaring vervalt de beslissing van de kinderrechter van 20 juni 2025.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">(vervolg)machtiging tot uithuisplaatsing</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <para>In het verzoekschrift van 3 juli 2025 heeft de GI ook verzocht om een machtiging tot uithuisplaatsing van [minderjarige] te verlenen voor de duur van vier maanden bij een ouder met gezag, te weten de moeder. Gelet op het vorenstaande zijn partijen ook nog niet in de gelegenheid geweest om zich een oordeel te vormen over dit verzoek. De kinderrechter heeft daarom besloten om dit verzoek niet te behandelen tijdens de zitting van 4 juli 2025. Dit verzoek zal worden behandeld op een nader te bepalen zitting waarvoor partijen zullen worden uitgenodigd. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter:</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>5.1.</nr>
      <para>verklaart de GI alsnog niet-ontvankelijk in haar verzoek om een machtiging tot uithuisplaatsing van [minderjarige] voor de duur van vier weken te verlenen zonder voorafgaand verhoor van belanghebbenden (verzoeken onder 1. en 3.);</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2.</nr>
      <para>houdt de beslissing over het verzoek tot verlening van een machtiging tot uithuisplaatsing van [minderjarige] voor de duur van vier maanden bij de ouder met gezag (verzoek onder 2.) aan tot een nader te bepalen zitting. </para>
      <para />
      <para />
      <para>Deze beslissing is gegeven en in het openbaar uitgesproken op 4 juli 2025 door mr. G.L.M. Urbanus, kinderrechter, in aanwezigheid van de griffier, en op schrift gesteld op 4 juli 2025.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para />
        <para>Tegen eindbeslissingen in deze beschikking is hoger beroep mogelijk bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. Hiervoor is een advocaat nodig. Wie kunnen hoger beroep instellen:</para>
      </parablock>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>andere belanghebbenden, binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of binnen drie maanden nadat zij op andere wijze daarvan kennis hebben genomen.</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
      <parablock>
        <para>M.H-vdV</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>