<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBMNE:2024:7656</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-05-07T11:36:45</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-05-06</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Midden-Nederland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Midden-Nederland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-07-23</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/16/571717 / FO RK 24-277</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Utrecht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2024:7656">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2024:7656</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-05-07T11:31:48</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-05-07</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBMNE:2024:7656 Rechtbank Midden-Nederland , 23-07-2024 / C/16/571717 / FO RK 24-277</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBMNE:2024:7656:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Bepaling hoofdverblijfplaats. Vervangende toestemming inschrijving basisschool.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBMNE:2024:7656:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND</bridgehead>
    <para>Familierecht</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>locatie Utrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer: C/16/571717 / FO RK 24-277 </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gezag en omgang</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Beschikking van 23 juli 2024</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [de vader]
        </emphasis>,</para>
      <para>wonende in [woonplaats] ,</para>
      <para>hierna te noemen: de vader,</para>
      <para>advocaat mr. M.L. Sterrenberg-Ellerbroek,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [de moeder]
        </emphasis>,</para>
      <para>wonende in [woonplaats] ,</para>
      <para>hierna te noemen: de moeder,</para>
      <para>advocaat mr. S.J. Nijssen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het verloop van de procedure</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>De rechtbank heeft eerder op 10 mei 2024 een beschikking afgegeven in deze procedure. De rechtbank heeft toen de beslissing op de verzoeken ten aanzien van de hoofdverblijfplaats en de zorgregeling uitgesteld in afwachting van de resultaten van de mediation. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>De rechtbank heeft daarna de volgende stukken ontvangen: </para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>het bericht van 18 juni 2024 van de vader;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>het bericht van 25 juni 2024 van de moeder;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>het bericht met aanvulling van de verzoeken van 5 juli 2024 van de moeder. </para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3.</nr>
      <para>De verzoeken zijn besproken tijdens de mondelinge behandeling (zitting) van 12 juli 2024. Daarbij waren aanwezig: </para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>de vader, bijgestaan door zijn advocaat;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de moeder, bijgestaan door haar advocaat;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de heer [A] , namens de Raad voor de Kinderbescherming (de Raad). </para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Waar de procedure over gaat</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>De ouders hebben een relatie met elkaar gehad. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>Zij zijn de ouders van <emphasis role="underline">[minderjarige]</emphasis>, geboren op [2020] in [geboorteplaats] .</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>De ouders hebben samen het gezag over [minderjarige] . Dat betekent dat zij samen de belangrijke beslissingen over hem nemen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>De ouders hebben de rechtbank laten weten dat het hen niet gelukt is om met hulp van mediation samen tot overeenstemming te komen over de hoofdverblijfplaats van [minderjarige] en de zorgregeling.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>De rechtbank zal:</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>beslissen dat [minderjarige] vanaf 26 augustus 2024 bij de vader zal wonen; </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>beslissen dat [minderjarige] steeds twee van de drie weekenden achtereenvolgend bij de moeder zal doorbrengen;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>vervangende toestemming verlenen aan de vader om [minderjarige] in te schrijven op basisschool [basisschool] in [vestigingsplaats] .  </para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank zal hierna uitleggen hoe zij tot deze beslissing is gekomen. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Hoofdverblijfplaats</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>De rechtbank zal de hoofdverblijfplaats van [minderjarige] vaststellen bij de vader. Dit betekent dat hij bij de vader woont. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>De rechtbank stelt voorop dat zij ervan overtuigd is dat [minderjarige] het bij beide ouders goed heeft. De ouders hebben over en weer vertrouwen in elkaars opvoeding en hebben dit ook naar elkaar uitgesproken. De ouders zijn het er over eens dat de gelijke verdeling van de zorg die zij nu met elkaar hebben afgesproken niet meer werkt als [minderjarige] na de zomervakantie naar de basisschool gaat. De ouders zijn het simpelweg niet eens over de vraag waar [minderjarige] zijn hoofdverblijfplaats moet hebben op het moment dat hij naar de basisschool gaat. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>Omdat [minderjarige] het bij beide ouders goed heeft, zij allebei voor hem kunnen zorgen, allebei een fijn sociaal netwerk om hen heen hebben en geregeld hebben dat zij hun werk met de zorg voor [minderjarige] kunnen combineren, komt de belangenafweging van de rechtbank neer op details. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.5.</nr>
      <para>De ouders zijn eerder een zorgverdeling overeengekomen, die inhoudt dat [minderjarige] doordeweeks veelal bij de vader verblijft. Iedere beslissing in deze zaak verandert voor [minderjarige] al veel in de tijd die hij met de ene of met de andere ouder doorbrengt. Door de hoofdverblijfplaats van [minderjarige] bij de vader te bepalen, verandert er voor [minderjarige] in ieder geval zo min mogelijk in zijn ritme. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.6.</nr>
      <para>De rechtbank heeft ook de woonsituatie van partijen meegewogen in de beslissing. De woonsituatie van de vader is meer geschikt voor een verblijf met [minderjarige] en is stabieler voor de toekomst. De moeder heeft aangegeven dat zij op dit moment in een studio verblijft. Deze studie heeft één slaapkamer en deze is ingericht voor [minderjarige] . De moeder geeft aan dat zij hier nog geruime tijd kan blijven, maar op termijn iets anders zal moeten vinden. De vader heeft een eengezinswoning met drie verdiepingen. Dat betekent dat [minderjarige] een eigen slaapkamer heeft en de vader ook en er daarnaast gezamenlijke leefruimte is. Bovendien kan de vader hier permanent samen met [minderjarige] blijven wonen. Op de zitting heeft de moeder aangegeven dat zij na het beëindigen van de relatie geen woonruimte in [woonplaats] kon vinden, maar dat zij niet uitsluit zij in de toekomst weer in deze regio zal gaan wonen. De rechtbank hoopt dat de moeder dit in de toekomst waar kan maken, zodat [minderjarige] zijn beide ouders dichtbij zich heeft. Voor de vader is verhuizen lastiger, omdat hij vanwege zijn werk gebonden is aan deze regio. In dat kader merkt de rechtbank op dat op de zitting is besproken dat de vader zijn best heeft gedaan om met de moeder mee te denken qua woonmogelijkheden dichterbij [woonplaats] . De moeder is daar om haar moverende redenen niet op ingegaan. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.7.</nr>
      <para>Anders dan de moeder ziet de rechtbank geen reden om aan te nemen dat de vader deze regeling niet aan zal kunnen. De vader heeft tijdens de zitting gemotiveerd waarom hij de eerdere voorlopige regeling wilde aanpassen. Op dat moment was de relatiebreuk nog vers en speelden er daardoor meer emoties mee. Bovendien gaf [minderjarige] toen zelf aan dat hij zijn moeder miste en moest wennen aan de nieuwe situatie. Inmiddels is de vader met zijn werkgever overeengekomen dat hij zijn werkuren kan aanpassen aan de tijden dat [minderjarige] bij hem verblijft. Ook dat zal de vader meer rust geven in vergelijking met de eerdere situatie. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Zorgregeling</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.8.</nr>
      <parablock>
        <para>De rechtbank zal de volgende zorgregeling vaststellen vanaf vrijdag 30 augustus 2024:</para>
        <para>- [minderjarige] verblijft twee van de drie achtereenvolgende weekenden bij de moeder, waarbij de moeder [minderjarige] op vrijdag uit school ophaalt en de vader [minderjarige] op zondag om 16:00 uur bij de moeder ophaalt. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.9.</nr>
      <para>
        [minderjarige] is gewend aan veel contact met zijn moeder en de rechtbank vindt het in zijn belang dat dit zoveel mogelijk in stand wordt gehouden. De rechtbank heeft de vader gehoord in zijn bezwaar dat het lange reizen zijn voor [minderjarige] van de ene naar de andere ouder. Maar dat weegt niet op tegen het belang van [minderjarige] om contact met de moeder te hebben. Bovendien wordt [minderjarige] ouder en zal het reizen voor hem hopelijk steeds minder belastend worden. De ouders hebben eerder geprobeerd om met [minderjarige] te videobellen maar door zijn jonge leeftijd is dit nog wat lastig. De rechtbank gaat ervan uit dat als [minderjarige] wat ouder is, de ouders de kans zullen aangrijpen om van deze mogelijkheid gebruik te maken. Het is een manier waarop [minderjarige] toch ook door de weeks contact met de moeder kan onderhouden. De rechtbank laat de zorgregeling ingaan na de eerste schoolweek van [minderjarige] , zodat hij die nieuwe ervaringen direct met de moeder kan delen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.10.</nr>
      <para>De ouders hebben tijdens de zitting afgesproken om de vakantie- en feestdagenregeling onderling overeen te komen. Op de zitting is besproken dat het misschien fijn is om in de vakanties iets meer te compenseren in de tijd bij de moeder en bijvoorbeeld studiedagen, voor zover deze aansluiten op de weekenden van de moeder, bij de moeder af te spreken. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Vervangende toestemming school </emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.11.</nr>
      <para>De rechtbank geeft de vader vervangende toestemming om [minderjarige] in te schrijven op basisschool [basisschool] in [vestigingsplaats] . </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.12.</nr>
      <para>De ouders hebben samen het gezag over [minderjarige] dus moeten allebei toestemming geven voor de inschrijving van [minderjarige] op een basisschool. Als één van de ouders deze toestemming niet geeft, kan de rechtbank toestemming geven in plaats van die ouder. De rechter moet beoordelen of de inschrijving op de basisschool in het belang van [minderjarige] is.<footnote-ref linkend="_50b397c2-7946-44e4-97a2-5b78f4cc6a9c" /></para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.13.</nr>
      <para>De rechtbank vindt het in het belang van [minderjarige] dat hij wordt ingeschreven op basisschool [basisschool] . [minderjarige] gaat bijna naar school en moet daarom worden ingeschreven op een basisschool. [basisschool] is de school die aansluit bij de woonplaats en het hoofdverblijf van [minderjarige] . Daarnaast is dit de basisschool die de ouders, toen zij nog samen waren, samen voor [minderjarige] hebben uitgekozen. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">De uitvoerbaarheid bij voorraad </emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.14.</nr>
      <parablock>
        <para>De rechtbank zal de beslissing uitvoerbaar bij voorraad verklaren, zoals is verzocht. </para>
        <para>Dat betekent dat de beslissing moet worden gevolgd, ook als één van de ouders hoger beroep instelt tegen deze beslissing. De beslissing van de rechtbank geldt in dat geval totdat het gerechtshof een andere beslissing neemt.  </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Hierna volgt de beslissing. De rechtbank gebruikt hier de begrippen uit de wet.</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>bepaalt dat [minderjarige] voortaan zijn hoofdverblijfplaats heeft bij de vader;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>stelt de volgende zorgregeling vast zoals omschreven in rechtsoverweging 3.8.;  </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <para>verleent aan de vader vervangende toestemming voor de inschrijving van [minderjarige] op basisschool [basisschool] in [vestigingsplaats] ; </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4.</nr>
      <para>verklaart deze beslissing uitvoerbaar bij voorraad;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.5.</nr>
      <para>wijst de verzoeken van de ouders voor het overige af. </para>
      <para />
      <para />
      <para>Dit is de beslissing van de rechtbank, genomen door mr. R.M. Maliepaard, (kinder)rechter, in samenwerking met de griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 23 juli 2024.</para>
      <paragroup>
        <paragroup>
          <para />
          <para />
          <parablock>
            <para />
          </parablock>
        </paragroup>
      </paragroup>
    </paragroup>
  </section>
  <para />
  <para>Tegen deze beschikking kan - voor zover er definitief is beslist - door tussenkomst van een advocaat hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. De verzoekende partij en verschenen belanghebbenden dienen het hoger beroep binnen de termijn van drie maanden na de dag van de uitspraak in te stellen. Andere belanghebbenden dienen het beroep in te stellen binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of nadat deze hun op andere wijze bekend is geworden.</para>
  <para />
  <para />
  <para>ZB</para>
  <footnote id="_50b397c2-7946-44e4-97a2-5b78f4cc6a9c" label="1">
    <para> Artikel 1:253a BW.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>