<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBMNE:2024:7424</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-07T14:03:23</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-01-23</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Midden-Nederland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Midden-Nederland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-11-27</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">10518156 \ AC EXPL  23-1151</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Amersfoort</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_verbintenissenrecht">Civiel recht; Verbintenissenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>Sdu Nieuws Huurrecht 2025/45</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2024:7424">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2024:7424</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-02-11T13:16:53</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-02-11</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBMNE:2024:7424 Rechtbank Midden-Nederland , 27-11-2024 / 10518156 \ AC EXPL  23-1151</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBMNE:2024:7424:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Vordering tot betaling elektra huurwoning, grondslag ontbreekt.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBMNE:2024:7424:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <emphasis role="bold caps">RECHTBANK </emphasis>
      <emphasis role="bold">MIDDEN-NEDERLAND</emphasis>
    </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Civiel recht</para>
      <para>Kantonrechter </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Amersfoort</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummer: 10518156 \ AC EXPL  23-1151 RvdH/1037</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van 27 november 2024</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [eiseres] B.V.</emphasis>, </para>
      <para>te [vestigingsplaats] ,</para>
      <para>eisende partij,</para>
      <para>hierna te noemen: [eiseres] ,</para>
      <para>gemachtigde: mr. E.H.H. Schelhaas,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde]
        </emphasis>, </para>
      <para>te [woonplaats] ,</para>
      <para>gedaagde partij,</para>
      <para>hierna te noemen: [gedaagde] ,</para>
      <para>gemachtigde: mr. J.A. Spigt.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <para>- de dagvaarding met producties 1 tot en met 10, <?linebreak?>- de conclusie van antwoord in conventie tevens conclusie van eis in reconventie, <?linebreak?>- de conclusie van repliek in conventie tevens conclusie van antwoord in reconventie, tevens akte wijziging van eis in conventie met producties 1 tot en met 17, <?linebreak?>- de conclusie van dupliek in conventie tevens conclusie van repliek in reconventie, tevens akte wijziging van eis in reconventie, </para>
      <para>- de conclusie van dupliek in reconventie, tevens akte uitlating t.a.v. de wijziging van eis in reconventie en akte wijziging van eis in conventie met producties 18 en 19,<?linebreak?>- de akte uitlating producties in conventie. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>De kantonrechter heeft besloten dat de uitspraak vandaag is. </para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Waar gaat deze zaak over?</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>
        [eiseres] is huurder van het pand aan de [adres] in [plaats] . Het pand bestaat uit een winkelruimte met daarboven twee etages die werden gebruikt als woonruimten. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>
        [eiseres] huurt van [onderneming 1] B.V. [eiseres] is met [onderneming 1] B.V. overeengekomen dat zij zelf een overeenkomst voor de nutsvoorzieningen sluit.  </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>
        [eiseres] heeft met de heer [A] per 1 april 2005 een franchise- en een onderhuurovereenkomst gesloten. De franchiseovereenkomst zag op de formule ‘ [.] ’ die [A] zou uitbaten in de winkelruimte van het pand. De onderhuurovereenkomst zag op het gehele pand: de winkelruimte en de twee etages daarboven. Met ingang van 26 mei 2009 zijn de rechten en plichten uit hoofde van de franchise- en huurovereenkomst van [A] overgedragen aan de besloten vennootschap [onderneming 2] B.V. [A] werd bestuurder van die besloten vennootschap. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <parablock>
        <para>Op 17 november 2022 is [onderneming 2] B.V. in staat van faillissement verklaard. Daaraan ging een surseance van betaling vooraf. Bij e-mail van 25 november 2022 heeft [eiseres] de huurovereenkomst met [onderneming 2] B.V. opgezegd.</para>
        <para>De winkelruimte is leeg komen te staan en [eiseres] heeft geen huur meer van [onderneming 2] B.V. ontvangen. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <para>
        [eiseres] is er na het faillissement achter gekomen dat [A] de woonruimten op de twee etages heeft verhuurd, waarvan een aan [gedaagde] . De huurovereenkomst tussen [A] en [gedaagde] is van 1 juni 2020. [A] en [gedaagde] zijn een all-inhuurprijs overeengekomen: gas, water en elektra komen volgens de huurovereenkomst voor rekening van [A] . [gedaagde] is na het faillissement op één van de etages blijven wonen. Haar gemachtigde heeft op 13 december 2023 de huur opgezegd. [gedaagde] heeft de woonruimte op 12 januari 2024 ontruimd. Tot die datum heeft zij elektriciteit verbruikt. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.6.</nr>
      <para>Een dochtervennootschap van [eiseres] heeft betaald voor het elektriciteitsverbruik in de periode 1 december 2022 tot 12 januari 2024 en zij heeft die kosten in rekening gebracht bij [eiseres] . [eiseres] heeft die betaald, maar zij vindt dat [gedaagde] de kosten moet dragen. </para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Het geschil</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>
        [eiseres] vordert – na wijziging van eis – dat: </para>
      <orderedlist numeration="arabic">
        <listitem>
          <para>primair, [gedaagde] wordt veroordeeld tot betaling van € 24.920,85 (elektriciteit en buitengerechtelijke incassokosten) te vermeerderen met de wettelijke rente, en</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>subsidiair, indien [gedaagde] huurder van [eiseres] was, [gedaagde] wordt veroordeeld tot betaling van € 11.245,39 (achterstallige huur). </para>
        </listitem>
      </orderedlist>
      <para>
        [eiseres] wil ook dat [gedaagde] haar proceskosten betaalt. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>
        [gedaagde] voert verweer. [gedaagde] concludeert tot niet-ontvankelijkheid van [eiseres] , dan wel tot afwijzing van de vorderingen van [eiseres] , met uitvoerbaar bij voorraad te verklaren veroordeling van [eiseres] in de kosten van deze procedure.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>
        [gedaagde] vordert in reconventie – na wijziging van eis – dat [eiseres] wordt veroordeeld tot betaling van € 1.200,00 als vergoeding voor gederfd huurgenot (vanwege een niet werkende cv-ketel) van [gedaagde] , te vermeerderen met de wettelijke rente. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">in conventie </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>De kantonrechter gaat ervan uit dat [gedaagde] geen onder-onderhuurder is van [eiseres] : er is namelijk niet gesteld dat [A] een huurovereenkomst met [onderneming 2] B.V. heeft gesloten. Als dat wel zo was, dan kon [eiseres] [gedaagde] in deze procedure ook niet aanspreken als haar onderhuurder, omdat [gedaagde] de huurder van [A] is. [A] zou in die situatie en na het faillissement van [onderneming 2] B.V. de onderhuurder van [eiseres] zijn. [eiseres] en [gedaagde] hebben dus geen huurrelatie met elkaar. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>
        [A] had als bestuurder van [onderneming 2] B.V. de feitelijke beschikking over het pand en heeft kennelijk zo de woonruimte aan [gedaagde] kunnen verhuren. [eiseres] stelt dat [A] daartoe onbevoegd was, maar dat tast de totstandkoming van de huurovereenkomst met [gedaagde] in beginsel niet aan. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <para>De vraag is wat onder de hiervoor (zie ook 2.5 en 2.6) genoemde omstandigheden en de verhouding tussen [eiseres] en [gedaagde] de grondslag is om [gedaagde] te veroordelen tot betaling van de kosten voor het elektraverbruik. Primair stelt [eiseres] dat er sprake is van onrechtmatige daad, omdat [gedaagde] zonder recht of titel gebruik maakte van de woonruimte en de elektriciteit. Maar dat is niet het geval: [gedaagde] had een huurovereenkomst met [A] en daarbij was het verbruik van elektriciteit inbegrepen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4.</nr>
      <para>Subsidiair stelt [eiseres] dat er sprake is van ongerechtvaardigde verrijking, omdat [gedaagde] is verrijkt door de levering van elektriciteit zonder daarvoor te betalen en [eiseres] is verarmd omdat zij voor het verbruik heeft betaald. Ook deze grondslag leidt niet tot toewijzing van de vordering van [eiseres] . De verrijking is namelijk pas ongerechtvaardigd als voor het behoud daarvan geen rechtsgrond bestaat. Daarvan is in dit geval geen sprake. Zoals hiervoor is overwogen, mocht [gedaagde] op grond van de huurovereenkomst met [A] elektriciteit verbruiken. Het is niet duidelijk of [gedaagde] [A] heeft betaald, maar dat is voor de beslissing in deze procedure niet relevant. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Conclusie</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.5.</nr>
      <para>De primaire vordering van [eiseres] die ziet op vergoeding van de elektriciteitskosten wordt afgewezen omdat de grondslag daarvoor ontbreekt. De subsidiaire vordering die ziet op de betaling van de achterstallige huur wordt afgewezen, omdat tussen [eiseres] en [gedaagde] geen huurovereenkomst bestond. Als gevolg van het voorgaande worden de gevorderde buitengerechtelijke incassokosten ook afgewezen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.6.</nr>
      <para>
        [eiseres] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [gedaagde] worden begroot op:</para>
      <informaltable>
        <tgroup cols="4">
          <colspec colname="colA" />
          <colspec colname="colB" />
          <colspec colname="colC" />
          <colspec colname="colD" />
          <tbody>
            <row>
              <entry>
                <para>- salaris gemachtigde</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>1.086,00</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>(2 punten × € 543,00)</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>- nakosten</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>135,00</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>Totaal</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>1.221,00</para>
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
          </tbody>
        </tgroup>
      </informaltable>
      <para>
        <emphasis role="underline">in reconventie</emphasis>
      </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.7.</nr>
      <para>
        [gedaagde] vordert een vergoeding voor gederfd huurgenot, omdat de cv-ketel niet werkte. De kantonrechter wijst deze vordering af, omdat [gedaagde] een dergelijke vordering niet kan richten tot [eiseres] . [eiseres] heeft namelijk geen huurrelatie met [gedaagde] en was dus niet verplicht tot het verschaffen van huurgenot. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.8.</nr>
      <para>
        [gedaagde] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [eiseres] worden begroot op:</para>
      <informaltable>
        <tgroup cols="4">
          <colspec colname="colA" />
          <colspec colname="colB" />
          <colspec colname="colC" />
          <colspec colname="colD" />
          <tbody>
            <row>
              <entry>
                <para>- salaris gemachtigde</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>270,00</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>(2 punten × € 135,00)</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>- nakosten</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>67,50</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>Totaal</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>337,50</para>
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
          </tbody>
        </tgroup>
      </informaltable>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">in conventie</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>5.1.</nr>
      <para>wijst de vorderingen van [eiseres] af,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2.</nr>
      <para>veroordeelt [eiseres] in de proceskosten van € 1.221,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [eiseres] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.3.</nr>
      <para>verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">in reconventie </emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.4.</nr>
      <para>wijst de vorderingen van [gedaagde] af,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.5.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van € 337,50, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.6.</nr>
      <para>verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.</para>
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. O.P. van Tricht en in het openbaar uitgesproken op 27 november 2024.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>