<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBMNE:2024:6746</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-01-09T09:07:37</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-12-12</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Midden-Nederland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Midden-Nederland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-12-18</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">11297397 \ UC EXPL  24-6081</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#verstek">Verstek</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#tussenuitspraak">Tussenuitspraak</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Utrecht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2024:6746">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2024:6746</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-01-09T08:59:12</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-01-09</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBMNE:2024:6746 Rechtbank Midden-Nederland , 18-12-2024 / 11297397 \ UC EXPL  24-6081</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBMNE:2024:6746:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Consumentenrecht. Ambtshalve toetsing in verstek. Kantonrechter kan nog niet beoordelen welke informatieplichten van toepassing zijn en of de toepasselijke essentiële informatieplichten zijn nageleefd, o.a. informatieplicht mbt prijs. Overigens geldt dat een contractuele prijsafspraak die slechts inhoudt dat kosten worden berekend op basis van uurtarief, onredelijk bezwarend kan zijn als deze niet voldoende duidelijk en begrijpelijk is geformuleerd en als nadere informatie ontbreekt, waarmee consument beredeneerde inschatting kan maken van totale verschuldigde kosten.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBMNE:2024:6746:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Civiel recht</para>
      <para>kantonrechter</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>locatie Utrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer: 11297397 UC EXPL  24-6081 CD/942</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van 18 december 2024</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>inzake</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [eiser] , handelende onder de naam [handelsnaam]</emphasis>,</para>
      <para>wonend in [woonplaats] ,</para>
      <para>hierna te noemen [eiser] ,</para>
      <para>eisende partij,</para>
      <para>procederend in persoon,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde]
        </emphasis>,</para>
      <para>wonend in [woonplaats] ,</para>
      <para>hierna te noemen [gedaagde] ,</para>
      <para>gedaagde partij,</para>
      <para>niet verschenen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>
        [eiser] heeft een dagvaarding uitgebracht. [gedaagde] heeft daar niet (op tijd) op gereageerd en niet gevraagd om op een later moment te mogen reageren. Daarom heeft de kantonrechter tegen hem verstek verleend.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Daarop volgt nu dit vonnis.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De feiten</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>
        [eiser] heeft [gedaagde] bijgestaan als advocaat. Hij heeft [gedaagde] geïnformeerd over de mogelijkheid van gefinancierde rechtshulp en een uurtarief afgesproken voor het geval [gedaagde] niet (of niet langer) voor een toevoeging in aanmerking zou komen. Op de overeenkomst zijn algemene voorwaarden van toepassing. [gedaagde] heeft facturen van [eiser] onbetaald gelaten. [eiser] vordert nu dat [gedaagde] wordt veroordeeld om deze alsnog te betalen, vermeerderd met rente en een vergoeding voor gemaakte kosten.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>De vordering is gebaseerd op een overeenkomst tussen een professionele partij, handelend in de uitoefening van haar beroep of bedrijf, [eiser] , en een consument, [gedaagde] . Op zo’n overeenkomst zijn consumentenbeschermende bepalingen van toepassing. De kantonrechter moet ambtshalve (dat wil zeggen uit zichzelf, ook als de consument daar niet om vraagt) beoordelen of een aantal belangrijke consumentenbeschermende bepalingen is nageleefd. Die toets is verstrekkender dan de gebruikelijke toets in andere verstekzaken, die is beperkt tot de vraag of de vordering onrechtmatig of ongegrond voorkomt. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>In iedere afzonderlijke procedure waarin de kantonrechter ambtshalve moet toetsen, moet alle informatie die nodig is om die toets uit te voeren, in de dagvaarding worden gesteld, voor zover mogelijk onderbouwd met bij de dagvaarding te voegen bewijsstukken.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>Als blijkt dat belangrijke consumentenbeschermende bepalingen niet zijn nageleefd, of als de kantonrechter over onvoldoende informatie beschikt dat te beoordelen, moet hij daar, eveneens ambtshalve, consequenties aan verbinden. Afhankelijk van de schending (of niet-gebleken naleving) zal de vordering dan deels of volledig moeten worden afgewezen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>In dit geval heeft [eiser] (nog) niet aan zijn op hem als eisende partij rustende verplichtingen voldaan. De kantonrechter kan daarom (nog) niet vaststellen of [gedaagde] een betalingsverplichting in de gestelde omvang heeft ten opzichte van [eiser] . Hoewel het op de weg van [eiser] had gelegen om de noodzakelijke duidelijkheid al bij de dagvaarding te verschaffen, zal de kantonrechter hem in de gelegenheid stellen de ontbrekende toelichting alsnog in het geding te brengen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.5.</nr>
      <para>De kantonrechter geeft [eiser] wel met klem in overweging om in het vervolg alle voor de beoordeling benodigde informatie (stellingen, tekstuele onderbouwing daarvan en producties) reeds bij dagvaarding in het geding te brengen. Het niet of niet volledig voldoen aan de wettelijke verplichtingen van de artikelen 21 en 111 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, of het niet of onvoldoende onderbouwen van de stelling dat daaraan is voldaan, kan (en zal op enig moment) namelijk leiden tot directe gedeeltelijke of volledige afwijzing van de vordering, waarbij geen gelegenheid (meer) zal worden verleend voor een nadere toelichting bij akte.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.6.</nr>
      <para>
        [eiser] zal in zijn akte in ieder geval moeten uitleggen of de overeenkomst op afstand, buiten verkoopruimte, of anders dan op afstand of buiten verkoopruimte tot stand is gekomen.<footnote-ref linkend="_bb0eef96-4d2d-4349-8c55-333b67a9a237" /> Dat blijkt namelijk niet uit de dagvaarding en ook niet uit de daarbij gevoegde producties.<footnote-ref linkend="_b062828f-c6d4-4ce0-8deb-74d0bd404e9b" /> Als gevolg daarvan kan niet worden vastgesteld welke informatieplichten van toepassing zijn.<footnote-ref linkend="_7e2ba7a6-003d-486c-8548-c390a06e46b6" /> Evenmin kan worden beoordeeld of [eiser] de toepasselijke essentiële informatieplichten heeft nageleefd.<footnote-ref linkend="_b7f92db4-7996-4c63-941b-515ff11b13bd" /></para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.7.</nr>
      <para>Onder de essentiële informatieplichten behoort onder andere een informatieplicht ten aanzien van de prijs.<footnote-ref linkend="_5cb3c64f-e584-483f-9745-92c66d81a5ec" /> Uit productie 1 bij de dagvaarding blijkt dat [eiser] [gedaagde] heeft geïnformeerd over de (reëel geachte) kans dat [gedaagde] in aanmerking zou komen voor gesubsidieerde rechtsbijstand. Uit de omstandigheid dat [eiser] nu betaling vordert van facturen kan worden afgeleid dat [gedaagde] toch geen recht (meer) had op de hem voorgespiegelde toevoeging. Het had op de weg van [eiser] gelegen ter zake een toelichting te verstrekken en toe te lichten of, en zo ja hoe, [gedaagde] vóór het sluiten van de overeenkomst in staat is gesteld om de totale kosten van de dienstverlening te ramen, voor het geval hij niet (langer) voor een toevoeging in aanmerking zou komen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.8.</nr>
      <para>De kantonrechter voegt hieraan toe dat de contractsvrijheid op dit punt begrensd is. Een contractuele prijsafspraak geeft in de regel weliswaar de kern van de door de consument te verrichten prestaties weer, maar een afspraak die niet meer inhoudt dan dat de kosten worden berekend op basis van een uurtarief, zonder nadere informatie die de consument in staat stelt om een beredeneerde inschatting te maken van de totale verschuldigde kosten, kan toch onredelijk bezwarend zijn voor consumenten als zij niet voldoende duidelijk en begrijpelijk is geformuleerd.<footnote-ref linkend="_d255a76d-68ed-44aa-82d7-5e388d6b1cc5" /> Dat geldt nog meer als partijen (zoals in dit geval) twee verschillende uurtarieven overeenkomen. Dan zal ook voldoende duidelijk en begrijpelijk moeten zijn wanneer welk tarief geldt. Het is aan [eiser] om gemotiveerd te stellen dat geen sprake is van een onredelijk bezwarende – en daarmee vernietigbare – prijsafspraak.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.9.</nr>
      <para>Overigens dient [eiser] in zijn akte ook aandacht te besteden aan de vraag of andere bedingen in de overeenkomst en de daarop van toepassing zijnde algemene voorwaarden mogelijk onredelijk bezwarend zijn voor consumenten als [gedaagde] . [eiser] kan zich daarbij beperken tot die bedingen die relevant zijn voor de beoordeling van de ingestelde vordering, zoals de bedingen over rente en buitengerechtelijke incassokosten.<footnote-ref linkend="_fdba28a0-ce26-4fac-b9a9-2a3b8f5b045d" /></para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.10.</nr>
      <para>Iedere verdere beslissing wordt aangehouden.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>verwijst de procedure naar de rolzitting van woensdag 15 januari 2025 om 9.30 uur, waar [eiser] de in de overwegingen 3.6.-3.9. van dit vonnis bedoelde toelichting schriftelijk (bij akte) in het geding kan brengen; </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <parablock>
        <para>houdt iedere verdere beslissing aan.</para>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. O.P. van Tricht en in het openbaar uitgesproken op 18 december 2024.<?linebreak?></para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <footnote id="_bb0eef96-4d2d-4349-8c55-333b67a9a237" label="1">
    <para> Zie de definities in artikel 6:230g lid 1 BW.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_b062828f-c6d4-4ce0-8deb-74d0bd404e9b" label="2">
    <para> In productie 1 wordt verwezen naar “ons gesprek van vanmorgen”, maar zonder nadere toelichting, die ontbreekt, kan daaruit niet worden afgeleid waar en hoe de overeenkomst is gesloten.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_7e2ba7a6-003d-486c-8548-c390a06e46b6" label="3">
    <para> Zie de artikelen 6:230m en 6:230v BW, de artikelen 6:230m en 6:230t BW, dan wel artikel 6:230l BW.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_b7f92db4-7996-4c63-941b-515ff11b13bd" label="4">
    <para> HR 12 november 2021, ECLI:NL:HR:2021:1677, over de informatieplichten van artikel 6:230m BW. De kantonrechter past dit analoog toe ingeval de informatieplichten van artikel 6:230l BW van toepassing zijn.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_5cb3c64f-e584-483f-9745-92c66d81a5ec" label="5">
    <para> Zie artikel 6:230m lid 1 onder e BW dan wel artikel 6:230l onder c BW.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_d255a76d-68ed-44aa-82d7-5e388d6b1cc5" label="6">
    <para> HvJ EU 12 januari 2023, ECLI:EU:C:2023:14; zie ook artikel 6:231 onder a BW in samenhang met artikel 6:233 onder a BW.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_fdba28a0-ce26-4fac-b9a9-2a3b8f5b045d" label="7">
    <para> Zie in dit verband ook HvJ EU 27 januari 2021, ECLI:EU:C:2021:68 en HvJ EU 8 december 2022, EECLI:EY:C:2022:971 (en de annotatie van C.M.D.S. Pavillon in TvC 2023-1), waaruit volgt dat de enkele aanwezigheid van een onredelijk bezwarend beding moet leiden tot afweging van een ter zake relevante vordering, ongeacht of in de procedure (primair) een beroep is gedaan op dit beding. </para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>