<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBMNE:2024:6540</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-01-09T08:37:58</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-12-02</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Midden-Nederland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Midden-Nederland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-12-18</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">11085622 UC EXPL 24-3046</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Utrecht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_verbintenissenrecht">Civiel recht; Verbintenissenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2024:6540">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2024:6540</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-01-09T08:36:49</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-01-09</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBMNE:2024:6540 Rechtbank Midden-Nederland , 18-12-2024 / 11085622 UC EXPL 24-3046</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBMNE:2024:6540:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Consument heeft een click pvc-vloer geleverd gekregen en heeft deze daarna zelf gelegd in zijn woning. Ruim twee jaar later heeft hij bericht dat de vloer op plekken rondom de eettafel kapot is gegaan. Hij wil – kort gezegd – dat verkoper de vloer herstelt of zijn schade vergoedt. Volgens verkoper is de geleverde vloer niet gebrekkig en is de schade ontstaan doordat de vloerdelen zijn gaan opstaan (‘toppen’) en door stoelen met wieltjes zijn beschadigd. De kantonrechter oordeelt dat niet is komen vast te dat de vloer non-conform is. De vordering wordt afgewezen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBMNE:2024:6540:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <emphasis role="bold caps">RECHTBANK </emphasis>
      <emphasis role="bold">MIDDEN-NEDERLAND</emphasis>
    </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Civiel recht</para>
      <para>Kantonrechter </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Utrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummer: 11086522 \ UC EXPL  24-3046</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van 18 december 2024</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr> [eiser sub 1] , </title>
    <parablock>
      <para>wonend in [woonplaats] ,<?linebreak?>2. <emphasis role="bold">[eiseres sub 2]</emphasis>, </para>
      <para>wonend in [woonplaats] ,</para>
      <para>eisende partijen,</para>
      <para>hierna samen te noemen: [eiser sub 1] ,</para>
      <para>gemachtigde: mr. V.W.J.H. Kobossen,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde] B.V.</emphasis>, </para>
      <para>gevestigd in [vestigingsplaats] ,</para>
      <para>gedaagde partij,</para>
      <para>hierna te noemen: [gedaagde] ,</para>
      <para>gemachtigde: ARAG Rechtsbijstand.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <parablock>
        <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
        <para>- de dagvaarding met producties<?linebreak?>- de conclusie van antwoord met producties</para>
        <para>- de mondelinge behandeling van 19 november 2024, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Ten slotte is bepaald dat een vonnis wordt uitgesproken.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Kern van de zaak</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>
        [eiser sub 1] heeft op 15 augustus 2019 een click pvc-vloer geleverd gekregen van [gedaagde] en heeft deze daarna zelf gelegd in zijn woning. [eiser sub 1] heeft op 17 januari 2022 [gedaagde] bericht dat de vloer op plekken rondom de eettafel kapot is gegaan. Hij wil – kort gezegd – dat [gedaagde] de vloer herstelt of zijn schade vergoedt. Volgens [gedaagde] is de geleverde vloer niet gebrekkig en is de schade ontstaan doordat de vloerdelen zijn gaan opstaan (‘topppen’) en door stoelen met wieltjes zijn beschadigd. De kantonrechter oordeelt dat niet is komen vast te staan dat de vloer non-conform is. De vorderingen van [eiser sub 1] worden afgewezen.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>
        [eiser sub 1] vordert een verklaring voor recht dat [gedaagde] toerekenbaar is tekortgeschoten. Hij vordert ook een verklaring voor recht dat herstel van de geleverde vloer en daaraan klevende gebreken binnen de door [gedaagde] gegeven garantie valt en dat [gedaagde] moet overgaan tot herstel van de vloer (of dat [gedaagde] de kosten van herstel door een derde moet vergoeden). [eiser sub 1] vordert subsidiair om [gedaagde] te veroordelen tot het vergoeden van schade. Deze vorderingen worden afgewezen. De kantonrechter zal dit hierna toelichten. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Conformiteit bij consumentenkoop</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>
        [eiser sub 1] heeft op 31 december 2018 van [gedaagde] een click pvc-vloer gekocht. Er is daarom sprake van een consumentenkoop. Bij een consumentenkoop moet de afgeleverde zaak aan de overeenkomst beantwoorden, de zaak moet ‘conform’ zijn. De wet omschrijft wanneer de zaak niet aan de overeenkomst beantwoordt en er dus sprake is van non-conformiteit. De zaak beantwoordt niet aan de overeenkomst als deze – mede gelet op de aard van de zaak en de mededelingen die de verkoper over die zaak heeft gedaan – niet de eigenschappen bezit die de koper op grond van de overeenkomst mocht verwachten.<footnote-ref linkend="_98adcd49-9c51-4817-9a42-d64b78bac018" /> Dit komt erop neer dat de zaak aan de gerechtvaardigde verwachting van de koper moet voldoen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>Als de afgeleverde zaak niet aan de overeenkomst beantwoordt (non-conform is), kan een koper herstel van de afgeleverde zaak vorderen of schadevergoeding vorderen als de verkoper niet binnen een redelijke tijd tot herstel overgaat. De consument die herstel of schade vordert, moet in de procedure stellen (en zo nodig bewijzen) dat de zaak niet aan de overeenkomst beantwoordt (non-conform is).</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Het is niet gebleken dat de pvc-vloer non-conform is</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>De kantonrechter is van oordeel dat niet is komen vast te staan dat de click pvc-vloer non-conform is. [eiser sub 1] heeft weliswaar aangevoerd dat de vloer gebreken kent omdat deze op meerdere plekken rondom de eettafel loslaat of beschadigd is geraakt, maar hij heeft niet onderbouwd gesteld wat de oorzaak is van de schade aan de vloerdelen. [gedaagde] heeft bovendien gemotiveerd betwist dat de click pvc-vloerdelen gebrekkig zijn. Zij heeft toegelicht dat [eiser sub 1] op 17 januari 2022 heeft geklaagd over de vloer en vervolgens op 9 maart 2022 de fabrikant van de vloer is langsgegaan om de vloer te beoordelen. De fabrikant van de vloer heeft in een e-mail van 22 maart 2022 aan [gedaagde] bericht dat de click pvc-vloer op diverse plaatsen is gaan opstaan (‘toppen’). Doordat de vloer rondom de eettafel opstaat wordt volgens de fabrikant de vloer beschadigd door de stoelen met wieltjes. De fabrikant bericht ook dat zij na onderzoek geen verdere technische defecten ziet aan deze productie pvc-vloerdelen en zij ook geen reclamaties uit andere verkopen heeft ontvangen. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.5.</nr>
      <para>Het had gelet op de gemotiveerde betwisting door [gedaagde] op de weg van [eiser sub 1] gelegen om zijn stelling – dat de vloer non-conform is – nader te onderbouwen. Het is namelijk niet aan [gedaagde] om de oorzaak van de schade aan de vloer te onderbouwen of bewijzen (zie hiervoor onder 3.3). [eiser sub 1] heeft echter nagelaten zijn stelling concreet te onderbouwen en heeft ervoor gekozen om geen deskundige in te schakelen om de kwaliteit van de click pvc-vloer te laten onderzoeken. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.6.</nr>
      <para>
        [eiser sub 1] heeft nog aangevoerd dat [gedaagde] hem heeft medegedeeld dat hij de click pvc-vloer zelf kon leggen. Die enkele mededeling van [gedaagde] maakt echter niet dat [eiser sub 1] mocht verwachten dat de vloer niet kon gaan ‘toppen’. Die mededeling zou relevant kunnen zijn als vast was komen te staan dat het ‘toppen’ wordt veroorzaakt door (de kwaliteit van) de click pvc-vloerdelen, maar dat heeft [eiser sub 1] niet onderbouwd gesteld (zie ook hiervoor onder 3.5).</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">De rechtbank komt niet toe aan beoordeling van de garantie</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.7.</nr>
      <para>Het beroep van [eiser sub 1] op de garantie van 2 jaar uit de overeengekomen CBW-voorwaarden en/of een toegezegde fabrieksgarantie van 15 jaar kan onbesproken blijven. Weliswaar komen deze garanties niet te vervallen omdat [eiser sub 1] de vloer zelf heeft gelegd, maar de garantie komt wel pas in beeld als vaststaat dat de vloer non-conform is. Deze garanties zien namelijk op de kwaliteit van de geleverde click pvc-vloer. Hiervoor is al geoordeeld dat niet is vast komen te staan dat de vloer non-conform is. De rechtbank komt dus niet toe aan de beoordeling van het beroep van [eiser sub 1] op de garantie(s).</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Buitengerechtelijke incassokosten</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.8.</nr>
      <para>De vorderingen van [eiser sub 1] worden afgewezen en daarom heeft hij ook geen recht op vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Proceskosten</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.9.</nr>
      <para>
        [eiser sub 1] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [gedaagde] worden begroot op:</para>
      <informaltable>
        <tgroup cols="4">
          <colspec colname="colA" />
          <colspec colname="colB" />
          <colspec colname="colC" />
          <colspec colname="colD" />
          <tbody>
            <row>
              <entry>
                <para>- salaris gemachtigde</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>542,00</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>(2 punten × € 271,00)</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>- nakosten</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>135,00</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>Totaal</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>677,00</para>
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
          </tbody>
        </tgroup>
      </informaltable>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>wijst de vorderingen van [eiser sub 1] af,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>veroordeelt [eiser sub 1] in de proceskosten van € 677,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [eiser sub 1] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door G.K.L. de Wijkerslooth de Weerdesteijn en in het openbaar uitgesproken op 18 december 2024.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
  <footnote id="_98adcd49-9c51-4817-9a42-d64b78bac018" label="1">
    <para> Artikel 7:17 lid 2 BW.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>