<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBMNE:2024:6265</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-11-28T11:38:38</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-11-13</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Midden-Nederland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Midden-Nederland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-11-13</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">10936175 \ AC EXPL 24-436</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Amersfoort</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2024:6265">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2024:6265</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-11-28T11:38:16</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-11-28</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBMNE:2024:6265 Rechtbank Midden-Nederland , 13-11-2024 / 10936175 \ AC EXPL 24-436</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBMNE:2024:6265:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Transportovereenkomst. Vordering tot vergoeding van schade. Vordering is verjaard en wordt daarom afgewezen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBMNE:2024:6265:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <emphasis role="bold caps">RECHTBANK </emphasis>
      <emphasis role="bold">MIDDEN-NEDERLAND</emphasis>
    </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Civiel recht</para>
      <para>Kantonrechter </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Amersfoort</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummer: 10936175 \ AC EXPL 24-436 VL/58599</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van 13 november 2024</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [eiser] , h.o.d.n. [handelsnaam]</emphasis>, </para>
      <para>wonend in [woonplaats] ,</para>
      <para>eisende partij,</para>
      <para>hierna te noemen: [eiser] ,</para>
      <para>gemachtigde: F. Engelage,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde]
        </emphasis>, </para>
      <para>gevestigd in [vestigingsplaats] ,</para>
      <para>gedaagde partij,</para>
      <para>hierna te noemen: [gedaagde] ,</para>
      <para>gemachtigde: mr. J. Mulder.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>
        [eiser] heeft [gedaagde] op 2 februari 2024 gedagvaard voor de kantonrechter. [gedaagde] heeft op 27 maart 2024 schriftelijk op de dagvaarding gereageerd. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>De mondelinge behandeling was op 11 oktober 2024. [eiser] was aanwezig. Hij werd bijgestaan door mevrouw [A] rolgemachtigde. Namens [gedaagde] was de heer [B] , KAM-coördinator bij [gedaagde] , aanwezig. Hij werd bijgestaan door mr. Mulder. Partijen hebben antwoord gegeven op vragen van de kantonrechter. De griffier heeft hiervan aantekeningen gemaakt. Tenslotte heeft de kantonrechter bepaald dat er een vonnis zal komen.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De kern van de zaak</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>
        [gedaagde] heeft in opdracht van [eiser] op 13 januari 2022 vijf pallets met blikjes frisdrank vervoerd van Rotterdam naar Scheemda. Tijdens het transport is een aantal pallets en blikjes beschadigd geraakt. [eiser] wil dat [gedaagde] de waarde van de totale lading, € 7.603,84, aan hem vergoedt. [gedaagde] is het hier niet mee eens. Volgens haar is de vordering van [eiser] verjaard en is de schade op basis van de toepasselijke AVC (Algemene Vervoers Condities) beperkt. De kantonrechter wijst de vorderingen van [eiser] af, omdat de vordering tot schadevergoeding is verjaard. Dit wordt hieronder toegelicht.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">De verjaringstermijn is 1 jaar</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>
        [eiser] en [gedaagde] hebben een vervoersovereenkomst gesloten. Een vordering die voortkomt uit een vervoersovereenkomst, verjaart na verloop van 1 jaar.<footnote-ref linkend="_2b78c8ba-4f3c-4380-8094-e3efa4fc27b5" /> Dit betekent dat [eiser] na het aflopen van de verjaringstermijn zijn vordering niet meer kan afdwingen. De verjaringstermijn begint op de dag na aflevering<footnote-ref linkend="_460d4287-3b70-4566-a165-802c9de41506" />, in dit geval dus op 14 januari 2022.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">De verjaringstermijn is niet gestuit</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>De verjaringstermijn kan op twee manieren worden gestuit:</para>
      <para>1. door een schriftelijke aanmaning of een schriftelijke mededeling waarin [eiser] op ondubbelzinnige wijze kenbaar maakt dat hij zich zijn recht op schadevergoeding voorbehoudt;<footnote-ref linkend="_ce4ca1f2-bfae-4aed-a6a6-91fae3622ce4" /></para>
      <para>2) door erkenning van de vordering door [gedaagde] .<footnote-ref linkend="_2866b7e7-fccc-4857-bfe2-42502fc7cbe8" /></para>
      <para>Als een verjaringstermijn wordt gestuit, begint deze weer opnieuw te lopen.<footnote-ref linkend="_a70856c3-cbc4-4f99-ab6b-86e725fb06a8" /> Het is aan [eiser] om te stellen en zo nodig te bewijzen dat de verjaringstermijn is gestuit.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>De kantonrechter is van oordeel dat de vordering van [eiser] is verjaard, omdat [eiser] onvoldoende heeft onderbouwd dat de verjaringstermijn is gestuit. Op het moment dat [eiser] de dagvaarding aanbracht, wist hij dat [gedaagde] van mening was dat de vordering was verjaard. [eiser] had dit verweer van [gedaagde] in zijn dagvaarding moeten opnemen en had op dat moment ook al kunnen aanvoeren welke stuitingshandelingen zijn verricht. Dit heeft hij niet gedaan, ook niet na het lezen van de conclusie van antwoord van [gedaagde] . De enkele stelling ter zitting dat ‘is gecommuniceerd met de verzekeraar van [gedaagde] ’ zonder enige verwijzing naar producties, is onvoldoende om vast te kunnen stellen dat, en zo ja wanneer de verjaringstermijn zou zijn gestuit.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>Wel heeft [gedaagde] gewezen op een brief van 12 oktober 2022<footnote-ref linkend="_9e03ebb6-a485-426a-af7a-6a472a5084c8" /> van [eiser] aan TVM (de verzekeraar van [gedaagde] , hierna: TVM). Volgens [gedaagde] kan deze brief niet worden aangemerkt als stuitingshandeling, omdat de brief niet aan [gedaagde] maar aan haar verzekeraar is gestuurd. De kantonrechter laat in het midden of correspondentie van [eiser] aan TVM kan worden aangemerkt als stuitingshandeling. Ook als deze brief de verjaringstermijn zou hebben gestuit dan zou de vordering van [eiser] inmiddels zijn verjaard. [eiser] heeft namelijk niet gesteld dat in de periode na deze brief nog een stuitingshandeling is verricht. Het dossier bevat enkele correspondentiestukken tussen [eiser] en TVM in de periode na 12 oktober 2022, maar deze ziet de kantonrechter niet – zeker niet zonder toelichting van [eiser] – als mededeling van [eiser] waarin hij zich op ondubbelzinnige wijze zijn recht op schadevergoeding voorbehoudt. Ook leest de kantonrechter hier niet een erkenning van de vordering door [gedaagde] in. Mocht de brief van 12 oktober 2022 de verjaringstermijn hebben gestuit, dan zou de vordering van [eiser] op 13 oktober 2023 dus alsnog zijn verjaard.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Rente en buitengerechtelijke incassokosten</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.5.</nr>
      <para>Omdat de vordering tot schadevergoeding zal worden afgewezen, zullen ook de gevorderde rente en buitengerechtelijke incassokosten worden afgewezen.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">
            [eiser] moet de proceskosten betalen</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.6.</nr>
      <para>
        [eiser] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. [gedaagde] wil dat [eiser] haar daadwerkelijk gemaakte proceskosten vergoedt. De kantonrechter veroordeelt [eiser] echter in de standaard proceskosten. Een vergoeding van de daadwerkelijk gemaakte proceskosten wordt namelijk alleen in buitengewone omstandigheden toegekend, bijvoorbeeld bij misbruik van procesrecht of het onrechtmatig instellen van een procedure. De kantonrechter is van oordeel dat hiervan geen sprake is. Het staat namelijk vast dat [eiser] een schadevordering had op [gedaagde] en [eiser] had niet op voorhand moeten begrijpen dat het beroep op verjaring zou slagen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.7.</nr>
      <para>De proceskosten van [gedaagde] worden begroot op:</para>
      <para />
      <informaltable>
        <tgroup cols="4">
          <colspec colname="colA" />
          <colspec colname="colB" />
          <colspec colname="colC" />
          <colspec colname="colD" />
          <tbody>
            <row>
              <entry>
                <para>- salaris gemachtigde</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>678,00</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>(2 punten × € 339,00)</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>- nakosten</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>135,00</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>Totaal</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>813,00</para>
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
          </tbody>
        </tgroup>
      </informaltable>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Uitvoerbaar bij voorraad</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.8.</nr>
      <para>De kantonrechter zal de proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad verklaren, zoals is gevorderd. Dat betekent dat de beslissing moet worden gevolgd, ook als één van partijen hoger beroep instelt tegen deze beslissing. De beslissing van de kantonrechter geldt in dat geval totdat het gerechtshof een andere beslissing neemt.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter:</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>wijst de vorderingen van [eiser] af;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>veroordeelt [eiser] in de proceskosten van € 813,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [eiser] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <para>verklaart de proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.</para>
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. V.E.J.A. Boots en in het openbaar uitgesproken op 13 november 2024. </para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
  <footnote id="_2b78c8ba-4f3c-4380-8094-e3efa4fc27b5" label="1">
    <para> Artikel 28 AVC en artikel 8:1711 BW.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_460d4287-3b70-4566-a165-802c9de41506" label="2">
    <para> Artikel 8:1714 BW.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_ce4ca1f2-bfae-4aed-a6a6-91fae3622ce4" label="3">
    <para> Artikel 3:317 lid 1 BW.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_2866b7e7-fccc-4857-bfe2-42502fc7cbe8" label="4">
    <para> Artikel 3:318 BW.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_a70856c3-cbc4-4f99-ab6b-86e725fb06a8" label="5">
    <para> Artikel 3:319 BW.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_9e03ebb6-a485-426a-af7a-6a472a5084c8" label="6">
    <para> Productie 3 bij dagvaarding.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>