<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBMNE:2024:3962</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-07-17T10:06:34</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-06-28</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Midden-Nederland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Midden-Nederland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-06-26</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">10678718</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Lelystad</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_verbintenissenrecht">Civiel recht; Verbintenissenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2024:3962">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2024:3962</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-07-17T10:06:07</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-07-17</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBMNE:2024:3962 Rechtbank Midden-Nederland , 26-06-2024 / 10678718</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBMNE:2024:3962:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Huur. Bewijsopdracht. Eiseres is er niet in geslaagd om aan te tonen dat er een aanvullende onderhuurovereenkomst voor de opslagruimte is overeengekomen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBMNE:2024:3962:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <emphasis role="bold caps">RECHTBANK </emphasis>
      <emphasis role="bold">MIDDEN-NEDERLAND</emphasis>
    </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Civiel recht</para>
      <para>Kantonrechter </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Lelystad</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummer: 10678718 \ LC EXPL  23-1946</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van 26 juni 2024</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [eiseres] B.V.</emphasis>, </para>
      <para>statutair gevestigd te [vestigingsplaats 1] ,</para>
      <para>eisende partij,</para>
      <para>hierna te noemen: [eiseres] ,</para>
      <para>gemachtigde: mr. T.B. van Dreumel,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde] B.V.</emphasis>, </para>
      <para>gevestigd en kantoorhoudende te [vestigingsplaats 2] ,</para>
      <para>gedaagde partij,</para>
      <para>hierna te noemen: [gedaagde] ,</para>
      <para>gemachtigde: mr. M.W.G. Versendaal.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het verdere verloop van de procedure</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het verdere verloop van de procedure volgt uit de volgende processtukken, waarvan de kantonrechter kennis heeft genomen:</para>
      <para>- het tussenvonnis van 3 april 2024 en de daarin genoemde stukken</para>
      <para>- de akte van [eiseres] van 1 mei 2024 met productie 12</para>
      <para>- de antwoordakte van [gedaagde] .</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>De kantonrechter heeft besloten dat vandaag de uitspraak is.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>De verdere beoordeling</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Het tussenvonnis van 3 april 2024</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>In deze zaak staat de vraag centraal of er tussen partijen een aanvullende (mondelinge) overeenkomst tot stand is gekomen voor de onderhuur van 1.496 m² aan extra opslagruimte. [eiseres] meent van wel en [gedaagde] meent van niet.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>De kantonrechter verwijst naar het tussenvonnis van 3 april 2024, waarvan de inhoud hier als herhaald en ingelast moet worden beschouwd. Bij dit tussenvonnis is  [eiseres] in de gelegenheid gesteld om nader bewijs te leveren van haar stelling dat partijen eind februari / begin maart 2023 mondeling een aanvulling op de onderhuurovereenkomst zijn overeengekomen, die inhoudt dat [gedaagde] met ingang van 1 augustus 2023 1.496 m² aan extra opslagruimte onderhuurt tegen betaling van een huurprijs overeenkomstig de tussen partijen geldende vierkantemeterprijs. Op 1 mei 2024 heeft [eiseres] een akte genomen en vervolgens is [gedaagde] in de gelegenheid gesteld om daarop te reageren. Bij akte van 29 mei 2024 heeft [gedaagde] daarop gereageerd.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Waarom is [eiseres] niet geslaagd in haar bewijsopdracht?</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>
        [eiseres] heeft aan de voornoemde bewijsopdracht uitvoering gegeven door bij haar akte twee e-mailberichten van 29 april 2024 om 14:33:32 uur en om 14:39.37 uur van mevrouw [A] van Makelaardij [naam] (hierna: [A] ) aan de heer [B] (hierna: [B] ) van [eiseres] in het geding te brengen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>Hierna zal de kantonrechter het door [eiseres] geleverde bewijs waarderen, waarbij als toetsingskader geldt dat de door [eiseres] gestelde feiten (pas) bewezen zijn, als er sprake is van een redelijke mate van zekerheid daarvan.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <para>De kantonrechter is van oordeel dat [eiseres] niet geslaagd is in haar bewijsopdracht en wel om het volgende.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.6.</nr>
      <para>
        [A] heeft in haar eerste e-mailbericht van 29 april 2024 om 14:33:32 uur enkel verklaard dat ‘<emphasis role="italic">Wat in het onderstaande bericht staat en klopt, zo hebben we met [gedaagde] aan tafel gezeten en het besproken</emphasis>’. Het onderstaande bericht waarnaar [A] in haar e-mailbericht heeft verwezen zijn de bewoordingen van [B] zelf over hoe het tijdspad volgens hem was verlopen, maar dat zijn niet de bewoordingen en/of waarnemingen van [A] zelf. [A] heeft in het geheel niets verklaard over het moment waarop de mondelinge onderhuurovereenkomst voor de extra opslagruimte definitief tot stand zou zijn gekomen. Ook heeft [A] verder niets verklaard over wanneer en hoe vaak zij [gedaagde] heeft gesproken over het huren van de extra opslagruimte, wat er tijdens die gesprekken is besproken, welke toezeggingen er zouden zijn gedaan door [gedaagde] over het huren van de extra opslagruimte en onder welke voorwaarden de extra opslagruimte gehuurd zou worden. Uit dit e-mailbericht van [A] volgt geenszins dat eind februari / begin maart 2023, zoals [eiseres] stelt, tussen partijen een aanvullende mondelinge onderhuurovereenkomst voor de extra opslagruimte van 1.496 m² per 1 augustus 2023 tot stand is gekomen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.7.</nr>
      <para>Ook het aanvullend e-mailbericht van [A] van 29 april 2024 om 14:39:37 uur biedt geen steun aan het standpunt van [eiseres] . In de eerste plaats zegt [A] in het e-mailbericht alleen ‘<emphasis role="italic">Onderstaande bericht klopt zo hebben we het met elkaar besproken, [C] wilde het zo.</emphasis>’. Vervolgens komt er een opsomming van kennelijk interne notities van [eiseres] . Nog los van het feit dat de opsomming niet de bewoordingen en/of waarnemingen van [A] zelf zijn, volgt daarnaast uit die opsomming ook niet dat er tussen partijen eind februari / begin maart 2023 een mondelinge overeenkomst voor de extra opslagruimte per 1 augustus 2023 tot stand is gekomen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.8.</nr>
      <para>Het bovenstaande brengt mee dat [eiseres] er niet in is geslaagd om te bewijzen dat partijen eind februari / begin maart 2023 mondeling een aanvullende onderhuurovereenkomst zijn overeengekomen, die inhoudt dat [gedaagde] met ingang van 1 augustus 2023 1.496 m² aan extra opslagruimte onderhuurt tegen betaling van een huurprijs overeenkomstig de tussen partijen geldende vierkantemeterprijs. De kantonrechter stelt dan ook vast dat tussen partijen per 1 augustus 2023 geen onderhuurovereenkomst voor de extra opslagruimte van 1.496 m² tot stand is gekomen. Alle vorderingen van [eiseres] worden afgewezen, omdat de grondslag daarvoor – de onderhuurovereenkomst voor de extra opslagruimte – is komen te ontvallen. Dit betekent dat [gedaagde] niets aan [eiseres] hoeft te betalen.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Waarom moet [eiseres] de proceskosten betalen?</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.9.</nr>
      <para>
        [eiseres] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [gedaagde] worden begroot op:</para>
      <para />
      <informaltable>
        <tgroup cols="4">
          <colspec colname="colA" />
          <colspec colname="colB" />
          <colspec colname="colC" />
          <colspec colname="colD" />
          <tbody>
            <row>
              <entry>
                <para>- salaris gemachtigde</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>2.375,00</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>(2,5 punten × € 950,00)</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>- nakosten</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>135,00</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>Totaal</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>2.510,00</para>
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
          </tbody>
        </tgroup>
      </informaltable>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>wijst de vorderingen van [eiseres] af,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>veroordeelt [eiseres] in de proceskosten van € 2.510,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [eiseres] niet tijdig aan de kostenveroordeling voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>verklaart de kostenveroordeling onder 3.2. van dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. drs. B.G.W.P. Heijne en in het openbaar uitgesproken op <?linebreak?>26 juni 2024.</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>HHt/37278</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>