<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBMNE:2024:2488</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-04-23T15:21:46</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-04-23</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Midden-Nederland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Midden-Nederland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-04-23</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">16/234670-22 (P)</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Utrecht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2024:2488">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2024:2488</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-04-23T13:01:24</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-04-23</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBMNE:2024:2488 Rechtbank Midden-Nederland , 23-04-2024 / 16/234670-22 (P)</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBMNE:2024:2488:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Verdachte wordt vrijgesproken voor het plegen van openlijk geweld. De rechtbank kan niet buiten redelijke twijfel vaststellen dat verdachte ter plaatse was toen het geweld tegen het slachtoffer en zijn voertuig plaatsvond.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBMNE:2024:2488:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Strafrecht</para>
      <para>Zittingsplaats Utrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 16/234670-22 (P)</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van de meervoudige kamer van 23 april 2024</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de strafzaak tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte] </emphasis>
        <emphasis role="bold caps"> ,</emphasis>
      </para>
      <para>geboren op [1996] te [geboorteplaats] ,</para>
      <para>wonende aan [adres] te [woonplaats] , </para>
      <para>hierna: verdachte.</para>
    </parablock>
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>ONDERZOEK TER TERECHTZITTING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 26 maart 2024 (inhoudelijke behandeling) en 9 april 2024 (sluiting onderzoek).</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering en standpunten van officier van justitie mr. F.E. Leeman en van hetgeen verdachte en zijn raadsman, mr. A. Boumanjal, advocaat te Utrecht, naar voren hebben gebracht.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>TENLASTELEGGING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">op 14 september 2022 te Amersfoort openlijk geweld heeft gepleegd tegen [slachtoffer] en/of een personenauto Audi A3.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>VOORVRAGEN</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De dagvaarding is geldig, de rechtbank is bevoegd tot kennisneming van het ten laste gelegde, de officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging van verdachte en er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>VRIJSPRAAK</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de officier van justitie</emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie acht het ten laste gelegde wettig en overtuigend te bewijzen. Verdachte voegde zich bij de groep die in de aanval was, terwijl het conflict nog niet klaar was. Verdachte heeft zelf verklaard dat hij kwam om te helpen en te ondersteunen en dat het uit de hand is gelopen. Dit wijst erop dat verdachte deel uitmaakte van de groep die het geweld heeft gepleegd. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
        </para>
        <para>De raadsman heeft vrijspraak bepleit van het ten laste gelegde, nu niet bewezen kan worden dat verdachte een significante en wezenlijke bijdrage heeft gehad in het ten laste gelegde geweld. Verdachte kwam pas ter plaatse toen het geweld al ten einde was en er is geen bewijs dat verdachte geweldshandelingen heeft verricht. Verdachte heeft weliswaar verklaard dat hij daar ter plaatse kwam om te helpen, maar hiermee bedoelde verdachte dat hij de situatie wilde de-escaleren. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank acht niet wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het hem ten laste gelegde feit heeft begaan en zal hem daarvan vrijspreken. De rechtbank overweegt daartoe dat niet buiten redelijke twijfel kan worden vastgesteld dat verdachte ter plaatse was toen het geweld tegen het slachtoffer en zijn voertuig plaatsvond. Hoewel het dossier aanwijzingen bevat dat verdachte in één van de auto’s zat die de auto van het slachtoffer heeft klemgereden, acht de rechtbank die aanwijzingen te mager voor de vaststelling dat hij daadwerkelijk in één van die auto’s zat. Dat betekent dat het mogelijk is dat, zoals verdachte verklaarde, hij later te voet is aangekomen. Uit het dossier en het verhandelde ter terechtzitting kan de rechtbank niet opmaken of dat voor, ten tijde, of pas na afloop van de geweldshandelingen is geweest. Daarom kan de rechtbank niet met voldoende mate van zekerheid vaststellen dat verdachte deel uitmaakte (door het leveren van een wezenlijke bijdrage) van de groep die openlijk geweld heeft gepleegd. De rechtbank zal verdachte vrijspreken van het ten laste gelegde. </para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5</nr>BESLISSING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Vrijspraak</emphasis>
      </para>
      <para>- 	verklaart het ten laste gelegde niet bewezen en <emphasis role="bold">spreekt verdachte daarvan vrij</emphasis>.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. L.C. Michon, voorzitter, mrs. E.H.M. Druijf en J.P. Verboom, rechters, in tegenwoordigheid van mr. R.I. van Balkom, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van 23 april 2024.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De oudste rechter is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Bijlage: de tenlastelegging</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte wordt ten laste gelegd dat: </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 14 september 2022 te Amersfoort, althans in Nederland, openlijk, te weten, op/aan de Sluisstraat, in elk geval op of aan de openbare weg en/of op een voor het publiek toegankelijke plaats, in vereniging geweld heeft gepleegd tegen een persoon, te weten [slachtoffer] en/of een goed te weten een personenauto Audi A3, door<?linebreak?>- de personenauto waarvan die [slachtoffer] de bestuurder was klem te rijden en/of<?linebreak?>- een of meer portier(en) van de personenauto van die [slachtoffer] open te trekken en/of<?linebreak?>- (vervolgens) terwijl die [slachtoffer] nog in de personenauto zat een of meer trappende en/of slaande bewegingen te maken naar die [slachtoffer] , althans in de richting van die [slachtoffer] en/of<?linebreak?>- meermalen, althans eenmaal, te slaan en/of te schoppen op/tegen het hoofd en/of het lichaam van die [slachtoffer] en/of<?linebreak?>- meermalen, althans eenmaal op/tegen de autoruiten van de personenauto van die [slachtoffer] te schoppen en/of te trappen en/of<?linebreak?>- meermalen, althans eenmaal met een moersleutel, althans met een hard voorwerp, op de motorkap van de personenauto van die [slachtoffer] te slaan.</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>