<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBMNE:2023:3060</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-07-20T08:10:39</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-06-27</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Midden-Nederland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Midden-Nederland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2023-05-31</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">10276233 UC EXPL 23-247</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Utrecht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_verbintenissenrecht">Civiel recht; Verbintenissenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2023:3060">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2023:3060</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-07-18T07:46:20</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-07-20</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBMNE:2023:3060 Rechtbank Midden-Nederland , 31-05-2023 / 10276233 UC EXPL 23-247</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBMNE:2023:3060:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>overeenkomstenrecht. inschrijvingsprocedure schoolkamp ROC. Geen bindende inschrijving student want geen toestemming van ouders. Geen overeenkomst tot stand gekomen. Vordering school tot nakoming betalingsverbintenis wordt afgewezen. Modern vonnis.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBMNE:2023:3060:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Civiel recht</para>
      <para>kantonrechter</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>locatie Utrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer: 10276233 UC EXPL  23-246 VS/1257</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van 31 mei 2023</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>inzake</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de stichting</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [eiseres]
        </emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te [vestigingsplaats] ,</para>
      <para>eisende partij,</para>
      <para>gemachtigde: mr. D.M. van Ralen,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde]
        </emphasis>,</para>
      <para>wonende te [woonplaats] ,</para>
      <para>gedaagde partij,</para>
      <para>gemachtigde: [gemachtigde] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen zullen hierna ‘ [eiseres] ’ en ‘ [gedaagde] ’ worden genoemd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>
      <nr>1</nr>Het procesverloop</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Bij de kantonrechter zijn de volgende stukken ingediend:</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>dagvaarding</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>mondeling antwoord, neergelegd in een proces-verbaal van de rolzitting</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>een akte van [eiseres]</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Op 3 mei 2023 is de zaak besproken tijdens een mondelinge behandeling, waarvan de griffier aantekeningen maakte. [gedaagde] was er niet, zijn ouders wel. Hij had vader schriftelijk gevolmachtigd.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">De kern van de zaak</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <parablock>
        <para>
          [gedaagde] volgde een sportopleiding bij [eiseres] . Onderdeel van de opleiding was een verplichte activiteitenweek, waarvoor [eiseres] verschillende keuzemogelijkheden aanbood. [gedaagde] heeft gekozen voor de activiteitenweek outdoor. Die kostte € 275,00. [gedaagde] heeft dit bedrag niet betaald en hij is ook niet mee geweest. </para>
        <para>
          [eiseres] vordert betaling van € 275,00, vermeerderd met rente, incassokosten en proceskosten. [gedaagde] betwist dat hij zich bindend heeft ingeschreven voor de activiteitenweek; zijn ouders hebben geen toestemming gegeven terwijl dit wel vereist was. Het gelijk ligt bij [gedaagde] en de eisen van [eiseres] worden afgewezen.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Er is geen overeenkomst tot stand gekomen</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>In de door [eiseres] opgestelde inschrijfprocedure is bepaald dat ouders toestemming moeten geven voor deelname aan de activiteitenweek als de student jonger is dan 18 jaar. Bij de inschrijfdeadline op 5 november 2021 was [gedaagde] 17 jaar. In de inschrijfprocedure is ook vermeld dat het digitale systeem waarmee iemand zich opgeeft zo is ingesteld dat de inschrijving niet slaagt als de ouders niet op ‘akkoord’ klikken. Op de zitting heeft [eiseres] gesteld dat dit anders is. De opgave voor een van de varianten van de activiteitenweek kan digitaal gewoon worden afgerond zonder dat door de ouders op ‘akkoord’ is geklikt. [eiseres] geeft per mail aan de ouders door dat hun kind zich opgaf. Als die niet laten weten dat zij tegen de opgave te zijn, dan beschouwt [eiseres] de opgave als bindend en is de inschrijving een feit. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>Op die manier [eiseres] houdt zich niet aan zijn eigen inschrijvingsprocedure. In plaats van toestemming die gegeven móét worden via de door [eiseres] ingerichte digitale inschrijving, blijkt ook stilzwijgen van ouders ineens te leiden tot een bindende inschrijving. Maar stilzwijgende toestemming telt niet, zo bepalen de schriftelijk bekendgemaakte regels van [eiseres] zelf. Sterker nog, de ouders mogen er door de inrichting van de inschrijvingsprocedure op vertrouwen dat zolang zij niets doen de opgave van hun minderjarige kind niet bindend is. [eiseres] heeft niet gesteld dat de ouders van [gedaagde] ooit toestemming gaven volgens de regels die [eiseres] zelf opstelde. De inschrijving heeft dus nooit bindend plaatsgevonden en de overeenkomst tussen [eiseres] en [gedaagde] over de activiteitenweek outdoor is niet tot stand gekomen. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">De mededeling van de ouders doet er niet meer toe</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>De ouders van [gedaagde] hebben, toen zij hoorden dat [gedaagde] zich had opgegeven, laten weten dat zij daarvoor geen toestemming gaven. Maar er wás geen inschrijving, dus de ouders van [gedaagde] hoefden dat niet eens te laten weten. Laat staan dat nog van belang is of zij dit schriftelijk hadden moeten doen bij [A] of konden volstaan met een mondelinge mededeling aan [B] , beiden verbonden aan [eiseres] . </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Conclusie en proceskosten </emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <para>De vordering van [eiseres] wordt afgewezen. Hij moet daarom zijn eigen proceskosten dragen en die van [gedaagde] vergoeden. Er worden geen salariskosten voor de gemachtigde begroot, omdat de gemachtigde de vader van [gedaagde] is. De kosten van [gedaagde] worden dus begroot op € 0,00.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter:</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>wijst de vorderingen van [eiseres] af;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>veroordeelt [eiseres] in de proceskosten, aan de zijde van [gedaagde] begroot op € 0,00.</para>
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. R.J. Verschoof, kantonrechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 31 mei 2023.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>