<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBMNE:2023:1517</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-07-07T15:32:11</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-04-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Midden-Nederland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Midden-Nederland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2023-04-04</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">16.318520.22</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Lelystad</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2023:1517">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2023:1517</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-07-07T15:29:52</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-07-07</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBMNE:2023:1517 Rechtbank Midden-Nederland , 04-04-2023 / 16.318520.22</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBMNE:2023:1517:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Veroordeling voor poging zware mishandeling tot een gevangenisstraf van vier maanden met aftrek van het voorarrest.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBMNE:2023:1517:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Strafrecht</para>
      <para>Zittingsplaats Lelystad</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 16.318520.22 (P)</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van de meervoudige kamer van 4 april 2023</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de strafzaak tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte] </emphasis>
        <emphasis role="bold caps"> ,</emphasis>
      </para>
      <para>geboren op [geboortedatum] 1990 te Litouwen,</para>
      <para>ingeschreven te [adres] te [woonplaats] (Litouwen), </para>
      <para>thans gedetineerd in de [Locatie] te [plaats] .</para>
    </parablock>
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>ONDERZOEK TER TERECHTZITTING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de  terechtzitting van 21 maart 2023.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering en standpunten van officier van justitie mr. F.E. Leeman en van hetgeen verdachte en zijn raadsman, mr. U. Yildirim, advocaat te Zwolle, naar voren hebben gebracht.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>TENLASTELEGGING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">primair:</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">op 6 december 2022 in Biddinghuizen aan [slachtoffer] opzettelijk zwaar lichamelijk letsel heeft toegebracht door haar met een mes in haar been te steken;</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">subsidiair:</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">op 6 december 2022 in Biddinghuizen geprobeerd heeft om aan [slachtoffer] opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen door haar met een mes in haar been te steken; </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">meer subsidiair:</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">op 6 december 2022 in Biddinghuizen [slachtoffer] heeft mishandeld door haar met een mes in haar been te steken, met zwaar lichamelijk letsel ten gevolg. </emphasis>
      </para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>VOORVRAGEN</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De dagvaarding is geldig, de rechtbank is bevoegd tot kennisneming van het ten laste gelegde, de officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging van verdachte en er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>WAARDERING VAN HET BEWIJS</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de officier van justitie</emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie acht het subsidiair ten laste gelegde wettig en overtuigend te bewijzen. Van het primair ten laste gelegde heeft de officier van justitie vrijspraak gevraagd. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
        </para>
        <para>De raadsman heeft vrijspraak bepleit van het primair ten laste gelegde. Hij heeft daartoe aangevoerd dat er niet uitgegaan kan worden van blijvend letsel, omdat onbekend is hoe het nu met de verwondingen van aangeefster gaat. De wonden van aangeefster zijn gelijmd, waaruit volgt dat de wonden kennelijk niet ernstig genoeg waren om te hechten. Er kan daarom niet uitgegaan worden van zwaar lichamelijk letsel. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Ten aanzien van het subsidiair en meer subsidiair ten laste gelegde heeft de raadsman zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.  </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Vrijspraak </emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank acht niet wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het primair ten laste gelegde heeft begaan en zal verdachte hiervan vrijspreken. De rechtbank is van oordeel dat uit het dossier niet afgeleid kan worden dat de steekwonden in het onderbeen van aangeefster zwaar lichamelijk letsel hebben opgeleverd.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Bewijsmiddelen</emphasis>
          <footnote-ref linkend="_560004ae-9687-47a6-a341-a1f2281dee0d" />
        </para>
        <para>Het feit is door verdachte begaan. Verdachte heeft het subsidiair ten laste gelegde feit bekend. De raadsman heeft geen vrijspraak voor dit feit bepleit. De rechtbank volstaat onder deze omstandigheden met een opsomming van de volgende bewijsmiddelen:</para>
      </parablock>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>de bekennende verklaring van verdachte ter terechtzitting van 21 maart 2023; </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de aangifte van [slachtoffer] van 7 december 2022<footnote-ref linkend="_4e97b510-52e0-4124-b428-e9bc41f3287f" />;</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para>- een schriftelijk bescheid, te weten een brief van ziekenhuis St. Jansdal d.d. 6 december 2022 met een fotobijlage.<footnote-ref linkend="_5f8476cb-9232-4f1b-9411-7472eb6ef509" /></para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Bewijsoverweging </emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank is van oordeel dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan een poging tot zware mishandeling. Verdachte stond op korte afstand van aangeefster en had een mes van 20 à 25 centimeter vast. Hij heeft vervolgens in elk geval tweemaal met dit mes naar aangeefster uitgehaald, waarbij hij haar tweemaal in haar onderbeen heeft geraakt. Uit de letselbeschrijving en de foto’s blijkt dat dit steken met de nodige kracht heeft plaatsgevonden. Verdachte was op dat moment, naar eigen zeggen, stomdronken. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Door in deze toestand tot tweemaal toe op voornoemde wijze met een mes naar iemand uit te halen heeft verdachte willens en wetens de aanmerkelijke kans aanvaard dat hij zwaar lichamelijk letsel aan aangeefster toe zou brengen. </para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>BEWEZENVERKLARING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">subsidiair:</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">op 6 december 2022 te Biddinghuizen ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om aan [slachtoffer] opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen meerdere malen met een mes in het onderbeen van die [slachtoffer] heeft gestoken, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Hetgeen onder subsidiair meer of anders is ten laste gelegd is niet bewezen. Verdachte wordt hiervan vrijgesproken.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>STRAFBAARHEID VAN HET FEIT</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het bewezen verklaarde uitsluit, zodat dit strafbaar is.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het bewezen verklaarde levert volgens de wet het volgende strafbare feit op: </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">poging zware mishandeling.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>7</nr>STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Er is geen omstandigheid gebleken of aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. Verdachte is dan ook strafbaar.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>8</nr>OPLEGGING VAN STRAF </title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>8.1</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">De vordering van de officier van justitie</emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie heeft gevorderd verdachte ter zake van het door de officier van justitie bewezen geachte te veroordelen tot een gevangenisstraf van 4 maanden, met aftrek van het voorarrest. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>8.2</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
        </para>
        <para>De verdediging heeft verzocht te volstaan met een gevangenisstraf die gelijk is aan het voorarrest.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>8.3</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
        </para>
        <para>Bij het bepalen van de straf heeft de rechtbank rekening gehouden met de ernst van het bewezen verklaarde, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon van verdachte, zoals ter terechtzitting is gebleken.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Ernst van het feit </emphasis>
        </para>
        <para>Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan een poging tot zware mishandeling. Hij woonde samen met aangeefster in een huisje op een vakantiepark. Tijdens een ruzie heeft hij – terwijl hij dronken was – een mes gepakt en aangeefster daarmee tweemaal in haar onderbeen gestoken. Drie weken na het incident bleek één van de verwondingen van aangeefster nog altijd niet genezen te zijn, er kwam nog steeds bloed uit de wond. Aangeefster liep op dat moment nog op krukken en was nog niet in staat om te werken. </para>
        <para>Het betreft een ernstig feit waarbij aan aangeefster veel pijn en leed is toegebracht. Bovendien had zij zich veilig moeten kunnen voelen in haar woning. De verdachte heeft haar dit gevoel van veiligheid afgenomen. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Persoon van verdachte</emphasis>
        </para>
        <para>Bij haar beslissing heeft de rechtbank rekening gehouden met een uittreksel justitiële documentatie betreffende verdachte van 13 februari 2023, waaruit blijkt dat verdachte niet eerder in Nederland is veroordeeld.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Verdachte komt uit Litouwen en was net twee weken in Nederland om hier te werken. Hoewel verdachte heeft aangegeven geen verslavingen te hebben, maakt de rechtbank zich zorgen om het alcoholgebruik van verdachte. Op het moment van het incident was hij naar eigen zeggen al vier dagen alcohol aan het drinken en was zodoende stomdronken. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">De straf</emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank heeft bij de keuze tot het opleggen van een vrijheidsbenemende straf en bij de vaststelling van de duur daarvan in het bijzonder het volgende laten meewegen. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De oriëntatiepunten voor straftoemeting van het LOVS gaan voor zware mishandeling waarbij opzettelijk middelzwaar lichamelijk letsel met behulp van een wapen (niet zijnde een vuurwapen) is toegebracht, uit van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 7 maanden. Gelet hierop kan niet worden volstaan met een straf die geen vrijheidsbeneming met zich brengt. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>In strafverminderende zin houdt de rechtbank er rekening mee dat het niet om een voltooid delict, maar om een poging gaat.</para>
        <para>Ook houdt de rechtbank er rekening mee dat verdachte een first offender is, dat hij openheid over het feit heeft gegeven en dat hij spijt heeft betuigd. Hij heeft verklaard de schade van aangeefster te willen vergoeden.   </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Alles overwegende is de rechtbank van oordeel dat de door de officier van justitie gevorderde en door de raadsman verzochte straf passend en geboden is. De rechtbank zal daarom aan verdachte een gevangenisstraf voor de duur van vier maanden opleggen. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Voorlopige hechtenis </emphasis>
        </para>
        <para>Omdat verdachte op het moment van deze uitspraak 120 dagen in voorarrest heeft doorgebracht, zal de rechtbank de voorlopige hechtenis met onmiddellijke ingang opheffen. </para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>9</nr>TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De beslissing berust op de artikelen 45 en 302 van het Wetboek van Strafrecht, zoals de artikelen luidden ten tijde van het bewezen verklaarde.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>10</nr>BESLISSING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Vrijspraak</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart het primair ten laste gelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij; </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Bewezenverklaring</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart het subsidiair ten laste gelegde bewezen zoals hiervoor in rubriek 5 is vermeld;</para>
    <para>- verklaart het subsidiair meer of anders ten laste gelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij; </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Strafbaarheid</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart het bewezen verklaarde strafbaar en kwalificeert dit zoals hiervoor in rubriek 6 is vermeld; </para>
    <para>- verklaart verdachte strafbaar; </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Oplegging straf </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf van 4 (vier) maanden; </para>
    <para>- bepaalt dat de tijd, door verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van de gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Voorlopige hechtenis </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- heft op het bevel tot voorlopige hechtenis.</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. R.A. Hebly, voorzitter, mr. V.C. Kool en mr. H. den Haan, rechters, in tegenwoordigheid van mr. B.T. Feenstra, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van 4 april 2023.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Bijlage: de tenlastelegging</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte wordt ten laste gelegd dat: </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 6 december 2022 te Biddinghuizen, gemeente Dronten, aan [slachtoffer] opzettelijk zwaar lichamelijk letsel, te weten spierscheur in de kuit/het (onder)been, heeft toegebracht door een of meerdere ma(a)l(en) met een mes, althans een soortgelijk (scherp) voorwerp, in de kuit/het (onder)been, althans het lichaam, van die [slachtoffer] te steken;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 6 december 2022 te Biddinghuizen, gemeente Dronten, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om aan [slachtoffer] opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen een of meerdere ma(a)l(en) met een mes, althans een soortgelijk (scherp) voorwerp, in de kuit/het (onder)been, althans het lichaam, van die [slachtoffer] heeft gestoken, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>meer subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 6 december 2022 te Biddinghuizen, gemeente Dronten, [slachtoffer] heeft mishandeld door een of meerdere ma(a)l(en) met een mes, althans een soortgelijk (scherp) voorwerp, in de kuit/het (onder)been, althans het lichaam, van die [slachtoffer] te steken, terwijl het feit zwaar lichamelijk letsel, te weten een spierscheur in de kuit/het (onder)been ten gevolge heeft gehad.</para>
    </parablock>
  </section>
  <footnote id="_560004ae-9687-47a6-a341-a1f2281dee0d" label="1">
    <para> Wanneer hierna wordt verwezen naar paginanummers betreft dit pagina’s van op ambtseed of ambtsbelofte opgemaakte processen-verbaal. Deze processen-verbaal zijn als bijlagen opgenomen bij het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal van 21 februari 2023, genummerd FVP/MD2R022186, opgemaakt door politie Midden-Nederland, doorgenummerd 1 tot en met 135. Tenzij anders vermeld, zijn dit processen-verbaal in de wettelijke vorm opgemaakt door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_4e97b510-52e0-4124-b428-e9bc41f3287f" label="2">
    <para> Pagina’s 28 tot en met 30.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_5f8476cb-9232-4f1b-9411-7472eb6ef509" label="3">
    <para> Pagina’s 34 tot en met pagina 39.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>