<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBMNE:2022:6306</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-05-19T10:15:20</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-03-14</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Midden-Nederland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Midden-Nederland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2022-05-20</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">530722 FA RK 21-2290</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Utrecht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2022:6306">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2022:6306</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-05-19T10:14:40</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-05-19</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBMNE:2022:6306 Rechtbank Midden-Nederland , 20-05-2022 / 530722 FA RK 21-2290</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBMNE:2022:6306:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>echtscheiding Eritrees huwelijk. Vrouw ten tijde van het huwelijk minderjarig.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBMNE:2022:6306:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND</bridgehead>
    <para>Familierecht</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>locatie Utrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer: C/16/530722 / FA RK 21-2290 </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Echtscheiding</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Beschikking van 20 mei 2022</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [de vrouw] , </emphasis>
      </para>
      <para>volgens de huwelijksakte ook genaamd<emphasis role="bold"> [naam 1] ,</emphasis></para>
      <para>wonende in [woonplaats] ,</para>
      <para>hierna te noemen: de vrouw, </para>
      <para>advocaat mr. J.E. Jalandoni,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [de man] , </emphasis>
      </para>
      <para>volgens de huwelijksakte ook genaamd<emphasis role="bold"> [naam 2] , </emphasis></para>
      <para>wonende in [woonplaats] ,</para>
      <para>hierna te noemen: de man.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>De rechtbank heeft kennisgenomen van de volgende stukken:</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>het verzoekschrift van de vrouw met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 16 november 2021;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>het betekeningsexploot;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>het F9-formulier van 26 janauri 2022 met bijlage (beëdigde vertaling huwelijksakte); </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>het F9-formulier van 10 februari 2022 met bijlagen, waaronder het ouderschapsplan;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>het F9-formulier van 28 februari 2022 met bijlagen (geboorte-akten).</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Binnen de daarvoor gestelde termijn heeft de man geen verweerschrift ingediend.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3.</nr>
      <para>De rechtbank heeft aan [minderjarige 2 (voornaam)] en [minderjarige 1 (voornaam)] , de twee oudste kinderen van partijen, gevraagd wat zij van het verzoek vinden. Zij hebben geen gebruik gemaakt van de mogelijkheid hun mening te geven, maar hebben laten weten de uitnodigingsbrief voor het gesprek wel gelezen te hebben.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Waar gaat het over?</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>Partijen zijn op [2002] te [plaats 1] (Eritrea) met elkaar getrouwd. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>De vrouw en de man hebben beide de Nederlandse nationaliteit. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>Partijen zijn de ouders van:</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>
            [minderjarige 1] , geboren op [2008] te [geboorteplaats 1] (Eritrea),</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>
            [minderjarige 2] , geboren op [2005] te [geboorteplaats 1] (Eritrea),</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>
            [minderjarige 3] , geboren op [2014] te [geboorteplaats 2] ,</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>
            [minderjarige 4] , geboren op [2016] in [geboorteplaats 3] .</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>De vrouw verzoekt de rechtbank de echtscheiding tussen partijen uit te spreken.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <para>Daarnaast verzoekt de vrouw de rechtbank om:</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>de hoofdverblijfplaats van de kinderen bij haar te bepalen;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>te bepalen dat de vrouw huurster zal zijn van de woning aan het [adres] te ( [postcode] ) [plaats 2] .</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.6.</nr>
      <para>De vrouw heeft geen afschrift of een uittreksel van de geboorteaktes van de twee oudste kinderen van partijen overgelegd. </para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>De rechtbank zal de echtscheiding tussen partijen uitspreken, de hoofdverblijfplaats van de kinderen bij de vrouw bepalen en bepalen dat de vrouw de huurster zal zijn van genoemde woning. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Bevoegdheid </emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>De vrouw en ook de man hebben de gewone verblijfplaats in Nederland en zij wonen ook al langer dan een jaar in Nederland. Daarom komt de Nederlandse rechter rechtsmacht toe om op het verzoek te beslissen. Dat volgt uit artikel 3 lid 1 onder a van de EG-verordening nr. 2201/2003 van de Raad van 27 november 2003 betreffende de bevoegdheid en de erkenning en tenuitvoerlegging van beslissingen in huwelijkszaken en inzake de ouderlijke verantwoordelijkheid (Brussel II-bis).</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Het ontbreken van de geboorteaktes</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>De rechtbank vindt dat het overleggen van een afschrift of een uittreksel van de geboorteaktes van de twee oudste kinderen achterwege kan blijven. De rechtbank gaat ervan uit dat de vrouw hier niet meer aan kan komen. De rechtbank neemt daarom genoegen met de uittreksels uit de Basisregistratie personen. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Rechtsgeldigheid en erkenning huwelijk </emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>De rechtbank moet vervolgens beoordelen of er sprake is van een rechtsgeldig huwelijk dat in Nederland kan worden erkend. Artikel 10:31 lid 1 van het Burgerlijk Wetboek (BW) bepaalt dat een buiten Nederland gesloten huwelijk dat ingevolge het recht van de staat waar de huwelijksvoltrekking plaatsvond rechtsgeldig is of nadien rechtsgeldig is geworden, als zodanig wordt erkend. Artikel 10:31 lid 4 BW bepaalt dat een huwelijk wordt vermoed rechtsgeldig te zijn, indien een huwelijksverklaring is afgegeven door een bevoegde autoriteit.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.5.</nr>
      <parablock>
        <para>Partijen hebben een document van de familierechtbank in [plaats 3] (Eritrea) overgelegd aangaande de huwelijksakte met het nummer [nummer] , waarin wordt vastgesteld dat partijen op [2002] met elkaar gehuwd zijn. Op grond hiervan wordt het huwelijk vermoed rechtsgeldig te zijn. </para>
        <para>Het huwelijk kan ook in Nederland worden erkend. De uitzonderingen van artikel 10:32 BW, op grond waarvan aan een rechtsgeldig gesloten huwelijk erkenning toch wordt onthouden, doen zich hier niet voor. De vrouw was ten tijde van het huwelijk minderjarig, maar is op het moment van indiening van het echtscheidingsverzoek meerderjarig. De rechtbank begrijpt het verzoek tot echtscheiding zo, dat de vrouw in de eerste plaats vraagt om erkenning van dit huwelijk en vervolgens verzoekt dit huwelijk te ontbinden. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">De echtscheiding</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.6.</nr>
      <para>Op het verzoek tot echtscheiding is op grond van artikel 10:56 lid 1 BW Nederlands recht van toepassing.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.7.</nr>
      <para>De rechtbank zal de echtscheiding tussen partijen uitspreken omdat aan de wettelijke vereisten is voldaan.<footnote-ref linkend="_f2aaabb3-2480-401a-be86-c4f82f68b123" /> De vrouw vindt namelijk dat het huwelijk van partijen duurzaam is ontwricht. Dat betekent dat partijen niet samen verder kunnen als echtgenoten.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">De hoofdverblijfplaats van de kinderen</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.8.</nr>
      <para>De rechtbank zal bepalen dat de hoofdverblijfplaats van de kinderen bij de vrouw zal zijn. De vrouw heeft dit verzocht en de man heeft hiertegen geen verweer gevoerd. Het verzoek is bovendien conform de afspraak daarover in het ouderschapsplan.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">De woning</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.9.</nr>
      <para>De rechtbank zal bepalen dat de vrouw met ingang van de datum van inschrijving van de echtscheidingsbeschikking huurster zal zijn van de woning. De vrouw heeft dit verzocht en de man heeft hiertegen geen verweer gevoerd.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Uitvoerbaar bij voorraad</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.10.</nr>
      <para>De rechtbank zal de beslissing voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad verklaren.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Hierna volgt de beslissing. De rechtbank gebruikt daar de begrippen uit de wet.</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>spreekt de echtscheiding uit tussen partijen, getrouwd op [2002] te [plaats 1] (Eritrea);</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>bepaalt de hoofdverblijfplaats van de kinderen bij de vrouw;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <para>bepaalt dat de vrouw met ingang van de datum van inschrijving van deze beschikking in de registers van de burgerlijke stand huurster is van de woning aan het [adres] te ( [postcode] ) [plaats 2] ;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4.</nr>
      <para>verklaart deze beslissing uitvoerbaar bij voorraad, behalve voor zover het de echtscheiding betreft.</para>
      <para />
      <para />
      <informaltable>
        <tgroup cols="3">
          <colspec colname="colA" />
          <colspec colname="colB" />
          <colspec colname="colC" />
          <tbody>
            <row>
              <entry namest="colA" nameend="colC">
                <para>Dit is de beslissing van (kinder)rechter mr. R.R. Everaars-Katerberg, tot stand gekomen in samenwerking met de griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 20 mei 2022. </para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry namest="colA" nameend="colC">
                <para />
                <para>Tegen deze beschikking kan - voor zover er definitief is beslist - door tussenkomst van een advocaat hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof te Arnhem-Leeuwarden. De verzoekende partij en verschenen belanghebbenden dienen het hoger beroep binnen de termijn van drie maanden na de dag van de uitspraak in te stellen. Andere belanghebbenden dienen het beroep in te stellen binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of nadat deze hun op andere wijze bekend is geworden.</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
          </tbody>
        </tgroup>
      </informaltable>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <footnote id="_f2aaabb3-2480-401a-be86-c4f82f68b123" label="1">
    <para> Artikel 1:151 BW</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>