<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBMNE:2022:2619</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-04-20T07:49:48</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-07-06</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Midden-Nederland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Midden-Nederland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2022-05-31</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">16/035311-22</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Utrecht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2022:2619">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2022:2619</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-03-31T13:33:20</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-04-20</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBMNE:2022:2619 Rechtbank Midden-Nederland , 31-05-2022 / 16/035311-22</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBMNE:2022:2619:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Gedurende ruim drie maanden in vereniging dealen in cocaïne. Onvoorwaardelijke gevangenisstraf van zes maanden. Afwijzing verzoek opheffing voorlopige hechtenis.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBMNE:2022:2619:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Strafrecht</para>
      <para>Zittingsplaats Utrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 16/035311-22 </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van de meervoudige kamer van 31 mei 2022</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de strafzaak tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte] </emphasis>
        <emphasis role="bold caps"> ,</emphasis>
      </para>
      <para>geboren op [geboortedatum 1] 1988 te [geboorteplaats] ,</para>
      <para>zonder vaste woon- of verblijfplaats,<?linebreak?>gedetineerd in de P.I. [verblijfplaats] ,</para>
      <para>hierna te noemen: verdachte.</para>
    </parablock>
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>ONDERZOEK TER TERECHTZITTING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtszaak tegen verdachte heeft in het openbaar plaatsgevonden op de zitting van 18 mei 2022. Verdachte was bij de inhoudelijke behandeling aanwezig, waardoor juridisch gezien sprake is van een vonnis op tegenspraak. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft tijdens de zitting gesproken met en geluisterd naar de standpunten van verdachte, zijn raadsvrouw mr. M.C. Coster en de officier van justitie mr. T. van Wanrooij. </para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>TENLASTELEGGING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Kort gezegd verdenkt de officier van justitie verdachte ervan dat hij in de periode van 7 november 2021 tot en met 14 februari 2022 in Amersfoort in vereniging heeft gedeald in cocaïne.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze verdenking staat beschreven in de tenlastelegging, die als bijlage aan dit vonnis is gehecht.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>VOORVRAGEN</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De dagvaarding is geldig, de rechtbank is bevoegd tot kennisneming van het ten laste gelegde, de officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging van verdachte en er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>WAARDERING VAN HET BEWIJS</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de officier van justitie</emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie acht het ten laste gelegde wettig en overtuigend te bewijzen. Voor wat betreft de ten laste gelegde periode verwijst de officier naar de verklaringen van drugsgebruikers, waaronder de verklaringen van [getuige 1] en [getuige 2] , die specifiek verklaren verdachte te herkennen en al sinds vijf of zes maanden drugs van hen te kopen. Die verklaringen zijn gelet op de inhoud betrouwbaar. Daarnaast volgt uit de historische gegevens van de dealtelefoon dat deze gebruikers vanaf 7 november 2021 contact hadden met de dealtelefoon waarvan verdachte ook gebruik heeft gemaakt. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
        </para>
        <para>De raadsvrouw heeft partiële vrijspraak bepleit van een gedeelte van de ten laste gelegde periode, namelijk vanaf 7 november 2021 tot eind januari 2022, en brengt samengevat het volgende naar voren. Uit de MMA-meldingen van eind 2021 en het staande houden van verdachte voorafgaand aan de observaties kan niet worden afgeleid dat verdachte en zijn medeverdachte toen al dealden. Evenmin staat vast dat verdachte eerder al gebruik maakte van de dealtelefoon die tijdens de aanhouding is aangetroffen. Het is algemeen bekend dat dealtelefoons vaak worden doorgegeven. Daarnaast zijn de verklaringen van gebruikers veelal innerlijk tegenstrijdig en daardoor niet betrouwbaar, zodat die verklaring niet tot bewijs kunnen strekken van het dealen door verdachte vanaf 7 november 2021. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Bewijsmiddelen</emphasis>
          <footnote-ref linkend="_2423776a-ba37-48f6-bb11-cfcc82e55779" />
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Verklaring ter zitting</emphasis>
        </para>
        <para>Verdachte heeft ter zitting verklaard dat hij samen met medeverdachte [medeverdachte] vanaf eind januari 2022 tot en met de dag van zijn aanhouding (14 februari 2022) in Amersfoort heeft gedeald in cocaïne.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Verklaring van [getuige 1] d.d. 14 februari 2022</emphasis>
        </para>
        <para>Ik gebruik sinds vier of vijf maanden weer drugs. Mijn ene dealer noemt zich [bijnaam] . Het nummer van [bijnaam] is [telefoonnummer 1] . De andere is ook een donkere jongen. De dealers waren bijna altijd samen. Ik koop ongeveer vier keer in de week drugs bij deze dealers. De mij getoonde foto’s zijn de dealers waarover ik spreek. (<emphasis role="italic">verbalisanten toonden getuige [getuige 1] foto’s van [verdachte] ( [geboortedatum 1] -1988) en [medeverdachte] ( [geboortedatum 2] -1997)</emphasis>.<footnote-ref linkend="_8da05ae9-cd68-490b-b00f-b581863621cb" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Verklaring van [getuige 3] d.d. 14 februari 2022</emphasis>
        </para>
        <para>Ik denk dat ik deze dealers een paar maanden ken. De persoon op foto 1 (= [verdachte] ) was de bestuurder van de auto en hij nam mijn geld in ontvangst. De persoon op foto 2 (= [medeverdachte] ) was de bijrijder. Hij gaf mij de twee bolletjes. Ik koop cocaine bij ze. Ik denk dat ik in totaal 4 a 5 weken en dan ongeveer 1 keer in de week (de rechtbank leest: koop).<footnote-ref linkend="_adfff439-42e2-4faf-b650-2d01c9a82f89" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Verklaring van [getuige 2] d.d. 21 februari 2022</emphasis>
        </para>
        <para>Ik maak gebruik van het telefoonnummer [telefoonnummer 2] . De jongens zijn te bereiken op een telefoonnummer dat eindigt op [telefoonnummer 1] . Ik koop sinds ongeveer zes maanden cocaïne bij deze jongens. De foto’s die u mij laat zien (<emphasis role="italic">aan de getuige worden foto 1 ( [verdachte] ) en foto 2 ( [medeverdachte] ) getoond, deze foto's zijn bij dit verhoor gevoegd</emphasis>) zijn de jongens waarover we het hebben en waarvan ik drugs heb gekocht, ze waren altijd samen. Ze reden een tijdje in een Seat Ibiza.<footnote-ref linkend="_e5b1abf7-61f8-4b3f-9256-2fb4d3b1811f" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Proces-verbaal van bevindingen</emphasis>
        </para>
        <para>Uit de verkregen historische verkeersgegevens blijkt dat de gebruiker van het telefoonnummer [telefoonnummer 1] in de periode van 7 november 2021 tot 24 januari 2022, veelvuldig telefonisch contact had met de gebruiker van het telefoonnummer [telefoonnummer 2] .<footnote-ref linkend="_447a93a0-a3bd-42ef-bc5d-edebf9554a39" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Proces-verbaal van bevindingen historische verkeersgegevens</emphasis>
        </para>
        <para>Middels een vordering werden de historische verkeersgegevens van telefoonnummer [telefoonnummer 1] op 05 januari 2022 opgevraagd. Door de provider werd een periode van een half jaar aangeleverd. (04 juli 2021 - 04 januari 2022). Hieronder de namen van getuigen/afnemers die in dit onderzoek zijn gehoord en hoe vaak zij in de periode 2 november 2021 – 4 januari 2022 contact hebben gehad met het dealnummer: </para>
        <para>
          [getuige 1] 	- 336 maal contact</para>
        <para>
          [getuige 3]	- 272 maal contact</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Uit de opgevraagde verkeersgegevens blijkt dat er over de periode 02 november 2021 tot en met 24 januari 2022 in totaal 579 maal contact is geweest tussen [A] , [adres] in [woonplaats] en het dealnummer ( [telefoonnummer 1] ). In zijn tweede verklaring verklaart verdachte [verdachte] dat de grijze Seat Ibiza voorzien van kenteken [kenteken] eigendom van zijn vrouw is. Dit betreft [A] , [adres] in [woonplaats] .<footnote-ref linkend="_e536e143-b1c1-4e96-bb0e-3af344d1fa68" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Bewijsoverweging</emphasis>
        </para>
        <para>Verdachte heeft bekend dat hij vanaf eind januari 2022 tot en met 14 februari 2022 heeft gedeald in cocaïne. Verdachte heeft verklaard dat hij daarbij gebruik maakte van de bij hem en zijn medeverdachte tijdens de aanhouding aangetroffen dealtelefoon met het telefoonnummer dat eindigt op [telefoonnummer 1] .</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Verdachte heeft tegelijkertijd ontkend dat hij voor eind januari 2022 ook al dealde. De rechtbank vindt deze laatste verklaring van verdachte niet geloofwaardig vanwege het volgende. Verdachte en medeverdachte [medeverdachte] (hierna: verdachten) zijn vanaf 25 januari 2022 geobserveerd door de politie, waarbij ook de door verdachten gebruikte dealtelefoon is afgetapt. De politie heeft vervolgens zowel gezien als gehoord dat verdachten vanaf 25 januari 2022 onder meer drugs hebben verkocht aan afnemers in Amersfoort en omstreken met de namen [getuige 3] , [getuige 1] , [B] , [C] en [getuige 2] . De politie heeft die afnemers na aanhouding van verdachten gehoord. De afnemers [getuige 3] , [getuige 1] en [getuige 2] hebben desgevraagd verklaard dat zij verdachte herkenden en dat zij gedurende een periode van meerdere maanden drugs bij (onder andere) hem kochten. Afnemer [getuige 1] heeft bovendien verklaard dat verdachten bij hem thuis drugs kookten en gebruik maakten van een auto die op zijn naam stond. De verklaringen van de genoemde afnemers zijn concreet, gedetailleerd en stemmen op belangrijke onderdelen - onafhankelijk van elkaar - overeen. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Verder volgt uit het dossier dat het nummer van de dealtelefoon in de periode vanaf 2 november 2021 actief was. Met die dealtelefoon hebben vanaf 7 november 2021 veel contacten met onder meer de hiervoor genoemde gebruikers plaatsgevonden, soms op dagelijkse basis. Dit patroon van het plaatsen van bestellingen stemt overeen met de observaties die de politie vanaf 25 januari 2022 heeft gedaan. Uit het onderzoek is daarnaast naar voren gekomen dat met de dealtelefoon vanaf 2 november 2021 in totaal 579 keer contact heeft plaatsgevonden met een telefoonnummer dat op naam staat van de vrouw van verdachte. Hieruit leidt de rechtbank af dat verdachte de dealtelefoon al ten minste vanaf 2 november 2021 gebruikte om zijn vrouw te bellen. Verdachte heeft hierover verklaard dat hij de telefoon van zijn vrouw gebruikte, maar dat vindt de rechtbank niet geloofwaardig. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank vindt gelet op het voorgaande wettig en overtuigend bewezen dat verdachte vanaf 7 november 2021 tot en met 14 februari 2022 in vereniging in cocaïne dealde. </para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>BEWEZENVERKLARING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>op tijdstippen in de periode van 7 november 2021 tot en met 14 februari 2022 te Amersfoort, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander, opzettelijk heeft verkocht en afgeleverd en verstrekt  gebruikershoeveelheden, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende cocaïne, zijnde cocaïne een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte wordt vrijgesproken van alles wat meer of anders ten laste is gelegd dan wat hierboven is bewezen. De rechtbank heeft taal- en spelfouten in de tenlastelegging verbeterd. Dat is niet nadelig voor verdachte.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>STRAFBAARHEID VAN HET FEIT</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het bewezen verklaarde uitsluit, zodat dit strafbaar is.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het bewezen verklaarde levert volgens de wet het volgende strafbare feit op: </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 2 onder B van de Opiumwet gegeven verbod, meermalen gepleegd.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>7</nr>STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Er is geen omstandigheid gebleken of aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. Verdachte is dan ook strafbaar.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>8</nr>OPLEGGING VAN STRAF </title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>8.1</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">De vordering van de officier van justitie</emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie heeft gevorderd verdachte ter zake van het door de officier van justitie bewezen geachte te veroordelen tot een gevangenisstraf van tien maanden, met aftrek van het voorarrest. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>8.2</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
        </para>
        <para>De verdediging heeft het volgende aangevoerd. Verdachte is <emphasis role="italic">first offender</emphasis> en als naar vergelijkbare zaken wordt gekeken, dan wordt veelal een werkstraf opgelegd in combinatie met een forse voorwaardelijke gevangenisstraf, dan wel een onvoorwaardelijke gevangenisstraf gelijk aan de duur van het voorarrest van verdachte. Daarnaast wordt verdachte naar verwachting eind juni vader en heeft hij de zorg over zijn vrouw. Verdachte heeft ten slotte spijt betuigd voor zijn daden. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>8.3</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
        </para>
        <para>Bij het bepalen van de straf heeft de rechtbank rekening gehouden met de ernst van het bewezen verklaarde, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon van verdachte, zoals ter terechtzitting is gebleken.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Ernst van de feiten</emphasis>
        </para>
        <para>Verdachte heeft ruim drie maanden gedeald in cocaïne. Hierdoor heeft verdachte een bijdrage geleverd aan de instandhouding van de handel in drugs. Harddrugs leveren een gevaar op voor de gezondheid van gebruikers en bovendien gaat de handel in en het gebruik van dergelijke verdovende middelen vaak gepaard met verschillende vormen van (ernstige) criminaliteit en steeds grover geweld. De samenleving lijdt hieronder. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">De persoon van verdachte</emphasis>
        </para>
        <para>Verdachte is een 34-jarige man die niet eerder is veroordeeld voor strafbare feiten. Verdachte heeft tijdens de terechtzitting verklaard dat hij eenmalig is gezwicht voor de mogelijkheid om op illegale wijze (extra) geld te verdienen. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Strafoplegging</emphasis>
        </para>
        <para>Naar het oordeel van de rechtbank kan niet worden volstaan met een andere of lichtere sanctie dan een straf die een onvoorwaardelijke vrijheidsbeneming met zich brengt. De oriëntatiepunten voor straftoemeting van het LOVS gaan voor dealen voor een periode van langer dan drie en korter dan zes maanden uit van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van acht maanden. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Alles afwegend zal de rechtbank aan verdachte een onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van zes maanden opleggen. De rechtbank heeft voor dat oordeel mee laten wegen dat verdachte <emphasis role="italic">first offender </emphasis>is en dat de dealperiode de drie maanden met slechts enkele dagen overschrijdt.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Tenuitvoerlegging van de op te leggen gevangenisstraf zal volledig plaatsvinden binnen de penitentiaire inrichting, tot het moment dat de verdachte in aanmerking komt voor deelname aan een penitentiair programma als bedoeld in artikel 4 van de Penitentiaire beginselenwet.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Voorlopige hechtenis</emphasis>
        </para>
        <para>De raadsvrouw heeft verzocht de voorlopige hechtenis op te heffen. Verdachte wordt veroordeeld tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf in duur langer dan het voorarrest. De rechtbank zal het verzoek tot opheffing van de voorlopige hechtenis daarom afwijzen. </para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>9</nr>BESLAG</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Verbeurdverklaring</emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank zal de dealtelefoon en het contante geld dat bij de fouillering van verdachte is aangetroffen, verbeurd verklaren. Aangenomen moet worden dat het contante geld de opbrengst van de handel in harddrugs betreft en dat de telefoon is gebruikt bij die handel. </para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>10</nr>TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De beslissing berust op de artikelen </para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>33, 33a en 47 van het Wetboek van Strafrecht en</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>2 en 10 van de Opiumwet</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para>zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezen verklaarde. </para>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>11</nr>BESLISSING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Bewezenverklaring</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>verklaart het tenlastegelegde bewezen zoals hiervoor in rubriek 5 is vermeld;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>verklaart het meer of anders ten laste gelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij;</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Strafbaarheid</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>verklaart het bewezenverklaarde strafbaar en kwalificeert dit zoals hiervoor in rubriek 6 is vermeld;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>verklaart verdachte strafbaar;</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Straf</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>veroordeelt verdachte tot een <emphasis role="bold">gevangenisstraf voor de duur van zes maanden,</emphasis></para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>bepaalt dat de tijd door veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht op de tenuitvoerlegging van de gevangenisstraf in mindering wordt gebracht;</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Voorlopige hechtenis</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- wijst af het verzoek tot opheffing van de voorlopige hechtenis;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Verklaart verbeurd</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>een telefoontoestel (PL0900-2022013765-2947868);</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>contant geld van in totaal € 197,20 (PL0900-2022013765-2948102 en PL0900-2022013765-2947853). </para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. G. Konings, voorzitter, mrs. H.F. Koenis en E.J. van Rijssen, rechters, in tegenwoordigheid van mr. T.T. van den Dool, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van 31 mei 2022. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Bijlage: de tenlastelegging</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte wordt ten laste gelegd dat: </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij, op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 7 november 2021 tot </para>
      <para>en met 14 februari 2022 te Amersfoort, in elk geval in Nederland,</para>
      <para>tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,</para>
      <para>opzettelijk</para>
      <para>heeft bereid en/of bewerkt en/of verwerkt en/of verkocht en/of afgeleverd en/of </para>
      <para>verstrekt en/of vervoerd,</para>
      <para>in elk geval opzettelijk aanwezig heeft gehad,</para>
      <para>ongeveer een of meer gebruikershoeveelheden, in elk geval een hoeveelheid van </para>
      <para>een materiaal</para>
      <para>bevattende cocaïne, zijnde cocaïne een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet </para>
      <para>behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die </para>
      <para>wet; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>( art 10 lid 4 Opiumwet, art 2 ahf/ond B Opiumwet, art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek </para>
      <para>van Strafrecht )</para>
    </parablock>
  </section>
  <footnote id="_2423776a-ba37-48f6-bb11-cfcc82e55779" label="1">
    <para>Wanneer hierna wordt verwezen naar paginanummers betreft dit pagina’s van op ambtseed of ambtsbelofte opgemaakte processen-verbaal. Deze processen-verbaal zijn, tenzij anders vermeld, als bijlagen opgenomen bij de in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal van 10 maart 2022, kenmerk PL0900-2022013765, opgemaakt door politie Midden-Nederland, doorgenummerd 1 tot en met 254. Tenzij anders vermeld, zijn dit processen-verbaal in de wettelijke vorm opgemaakt door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren. De bewijsmiddelen zijn zakelijk weergegeven.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_8da05ae9-cd68-490b-b00f-b581863621cb" label="2">
    <para>Proces-verbaal van verhoor van getuige [getuige 1] van 14 februari 2022, p. 71-74.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_adfff439-42e2-4faf-b650-2d01c9a82f89" label="3">
    <para>Proces-verbaal van verhoor van [getuige 3] van 14 februari 2022, p. 63-66.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_e5b1abf7-61f8-4b3f-9256-2fb4d3b1811f" label="4">
    <para>Proces-verbaal van verhoor van getuige [getuige 2] van 21 februari 2022, p. 160-163.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_447a93a0-a3bd-42ef-bc5d-edebf9554a39" label="5">
    <para>Proces-verbaal van bevindingen, p. 133-136.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_e536e143-b1c1-4e96-bb0e-3af344d1fa68" label="6">
    <para>Proces-verbaal van bevindingen, p. 152-153.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>