<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBMNE:2021:6870</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-05-08T13:07:47</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-12-16</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Midden-Nederland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Midden-Nederland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2021-11-03</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">16/070295-20</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Utrecht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht_materieelStrafrecht">Strafrecht; Materieel strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2021:6870">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2021:6870</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-04-06T15:23:13</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-05-08</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBMNE:2021:6870 Rechtbank Midden-Nederland , 03-11-2021 / 16/070295-20</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBMNE:2021:6870:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>ISD-toets. Voortduring ISD-maatregel.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBMNE:2021:6870:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Strafrecht</para>
      <para>Zittingsplaats Utrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 16/070295-20 (ISD-toets)</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Beslissing op grond van artikel 6:6:14 van het Wetboek van Strafvordering van de meervoudige kamer voor strafzaken van 3 november 2021</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>met betrekking tot de maatregel tot plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders opgelegd aan:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [veroordeelde] ,</emphasis>
      </para>
      <para>geboren op [1969] te [geboorteplaats] ( [geboorteland] ), </para>
      <para>verblijvende in P.I. [P.I.] ,</para>
      <para>(hierna: veroordeelde).</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De stukken</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft acht geslagen op de zich in het dossier bevindende stukken, waaronder:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>- het vonnis van deze rechtbank van 22 juni 2020, waaruit blijkt dat aan veroordeelde is opgelegd de maatregel tot plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders voor de duur van 2 jaar;<?linebreak?></para>
    <para>- het verzoek van de raadsvrouw van de veroordeelde van 1 oktober 2021 tot een tussentijdse beoordeling van de noodzaak tot voortzetting van de tenuitvoerlegging van de maatregel;</para>
    <para />
    <para>- een voortgangsverslag tenuitvoerlegging ISD-maatregel van 3 november 2021,</para>
    <para>opgemaakt door [senior casemanager] (senior casemanager).</para>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Het onderzoek ter terechtzitting</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het onderzoek is gehouden ter openbare terechtzitting van 3 november 2021. Daarbij zijn gehoord:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>- de officier van justitie mr. E.M. ter Braak;</para>
    <para>- de veroordeelde, bijgestaan door zijn raadsvrouw, mr. S. Melliti, advocaat te Utrecht;</para>
    <para>- de heer [casemanager] , casemanager in [P.I.].</para>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Het standpunt van de penitentiaire inrichting</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De heer [casemanager] , casemanager, is ter terechtzitting als deskundige gehoord en heeft verklaard dat er een aanvraag loopt bij [instantie] voor een plek bij begeleid wonen. Naar verwachting is er pas plek over een aantal maanden. Daarnaast is het de bedoeling om ambulante behandeling op te starten. Het advies is om de ISD-maatregel voort te zetten zodat veroordeelde van de P.I. over kan gaan naar begeleid wonen.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>Het standpunt van de officier van justitie </title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat de maatregel voortgezet dient te worden.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>Het standpunt van de verdediging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De raadsvrouw kan zich vinden in een voortzetting van de maatregel.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>Het oordeel van de rechtbank </title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank dient in het kader van deze procedure te beoordelen of voortzetting van de tenuitvoerlegging van de opgelegde ISD-maatregel, die strekt tot beveiliging van de maatschappij en de beëindiging van de recidive van veroordeelde, noodzakelijk is. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Uit het onderzoek ter zitting is gebleken dat de problematiek en verslaving van veroordeelde nog aanwezig zijn. Dat brengt mee dat ook het recidivegevaar nog onverkort aanwezig is waartegen de maatschappij beschermd dient te worden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank is op grond van het bovenstaande van oordeel dat de voortzetting van de tenuitvoerlegging van de maatregel noodzakelijk is om de terugkeer van betrokkene in de maatschappij zodanig voor te bereiden dat de recidivekans geminimaliseerd wordt.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>7</nr>De beslissing </title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>- bepaalt dat de maatregel tot plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders, opgelegd aan [veroordeelde] voornoemd, wordt voortgezet.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze beslissing is genomen door mr. P.A. Buijs, voorzitter, mrs. E.J.W. Verhaagh en I. Jadib, rechters, bijgestaan door mr. M. Neijenhuis als griffier en uitgesproken ter openbare zitting van deze rechtbank van 3 november 2021.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Mr. Jadib is buiten staat deze beslissing te ondertekenen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>