<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBMNE:2021:6700</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-05-30T14:20:23</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-04-21</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Midden-Nederland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Midden-Nederland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2021-07-20</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">16/041126-21</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Utrecht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht_materieelStrafrecht">Strafrecht; Materieel strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2021:6700">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2021:6700</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-05-30T14:20:04</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-05-30</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBMNE:2021:6700 Rechtbank Midden-Nederland , 20-07-2021 / 16/041126-21</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBMNE:2021:6700:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Vrijspraak vervoeren dan wel aanwezig hebben van ruim 1 kilo cocaïne.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBMNE:2021:6700:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Strafrecht</para>
      <para>Zittingsplaats [woonplaats]</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 16/041126-21 (P)</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van de meervoudige kamer van 20 juli 2021</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de strafzaak tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte]
        </emphasis>
        <emphasis role="bold caps">,</emphasis>
      </para>
      <para>geboren op [1990] te [geboorteplaats] ,</para>
      <para>wonende te ( [postcode] ) [woonplaats] , [adres] .</para>
    </parablock>
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>ONDERZOEK TER TERECHTZITTING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 6 juli 2021.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering en standpunten van officier van justitie mr. C. Goedegebuure en van hetgeen verdachte en zijn raadsman, mr. R.P. van der Graaf, advocaat te [woonplaats] , naar voren hebben gebracht.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>TENLASTELEGGING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht. De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">op 11 februari 2021 te Abcoude samen met een ander opzettelijk ongeveer 1001,6 gram cocaïne heeft vervoerd dan wel aanwezig heeft gehad</emphasis>.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>VOORVRAGEN</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De dagvaarding is geldig, de rechtbank is bevoegd tot kennisneming van het ten laste gelegde, de officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging van verdachte en er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>VRIJSPRAAK</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Het standpunt van de officier van justitie</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat het ten laste gelegde, waaronder ook het medeplegen, wettig en overtuigend bewezen kan worden. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De officier van justitie heeft gevorderd verdachte voor het door haar bewezen geachte te veroordelen tot een gevangenisstraf voor de duur van 18 maanden, met aftrek van het voorarrest. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De raadsman heeft zich op het standpunt gesteld dat verdachte integraal vrijgesproken dient te worden. Daartoe heeft de raadsman allereerst – kort gezegd – aangevoerd dat de doorzoeking van de auto op onrechtmatige wijze heeft plaatsgevonden. Deze onrechtmatige doorzoeking levert een vormverzuim op als bedoeld in artikel 359a van het Wetboek van Strafvordering, hetgeen in dit geval volgens de raadsman dient te leiden tot bewijsuitsluiting en bij gebrek aan bewijs tot vrijspraak van verdachte. Daarnaast dient volgens de raadsman vrijspraak te volgen omdat niet bewezen kan worden dat verdachte wetenschap heeft gehad van of beschikkingsmacht over de aangetroffen cocaïne.  </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank zal verdachte integraal vrijspreken en overweegt daartoe als volgt. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Aan verdachte is – kort gezegd – ten laste gelegd dat hij al dan niet samen met een ander een hoeveelheid van 1001,6 gram cocaïne heeft vervoerd dan wel dat hij al dan niet met een ander die hoeveelheid cocaïne aanwezig heeft gehad. Voor het bewijs van deze feiten is vereist dat verdachte wist van de aanwezigheid van deze drugs en dat deze drugs zich binnen zijn machtssfeer bevonden. Het is voor een bewezenverklaring aan het Openbaar Ministerie om voor deze wetenschap en beschikkingsmacht voldoende feiten en omstandigheden aan te dragen. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Wat betreft die feiten en omstandigheden stelt de rechtbank vast dat verdachte (de bestuurder) samen met medeverdachte [medeverdachte] (de bijrijder) is aangetroffen in de auto en dat in een verborgen ruimte in de kofferbak van die auto de genoemde hoeveelheid drugs lag. De auto stond niet op naam van verdachte of de medeverdachte. Verdachte heeft ten stelligste ontkend wetenschap te hebben gehad van de aangetroffen drugs. Sporen, zoals DNA, vingerafdrukken of andersoortig bewijs die de aangetroffen drugs of de verborgen ruimte in verband kunnen brengen met verdachte en/of zijn medeverdachte zijn niet voorhanden. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Met de verdediging, en dus anders dan de officier van justitie, is de rechtbank van oordeel dat op basis van de genoemde feiten en omstandigheden niet kan worden vastgesteld dat de verdachte wetenschap heeft gehad van en de beschikkingsmacht heeft gehad over de aangetroffen drugs in de auto. De enkele omstandigheid dat verdachte de auto bestuurde is onvoldoende om daaromtrent anders de concluderen. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Nu verdachte vrijgesproken zal worden behoeft het verweer strekkende tot de bewijsuitsluiting geen bespreking. </para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>BESLAG </title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Blijkens de beslaglijst rust op de volgende goederen nog beslag:</para>
    </parablock>
    <para />
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>een grijze iPhone</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>een Volkswagen Golf, kenteken [kenteken] </para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Teruggave aan verdachte </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank zal gelasten dat de genoemde iPhone aan verdachte teruggegeven dient te worden, aangezien deze aan verdachte toebehoort en dit voorwerp niet vatbaar is voor verbeurdverklaring of onttrekking aan het verkeer en het belang van strafvordering zich niet tegen teruggave verzet. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Onttrekking aan het verkeer </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Met betrekking tot de in beslag genomen auto kan geen persoon als rechthebbende worden aangemerkt, nu de kentekenhouder [kentekenhouder] expliciet heeft verklaard niet de eigenaar te zijn en de auto slechts op verzoek van een niet door hem bij naam genoemd persoon op zijn naam te hebben gesteld. Vanwege de verborgen ruimte in de auto is deze kennelijk ingericht om goederen aan het ambtelijk toezicht te onttrekken, hetgeen wordt versterkt door de vaststelling dat volkomen onduidelijk is wie nu eigenaar is van de auto. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het ongecontroleerde bezit van een niet aan een concrete persoon toe te schrijven auto met een verborgen ruimte erin, acht de rechtbank in strijd met het algemeen belang. De rechtbank zal daarom de onttrekking aan het verkeer van dit voorwerp gelasten. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>6</nr>BESLISSING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Vrijspraak</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>- verklaart het ten laste gelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Beslag </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>- gelast de teruggave aan verdachte van de grijze iPhone;</para>
    <para />
    <para>- onttrekt aan het verkeer het volgende voorwerp: </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Volkswagen Golf, kenteken [kenteken]</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Voorlopige hechtenis </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>- heft op het reeds geschorste bevel tot voorlopige hechtenis.</para>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. A. Maas, voorzitter, mrs. J.G. van Ommeren en C.S.K. Fung Fen Chung, rechters, in tegenwoordigheid van J.J. Veldhuizen, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van 20 juli 2021.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Mrs. A. Maas en C.S.K. Fung Fen Chung zijn buiten staat dit vonnis te ondertekenen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Bijlage: de tenlastelegging</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte wordt ten laste gelegd dat: </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 11 februari 2021 te Abcoude, gemeente De Ronde Venen, </para>
      <para>althans in Nederland, </para>
      <para>tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, </para>
      <para>opzettelijk </para>
      <para>heeft geteeld en/of bereid en/of bewerkt en/of verwerkt en/of verkocht en/of </para>
      <para>afgeleverd en/of verstrekt en/of vervoerd, </para>
      <para>in elk geval opzettelijk aanwezig heeft gehad, </para>
      <para>ongeveer 1001,6 gram, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal </para>
      <para>bevattende cocaïne, zijnde cocaïne een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet </para>
      <para>behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die </para>
      <para>wet; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>( art 10 lid 4 Opiumwet, art 2 ahf/ond B Opiumwet, art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek </para>
      <para>van Strafrecht ) </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>