<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBMNE:2021:5623</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-09-09T15:03:07</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-11-18</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Midden-Nederland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Midden-Nederland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2021-11-18</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">UTR 21/4420</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#voorlopigeVoorziening">Voorlopige voorziening</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Utrecht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht">Bestuursrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2021:5623">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2021:5623</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-08-11T15:52:26</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-09-09</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBMNE:2021:5623 Rechtbank Midden-Nederland , 18-11-2021 / UTR 21/4420</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBMNE:2021:5623:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Vovo - verzet me niet.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBMNE:2021:5623:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND</bridgehead>
    <para>Zittingsplaats Utrecht</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bestuursrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer: UTR 21/4420 </para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">uitspraak van de voorzieningenrechter van 18 november 2021 in de zaak tussen</bridgehead>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [verzoekers] , verzoekers</bridgehead>
    <para>(gemachtigde: mr. A.A.M. van der Linden),</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">Het college van burgemeester en wethouders van Weesp , verweerder</bridgehead>
    <para>(gemachtigde: mr. S. Visser).  </para>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>Procesverloop</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij besluit van 8 oktober 2021 (het primaire besluit] heeft verweerder aan verzoekers een last onder dwangsom opgelegd. Op grond van deze last onder dwangsom moeten verzoekers binnen zes weken na dagtekening van het besluit de haag op het adres [adres] in [plaats] over de gehele lengte grenzend aan de rijweg van het [adres] terugbrengen en houden tot een hoogte van maximaal 1,10 meter. Als zij dat niet doen, dan moeten verzoekers een dwangsom betalen van € 2.500,-. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verzoekers hebben tegen het primaire besluit bezwaar gemaakt. Zij hebben verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Overwegingen</title>
    <para />
    <para>1. Op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) kan de voorzieningenrechter uitspraak doen zonder partijen uit te nodigen om op een zitting te verschijnen indien de voorzieningenrechter kennelijk onbevoegd is of het verzoek kennelijk niet-ontvankelijk, kennelijk ongegrond, of kennelijk gegrond is. </para>
    <para />
    <para>2. Verzoekers hebben verzocht het primaire besluit te schorsen tot zes weken na de beslissing op bezwaar. Aan de orde is de vraag of er aanleiding bestaat deze voorziening te treffen. Een dergelijke voorziening kan op grond van artikel 8:81 van de Awb worden getroffen als onverwijlde spoed, gelet op de betrokken belangen, dat vereist. </para>
    <para />
    <para>3. Bij e-mail van 15 november 2021 heeft verweerder de voorzieningenrechter medegedeeld zich niet te verzetten tegen toewijzing van de gevraagde voorziening. </para>
    <para />
    <para>4. De voorzieningenrechter ziet in het voorgaande aanleiding om de voorlopige voorziening toe te wijzen. Daarbij is tevens van belang dat het gaat om het terugbrengen van de haag van circa 2 meter naar 1,10 meter en dat dit niet zonder meer hersteld kan worden, mocht het bezwaar gegrond worden verklaard. De voorzieningenrechter treft daarom de voorziening dat het primaire besluit is geschorst tot zes weken nadat op het bezwaar is beslist. </para>
    <para />
    <para>5. Omdat de voorzieningenrechter het verzoek toewijst, bepaalt de voorzieningenrechter dat verweerder aan verzoekers het door hun betaalde griffierecht vergoedt. Ook veroordeelt de voorzieningenrechter verweerder in de door verzoekers gemaakte p roceskosten. Deze kosten stelt de voorzieningenrechter op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vast op € 748,- (1 punt voor het indienen van een verzoekschrift, met een waarde per punt van € 748,- en een wegingsfactor 1). </para>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>Beslissing<?linebreak?>De voorzieningenrechter:<?linebreak?>- wijst het verzoek om een voorlopige voorziening toe;<?linebreak?>- schorst het primaire besluit tot zes weken nadat op het bezwaar is beslist;<?linebreak?>- draagt verweerder op het betaalde griffierecht van € 181,- aan verzoekers te vergoeden;</title>
    <parablock>
      <para>- veroordeelt verweerder in de proceskosten van verzoekers tot een bedrag van € 748,-. <?linebreak?></para>
      <para>
        <?linebreak?>Deze uitspraak is gedaan door mr. M.C. Verra, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. L. Ruizendaal-van der Veen, griffier. De beslissing is uitgesproken op 18 november 2021 en zal openbaar worden gemaakt door publicatie op rechtspraak.nl.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">De rechter is verhinderd deze </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">										uitspraak te ondertekenen.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>griffier										voorzieningenrechter</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Afschrift verzonden aan partijen op:</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Rechtsmiddel</title>
    <para>Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.</para>
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>