<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBMNE:2021:4737</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-10-06T17:14:08</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-10-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Midden-Nederland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Midden-Nederland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2021-10-06</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">16.090122.18 (TUL BIJZ)</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Lelystad</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2021:4737">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2021:4737</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-10-05T13:05:47</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-10-06</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBMNE:2021:4737 Rechtbank Midden-Nederland , 06-10-2021 / 16.090122.18 (TUL BIJZ)</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBMNE:2021:4737:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Officier van justitie niet-ontvankelijk verklaard in de vordering tul bijzonder, omdat bij vonnis van heden de vordering tot tenuitvoerlegging volledig is toegewezen in verband met overtreding van de algemene voorwaarden, omdat veroordeelde een nieuw strafbaar feit heeft gepleegd.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBMNE:2021:4737:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Strafrecht</para>
      <para>Zittingsplaats Lelystad</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 16.090122.18 (TUL BIJZ)</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Beslissing op grond van artikel 6:6:21, eerste lid, onder a, van het Wetboek van Strafvordering van de meervoudige kamer voor strafzaken van 6 oktober 2021</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>op de vordering van de officier van justitie tot tenuitvoerlegging van een eerder voorwaardelijk opgelegde straf in de zaak tegen:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [veroordeelde] ,</emphasis>
      </para>
      <para>geboren op [1998] te [geboorteplaats] , </para>
      <para>wonende te [woonplaats] , [adres] ,</para>
      <para>hierna: veroordeelde.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De stukken</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft acht geslagen op de zich in het dossier bevindende stukken, waaronder:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>- het onherroepelijk geworden vonnis van de meervoudige kamer in deze rechtbank van 14 augustus 2019 in de zaak tegen veroordeelde met voormeld parketnummer, waarbij veroordeelde onder meer is veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 4 weken voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren. Aan deze voorwaardelijke straf heeft de rechtbank de volgende bijzondere voorwaarden verbonden dat verdachte:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para> zich persoonlijk uiterlijk binnen 3 werkdagen na het onherroepelijk worden van dit vonnis meldt bij de reclassering Nederland op het volgende adres: Wibautstraat 12 te Amsterdam. Hierna moet verdachte zich blijven melden zo frequent en zolang de reclassering dit noodzakelijk acht; </para>
      <para> zich gedurende de proeftijd moet gedragen naar de voorschriften en aanwijzingen die worden gegeven door of namens de reclassering, ook als dat inhoudt het meewerken aan een ambulante behandeling, voor zover en zolang de reclassering dat noodzakelijk acht.</para>
      <para>Waarbij de reclassering opdracht wordt gegeven toezicht te houden op de naleving van de voorwaarden en verdachte ten behoeve daarvan te begeleiden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>- de mededeling als bedoeld in artikel 366a, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering is op 3 september 2019 per post aan veroordeelde toegezonden.</para>
    <para />
    <para>- het advies van Reclassering Nederland van 15 juni 2020 tot tenuitvoerlegging van de eerder voorwaardelijk opgelegde straf; </para>
    <para />
    <para>- de op 7 december 2020 ter griffie ingekomen vordering van de officier van justitie tot tenuitvoerlegging van de eerder voorwaardelijk opgelegde straf;</para>
    <para />
    <para>- de overige stukken die zich in het dossier bevinden.</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Het onderzoek ter terechtzitting<?linebreak?>Het onderzoek is gehouden ter openbare terechtzitting van 22 september 2021. Daarbij zijn gehoord:</title>
    <para />
    <para>- de officier van justitie mr. A.J.M. Vreekamp;</para>
    <para>- de veroordeelde bijgestaan door zijn raadsman, mr. G.A.J. Purperhart, advocaat te Rotterdam.</para>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>De rapportage en de toelichting daarop</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>In het adviesrapport van 15 juni 2020 wordt weergegeven dat veroordeelde zich meermalen niet aan meldplichtafspraken heeft gehouden. Het recidiverisico is onveranderd en er is geen zich op het leven van veroordeelde. Er kon niet gewerkt worden aan gedragsverandering en hij is opnieuw aangehouden voor een strafbaar feit.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>De standpunten</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Het standpunt van de officier van justitie</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De officier van justitie heeft ter terechtzitting gepersisteerd bij de schriftelijke vordering tot tenuitvoerlegging.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">  	Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De raadsman heeft ter terechtzitting primair verzocht de proeftijd te verlengen met één jaar en subsidiair verzocht om de gevangenisstraf om te zetten in een taakstraf of deel ten uitvoer te leggen. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>Het oordeel van de rechtbank </title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank overweegt dat bij vonnis van heden de vordering tot tenuitvoerlegging van de voorwaardelijke straf met bovengenoemd parketnummer volledig is toegewezen wegens het overtreden van de algemene voorwaarden, omdat veroordeelde opnieuw strafbare feiten heeft gepleegd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank zal daarom de officier van justitie in onderliggende vordering niet-ontvankelijk verklaren, voor zover die is gebaseerd op overtreding van bijzondere voorwaarden. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>6</nr>De beslissing </title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>- verklaart het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk in de vordering.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze beslissing is genomen door mr. H.J. Bos, voorzitter, mrs. W.S. Ludwig en A.M. Loots, rechters, in tegenwoordigheid van mr. B.T. Feenstra als griffier en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 6 oktober 2021. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>