<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBMNE:2021:1061</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-02-11T10:35:05</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-03-18</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Midden-Nederland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Midden-Nederland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2021-02-23</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">UTR 20/1383</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Utrecht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_belastingrecht">Bestuursrecht; Belastingrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2021:1061">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2021:1061</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-02-11T10:34:52</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-02-11</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBMNE:2021:1061 Rechtbank Midden-Nederland , 23-02-2021 / UTR 20/1383</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBMNE:2021:1061:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Naheffingsaanslag parkeerbelasting. Geen geslaagd beroep op overmacht. Beroep ongegrond.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBMNE:2021:1061:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND</bridgehead>
    <para>Zittingsplaats Utrecht</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bestuursrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer: UTR 20/1383</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">uitspraak van de enkelvoudige kamer van 23 februari 2021 in de zaak tussen</bridgehead>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [eiser] , te [woonplaats] , eiser</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de heffingsambtenaar van de Belastingsamenwerking gemeenten &amp; hoogheemraadschap Utrecht</emphasis>, verweerder</para>
      <para>(gemachtigde: R. Janmaat).</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>Procesverloop</title>
    <para />
    <para>1. In de beschikking van 8 februari 2020 heeft verweerder aan eiser een naheffingsaanslag</para>
    <parablock>
      <para>parkeerbelasting van € 68,77 opgelegd voor 16 januari 2020 om 17.26 uur op de </para>
      <para>Arthur van Schendelstraat in Utrecht. Volgens verweerder heeft eiser met zijn voertuig met kenteken [kenteken] geparkeerd zonder de verschuldigde parkeerbelasting te voldoen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>2. In de uitspraak op bezwaar van 17 maart 2020 is het bezwaar ongegrond verklaard.</para>
    <para>Eiser heeft daartegen beroep ingesteld. Verweerder heeft een verweerschrift ingediend.</para>
    <para />
    <para>3. De zaak is behandeld op een Skype-zitting van 6 januari 2021. Eiser was in persoon</para>
    <para>aanwezig. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.</para>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>Overwegingen</title>
    <para />
    <para>4. Aan eiser is een naheffingsaanslag opgelegd, omdat hij volgens verweerder op </para>
    <para>op 16 januari 2020 om 17.26 uur op de Arthur van Schendelstraat in Utrecht met zijn voertuig, kenteken [kenteken] , geparkeerd stond zonder de verschuldigde parkeerbelasting te voldoen. </para>
    <para />
    <para>5. De partijen zijn het erover eens dat eiser de verschuldigde parkeerbelasting niet heeft</para>
    <para>voldaan. Het geschil beperkt zich tot de vraag of sprake was van een storing van de parkeerautomaten op het tijdstip dat eiser zijn auto parkeerde op grond waarvan hij kan worden ontslagen van zijn verplichting om de parkeerbelasting te voldoen.</para>
    <para />
    <para>6. Eiser beroept zich op overmacht. Hij voert aan dat hij de verschuldigde</para>
    <para>parkeerbelasting niet kon voldoen wegens een internetstoring op die dag, die deels landelijk van aard was. Eiser liep naar meerdere parkeerautomaten om te betalen, maar die deden het volgens hem allemaal niet als gevolg van deze storing. Ook kon hij niet via de app Parkmobile betalen. </para>
    <para>7. De rechtbank oordeelt dat verweerder terecht de naheffingsaanslag parkeerbelasting aan</para>
    <para>eiser heeft opgelegd. Daartoe overweegt zij als volgt. Allereerst volgt uit vaste rechtspraak dat in geval de parkeerder niet via een parkeerapp kan betalen, hij dan op andere wijze de parkeerbelasting moet voldoen.<footnote-ref linkend="_e5e9c5cd-12d4-4773-8240-5b86e5466bd5" /> Verder blijkt uit vaste rechtspraak dat een storing van een parkeerautomaat de parkeerder niet ontslaat van de verplichting om parkeerbelasting te voldoen.<footnote-ref linkend="_aa4df438-7173-478f-8e5b-f5354afb70b7" /> De rechtbank stelt vast dat verweerder bij het verweerschrift een overzicht van transacties heeft bijgevoegd, waaruit blijkt dat succesvolle betalingen bij de parkeerautomaten in de Arthur van Schendelstraat zijn verricht rond het tijdstip dat eiser daar zijn auto parkeerde. De geslaagde transacties die rond het tijdstip van het vaststellen van de overtreding zijn gelegen zijn als volgt. Parkeerautomaat ID 24604 : om 16:01:46 en om 17:38:16; parkeerautomaat ID 24605 : om 16:55:28 en om 18:22:02; parkeerautomaat ID 24606 : om 17:02:20 en om 17:03:36 en om 17:59:35; parkeerautomaat ID 24607 : om 17:48:33 en parkeerautomaat ID 24608 : om 16:37:54 en om 18:12:47. Naar het oordeel van de rechtbank heeft verweerder hiermee voldoende aangetoond dat het wel mogelijk was om de verschuldigde parkeerbelasting bij één van deze parkeerautomaten in de Arthur van Schendelstraat te voldoen rond het tijdstip dat eiser daar zijn auto parkeerde. De beroepsgrond slaagt niet.</para>
    <para />
    <para>8. Het beroep is ongegrond. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.</para>
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze uitspraak is gedaan door mr. J.R. van Es-de Vries, rechter, in aanwezigheid van </para>
      <para>mr. L.M.A. Koeman, griffier. De uitspraak is uitgesproken en bekendgemaakt op </para>
      <para>23 februari 2021 en zal openbaar worden gemaakt door publicatie op rechtspraak.nl. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>griffier						rechter		</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">				De rechter is verhinderd deze </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">				uitspraak te ondertekenen.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Afschrift verzonden aan partijen op: </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Rechtsmiddel</title>
    <para>Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken na de dag van verzending daarvan hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.</para>
    <para />
  </section>
  <footnote id="_e5e9c5cd-12d4-4773-8240-5b86e5466bd5" label="1">
    <para> ECLI:NL:RBAMS:2018:9008. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_aa4df438-7173-478f-8e5b-f5354afb70b7" label="2">
    <para> ECLI:NL:RBMNE:2013:1766.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>