<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBMNE:2020:908</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-03-10T19:07:05</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-03-10</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Midden-Nederland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Midden-Nederland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2020-03-10</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">16-079033-19; 16-227253-18 (gev. ttz) en 16-081609-18 (tul) (P)</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Utrecht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2020:908">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2020:908</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-03-10T15:32:22</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-03-10</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBMNE:2020:908 Rechtbank Midden-Nederland , 10-03-2020 / 16-079033-19; 16-227253-18 (gev. ttz) en 16-081609-18 (tul) (P)</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBMNE:2020:908:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Een 20-jarige man wordt veroordeeld voor het plegen van verschillende woninginbraken, een poging daartoe en het dealen van harddrugs. De rechtbank spreekt hem vrij van deelname aan een criminele organisatie die het plegen van woningbraken als doel had.</para>
      <para />
      <para>De rechtbank legt verdachte een gevangenisstraf van veertien maanden op.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBMNE:2020:908:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Strafrecht</para>
      <para>Zittingsplaats Utrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummers: 16-079033-19; 16-227253-18 (gev. ttz) en 16-081609-18 (tul) (P)</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van de meervoudige kamer van 10 maart 2020</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de strafzaak tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold caps">
          [verdachte]
        </emphasis>
        <emphasis role="caps">,</emphasis>
      </para>
      <para>geboren op [1999] in [woonplaats] ,</para>
      <para>nu gedetineerd in Justitieel Complex Schiphol.</para>
    </parablock>
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>ONDERZOEK TER TERECHTZITTING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtszaak tegen [verdachte] heeft in het openbaar plaatsgevonden op de zittingen van 15 juli 2019, 25 september 2019, 25 november 2019, 10 februari 2020 en 11 februari 2020. Op 10 en 11 februari 2020 is de zaak inhoudelijk behandeld. [verdachte] was bij de inhoudelijke behandeling aanwezig, waardoor juridisch gezien sprake is van een vonnis op tegenspraak. Het onderzoek op de zitting is op 2 maart 2020 gesloten.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft tijdens de zitting gesproken met en geluisterd naar de standpunten van [verdachte] zelf, zijn advocaat mr. J. Gunning en de officier van justitie mr. C.J. Booij. </para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>TENLASTELEGGING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De officier van justitie verdenkt [verdachte] ervan dat hij betrokken is geweest bij meerdere strafbare feiten. Deze verdenkingen staan beschreven in de tenlasteleggingen, die als bijlagen zijn opgenomen in dit vonnis.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Kort gezegd verdenkt de officier van justitie [verdachte] ervan dat hij:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">16-079033-19</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <orderedlist numeration="arabic">
      <listitem>
        <para>samen met anderen op 24 februari 2019 heeft ingebroken op de [adres] in [woonplaats] , waarbij zij geld, sieraden en sleutels van [benadeelde 1] hebben weggenomen;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>samen met anderen op 26 februari 2019 heeft ingebroken op de [adres] in [woonplaats] , waarbij zij geld, sieraden en een iPhone 4s van [benadeelde 2] hebben weggenomen;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>samen met anderen op 2 maart 2019 heeft ingebroken op de [adres] in [woonplaats] , waarbij zij geld, horloges, een spelcomputer en computerspellen van [benadeelde 3] hebben weggenomen;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>op 29 maart 2019 heeft ingebroken op de [adres] in ’ [woonplaats] , waarbij hij een geldkistje, geld, auto- en caravanpapieren, paspoorten, een rijbewijs, bankpassen, autosleutels, een portemonnee, sieraden, camera’s, tassen en een USB-stick van [benadeelde 4] heeft weggenomen (<emphasis role="italic">primair</emphasis>), dan wel op 2 april 2019 in Amersfoort een autosleutel in zijn bezit heeft gehad, terwijl hij wist dat die autosleutel gestolen was (<emphasis role="italic">subsidiair</emphasis>);</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>in de periode van 1 januari 2019 tot en met 2 april 2019 in Amersfoort een criminele organisatie heeft gevormd met [medeverdachte 1] , [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] die het plegen van inbraken als doel had;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>samen met anderen in de periode van 1 januari 2018 tot en met 2 april 2019 in Amersfoort in cocaïne en heroïne heeft gehandeld;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>in de periode van 1 januari 2019 tot en met 2 april 2019 in Amersfoort een criminele organisatie heeft gevormd met [medeverdachte 1] en [medeverdachte 3] die het plegen van drugsdelicten als doel had;</para>
      </listitem>
    </orderedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">16-227253-18</emphasis>
      </para>
      <para>samen met anderen op 20 oktober 2018 heeft geprobeerd in te breken op de [adres] in [woonplaats] door naar dat huis te gaan en een schroevendraaier in de sluitnaad tussen het kozijn en het raam van dat huis te steken/wrikken.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>VOORVRAGEN</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voordat de rechtbank een inhoudelijke beslissing kan nemen in de zaak tegen [verdachte] , moet zij eerst kijken of aan de in de wet gestelde voorvragen is voldaan. Dat is het geval: de dagvaarding is geldig, de rechtbank is bevoegd om deze zaak te beoordelen, de officier van justitie mag [verdachte] vervolgen en er zijn geen redenen om de vervolging uit te stellen.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>WAARDERING VAN HET BEWIJS</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">16-079033-19</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de officier van justitie</emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie heeft de rechtbank verzocht om [verdachte] vrij te spreken van feit 7, omdat niet duidelijk is geworden of de verdachten hebben samengewerkt bij het dealen in harddrugs. De officier van justitie vindt dat bewezen kan worden dat [verdachte] de andere feiten op deze tenlastelegging heeft gepleegd. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Dat [verdachte] als medepleger betrokken is geweest bij de inbraak in Kootwijkerbroek blijkt volgens de officier van justitie uit verschillende tapgesprekken, de gesprekken tussen de verdachten in de arrestantenbusjes en het feit dat de telefoon van [verdachte] tijdens deze inbraak een mast in de buurt van de inbraak aanstraalde. Datzelfde geldt volgens de officier van justitie voor de betrokkenheid van [verdachte] bij de inbraak in Harskamp. Bovendien heeft een verbalisant [verdachte] in die zaak op camerabeelden herkend.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Volgens de officier van justitie was [verdachte] ook betrokken bij de inbraak op de [adres] in [woonplaats] . In een tapgesprek wordt gesproken over ‘die ene in [woonplaats] ’ waar [verdachte] spullen zou hebben ‘gedasht’ bij een school. Ook in deze zaak straalde de telefoon van [verdachte] een mast in de buurt van de inbraak aan.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          [verdachte] is volgens de officier van justitie ook verantwoordelijk voor de inbraak op de [adres] in ’ [woonplaats] . Een schoenspoor dat in de woning van de aangever is gevonden komt mogelijk overeen met het profiel van een schoen van [verdachte] . De autosleutels die bij de inbraak zijn weggenomen zijn daarnaast in het huis van [verdachte] gevonden. Ook straalde de telefoon van [verdachte] tijdens de inbraak een mast in ’ [woonplaats] aan.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Tot slot vindt de officier van justitie dat ook bewezen kan worden dat [verdachte] samen met medeverdachten [medeverdachte 1] en [medeverdachte 4] heeft deelgenomen aan een criminele organisatie die het oogmerk had om diefstallen te plegen. Uit het dossier blijkt dat er sprake was van een samenwerking tussen [verdachte] , [medeverdachte 1] en [medeverdachte 4] . Zij hebben over een langere periode in wisselende samenstelling strafbare feiten gepleegd. Dat waren voornamelijk woninginbraken. Zij hadden frequent contact met elkaar. Daarnaast bespraken zij volgens de officier van justitie vooraf wie er beschikbaar is. Zij lichtten elkaar in over de aanwezigheid van bewoners en politie. Ook gebruikten de verdachten volgens de officier van justitie gezamenlijke groepsregels. Zo moesten er nieuwe inbrekersspullen worden geregeld, wanneer de oude weg waren. Ze deelden de kosten, zoals brandstofkosten, en de baten, de buit van de woninginbraken. Zij stonden ook voor elkaar op de uitkijk. Daarnaast maakten zij gebruik van gemeenschappelijke vervoersmiddelen en breekvoorwerpen die zij ‘koud legden’. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De hierboven genoemde informatie is bekend geworden in de korte periode waarin de telefoons van [verdachte] en [medeverdachte 1] werden getapt. Volgens de officier van justitie blijkt daaruit dat de samenwerking tussen de verdachten intensief was.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de advocaat</emphasis>
        </para>
        <para>De advocaat heeft verzocht om [verdachte] vrij te spreken van de feiten 1, 2, 3, 4, 5 en 7, omdat er onvoldoende bewijs in het dossier is dat [verdachte] die feiten heeft gepleegd.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Volgens de advocaat kan uit de stukken in het dossier niet worden afgeleid dat [verdachte] op de plaatsen is geweest waar de woningbraken zijn gepleegd, zoals ten laste gelegd onder de feiten 1, 2, 3 en 4. Over feit 4 heeft de advocaat ook nog opgemerkt dat het enkele feit dat [verdachte] autosleutels in zijn bezit had die van de inbraak afkomstig bleken te zijn, nog niet maakt dat [verdachte] ook bij de inbraak zelf betrokken was. Er zijn volgens de advocaat ook geen aanwijzingen dat [verdachte] wist of moest vermoeden dat de sleutels waren gestolen. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Volgens de advocaat kan ook niet bewezen worden dat [verdachte] heeft deelgenomen aan een criminele organisatie die het plegen van woninginbraken als doel had, maar ook niet aan een criminele organisatie die het plegen van drugsdelicten als doel had. Uit het dossier kan volgens de advocaat niet worden afgeleid dat er sprake was van een gestructureerd samenwerkingsverband dat het plegen van die misdrijven als doel had.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
          <footnote-ref linkend="_e0082e12-72b1-4d9b-afbd-d0fb8c4a7205" />
        </para>
        <para>
          <emphasis role="bold italic">Vrijspraak feiten 3, 5 en 7</emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank spreekt [verdachte] vrij van de feiten 3, 5 en 7. Hieronder legt de rechtbank per feit uit waarom zij dat doet.</para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Feit 3</emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie vindt dat dit feit bewezen kan worden door een afgeluisterd telefoongesprek tussen [verdachte] en [medeverdachte 1] op 20 maart 2019 en de locatie van de telefoon van [verdachte] tijdens de inbraak. Het tapgesprek van 20 maart 2019 is volgens de rechtbank een aanwijzing dat [verdachte] mogelijk betrokken is geweest bij de inbraak in [woonplaats] . Uit het gesprek valt echter niet af te leiden dat het in dit tapgesprek gaat over een inbraak op de [adres] in [woonplaats] en dat [verdachte] daar daadwerkelijk bij betrokken was. Daarnaast bestrijken de aangestraalde mastlocaties zowel het verblijfadres van [verdachte] als de [adres] in [woonplaats] , zodat daar geen betrokkenheid bij de woninginbraak uit valt af te leiden. Tot slot heeft [medeverdachte 1] op de zitting van 10 februari 2020 verklaard dat hij deze woninginbraak heeft gepleegd samen met een ander en dat deze andere persoon niet [verdachte] was. De verklaring van [medeverdachte 1] is op verzoek van [verdachte] gevoegd in zijn zaak. </para>
        <para>De rechtbank concludeert dat er geen wettig en overtuigend bewijs is dat [verdachte] dit feit heeft gepleegd. Hij wordt daarom vrijgesproken van dit feit.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Feit 5</emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank spreekt [verdachte] ook vrij van de deelname aan een criminele organisatie die het plegen van woningbraken als doel had, omdat uit het dossier niet blijkt dat de verdachten een gestructureerd en georganiseerd samenwerkingsverband vormden.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Juridisch kader criminele organisatie</emphasis>
        </para>
        <para>Voor een bewezenverklaring van deelname aan een criminele organisatie is ten eerste vereist dat sprake is van een ‘organisatie’. Volgens vaste jurisprudentie betekent een organisatie: een samenwerkingsverband met een zekere duurzaamheid en structuur tussen de verdachte en ten minste één andere persoon. Niet is vereist dat de verdachte heeft samengewerkt met alle andere personen van de organisatie, dat hij die kende of dat er steeds in dezelfde samenstelling werd samengewerkt (vgl. HR 22 januari 2008, ECLI:NL:HR:2008:BB7134). </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Een organisatie is ‘crimineel’ als die organisatie het plegen van misdrijven als doel heeft. Voor het bewijs van dat doel kan van belang zijn of er misdrijven in het kader van de organisatie zijn gepleegd, of de samenwerking duurzaam en gestructureerd was en of de activiteiten van deelnemers die gericht waren op de verwezenlijking van het doel van de organisatie planmatig of stelselmatig waren (onder meer HR 15 mei 2007, ECLI:NL:HR:2007:BA0502).</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Tot slot is voor een bewezenverklaring volgens de Hoge Raad vereist dat de verdachte behoort tot het samenwerkingsverband en bijdraagt aan het realiseren van het doel van de organisatie. De verdachte moet in zijn algemeenheid weten dat de organisatie een misdadig doel heeft, maar niet welke concrete misdrijven er zijn of worden gepleegd (HR 10 februari 2015, ECLI:NL:2015:264 en HR 14 maart 2017, ECLI:NL:HR:2017:413).</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Beoordeling</emphasis>
        </para>
        <para>Uit het dossier kan worden afgeleid dat [verdachte] , [medeverdachte 4] , [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1] verschillende woninginbraken hebben gepleegd. [verdachte] heeft één keer een woninginbraak gepleegd met [medeverdachte 2] en [medeverdachte 4] , één keer alleen met [medeverdachte 4] en één keer geprobeerd in te breken met [medeverdachte 4] . Ook hadden de verdachten soms contact met elkaar over het plegen van woninginbraken. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Uit het dossier blijkt dat er op momenten wel sprake was van enige planmatigheid in de samenwerking, maar niet dat de verdachten in structureel en georganiseerd verband woninginbraken hebben gepleegd. Soms gingen zij alleen op pad om een woninginbraak te plegen. De plannen om in te breken lijken daarnaast vrij willekeurig tot stand te zijn gekomen. Uit het dossier kan dan ook niet méér worden vastgesteld dan dat een aantal van de verdachten heeft samengewerkt om in te breken. Volgens de rechtbank is daarom niet sprake van een criminele organisatie die gericht was op het plegen van woninginbraken.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Gelet op wat hierboven besproken is, wordt [verdachte] vrijgesproken van de deelname aan een criminele organisatie die het plegen van woninginbraken als doel heeft.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Feit 7</emphasis>
        </para>
        <para>Tot slot zal de rechtbank [verdachte] ook vrijspreken van de deelname aan een criminele organisatie die het plegen van drugsdelicten als doel had. Uit het dossier blijkt namelijk niet dat er sprake was van een samenwerkingsverband dat gericht was op de handel in drugs. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold italic">Bewezenverklaring feiten 1, 2, 4 en 6</emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank vindt dat bewezen is dat [verdachte] de feiten 1, 2, 4 en 6 heeft gepleegd. Hieronder maakt de rechtbank eerst enkele algemene opmerkingen over het bewijs. Daarna legt de rechtbank per feit uit waarom zij vindt dat bewezen is dat [verdachte] de feiten heeft gepleegd.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Algemene opmerkingen over het bewijs</emphasis>
        </para>
        <para>Tijdens het onderzoek werden de telefoonnummers waarvan de politie vermoedde dat die bij [verdachte] en [medeverdachte 1] in gebruik waren getapt. Volgens de politie maakte [verdachte] gebruik van het nummer [telefoonnummer] .<footnote-ref linkend="_aebecf73-5499-42f0-9044-9421b21a6daa" /> De wijkagent had dat nummer van [verdachte] gekregen en meerdere malen via dat nummer contact met hem gehad. De gebruiker van dat nummer noemde zich ook [verdachte] . De politie vermoedde dat [medeverdachte 1] gebruik maakte van het telefoonnummer [telefoonnummer] .<footnote-ref linkend="_c6fa4e01-5671-4718-8892-ee486abd0f68" /> De gebruiker van dat nummer noemde zichzelf namelijk [medeverdachte 1] . Bovendien stond het abonnement op naam van de moeder van [medeverdachte 1] . De rechtbank gaat er op grond van het voorgaande vanuit dat [verdachte] de gebruiker is van het nummer [telefoonnummer] en [medeverdachte 1] de gebruiker van het nummer [telefoonnummer] .</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>In het dossier zitten ook tapgesprekken waarin gebeld wordt met het nummer [telefoonnummer] . Het abonnement dat aan dit nummer gekoppeld was stond op naam van [autorijschool] , [adres] in [woonplaats] . Dat is het woonadres van [medeverdachte 4] . De ouders van [medeverdachte 4] hebben op 27 februari 2019 hetzelfde nummer opgegeven als het nummer van [medeverdachte 4] .<footnote-ref linkend="_5fd2bc8b-85d5-4e1c-b07b-13cd37bfb492" /> De rechtbank gaat er dan ook vanuit dat [medeverdachte 4] de gebruiker is van het nummer [telefoonnummer] .</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Nadat de verdachten op 2 april 2019 zijn aangehouden, zijn zij in een arrestantenbusje vervoerd. [verdachte] is samen met [medeverdachte 1] in een busje geplaatst en [medeverdachte 4] samen met [medeverdachte 2] . In beide busjes was afluisterapparatuur geplaatst. De stemmen van [verdachte] en [medeverdachte 1] werden door verbalisant [verbalisant 1] herkend, omdat zij een aantal weken de tapgesprekken van [verdachte] en [medeverdachte 1] had beluisterd.<footnote-ref linkend="_50cb5ab9-9fe0-4a21-b41d-2e0738e8a709" /> Wie wat heeft gezegd in het arrestantenbusje waarin [medeverdachte 4] en [medeverdachte 2] zaten werd afgeleid uit hetgeen zij hebben gezegd. De man die in de bewijsstukken NN1 wordt genoemd, vertelde over een witte doos vol handelswaar die hij onder het bed van zijn ouders had gezet. Bij de doorzoeking van het huis van [medeverdachte 2] werd een witte doos met drugs onder het bed van zijn ouders gevonden. De man die NN2 wordt genoemd vertelde dat hij verdacht werd van inbraken in Kootwijkerbroek, Harskamp, Overberg en Baarn. Dat zijn inbraken waarvan [medeverdachte 4] wordt verdacht. De politie concludeerde dan ook dat NN1 [medeverdachte 2] is en NN2 [medeverdachte 4] .<footnote-ref linkend="_f6008740-fea3-4789-bfe8-b50d9f49e112" /> De rechtbank neemt deze conclusie over. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Feit 1</emphasis>
        </para>
        <para>Op 24 februari 2019 heeft [aangever 1] namens [benadeelde 1] aangifte gedaan van een inbraak in het huis van [benadeelde 1] aan de [adres] in [woonplaats] op 24 februari 2019 tussen 18.30 uur en 22.30 uur. Het slaapkamerraam aan de voorzijde van de woning stond open. In het kozijn zaten werktuigsporen en de grendel van het raam was verbogen. Volgens de bijlage bij de aangifte zijn er sieraden, waaronder een gouden armband, sleutels en geld weggenomen.<footnote-ref linkend="_87156f5d-b5aa-432b-9931-25b18e9adaa3" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Uit de historische verkeersgegevens van de telefoon van [verdachte] is gebleken dat zijn telefoon op 24 februari 2019 tussen 20.16.03 uur en 20.18.41 uur mastlocaties aanstraalde in Kootwijkerbroek.<footnote-ref linkend="_253519fc-b338-41a6-b560-3903e0e1f26f" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Op 24 februari 2019 om 17.19 uur heeft [medeverdachte 4] gebeld naar [verdachte] . [medeverdachte 4] zei dat ze moeten tanken, omdat ze met ‘hem’ mee gaan stelen. Hij vroeg of [verdachte] ook gaat stelen, waarop [verdachte] antwoordde met ja. [medeverdachte 4] zei dat het dan toch normaal is dat ze met zijn drieën tanken.<footnote-ref linkend="_682e44e7-43f6-46bd-91b7-79f5d85a3ad6" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Om 20.18 uur belde een onbekend gebleven persoon naar [verdachte] . [verdachte] zegt dan dat hij buiten Amersfoort is.<footnote-ref linkend="_c8dac765-b758-4a58-befe-a55b6add8bc1" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De volgende dag belde [medeverdachte 4] om 12.23 uur naar [verdachte] . Hij zegt dan “1380 euro”. [verdachte] vroeg waarom ze zonder hem zijn gegaan. [medeverdachte 4] zei dat hij bijna de armband had weggegooid, maar dat die gewoon 8 ‘barkies’ (de rechtbank begrijpt: 800,- euro) was. [medeverdachte 4] zei dat [verdachte] wel zonder hem mag gaan, omdat hij weet dat hij toch wel zijn deel krijgt.<footnote-ref linkend="_eb901c1d-8f62-4665-80ab-83a4d76fbf98" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">De interpretatie van de bewijsstukken</emphasis>
        </para>
        <para>Op grond van de bovengenoemde bewijsstukken vindt de rechtbank dat wettig en overtuigend bewezen is dat [verdachte] samen met [medeverdachte 4] en een ander heeft ingebroken op de [straat] in Kootwijkerbroek op 24 februari 2019. Voorafgaand aan de inbraak hadden [verdachte] en [medeverdachte 4] een gesprek dat ze gaan stelen. In de periode dat de inbraak heeft plaatsgevonden straalde de telefoon van [verdachte] mastlocaties aan in de buurt van de inbraak. [verdachte] zei in een gesprek om 20.18 uur ook dat hij buiten de stad is. </para>
        <para>Bij de woninginbraak is een gouden armband gestolen. De dag na de inbraak hebben [verdachte] en [medeverdachte 4] een gesprek over een armband en 1380 euro. [medeverdachte 4] is blijkbaar zonder [verdachte] naar een juwelier gegaan. [verdachte] is daar boos over. [medeverdachte 4] laat weten dat [verdachte] zijn deel wel krijgt. Gelet op de datum, de dag na de inbraak, en de bemoeienis van [verdachte] die zijn deel krijgt, gaat de rechtbank ervan uit dat dit gesprek over de buit gaat die zij bij de inbraak de dag ervoor hadden verkregen. De verklaring van [medeverdachte 4] op de zitting dat dat gesprek ergens anders over ging, gelooft de rechtbank dan ook niet.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Feit 2</emphasis>
        </para>
        <para>Op 27 februari 2019 heeft [aangever 2] namens zijn moeder, [benadeelde 2] , aangifte gedaan van een inbraak in de woning van zijn moeder aan de [adres] in [woonplaats] op 26 februari 2019. Volgens de bijlage bij de aangifte zijn verschillende sieraden, een iPhone 4S en geld weggenomen.<footnote-ref linkend="_1ad32685-96ea-40c1-b6ce-33d638ede826" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Uit het sporenonderzoek is gebleken dat de daders de woning binnen zijn gekomen via het toiletraam. Verbalisant [verbalisant 2] zag dat het mogelijk was om het toiletraam te verwijderen.<footnote-ref linkend="_7db4be7d-8a39-450e-9178-384908e1d322" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Getuige [getuige 1] heeft verklaard dat hij op 26 februari 2019 rond 21.55 uur werd gebeld door zijn buurman met de mededeling dat hij een zwarte Volvo al een paar keer door het Kraatswegje zag rijden. Getuige [getuige 1] zag dat er een zwarte Volvo geparkeerd stond voor zijn woning. Hij heeft toen een foto gemaakt van die Volvo. Daarna reed de bestuurder van de Volvo weg. Het kenteken van de auto was [kenteken] . </para>
        <para>Even later kwamen er twee jongens aanlopen. Zij liepen over de Dorpsstraat en sloegen linksaf het Kraatswegje in. De getuige zei toen dat ‘hij’ al weg was. Hij hoorde toen één van de jongens zeggen “oh shit, hij is al weg”.<footnote-ref linkend="_d6f88c01-fe1a-495f-acf6-1fc6fcfd4253" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Op 27 februari 2019 om 00.15 uur belden de ouders van [medeverdachte 4] de politie, omdat [medeverdachte 4] niet thuis was gekomen. Zij vertelden dat [medeverdachte 4] weg was met de auto, een Volvo met kenteken [kenteken] .<footnote-ref linkend="_f778abec-42c2-4fbc-8493-d2e812c6902b" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Op 26 februari 2019 om 22.16 uur belde [medeverdachte 1] naar de telefoon van [verdachte] . Iemand anders dan [verdachte] (hierna: “NNM”) nam op. Hij zei dat hij ‘ruwina’ (de rechtbank begrijpt: chaos) buiten de stad heeft en dat hun kenteken is gezien. Hij zei dat [verdachte] ‘loesoe’ (de rechtbank begrijpt: weg) is en ergens in de bosjes verstopt zit. Hij vroeg aan [medeverdachte 1] het nummer van de Nokia van [verdachte] .<footnote-ref linkend="_0e9dfaaf-36b9-49b4-9ebb-a9dc9853307a" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          [medeverdachte 1] belde om 22.18 uur met een onbekend gebleven persoon en vroeg naar het ‘nokie’ (de rechtbank begrijpt: Nokia) nummer. Het nummer [telefoonnummer] wordt dan gegeven.<footnote-ref linkend="_00036d43-2d0b-4d48-9237-9881dd59bf07" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>In een gesprek met [medeverdachte 1] om 22.27 uur zei NNM dat hij geparkeerd staat, maar dat zij terug gingen om meer te pakken. Hij zei dat het kenteken van [medeverdachte 4] gefotografeerd is. Hij vertelde dat alle telefoons vergeten zijn. Hij had gebeld naar de Nokia. Toen werd gezegd dat ze in de tuin rechts waren, alleen daar stonden elke keer die mensen.<footnote-ref linkend="_9b0775f5-60c5-4c04-85ce-5c10a0cc6983" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>In een gesprek met [medeverdachte 1] om 22.31 uur zei NNM dat hij in de auto zat toen de man een foto maakte. Hij zei dat hij de buit in een greppel heeft weggegooid en dat hij die vanavond op gaat halen.<footnote-ref linkend="_476334ea-696b-4d03-836c-23f173acabf7" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Om 22.36 uur belde [medeverdachte 1] naar het nummer [telefoonnummer] . De gebruiker van dat nummer zei dat hij bij het tankstation in Harskamp is.<footnote-ref linkend="_1e289a90-2a46-41d1-bc02-4ff5bd9c3d6d" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Om 22.42 uur belde [medeverdachte 1] met een onbekend gebleven persoon. Hij zei dat [medeverdachte 4] en die andere gekke jongen ruwina hebben en dat ze in Harskamp zijn en opgehaald moeten worden, omdat [bijnaam] / [bijnaam] is weg gegaan met al hun telefoons in de auto. Hij vertelde dat alleen [medeverdachte 4] en hij en [verdachte] daar zijn.<footnote-ref linkend="_ad980ace-22a3-498a-8681-77cb272be18c" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Om 23.17 uur belt [verdachte] naar NNM. Hij zegt dat ze in het weiland zijn en vraagt of NNM hen op kan halen. [verdachte] zegt dat NNM gewoon naar Harskamp moet rijden. NNM vraagt of ze nog bij die osso zijn. [verdachte] zegt dat ze ver het weiland zijn ingelopen. NNM zegt dat hij het voetje de hele tijd op de achterbank had liggen. NNM zegt dat hij die ‘gowtu’ (de rechtbank begrijpt: goud) heeft verstopt in een greppel, met het voetje en de ‘scroeba’ (de rechtbank begrijpt: schroevendraaier).<footnote-ref linkend="_c9709921-8777-489f-9e2c-6f2c4b69af8c" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Om 23.20 uur belde [medeverdachte 1] met de gebruiker van het nummer [telefoonnummer] . De gebruiker van dat nummer zegt dan dat [bijnaam] hen komt ophalen.<footnote-ref linkend="_c5321258-0bef-4e0b-b901-2252d0ea1ea8" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Om 00.15 uur belde [medeverdachte 1] naar iemand die hij [A] noemt. Hij vraag om het nummer van zijn broer. ‘ [A] ’ stuurt dan een SMS met de tekst: [telefoonnummer] .<footnote-ref linkend="_80956071-acb9-4a5b-a61a-8f110756cb75" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Om 00.22 uur belde [medeverdachte 1] naar het nummer dat hij van [A] heeft gekregen. [medeverdachte 1] vroeg of hij met ‘hen’ is, waarop de gebruiker van het nummer ‘ja’ antwoordde. De gebruiker van dat nummer zei dat ze de spullen aan het zoeken zijn.<footnote-ref linkend="_3852c5ee-8af0-4d52-86eb-8fa5319b7cea" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Op de zitting heeft [medeverdachte 4] verklaard dat hij degene is geweest die met de Volvo naar Harskamp is gereden en in een woning in Harskamp heeft ingebroken. De verklaring van [medeverdachte 4] is op verzoek van de officier van justitie gevoegd in de zaak van [verdachte] .<footnote-ref linkend="_17303ebb-bbb4-4517-8dda-522f4ed9c143" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Bewijsoverwegingen </emphasis>
        </para>
        <para>Op grond van de bewijsstukken die hierboven besproken zijn, verklaart de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat [verdachte] samen met [medeverdachte 4] en [medeverdachte 2] heeft ingebroken op de [adres] in [woonplaats] . Hieronder legt de rechtbank dit uit.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">	Gebruiker [telefoonnummer]</emphasis>
        </para>
        <para>Op grond van de genoemde tapgesprekken in het dossier stelt de rechtbank vast dat [verdachte] op 26 en 27 februari 2019 de gebruiker was van het nummer [telefoonnummer] . [medeverdachte 1] probeerde [verdachte] te bereiken op zijn telefoon, maar kreeg ‘ [bijnaam] ’ of ‘ [bijnaam] ’ aan de lijn. Die [bijnaam] / [bijnaam] vroeg vervolgens om het Nokia-nummer van [verdachte] . Hij ontving toen het nummer [telefoonnummer] .</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Identiteit [bijnaam] / [bijnaam]</emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank vindt dat uit het dossier ook kan worden afgeleid dat [bijnaam] / [bijnaam] [medeverdachte 2] </para>
        <para> is. Uit de tapgesprekken blijkt dat die [bijnaam] / [bijnaam] in het bezit was van de telefoon van [verdachte] . [medeverdachte 1] heeft meerdere keren contact met [bijnaam] / [bijnaam] via de telefoon van [verdachte] . In een gesprek om 22.31 uur zegt [bijnaam] / [bijnaam] dat hij de buit in een greppel heeft gegooid en dat hij die vanavond op gaat halen. Op 27 februari 2019 om 0.15 uur belt [medeverdachte 1] naar ‘ [A] ’. Hij vraagt om het nummer van zijn broer. [A] geeft dan het nummer [telefoonnummer] .<footnote-ref linkend="_965defc7-8866-42db-bf1f-8184987e6117" /> Uit informatie van de wijkagent blijkt dat de broer van [medeverdachte 2] [A] wordt genoemd. Als [medeverdachte 1] het nummer dat [A] heeft gegeven zeven minuten later belt, zegt de gebruiker dat ze ‘die spullen’ aan het zoeken zijn. [bijnaam] / [bijnaam] his volgens het tapgesprek om 23.20 uur [verdachte] en [medeverdachte 4] gaan ophalen. Daarnaast is tussen de Facebookvrienden van [medeverdachte 4] een jongen gevonden die zichzelf ‘ [naam] ’ noemde. Verbalisant [verbalisant 3] heeft die jongen herkend als [medeverdachte 2] .<footnote-ref linkend="_6973d221-c590-444a-8a54-1df379baf20a" /></para>
        <para>Om bovengenoemde redenen is de rechtbank ervan overtuigd dat met de naam [bijnaam] / [bijnaam] [medeverdachte 2] wordt bedoeld. De verklaring van [medeverdachte 2] dat hij zelf geen Facebook heeft en iemand anders dat account moet hebben gemaakt, vindt de rechtbank ongeloofwaardig.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">	Betrokkenheid [verdachte] , [medeverdachte 4] en [medeverdachte 2] bij de inbraak</emphasis>
        </para>
        <para>Op grond van de bewijsstukken in het dossier stelt de rechtbank het volgende vast.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Op 26 februari 2019 is er rond 22.00 uur ingebroken op de [adres] in [woonplaats] . De daders zijn naar binnengekomen via het toiletraam. Door getuige [getuige 1] werd een Volvo met kenteken [kenteken] om de hoek van de plaats waar was ingebroken gefotografeerd. Die Volvo reed direct daarna weg. Uit de tapgesprekken blijkt volgens de rechtbank dat [medeverdachte 2] de bestuurder was van de Volvo. Hij verklaarde dat het kenteken van [medeverdachte 4] was gefotografeerd toen hij in de auto zat. Uit het dossier blijkt dat de ouders van [medeverdachte 4] een Volvo met kenteken [kenteken] hebben. Uit de tapgesprekken blijkt dat [medeverdachte 2] op [medeverdachte 4] en [verdachte] aan het wachten was, omdat zij terug waren gegaan om meer te halen. Nadat [medeverdachte 2] is weggereden, hebben [medeverdachte 4] en [verdachte] zich verstopt. [medeverdachte 2] heeft de buit toen weggegooid in een greppel. Later is [medeverdachte 2] teruggegaan om [medeverdachte 4] en [verdachte] op te halen en samen met hen de buit te zoeken.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Conclusie</emphasis>
        </para>
        <para>Op grond van het voorgaande vindt de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat [verdachte] samen met [medeverdachte 4] en [medeverdachte 2] heeft ingebroken op de [adres] in [woonplaats] . </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Feit 4</emphasis>
        </para>
        <para>Op 29 maart 2019 deed [benadeelde 4] aangifte van een inbraak in zijn woning aan de [adres] in [woonplaats] op 29 maart 2019 tussen 18.00 uur en 22.10 uur. De daders hebben een geldkistje, een portemonnee en autosleutels weggenomen. Het kenteken van de auto is [kenteken] . Uit de bijlage bij de aangifte blijkt dat er ook camera’s, tassen, een USB-stick, sieraden, identiteitspapieren, kentekenbewijzen, bankbescheiden en geld zijn weggenomen.<footnote-ref linkend="_992cc9c8-0656-42b3-a6a7-9c490276c9e6" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Tijdens de doorzoeking van het huis van [verdachte] zijn twee sleutels van het automerk Renault gevonden. Die bleken te horen bij de auto met het kenteken [kenteken] .<footnote-ref linkend="_47e08d71-e34e-44ad-9738-a26ce1aff1f7" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Uit de historische verkeersgegevens van de telefoon van [verdachte] is gebleken dat zijn telefoon op 29 maart 2019 tussen 20.34.34 uur en 20.35.01 uur mastlocaties in [woonplaats] aanstraalde.<footnote-ref linkend="_2bbe34c8-8d8e-40ff-ae03-5234c1beb161" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De politie heeft een vergelijkend schoensporenonderzoek gedaan naar een paar schoenen die bij [verdachte] in beslag zijn genomen en een schoenspoor<footnote-ref linkend="_c6ad65fb-5d23-45f7-bf8b-eab66d1252a7" /> dat is gevonden op de vloer in de hal van het huis van aangever. Daaruit bleek dat het spoor mogelijk is veroorzaakt met de rechterschoen van het paar dat bij [verdachte] in beslag was genomen. Het profiel en de afmetingen kwamen overeen. Eén onregelmatigheid in het spoor kwam qua plaats en globaal in vorm overeen met één beschadiging in de zool van de rechterschoen.<footnote-ref linkend="_1214be23-603a-45dd-8d21-55a6044fad0c" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">De interpretatie van de bewijsstukken</emphasis>
        </para>
        <para>Op grond van de hierboven genoemde bewijsstukken vindt de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat [verdachte] de inbraak op de [straat] in [woonplaats] heeft gepleegd. De autosleutels die bij die inbraak zijn gestolen zijn vier dagen na de inbraak in het huis van [verdachte] gevonden. De verklaring van [verdachte] dat een vriend, van wie hij de naam niet wil noemen, die sleutels bij een coffeeshop had gevonden en vervolgens aan hem heeft gegeven, vindt de rechtbank ongeloofwaardig.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Feit 6</emphasis>
        </para>
        <para>Op de dag dat [verdachte] is aangehouden, 2 april 2019, is zijn huis doorzocht. In zijn huis werd 1,51 gram heroïne gevonden.<footnote-ref linkend="_04de1df4-5385-4589-b254-ffcdb360956d" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>In het huis van [verdachte] werd ook een Nokia telefoon in beslag genomen. In de telefoon stonden onder andere de volgende berichten<footnote-ref linkend="_6b88c1db-d6d6-435d-a1b7-7534b2570525" />:</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold italic">Datum		Inkomend/uitgaand	Bericht</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">23-2-2019   	Inkomend	 	“Hee zeker goed als je bruin ok zo is komt het alle </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">maal goed hoor je ok”.</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">05-03-2019	Inkomend		“Bolletjes b zijn erg slordig gemaakt hoor: ook IN </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">de knoopjes zit nog een beetje spul en ze verschillen van gewicht ook allemaal…”</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">06-03-2019	Uitgaand		“Goeie kwaliteit wit, binnen 15 min bij je”</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>Op 13 maart 2019 belde [verdachte] met [medeverdachte 1] . [verdachte] zegt dan dat [naam] hem morgen betaalt. [naam] wilde drie stuks en [verdachte] heeft hem er eentje gegeven. [medeverdachte 1] zegt dan dat hij (de rechtbank begrijpt: [naam] ) er nu twee vraagt. [verdachte] zegt dat hij geen gekookte meer heeft.<footnote-ref linkend="_c21a9c48-85e4-462b-a51d-6f5be2e65786" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Twee getuigen, [getuige 2] en [getuige 3] , hebben bij de politie verklaard dat zij [verdachte] herkenden als een persoon van wie zij drugs hebben gekocht.<footnote-ref linkend="_35633a6a-8798-4f0d-bf76-4139ab18f851" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Op de zitting heeft [verdachte] verklaard dat het klopt dat hij een korte periode in cocaïne en heroïne heeft gedeald.<footnote-ref linkend="_037d3af6-7fe8-4cd9-8e3d-7b89331153c0" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">De interpretatie van de bewijsstukken</emphasis>
        </para>
        <para>Op grond van de bewijsstukken die hierboven zijn besproken stelt de rechtbank vast dat [verdachte] in de periode van 23 februari 2019 tot en met 13 maart 2019 in cocaïne en heroïne heeft gehandeld. De rechtbank vindt onvoldoende bewezen dat [verdachte] samen met anderen in cocaïne en heroïne heeft gehandeld, en zal [verdachte] dan ook vrijspreken van het onderdeel ‘tezamen en in vereniging’. </para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold italic">16-227253-18</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de officier van justitie</emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie vindt dat bewezen kan worden dat [verdachte] het feit op deze tenlastelegging heeft gepleegd. Op de zitting heeft [verdachte] dit feit bekend.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.5</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de advocaat</emphasis>
        </para>
        <para>De advocaat van [verdachte] vindt ook dat het feit op deze tenlastelegging bewezen kan worden.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.6</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
          <footnote-ref linkend="_938b0c7e-3c26-4adb-9f19-c789efccdcd4" />
        </para>
        <para>De rechtbank vindt dat bewezen kan worden dat [verdachte] het feit op deze tenlastelegging heeft gepleegd. [verdachte] heeft dat op de zitting ook toegegeven. De rechtbank zal de bewijsstukken daarom niet uitschrijven, maar de bewijsstukken alleen opsommen. De rechtbank verwijst met voetnoten naar de plaats in het dossier waar de bewijsstukken te vinden zijn.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De bewijsstukken:</para>
      </parablock>
      <para>- het proces-verbaal van aangifte door [aangever 3] van 20 oktober 2018<footnote-ref linkend="_6ea10509-84f4-46e3-ae28-5a214f86783e" />;</para>
      <para>- het proces-verbaal van verhoor getuige [verbalisant 19] van 20 oktober 2018<footnote-ref linkend="_ec5fbb01-1a00-4422-90f7-08e5201115b6" />;</para>
      <para>- het proces-verbaal van verhoor getuige [verbalisant 19] van 8 november 2018<footnote-ref linkend="_372d20c7-5800-49d4-9c7b-9532930a102d" />;</para>
      <para>- de verklaring van [verdachte] op de zitting<footnote-ref linkend="_937a27ee-d4f4-4b02-9710-4bbbfe916c7b" />.</para>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>BEWEZENVERKLARING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat [verdachte] </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">16-079033-19</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <orderedlist numeration="arabic">
      <listitem>
        <para>op 24 februari 2019 te [woonplaats] tezamen en in vereniging met anderen met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen uit een woning gelegen aan de [adres] , geld (ongeveer 100 euro), sieraden en sleutels, toebehorende aan [benadeelde 1] , waarbij [verdachte] en zijn mededaders de weg te nemen goederen onder hun bereik hebben gebracht door middel van braak;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>op 26 februari 2019 te [woonplaats] tezamen en in vereniging met anderen met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen uit een woning gelegen aan de [adres] , geld (ongeveer 150 euro), sieraden en een telefoon (Iphone 4s), toebehorende aan [benadeelde 2] , waarbij [verdachte] en zijn mededaders de weg te nemen goederen onder hun bereik hebben gebracht door middel van inklimming;</para>
      </listitem>
    </orderedlist>
    <para>4. op 29 maart 2019 te [woonplaats] met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen uit een woning gelegen aan de [adres] , </para>
    <parablock>
      <para>- een geldkistje;</para>
      <para>- geld (te weten 1394 euro);</para>
      <para>- auto- en caravanpapieren;</para>
      <para>- paspoorten;</para>
      <para>- een rijbewijs;</para>
      <para>- bankpassen;</para>
      <para>-  autosleutels;</para>
      <para>- een portemonnee;</para>
      <para>- sieraden;</para>
      <para>- een fotocamera (Sony);</para>
      <para>- een videocamera (Sony);</para>
      <para>- tassen;</para>
      <para>- een USB-stick (Sony Pro H9),</para>
      <para>toebehorende aan [benadeelde 4] , waarbij [verdachte] de weg te nemen goederen onder zijn bereik heeft gebracht door middel van braak;</para>
    </parablock>
    <para>6. in de periode van 23 februari 2019 tot en met 13 maart 2019 te Amersfoort meermalen telkens opzettelijk verkocht en/of afgeleverd en/of verstrekt en/of vervoerd gebruikershoeveelheden van een materiaal bevattende cocaïne en van een materiaal bevattende heroïne, zijnde cocaïne en heroïne een middel voorkomende op lijst I van de Opiumwet;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">16-227253-18</emphasis>
      </para>
      <para>op 20 oktober 2018 te [woonplaats] ter uitvoering van het door [verdachte] voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met een ander met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening uit een woning gelegen aan de [adres] weg te nemen geld en/of goederen, toebehorende aan [aangever 3] , en zich daarbij de toegang tot de plaats van het misdrijf te verschaffen door middel van braak:</para>
    </parablock>
    <para>- naar voornoemde woning is gegaan en</para>
    <para>- een schroevendraaier heeft gestoken in de sluitnaad tussen het kozijn en een (keuken)raam van die woning en vervolgens die schroevendraaier in die sluitnaad heeft gewrikt, </para>
    <parablock>
      <para>terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid.<?linebreak?></para>
      <para>
        [verdachte] wordt vrijgesproken van alles wat meer of anders ten laste is gelegd dan wat hierboven is bewezen. De rechtbank heeft taal- en spelfouten in de tenlastelegging verbeterd. Dat is volgens de rechtbank niet nadelig voor [verdachte] .</para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>STRAFBAARHEID VAN DE FEITEN</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gedragingen zijn volgens de wet alleen strafbaar als er geen rechtvaardigingsgrond voor die gedragingen bestaat. Als een verdachte zich kan beroepen op zo’n rechtvaardigingsgrond is zijn gedrag niet in strijd met het recht. Er is niet gebleken dat er zo’n rechtvaardigingsgrond voor de door [verdachte] gepleegde feiten bestond. De door [verdachte] gepleegde feiten zijn dus strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De wet noemt de door [verdachte] gepleegde feiten:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">16-079033-19</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <orderedlist numeration="arabic">
      <listitem>
        <para>diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van braak;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van inklimming;</para>
      </listitem>
    </orderedlist>
    <para>4. diefstal, waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van braak;</para>
    <para>6. opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 2 onder B van de Opiumwet gegeven verbod, meermalen gepleegd;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">16-227253-18</emphasis>
      </para>
      <para>poging tot diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van braak.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>7</nr>STRAFBAARHEID VAN [verdachte]</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachten zijn volgens de wet alleen strafbaar als zij geen beroep kunnen doen op een schulduitsluitingsgrond. Als een verdachte zich kan beroepen op een schulduitsluitingsgrond is zijn gedrag niet verwijtbaar. Er is niet gebleken dat [verdachte] een beroep kon doen op zo’n schulduitsluitingsgrond. [verdachte] is dus strafbaar.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>8</nr>OPLEGGING VAN STRAF</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>8.1</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de officier van justitie</emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie vindt dat [verdachte] moet worden veroordeeld tot een gevangenisstraf van 28 maanden, waarvan acht maanden voorwaardelijk met een proeftijd van drie jaren, met als bijzondere voorwaarde een contactverbod met [medeverdachte 1] , [medeverdachte 2] en [medeverdachte 4] . Hij verzoekt de bijzondere voorwaarde dadelijk uitvoerbaar te verklaren. De officier van justitie vindt dat geen reclasseringstoezicht moet worden opgelegd, omdat uit de rapporten van de reclassering blijkt dat [verdachte] niet bereid is om mee te werken. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>8.2</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de advocaat</emphasis>
        </para>
        <para>De advocaat vindt dat [verdachte] al heel lang in voorarrest heeft gezeten. [verdachte] is de enige verdachte bij wie niet wordt geadviseerd het jeugdstrafrecht toe te passen. De strafeis van de officier van justitie verschilt daarom flink met die van de andere verdachten. De advocaat vindt het gat tussen de verschillende strafeisen te groot. Daarnaast verzoekt de advocaat aan de rechtbank om er rekening mee te houden dat verdachte feitelijk langer vast zal zitten als een deel van de gevangenisstraf voorwaardelijk is, aangezien [verdachte] dan niet in aanmerking komt voor voorwaardelijke invrijheidsstelling.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>8.3</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank heeft bij het bepalen van een passende straf rekening gehouden met de ernst van de strafbare feiten, de omstandigheden waaronder [verdachte] die feiten heeft gepleegd en de persoonlijke omstandigheden van [verdachte] . De rechtbank heeft ook gekeken naar straffen die in vergelijkbare zaken worden opgelegd. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank legt aan [verdachte] een gevangenisstraf van veertien maanden op. Hieronder legt de rechtbank uit hoe zij deze straf heeft bepaald.</para>
      </parablock>
      <para />
      <paragroup>
        <nr>8.3.1</nr>
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="bold">De ernst van de feiten en de omstandigheden waaronder de feiten zijn gepleegd</emphasis>
          </para>
          <para>
            [verdachte] heeft twee keer samen met anderen in een woning ingebroken, één keer met een ander geprobeerd in een woning in te breken, één keer alleen ingebroken in een woning en voor een periode van drie weken gedeald in harddrugs. De rechtbank vindt het ernstig dat een jonge jongen als [verdachte] zich in korte tijd heeft schuldig gemaakt aan zoveel strafbare feiten. Een aantal feiten heeft [verdachte] zelfs gepleegd terwijl zijn voorarrest voor andere strafbare feiten geschorst was. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Woninginbraken veroorzaken niet alleen materiële en emotionele schade, maar maken ook een forse inbreuk op de privacy van de slachtoffers. Het is voor de slachtoffers zeer onaangenaam om te leven met de wetenschap dat vreemden in de woning zijn geweest en persoonlijke bezittingen hebben doorzocht en weggenomen. De directe gevolgen van zo’n naar feit zijn wel gebleken bij de inbraak in Harskamp. De 84-jarige bewoonster is na de inbraak met hartklachten in het ziekenhuis opgenomen. Zij kan sinds de woninginbraak niet meer zelfstandig wonen in haar huis. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>De rechtbank neemt het [verdachte] erg kwalijk dat hij alleen heeft gedacht aan zijn eigen verlangen naar geld en niet aan de gevolgen voor de slachtoffers. Met zijn handelen heeft hij ook nog eens bijgedragen aan de gevoelens van onveiligheid in de samenleving. Door het dealen in harddrugs heeft [verdachte] bovendien bijgedragen aan het ontstaan en in stand blijven van drugsafhankelijkheid bij anderen, waardoor hun gezondheid in gevaar wordt gebracht. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            [verdachte] heeft nauwelijks verantwoordelijkheid genomen voor wat hij heeft gedaan. Dat vindt de rechtbank kwalijk, en ook zorgelijk. </para>
        </parablock>
        <para />
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>8.3.2</nr>
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="bold">De persoonlijke omstandigheden van [verdachte]</emphasis>
          </para>
          <para>
            <emphasis role="italic">Strafblad</emphasis>
          </para>
          <para>Ondanks de jonge leeftijd van [verdachte] is hij al vaak veroordeeld. Uit de justitiële documentatie (het ‘strafblad’) van [verdachte] blijkt dat hij in 2019 (12 maart en 22 januari) nog is veroordeeld voor het plegen van strafbare feiten.  Op 13 juli 2018 en op 4 juli 2016 is [verdachte] door de rechter veroordeeld voor het plegen van een diefstal met een ander. Op het moment dat hij de bewezenverklaarde feiten pleegde, liep [verdachte] zelfs in een proeftijd van de veroordeling van 13 juli 2018. [verdachte] was dus een gewaarschuwd mens. Dat werkt in het nadeel van [verdachte] .</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Adviezen van deskundigen</emphasis>
          </para>
          <para>De rechtbank heeft de volgende adviezen van deskundigen gelezen:</para>
        </parablock>
        <itemizedlist mark="-">
          <listitem>
            <para>het rapport van de Reclassering Nederland van 29 mei 2019;</para>
          </listitem>
          <listitem>
            <para>het rapport van de Reclassering Nederland van 23 januari 2020.</para>
          </listitem>
        </itemizedlist>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Het rapport van Reclassering Nederland van 29 mei 2019</emphasis>
          </para>
          <para>De reclassering schat de kans dat [verdachte] opnieuw strafbare feiten zal plegen in als groot. Dat komt door zijn delictsgeschiedenis, zijn persoonlijkheidsproblematiek en zijn pro-criminele houding. Risicofactoren zijn volgens de reclassering het ontbreken van een structureel inkomen en een dagbesteding, het gebrek aan een probleembesef, de zelfbepalendheid van [verdachte] , zijn middelengebruik, het ontbreken van overzicht in zijn financiële situatie, een pro-crimineel netwerk, de beïnvloedbaarheid van [verdachte] en een beperkte gewetensontwikkeling. Volgens de reclassering kan [verdachte] de gevolgen van zijn gedrag niet overzien.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>De reclassering heeft [verdachte] eerder begeleid. De reclassering concludeert dat [verdachte] ondanks de ingezette hulptrajecten strafbare feiten blijft plegen. Er is op verschillende leefgebieden ingezet om [verdachte] te begeleiden bij het volwassen worden en het opbouwen van een leven zonder strafbare feiten. De reclassering ziet daarom geen mogelijkheden meer om [verdachte] volgens het jeugdstrafrecht te berechten. Omdat zij geen mogelijkheden ziet om met interventies of toezicht de risico’s te beperken of het gedrag van [verdachte] te veranderen, adviseert de reclassering een straf zonder bijzondere voorwaarden op te leggen.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Het rapport van Reclassering Nederland van 23 januari 2020</emphasis>
          </para>
          <para>Op de zitting van 25 november 2019 heeft de rechtbank de opdracht gegeven aan de reclassering om een nieuw rapport over [verdachte] op te stellen. Een reclasseringswerker heeft daarom opnieuw met [verdachte] gesproken. Hij vertelde toen dat hij zijn leven positief wil verbeteren door naar school te gaan of te gaan werken, maar dat hij dat zelfstandig wil en kan doen. Reclasseringsbemoeienis of ambulante hulpverlening is volgens [verdachte] niet nodig en hij staat daar ook niet voor open. De houding van [verdachte] staat gedragsverandering volgens de reclassering in de weg. Door die houding adviseert de reclassering opnieuw om aan [verdachte] een onvoorwaardelijke straf op te leggen. </para>
        </parablock>
        <para />
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>8.3.3</nr>
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="bold">Conclusie</emphasis>
          </para>
          <para>Er bestaan oriëntatiepunten voor rechters die het uitgangspunt kunnen zijn bij het bepalen van een straf. Het uitgangspunt voor de feiten die door [verdachte] zijn gepleegd is een gevangenisstraf van ongeveer twaalf maanden. De rechtbank let ook op de ernstige gevolgen van het handelen van [verdachte] , de professionaliteit van het plegen van de strafbare feiten, de hoeveelheid van de strafbare feiten, zijn strafblad en de houding van [verdachte] . Die factoren werken in het nadeel van [verdachte] . </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Alles overwegend legt de rechtbank aan [verdachte] een <emphasis role="bold">gevangenisstraf van veertien maanden </emphasis>op. De tijd die [verdachte] in voorarrest heeft gezeten wordt van de gevangenisstraf afgetrokken. </para>
        </parablock>
      </paragroup>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>9</nr>BESLAG</title>
    <paragroup>
      <nr>9.1</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de officier van justitie</emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie heeft de rechtbank verzocht om te bepalen dat de gouden ring terug mag naar de rechthebbende. Dat is volgens de officier van justitie niet verdachte en ook niet zijn moeder.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>9.2</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de advocaat</emphasis>
        </para>
        <para>De advocaat heeft verzocht om de onder [verdachte] in beslag genomen jas en ring terug te geven aan [verdachte] . De advocaat begrijpt niet dat de officier van justitie de conclusie trekt dat de ring van iemand anders moet zijn.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>9.3</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="bold">Teruggave aan [verdachte] </emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank bepaalt dat de volgende in beslag genomen voorwerpen moeten worden teruggegeven aan [verdachte] :</para>
      </parablock>
      <para />
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>kruiden in plakband verpakt (B.01.01.002);</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>een Apple iPhone (B.03.01.001);</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>een kluisje (B.03.01.002);</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>een kassabonnen, Alvaro en Sport 2000 (B.03.01.007);</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>een klokje (B.03.01.011);</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>schoenen, merk Nike (B.09.01.001);</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>een gouden armband (B.03.01.003);</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>een tas, merk Louis Vuitton (B.01.02.001);</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>een Apple iPhone (B.01.02.002);</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>een Samsung telefoon (B.03.01.004);</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>een Lyca simkaart (B.01.02.005);</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>een Nokia telefoon (B.03.01.005);</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>een Nokia telefoon (B.03.01.010);</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>een manchetknoop (K.01.02).</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Bewaring ten behoeve van de rechthebbende</emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank zal bewaring ten behoeve van de rechthebbende, niet zijnde verdachte of zijn moeder, gelasten van het volgende voorwerp:</para>
      </parablock>
      <para>- een gouden ring met blauwe zegel (MD3R019012_526651).</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Verbeurdverklaring</emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank zal het volgende in beslag genomen voorwerp verbeurd verklaren:</para>
      </parablock>
      <para />
      <para>- een Nokia telefoon (B.03.01.009).</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Met behulp van deze voorwerpen is het onder 6 bewezen verklaard feit begaan.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Onttrekking aan het verkeer</emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank zal het volgende in beslag genomen voorwerp onttrekken aan het verkeer:</para>
      </parablock>
      <para />
      <para>- een zakje met 13 bolletjes met in totaal 1,51 gram heroïne (B.03.01.008).</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit voorwerp is van zodanige aard dat het ongecontroleerde bezit daarvan in strijd is met de wet en met het algemeen belang. Het voorwerp is bij gelegenheid van het onderzoek naar het door [verdachte] begane feit (bewezen verklaard onder feit 6) aangetroffen. Dit voorwerp kan bovendien dienen tot het begaan van soortgelijke misdrijven. </para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>10</nr>BENADEELDE PARTIJ</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>10.1</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">
            [benadeelde 2] (16-079033-19; feit 2)</emphasis>
        </para>
        <para>Mevrouw [benadeelde 2] heeft een schadevergoedingsverzoek ingediend. Zij vordert een bedrag van € 355,-. Dat bedrag bestaat uit de waarde van de gestolen sieraden, het geld, de mobiele telefoon en de inboedel. Het totale bedrag aan materiële schade is € 1.594,-, maar een deel van de schade, € 1.239,-, is al vergoed door de verzekering. </para>
        <para>In de vordering staan ook bedragen genoemd onder de omschrijving van de immateriële schade, namelijk een bedrag van € 380,- voor het eigen risico en ongeveer € 1.500,- voor de verhuiskosten. De immateriële schade zelf is volgens het verzoek niet vast te stellen. Uiteindelijk wordt geen bedrag aan immateriële schade gevorderd.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De officier van justitie heeft gevraagd om de vordering toe te wijzen tot een bedrag van € 735,-. Hij vindt dat het bedrag voor het eigen risico van de ziektekosten dat onder de omschrijving van de immateriële schade wordt genoemd bij de materiële schade opgeteld moet worden.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De advocaat van [verdachte] heeft geen opmerkingen gemaakt over de vordering van mevrouw [benadeelde 2] .</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank wijst de vordering af voor zover die ziet op de vergoeding van de materiële schade. Uit de vordering blijkt namelijk dat de verzekering deze kosten al heeft vergoed. De verzekering heeft weliswaar een lager bedrag uitgekeerd dan door mevrouw [benadeelde 2] is verzocht, maar dat komt doordat de goederen op een lagere waarde zijn getaxeerd, zodat in deze strafzaak niet zonder meer aangenomen kan worden dat de schade hoger is dan het getaxeerde bedrag.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank zal mevrouw [benadeelde 2] niet-ontvankelijk verklaren in de rest van haar vordering. Mevrouw [benadeelde 2] kan de vergoeding van dit gedeelte van de vordering nog wel aan de burgerlijke rechter verzoeken. De rechtbank vindt het heel voorstelbaar dat mevrouw [benadeelde 2] immateriële schade heeft geleden, maar kan geen bedrag toekennen nu er geen bedrag aan immateriële schade wordt gevorderd. De kosten van het eigen risico en van de verhuizing zijn daarnaast onvoldoende onderbouwd. Bij het verzoek zijn namelijk geen bijlagen gevoegd die bijvoorbeeld aantonen dat mevrouw [benadeelde 2] inderdaad haar eigen risico heeft moet verbruiken of verhuiskosten heeft moeten maken. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>10.2</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">
            [benadeelde 3] (16-079033-19; feit 3)</emphasis>
        </para>
        <para>
          [benadeelde 3] heeft een schadevergoedingsverzoek ingediend. Omdat de rechtbank [verdachte] vrijspreekt van de inbraak, kan het schadevergoedingsverzoek niet door de rechtbank worden beoordeeld. De rechtbank verklaart de heer [benadeelde 3] daarom niet-ontvankelijk in zijn vordering. De heer [benadeelde 3] kan nog wel de burgerlijke rechter verzoeken om zijn schadevergoedingsverzoek toe te wijzen.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>11</nr>VORDERING TENUITVOERLEGGING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij vonnis van de politierechter in Midden-Nederland van 13 juli 2018 (parketnummer 16-081609-18) is aan [verdachte] onder andere een voorwaardelijke jeugddetentie van één week opgelegd. [verdachte] heeft zich binnen de proeftijd opnieuw schuldig gemaakt aan strafbare feiten. Om die reden zal deze straf alsnog ten uitvoer gelegd worden. </para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>12</nr>TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De beslissing berust op de artikelen 33, 33a, 36b, 36d, 45, 57 en 311 van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 2 en 10 van de Opiumwet, zoals de artikelen luidden ten tijde van het bewezen verklaarde.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>13</nr>BESLISSING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Vrijspraak</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart het onder parketnummer 16-079033-19 onder feit 3, feit 5 en feit 7 ten laste gelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Bewezenverklaring</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>verklaart het onder parketnummer 16-079033-19 onder feit 1, feit 2, feit 4, primair, en feit 6 ten laste gelegde en het onder parketnummer 16-227253-18  ten laste gelegde bewezen zoals hiervoor in rubriek 5 is vermeld;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>verklaart het meer of anders ten laste gelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij;</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Strafbaarheid</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>verklaart het bewezenverklaarde strafbaar en kwalificeert dit zoals hiervoor in rubriek 6 is vermeld;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>verklaart verdachte strafbaar;</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Oplegging straf</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>veroordeelt verdachte tot <emphasis role="bold">een gevangenisstraf voor de duur van veertien maanden</emphasis>;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>bepaalt dat de tijd door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht op de tenuitvoerlegging van de gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Beslag</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- gelast de teruggave aan verdachte van de volgende voorwerpen:</para>
    <parablock>
      <para>o kruiden in plakband verpakt (B.01.01.002);</para>
      <para>o een Apple iPhone (B.03.01.001);</para>
      <para>o een kluisje (B.03.01.002);</para>
      <para>o een kassabonnen, Alvaro en Sport 2000 (B.03.01.007);</para>
      <para>o een klokje (B.03.01.011);</para>
      <para>o schoenen, merk Nike (B.09.01.001);</para>
      <para>o een gouden armband (B.03.01.003);</para>
      <para>o een tas, merk Louis Vuitton (B.01.02.001);</para>
      <para>o een Apple iPhone (B.01.02.002);</para>
      <para>o een Samsung telefoon (B.03.01.004);</para>
      <para>o een Lyca simkaart (B.01.02.005);</para>
      <para>o een Nokia telefoon (B.03.01.005);</para>
      <para>o een Nokia telefoon (B.03.01.010);</para>
      <para>o een manchetknoop (K.01.02).</para>
    </parablock>
    <para>- gelast de bewaring ten behoeve van de rechthebbende van het volgende voorwerp:</para>
    <para>o een gouden ring met blauwe zegel (MD3R019012_526651).</para>
    <para>- verklaart de volgende voorwerpen verbeurd:</para>
    <para>o een Nokia telefoon (B.03.01.009).</para>
    <para>- verklaart het volgende voorwerp onttrokken aan het verkeer:</para>
    <para>o een zakje met 13 bolletjes met in totaal 1,51 gram heroïne (B.03.01.008).</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Benadeelde partij [benadeelde 2] (feit 2)</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>wijst de vordering ten aanzien van de materiële schade <emphasis role="bold">af;</emphasis></para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>verklaart de benadeelde partij ten aanzien van de gevorderde immateriële schadevergoeding niet ontvankelijk en bepaalt dat zij haar vordering voor dat gedeelte bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>compenseert de proceskosten van de benadeelde partij en verdachte, in die zin dat ieder haar/zijn eigen kosten draagt.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Benadeelde partij [benadeelde 3] (feit 3)</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>verklaart de benadeelde partij niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat hij zijn vordering bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>compenseert de proceskosten van de benadeelde partij en verdachte, in die zin dat ieder zijn eigen kosten draagt.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Vordering tenuitvoerlegging met parketnummer 16-081609-18</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- wijst de vordering <emphasis role="bold">toe</emphasis>;</para>
    <para>- gelast de tenuitvoerlegging van de door de politierechter in de rechtbank Midden-Nederland bij vonnis van 13 juli 2018 opgelegde voorwaardelijke jeugddetentie voor de duur van één week.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. O.P. van Tricht, voorzitter, mrs. E.J. van Rijssen en J.W.B. Snijders Blok, rechters, in tegenwoordigheid van mr. F. Verkuijlen, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van 10 maart 2020.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Bijlage: de tenlastelegging</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan [verdachte] wordt ten laste gelegd dat: </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">16-079033-19</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>1. hij op of omstreeks 24 februari 2019 te [woonplaats] , althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen (in/uit een woning gelegen aan de [adres] ), goederen, te weten geld (ongeveer 100 euro) en/of een of meerdere siera(a)d(en) en/of een of meerdere sleutel(s), althans enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde 1] (en/of haar familie), althans aan een ander dan aan [verdachte] en/of zijn mededader(s), waarbij [verdachte] en/of zijn mededader(s) de weg te nemen goederen onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak en/of verbreking en/of inklimming;</para>
    <bridgehead role="italic">( art 310 Wetboek van Strafrecht, art 311 lid 1 ahf/sub 4 Wetboek van Strafrecht, art 311 lid 1 ahf/sub 5 Wetboek van Strafrecht )</bridgehead>
    <para>2. hij op of omstreeks 26 februari 2019 te [woonplaats] , althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen (in/uit een woning gelegen aan de [adres] ), goederen, te weten geld (ongeveer 150 euro) en/of een of meerdere siera(a)d(en) en/of een telefoon (Iphone 4s), althans enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde 2] , althans aan een ander dan aan [verdachte] en/of zijn mededader(s), waarbij [verdachte] en/of zijn mededader(s) de weg te nemen goederen onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak en/of verbreking en/of inklimming;</para>
    <bridgehead role="italic">( art 310 Wetboek van Strafrecht, art 311 lid 1 ahf/sub 4 Wetboek van Strafrecht, art 311 lid 1 ahf/sub 5 Wetboek van Strafrecht )</bridgehead>
    <para>3. hij op of omstreeks 2 maart 2019 te [woonplaats] , althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen (in/uit een woning gelegen aan de [adres] ), goederen, te weten geld (ongeveer 40 euro) en/of een of meerdere horloge(s) en/of een spelcomputer (Xbox) en/of een of meerdere computerspel(len), althans enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde 3] (en/of zijn familie), althans aan een ander dan aan [verdachte] en/of zijn mededader(s), waarbij [verdachte] en/of zijn mededader(s) de weg te nemen goederen onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak en/of verbreking en/of inklimming;</para>
    <bridgehead role="italic">( art 310 Wetboek van Strafrecht, art 311 lid 1 ahf/sub 4 Wetboek van Strafrecht, art 311 lid 1 ahf/sub 5 Wetboek van Strafrecht )</bridgehead>
    <para>4. hij op of omstreeks 29 maart 2019 te 't Harde, althans in Nederland, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen (in/uit een woning gelegen aan de [adres] ), goederen, te weten</para>
    <parablock>
      <para>- een geldkistje en/of</para>
      <para>- geld (te weten 1394 euro) en/of</para>
      <para>- auto- en caravanpapieren en/of</para>
      <para>- een of meerdere paspoort(en) en/of</para>
      <para>- een rijbewijs en/of</para>
      <para>- een of meerdere bankpas(sen) en/of</para>
      <para>- een of meerdere (auto)sleutel(s) en/of</para>
      <para>- een portemonnee en/of</para>
      <para>- een of meerdere siera(a)d(en) en/of</para>
      <para>- een fotocamera (Sony) en/of</para>
      <para>- een videocamera (Sony) en/of</para>
      <para>- een of meerdere tassen en/of</para>
      <para>- een USB-stick (Sony Pro H9),</para>
      <para>althans enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde 4] (en/of zijn familie), althans aan een ander dan aan [verdachte] , waarbij [verdachte] de weg te nemen goederen onder zijn bereik heeft gebracht door middel van braak en/of verbreking en/of inklimming;</para>
      <para>
        <emphasis role="italic">( art 310 Wetboek van Strafrecht, art 311 lid 1 ahf/sub 5 Wetboek van Strafrecht )</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">subsidiair</emphasis> althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:</para>
      <para>hij op of omstreeks 2 april 2019 te Amersfoort, althans in Nederland, een goed, te weten een of meerdere (auto)sleutel(s) heeft verworven, voorhanden gehad, en/of overgedragen, terwijl hij ten tijde van de verwerving of het voorhanden krijgen van dit goed/ deze goederen wist dan wel redelijkerwijs had moeten vermoeden dat het (een) door misdrijf verkregen goed(eren) betrof;</para>
      <para>
        <emphasis role="italic">( art 416 lid 1 ahf/ond a Wetboek van Strafrecht, art 417bis lid 1 ahf/ond a Wetboek van Strafrecht )</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>5. hij in of omstreeks de periode van 1 januari 2019 tot en met 2 april 2019 te Amersfoort, althans in Nederland, heeft deelgenomen aan een organisatie, bestaande uit een samenwerkingsverband van natuurlijke personen, te weten (onder andere) [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] en/of [medeverdachte 4] , welke organisatie tot oogmerk had het plegen van misdrijven, namelijk het plegen van diefstallen (uit woningen door middel van braak en/of  verbreking en/of inklimming);</para>
    <bridgehead role="italic">( art 140 lid 1 Wetboek van Strafrecht )</bridgehead>
    <para>6. hij in of omstreeks de periode van 1 januari 2018 tot en met 2 april 2019 te Amersfoort, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, meermalen, althans eenmaal, (telkens) opzettelijk heeft bereid en/of bewerkt en/of verwerkt en/of verkocht en/of afgeleverd en/of verstrekt en/of vervoerd een of meer (gebruikers)hoeveelhe(i)d(en) van een materiaal bevattende cocaïne en/of van een materiaal bevattende heroïne, zijnde cocaïne en/of heroïne, (telkens) een middel voorkomende op lijst I van de Opiumwet, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;</para>
    <bridgehead role="italic">( art 10 lid 4 Opiumwet, art 2 ahf/ond B Opiumwet, art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht )</bridgehead>
    <para>7. hij in of omstreeks de periode van 1 januari 2018 tot en met 2 april 2019 te Amersfoort, althans in Nederland, heeft deelgenomen aan een organisatie, bestaande uit een samenwerkingsverband van natuurlijke personen, te weten (onder andere) [medeverdachte 2] en/of [medeverdachte 1] , welke organisatie tot oogmerk had het plegen van een of meer misdrijven als bedoeld in artikel 10 derde, vierde, vijfde lid, 10a eerste lid, 11 derde, vijfde lid en/of 11a Opiumwet;</para>
    <bridgehead role="italic">( art 11b lid 1 Opiumwet )</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">16-227253-18</emphasis>
      </para>
      <para>hij, op of omstreeks 20 oktober 2018, te [woonplaats] , althans in het arrondissement Gelderland, ter uitvoering van het door [verdachte] voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit een woning (gelegen aan de [adres] ), weg te nemen geld en/of goederen, geheel of ten dele toebehorende aan [aangever 3] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan [verdachte] en/of zijn mededader(s) en zich daarbij de toegang tot de plaats van het misdrijf te verschaffen en/of die/dat weg te nemen geld en/of goederen onder zijn/hun bereik te brengen door middel van braak en/of verbreking</para>
    </parablock>
    <para>- naar voornoemde woning is/zijn gegaan en/of</para>
    <para>- een schroevendraaier, althans een breekvoorwerp hebben/heeft gestoken in de sluitnaad tussen het kozijn en een (keuken)raam van die woning en/of (vervolgens) die schroevendraaier, althans breekvoorwerp in die sluitnaad heeft/hebben gewrikt, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;</para>
    <bridgehead role="italic">( art 310 Wetboek van Strafrecht, art 311 lid 1 ahf/sub 4 Wetboek van Strafrecht, art 311 lid 1 ahf/sub 5 Wetboek van Strafrecht, art 45 lid 1 Wetboek van Strafrecht )</bridgehead>
  </section>
  <footnote id="_e0082e12-72b1-4d9b-afbd-d0fb8c4a7205" label="1">
    <para> Wanneer hierna wordt verwezen naar paginanummers zijn dit – tenzij anders aangegeven – pagina’s van op ambtseed of ambtsbelofte opgemaakte processen-verbaal. Deze processen-verbaal zijn als bijlagen opgenomen bij het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal van 8 juli 2019, genummerd PL0900-2019094150C, opgemaakt door politie Eenheid Midden-Nederland, doorgenummerd 1 tot en met 1868. Tenzij anders vermeld, zijn dit processen-verbaal in de wettelijke vorm opgemaakt door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_aebecf73-5499-42f0-9044-9421b21a6daa" label="2">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen van 26 februari 2019, opgemaakt door [verbalisant 4] , p. 23-24.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_c6fa4e01-5671-4718-8892-ee486abd0f68" label="3">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen van 26 februari 2019, opgemaakt door [verbalisant 4] , p. 29-30.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_5fd2bc8b-85d5-4e1c-b07b-13cd37bfb492" label="4">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen van 26 februari 2019, opgemaakt door [verbalisant 5] , p. 19-20.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_50cb5ab9-9fe0-4a21-b41d-2e0738e8a709" label="5">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen van 4 juni 2019, opgemaakt door [verbalisant 1] , p. 650.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_f6008740-fea3-4789-bfe8-b50d9f49e112" label="6">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen van 4 juni 2019, opgemaakt door [verbalisant 1] , p. 632.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_87156f5d-b5aa-432b-9931-25b18e9adaa3" label="7">
    <para> Proces-verbaal van aangifte van 24 februari 2019, opgemaakt door [verbalisant 6] , p. 596-600.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_253519fc-b338-41a6-b560-3903e0e1f26f" label="8">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen van 3 juli 2019, opgemaakt door [verbalisant 7] , p. 675-683.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_682e44e7-43f6-46bd-91b7-79f5d85a3ad6" label="9">
    <para> Bijlage bij proces-verbaal van bevindingen van 23 maart 2019, opgemaakt door [verbalisant 4] , p. 621-622.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_c8dac765-b758-4a58-befe-a55b6add8bc1" label="10">
    <para> Bijlage bij proces-verbaal van bevindingen van 23 maart 2019, opgemaakt door [verbalisant 4] , p. 623.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_eb901c1d-8f62-4665-80ab-83a4d76fbf98" label="11">
    <para> Bijlage bij proces-verbaal van bevindingen van 23 maart 2019, opgemaakt door [verbalisant 4] , p. 624-625.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_1ad32685-96ea-40c1-b6ce-33d638ede826" label="12">
    <para> Proces-verbaal van aangifte van 27 februari 2019, opgemaakt door [verbalisant 8] , p. 313-315 en 328-329.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_7db4be7d-8a39-450e-9178-384908e1d322" label="13">
    <para> Proces-verbaal van sporenonderzoek van 27 februari 2019, opgemaakt door [verbalisant 2] , p. 336-339.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_d6f88c01-fe1a-495f-acf6-1fc6fcfd4253" label="14">
    <para> Proces-verbaal van verhoor getuige van 27 februari 2019, opgemaakt door [verbalisant 9] , p. 347-349.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_f778abec-42c2-4fbc-8493-d2e812c6902b" label="15">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen van 5 maart 2019, opgemaakt door [verbalisant 10] , p. 343-344.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_0e9dfaaf-36b9-49b4-9ebb-a9dc9853307a" label="16">
    <para> Bijlage bij proces-verbaal van bevindingen van 19 maart 2019, opgemaakt door [verbalisant 4] , p. 394.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_00036d43-2d0b-4d48-9237-9881dd59bf07" label="17">
    <para> Bijlage bij proces-verbaal van bevindingen van 19 maart 2019, opgemaakt door [verbalisant 4] , p. 395.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_9b0775f5-60c5-4c04-85ce-5c10a0cc6983" label="18">
    <para> Bijlage bij proces-verbaal van bevindingen van 19 maart 2019, opgemaakt door [verbalisant 4] , p. 398.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_476334ea-696b-4d03-836c-23f173acabf7" label="19">
    <para> Bijlage bij proces-verbaal van bevindingen van 19 maart 2019, opgemaakt door [verbalisant 4] , p. 400-401.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_1e289a90-2a46-41d1-bc02-4ff5bd9c3d6d" label="20">
    <para> Bijlage bij proces-verbaal van bevindingen van 19 maart 2019, opgemaakt door [verbalisant 4] , p. 402.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_ad980ace-22a3-498a-8681-77cb272be18c" label="21">
    <para> Bijlage bij proces-verbaal van bevindingen van 19 maart 2019, opgemaakt door [verbalisant 4] , p. 405.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_c9709921-8777-489f-9e2c-6f2c4b69af8c" label="22">
    <para> Bijlage bij proces-verbaal van bevindingen van 19 maart 2019, opgemaakt door [verbalisant 4] , p. 417-418.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_c5321258-0bef-4e0b-b901-2252d0ea1ea8" label="23">
    <para> Bijlage bij proces-verbaal van bevindingen van 19 maart 2019, opgemaakt door [verbalisant 4] , p. 418.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_80956071-acb9-4a5b-a61a-8f110756cb75" label="24">
    <para> Bijlage bij proces-verbaal van bevindingen van 19 maart 2019, opgemaakt door [verbalisant 4] , p. 421.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_3852c5ee-8af0-4d52-86eb-8fa5319b7cea" label="25">
    <para> Bijlage bij proces-verbaal van bevindingen van 19 maart 2019, opgemaakt door [verbalisant 4] , p. 422.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_17303ebb-bbb4-4517-8dda-522f4ed9c143" label="26">
    <para> Proces-verbaal ter terechtzitting van 10 februari 2020.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_965defc7-8866-42db-bf1f-8184987e6117" label="27">
    <para> Bijlage bij proces-verbaal van bevindingen van 19 maart 2019, opgemaakt door [verbalisant 4] , p. 421.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_6973d221-c590-444a-8a54-1df379baf20a" label="28">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen van 21 maart 2019, p. 21.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_992cc9c8-0656-42b3-a6a7-9c490276c9e6" label="29">
    <para> Proces-verbaal van aangifte van 9 april 2019, opgemaakt door [verbalisant 11] , p. 1038-1046.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_47e08d71-e34e-44ad-9738-a26ce1aff1f7" label="30">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen van 10 april 2019, opgemaakt door [verbalisant 5] , p. 1056.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_2bbe34c8-8d8e-40ff-ae03-5234c1beb161" label="31">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen van 3 juli 2019, opgemaakt door [verbalisant 7] , p. 1085-1093.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_c6ad65fb-5d23-45f7-bf8b-eab66d1252a7" label="32">
    <para> Proces-verbaal van forensisch onderzoek van 8 april 2019, opgemaakt door [verbalisant 12] , p. 1053-1055.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_1214be23-603a-45dd-8d21-55a6044fad0c" label="33">
    <para> Proces-verbaal vergelijkend schoensporenonderzoek van 15 mei 2019, opgemaakt door [verbalisant 13] , p. 1058-1067.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_04de1df4-5385-4589-b254-ffcdb360956d" label="34">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen van 15 april 2019, opgemaakt door [verbalisant 14] , p. 1588-1589 en het proces-verbaal van bevindingen van 4 april 2019, met als bijlagen de rapportages van het NFI, opgemaakt door A. Peovic en A. Kesteloo, p. 1581-1587.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_6b88c1db-d6d6-435d-a1b7-7534b2570525" label="35">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen van 30 april 2019, opgemaakt door [verbalisant 15] , p. 1646-1652.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_c21a9c48-85e4-462b-a51d-6f5be2e65786" label="36">
    <para> Bijlage bij proces-verbaal van bevindingen van 17 maart 2019, opgemaakt door [verbalisant 5] , p. 1550.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_35633a6a-8798-4f0d-bf76-4139ab18f851" label="37">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen van 16 april 2019, opgemaakt door [verbalisant 16] , p. 1595 en proces-verbaal van bevindingen van 16 april 2019, opgemaakt door [verbalisant 16] , p. 1604-1605.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_037d3af6-7fe8-4cd9-8e3d-7b89331153c0" label="38">
    <para> Proces-verbaal ter terechtzitting van 10 februari 2020.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_938b0c7e-3c26-4adb-9f19-c789efccdcd4" label="39">
    <para> Wanneer hierna wordt verwezen naar paginanummers zijn dit – tenzij anders aangegeven – pagina’s van op ambtseed of ambtsbelofte opgemaakte processen-verbaal. Deze processen-verbaal zijn als bijlagen opgenomen bij het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal van 8 juli 2019, genummerd PL0900-2018322700 Z, opgemaakt door politie Eenheid Midden-Nederland, doorgenummerd 1 tot en met 193. Tenzij anders vermeld, zijn dit processen-verbaal in de wettelijke vorm opgemaakt door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_6ea10509-84f4-46e3-ae28-5a214f86783e" label="40">
    <para> Proces-verbaal van aangifte van 20 oktober 2018, opgemaakt door [verbalisant 17] , p. 120-121.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_ec5fbb01-1a00-4422-90f7-08e5201115b6" label="41">
    <para> Proces-verbaal van verhoor getuige van 20 oktober 2018, opgemaakt door [verbalisant 19] , p. 128-129.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_372d20c7-5800-49d4-9c7b-9532930a102d" label="42">
    <para> Proces-verbaal van verhoor getuige van 8 november 2018, opgemaakt door [verbalisant 18] , p. 130-131.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_937a27ee-d4f4-4b02-9710-4bbbfe916c7b" label="43">
    <para> Proces-verbaal ter terechtzitting van 10 februari 2020.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>