<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBMNE:2019:6664</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-10-06T10:14:16</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-09-18</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Midden-Nederland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Midden-Nederland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2019-06-14</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">16/660542-16</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Utrecht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2019:6664">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2019:6664</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-06-21T09:14:50</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-06-21</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBMNE:2019:6664 Rechtbank Midden-Nederland , 14-06-2019 / 16/660542-16</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBMNE:2019:6664:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Vrijspraak medeplegen/medeplichtigheid kweken hennep en diefstal elektra. Het dossier bevat geen directe aanwijzingen waaruit de betrokkenheid en de rol van verdachte bij de hennepkwekerij en/of diefstal van de elektriciteit blijkt.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBMNE:2019:6664:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Afdeling strafrecht</para>
      <para>Zittingsplaats Utrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 16/660542-16 (P)</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van de meervoudige kamer van 14 juni 2019</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de strafzaak tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte]
        </emphasis>,</para>
      <para>geboren op [1967] te [geboorteplaats] ,</para>
      <para>ingeschreven in de Basisregistratie Personen op het adres: </para>
      <para>
        [adres 1] , [adres 2] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>ONDERZOEK TER TERECHTZITTING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzitting van 31 mei 2019. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering en standpunten van officier van justitie mr. G.P.N. Robben en van hetgeen verdachte en mr. J.P. Plasman, advocaat te Amsterdam,  naar voren hebben gebracht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>TENLASTELEGGING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte:</para>
      <para>feit 1	in de periode 5 maart 2014 tot en met 25 februari 2015 in Weesp samen met anderen hennep heeft gekweekt, dan wel 1033 hennepplanten aanwezig heeft gehad, dan wel (subsidiair) anderen hierbij behulpzaam is geweest door het knippen van henneptoppen<emphasis role="underline">;</emphasis></para>
      <para>feit 2	in de periode 5 maart 2014 tot en met 25 februari 2015 in Weesp samen met anderen elektriciteit heeft gestolen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>VOORVRAGEN</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De dagvaarding is geldig, de rechtbank is bevoegd tot kennisneming van het ten laste gelegde, de officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging van verdachte en er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>VRIJSPRAAK</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de officier van justitie</emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie acht het onder 1 primair en 2 ten laste gelegde wettig en overtuigend te bewijzen. De officier van justitie baseert zich daarbij op de in het dossier aanwezige bewijsmiddelen en de onderlinge contacten tussen de verdachten. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
        </para>
        <para>De raadsman heeft vrijspraak bepleit van het onder 1 primair, 1 subsidiair en 2 ten laste gelegde. De raadsman heeft daartoe aangevoerd dat het dossier geen direct bewijs bevat waaruit blijkt dat verdachte betrokken was bij de hennepkwekerij en/of bij de diefstal van elektriciteit. De enkele vaststelling dat verdachte en zijn medeverdachten elkaar al langer zouden kennen is onvoldoende voor een bewezenverklaring.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
        </para>
        <para>Uit het dossier volgt dat er sterke aanwijzingen zijn dat verdachte betrokken is bij de aangetroffen hennepkwekerij. </para>
        <para>Getuige [getuige] geeft aan dat zij verdachte daar wel eens gezien heeft. Medeverdachte [medeverdachte 1] heeft verklaard dat hij in opdracht van verdachte in het pand een showroom had ingericht. Voor het pand werd in een auto een tas aangetroffen met daarin een aantal goederen, waaronder  direct aan  verdachte te relateren documenten, als ook een aantal niet op naam gestelde facturen betreffende de aankoop van goederen die bestemd zijn voor hennepteelt en een Lebera kaart zonder simkaart. Het telefoonnummer van de simkaart die uit de  telefoon gehaald was, was gelijk aan het telefoonnummer dat vermeld stond op een in het pand aangetroffen flyer en op de gevel van het pand. </para>
        <para>Het dossier bevat echter geen directe aanwijzingen waaruit de betrokkenheid en de rol van verdachte bij de hennepkwekerij en/of diefstal van de elektriciteit blijkt. </para>
        <para>De medeverdachten noch getuige [getuige] verklaren  over de betrokkenheid en/of rol van verdachte bij de hennepkwekerij. Evenmin kan uit de sms- en WhatsApp-contacten tussen verdachte en zijn medeverdachten worden afgeleid dat deze betrekking hebben op de hennepkwekerij en/of diefstal van elektriciteit.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank acht op grond  van het voorgaande niet wettig bewezen dat verdachte het onder 1 primair, 1 subsidiair en 2 ten laste gelegde heeft begaan en zal verdachte hiervan vrijspreken. </para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>BESLISSING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>- verklaart het onder 1 primair, 1 subsidiair en 2 ten laste gelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. C. van de Lustgraaf, voorzitter, mrs. Y.M. Vanwersch en </para>
      <para>E. Slager, rechters, in tegenwoordigheid van G. van Engelenburg, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van 14 juni 2019.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Bijlage: de tenlastelegging</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte wordt ten laste gelegd dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>1. primair</para>
    <parablock>
      <para>hij in of omstreeks de periode van 05 maart 2014 tot en met 25 februari 2015 te Weesp, althans in het arrondissement Midden-Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, in de uitoefening van zijn beroep of bedrijf, opzettelijk, meermalen, althans eenmaal, (telkens) heeft geteeld en/of bereid en/of bewerkt en/of verwerkt, in elk geval opzettelijk aanwezig heeft gehad (in een pand aan de [adres 3] te Weesp) een hoeveelheid van (in totaal) ongeveer 1033 hennepplanten, althans een groot aantal hennepplanten en/of delen daarvan, in elk  geval een hoeveelheid van meer dan 30 gram van een materiaal bevattende hennep, zijnde hennep een middel vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst II, dan wel aangewezen krachtens artikel 3a, vijfde lid van die wet;</para>
      <para>art 3 ahf/ond B Opiumwet</para>
      <para>art 3 ahf/ond C Opiumwet</para>
      <para>art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht</para>
      <para>art 11 lid 2 Opiumwet</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Subsidiair</para>
      <para>
        [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] en/of [medeverdachte 3] en/of een of meer andere (tot op heden) onbekend gebleven personen in of omstreeks de periode van 05 maart 2014 tot en met 25 februari 2015 te Weesp, althans in het arrondissement Midden-Nederland, tezamen en in vereniging met elkaar, althans één van hen, opzettelijk heeft/hebben geteeld en/of bereid en/of bewerkt en/of verwerkt, in elk geval opzettelijk aanwezig heeft/hebben gehad (in een pand aan de [adres 3] te [plaats] ) een hoeveelheid van (in totaal) ongeveer 1033 hennepplanten, althans een groot aantal hennepplanten en/of delen daarvan, in elk geval (telkens) een hoeveelheid van meer dan 30 gram van een materiaal bevattende hennep, zijnde hennep een middel vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst II,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tot en/of bij het plegen van welk(e) misdrijf/misdrijven verdachte in of omstreeks de periode van 05 maart 2014 tot en met 25 februari 2015 te Weesp, althans in het arrondissement Midden-Nederland meermalen, althans eenmaal (telkens) opzettelijk gelegenheid en/of middelen en/of inlichtingen heeft verschaft en/of opzettelijk behulpzaam is geweest, door het knippen van de henneptoppen; </para>
      <para>art 3 ahf/ond B Opiumwet</para>
      <para>art 3 ahf/ond C Opiumwet</para>
      <para>art 11 lid 2 Opiumwet</para>
      <para>art 48 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht</para>
      <para>art 48 ahf/sub 2 Wetboek van Strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>2.</para>
      <para>hij in of omstreeks de periode van 05 maart 2014 tot en met 25 februari 2015 te Weesp, althans in het arrondissement Midden-Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, meermalen, althans eenmaal, (telkens) met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening in / uit een pand aan de [adres 3] te [plaats] heeft weggenomen een hoeveelheid elektriciteit/stroom, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan Liander N.V., in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en / of zijn mededader(s), waarbij verdachte en / of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft / hebben verschaft en / of de / het weg te nemen goed(eren) onder zijn / hun bereik heeft / hebben gebracht door braak en/of verbreking</para>
      <para>art 310 Wetboek van Strafrecht</para>
      <para>art 311 lid 1 ahf/sub 4 Wetboek van Strafrecht</para>
      <para>art 311 lid 1 ahf/sub 5 Wetboek van Strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>