<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBMNE:2018:880</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-03-08T14:44:46</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-03-08</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Midden-Nederland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Midden-Nederland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2018-03-08</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">16/705424-14 (P)</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Lelystad</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2018:880">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2018:880</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-03-08T11:20:51</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-03-08</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBMNE:2018:880 Rechtbank Midden-Nederland , 08-03-2018 / 16/705424-14 (P)</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBMNE:2018:880:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>De rechtbank Midden-Nederland veroordeelt een in de Verenigde Arabische Emiraten wonende man tot een gevangenisstraf van 18 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk, voor witwassen. Ook gaf de 40- jarige man leiding aan het niet melden van ongebruikelijke transacties van zijn bedrijf. Hij heeft in totaal zo’n 500.000 euro witgewassen. Twee medeverdachten worden vrijgesproken. De man deed veel contante uitgaven, maar uit de boekhouding van de man wordt niet duidelijk hoe hij aan dat geld komt. Zelf verklaarde de man dat hij beschikking had over dat geld door zijn handel in dure horloges. De rechtbank is van mening dat het niet anders kan dat een groot deel van zijn inkomsten uit misdrijf afkomstig is en dus een gevangenisstraf voor langere duur passend is. Ook vindt de rechtbank het noodzakelijk om een deels voorwaardelijke straf op te leggen om de man er van te weerhouden in de toekomst opnieuw in de fout te gaan. Ook een bedrijf, waarvan de man eigenaar is, wordt door de rechtbank veroordeeld. Het bedrijf heeft nagelaten om vijf ongebruikelijke transacties van in totaal ruim 300.000 euro te melden bij het meldpunt. Het bedrijf is veroordeeld tot het betalen van een boete van 20.000 euro, waarvan 10.000 euro voorwaardelijk. Een 41- jarige vrouw en een 47- jarige man die medeverdachten waren zijn door de rechtbank vrijgesproken. Er is onvoldoende bewijs dat deze twee zich schuldig hebben gemaakt aan witwassen en valsheid in geschrifte.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBMNE:2018:880:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Afdeling strafrecht</para>
      <para>Zittingsplaats Lelystad</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 16/705424-14 (P)</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van de meervoudige kamer van 8 maart 2018</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de strafzaak tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte]
        </emphasis>,</para>
      <para>geboren op [1976] te [geboorteplaats] ,</para>
      <para>wonende te [adres] , [woonplaats] .</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>ONDERZOEK TER TERECHTZITTING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen van 21 januari 2015, 8 juli 2015, 14 oktober 2015, 28 oktober 2015, 16 maart 2016, 25 mei 2016, 16 november 2016, 15 februari 2017, 14 juni 2017, 15 november 2017 en 8 februari 2018. Op 15 november 2017 en 8 februari 2018 heeft de inhoudelijke behandeling van de strafzaak plaatsgevonden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering en standpunten van officieren van justitie mr. J. Zeilstra en mr. C.J.W.M. Janssen en van hetgeen verdachte en haar raadsman mr. M.R. Paardekooper, advocaat te Amsterdam, bij de inhoudelijke behandeling van de strafzaak naar voren hebben gebracht.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>TENLASTELEGGING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De tenlastelegging is op de zittingen van 14 oktober 2015, 14 juni 2017 en 8 februari 2018 gewijzigd. De definitieve tenlastelegging is als bijlage 1 aan dit vonnis gehecht. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte:</para>
      <para>feit 1 primair: in of omstreeks de periode van 7 augustus 2002 tot en met 6 oktober 2014 een gewoonte heeft gemaakt van het medeplegen van witwassen door  diverse bankstortingen, diverse kasstortingen in [bedrijf 1] contante aankopen van auto’s, contante aankopen van meubels en contante aankopen van horloges te doen, moneytransfers te verzenden  en kosten van levensonderhoud te maken;</para>
      <para />
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">feit 1 subsidiair:</emphasis>
        <emphasis role="italic"> in of omstreeks de periode van 7 augustus 2002 tot en met 6 oktober 2014 een gewoonte heeft gemaakt van het medeplegen van schuldwitwassen door  diverse bankstortingen, diverse kasstortingen in [bedrijf 1] , contante aankopen van auto’s, contante aankopen van meubels en contante aankopen van horloges te doen, moneytransfers te verzenden  en kosten van levensonderhoud te maken.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>VOORVRAGEN</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De dagvaarding is geldig, de rechtbank is bevoegd tot kennisneming van het ten laste gelegde, het openbaar ministerie is ontvankelijk in de vervolging van verdachte en er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>VRIJSPRAAK</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Het standpunt van het openbaar ministerie</emphasis>
        </para>
        <para>De officieren van justitie achten het onder 1 primair ten laste gelegde medeplegen van gewoontewassen wettig en overtuigend te bewijzen. Met een kasopstelling is aangetoond dat er sprake is van een bron van contant geld die niet legaal kan worden verklaard. De legale contante inkomsten van verdachte en medeverdachte [medeverdachte 1] waren € 43.336,77, terwijl zij  </para>
        <para>€ 742.812,21 contant hebben uitgegeven. Tussen hen was sprake van een economische eenheid. Van 7 januari 2005 tot en met 7 februari 2011 stonden zij op hetzelfde adres ingeschreven en in de jaren dat zij niet samenwoonden droeg [medeverdachte 1] bij aan de kosten van levensonderhoud.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Verdachte was als boekhouder betrokken bij [bedrijf 1] en [medeverdachte 2] B.V., de bedrijven van medeverdachte [medeverdachte 1] . Daardoor had zij zicht op de legale contante en girale geldstromen binnen de horlogehandel van [medeverdachte 1] . Het had voor haar duidelijk moeten zijn over welke legale bedragen [medeverdachte 1] en zij konden beschikken. Ook ontving verdachte betalingen op haar rekening en heeft zij contante geldbedragen op de rekening van [medeverdachte 1] en op hun gezamenlijke rekening gestort. Het netto resultaat over de eenmanszaak van [medeverdachte 1] over 2005, 2006 en 2007 bedroeg respectievelijk € 44.033,-, € 76.037,- en € 93.052,-. Het had verdachte duidelijk moeten zijn dat daarvan niet kon worden geleefd op een wijze zoals verdachte en [medeverdachte 1] dat jarenlang deden, waarbij onder andere in meerdere luxe auto’s werd gereden. Ook was verdachte actief onderdeel van de verhullende schijnconstructie die het oprichten van [medeverdachte 2] B.V. en [medeverdachte 3] B.V. feitelijk was. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
        </para>
        <para>Door de raadsman is betoogd dat verdachte van het ten laste gelegde moet worden vrijgesproken. Dat verdachte enkele jaren van de twaalf jaren die ten laste zijn gelegd met medeverdachte [medeverdachte 1] heeft samengewoond, betekent niet dat zij wist van zijn vermeende illegale inkomsten. Weliswaar was verdachte als boekhoudster betrokken bij [bedrijf 1] en [medeverdachte 2] B.V., de verdenking bestaat er juist in dat [medeverdachte 1] geldstromen buiten deze boekhouding heeft gehouden. Uit het dossier blijkt niet dat verdachte werd gekend in deze vermeende witwaspraktijken. In veel van de ten laste gelegde contante uitgaven heeft verdachte bovendien geen enkele rol gespeeld. Van opzet kan geen sprake zijn. Evenmin blijkt uit het dossier dat verdachte redelijkerwijs had moeten vermoeden dat het geld een vermeende criminele herkomst had. Zij had geen scherp zicht op de geldstromen van [medeverdachte 1] . Uit het dossier blijkt niet dat sprake was van een in het oog springende wanverhouding tussen wat destijds legaal werd verdiend of als legaal verkregen vermogen voorhanden was en wat werd uitgegeven. Anders dan in vergelijkbare zaken was in de onderhavige zaak bovendien sprake van legale inkomsten, in sommige jaren zelfs een inkomen dat een modaal inkomen ver overstijgt. Zo verdiende [medeverdachte 1] in 2009 meer dan € 200.000,-. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
        </para>
        <para>De politie heeft onderzoek verricht naar de legale contante geldstroom van verdachte en medeverdachte [medeverdachte 1] , met wie verdachte in de ten laste gelegde periode deels heeft samengeleefd en die verdachte en hun drie kinderen financieel heeft ondersteund. Op basis van een kasopstelling op pagina 4  van het proces-verbaal van bevindingen verstrekking bankgegevens d.d. 29 februari 2016 blijkt dat sprake is van een verschil tussen legale contante inkomsten enerzijds en de contante uitgaven van verdachten anderzijds. Over de uitgangspunten van die kasopstelling merkt de rechtbank het volgende op. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Door verbalisant [verbalisant] is met die kasopstelling onderzoek gedaan naar de contante geldstroom van verdachte in de periode van 2002 (de rechtbank begrijpt: 1 januari 2002) tot en met het jaar 2013<footnote-ref linkend="_df8310a4-6fcd-4af3-9e81-e08b98a977de" /> Deze kasopstelling laat een negatief saldo zien van € 699.840,44.<footnote-ref linkend="_5e0fa4fa-7ea0-4c60-b01f-10bbccf70001" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline italic">Beschikbaar voor uitgaven</emphasis>
        </para>
        <para>Uit bankafschriften blijkt dat in de onderzochte periode in totaal € 81.658,79 contant is opgenomen vanaf bankrekeningen van medeverdachte [medeverdachte 1] [rekeningnummer] en [rekeningnummer] ), verdachte ( [rekeningnummer] , [rekeningnummer] en [rekeningnummer] ) en hun gezamenlijke en/of bankrekening ( [rekeningnummer] ).<footnote-ref linkend="_8824c561-dc7c-43a3-b85d-de9188c3115f" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Bij het legale geldbedrag dat contant beschikbaar was voor uitgaven is het geldbedrag dat contant is aangetroffen, te weten € 25.817,02, in mindering gebracht in de kasopstelling.<footnote-ref linkend="_db048028-178a-4ced-a9c8-e04a8f771d2a" /> Dat bestaat uit een bedrag van € 7.310,-, dat op 10 september 2014 door de Marechaussee op luchthaven Eindhoven bij de medeverdachte [medeverdachte 1] werd aangetroffen<footnote-ref linkend="_6338f500-1614-4127-b1cc-fe30c8a8dfa2" /> en een bedrag van € 18.507,02 dat bij de doorzoeking op 6 oktober 2014 in de woning van verdachte en de woning van medeverdachte [medeverdachte 1] werd aangetroffen.<footnote-ref linkend="_341e08af-0bf8-47fc-bcc1-b8dddeb1ef55" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Uit gevorderde bankafschriften blijken geen contante opnamen in de periode van 24 januari 2002 tot 7 augustus 2002, de aanvangsdatum van de ten laste gelegde periode. Door de medeverdachte [medeverdachte 1] en door verdachte zijn bij de Belastingdienst geen opgaven gedaan van het bezit van contant vermogen op 1 januari 2002.<footnote-ref linkend="_3e611c8b-81ad-416a-bc4f-8cd17408f1a1" /> Op 1 januari 2002 vond de volledige conversie plaats van de gulden naar de euro en er zijn geen gegevens bekend geworden dat medeverdachte [medeverdachte 1] en/of verdachte legaal geldbedragen hebben omgewisseld van guldens naar euro’s.<footnote-ref linkend="_f89ecc5c-8971-48fb-83c5-6fc372ab233b" /> Als uitgangspunt is dan ook genomen dat het contante beginsaldo uit legale bron € 0,- bedroeg<footnote-ref linkend="_63445443-14d6-41dd-a004-c27811f71ff3" />, hetgeen niet is weersproken door de verdediging.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De kasopstelling gaat er daarom vanuit dat uit een legale bron een contant geldbedrag beschikbaar was voor uitgaven van € 55.841,77. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Met betrekking tot de kasopstelling merkt de rechtbank het volgende op. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline italic">Contante uitgaven</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Contante aankopen van auto’s</emphasis>
        </para>
        <para>In de kasopstelling wordt gerelateerd dat verdachte of de medeverdachte [medeverdachte 1] in de onderzochte periode een totaalbedrag € 20.500,- contant heeft uitgegeven voor de aankoop van een BMW X5 met kenteken [kenteken] en een Lamborghini Gallardo met kenteken [kenteken] .<footnote-ref linkend="_f25b9085-5cb8-4478-b091-e74f237a2782" /> Uit het proces-verbaal blijkt dat verdachte op 5 april 2011 € 10.500,- contant heeft bijbetaald voor deze BMW<footnote-ref linkend="_6b5b305e-0223-4822-97d2-eacfe9c08edb" /> en op 9 oktober 2012 € 10.000,- voor deze Lamborghini<footnote-ref linkend="_2467ab8f-e2b7-4b40-934e-78aec311c4f8" />, zoals verdachte ook zelf heeft verklaard.<footnote-ref linkend="_4aa5da67-bc1b-47a5-a811-535f638541f2" /> Volgens eerder genoemd proces-verbaal van 29 februari 2016 is het bedrag voor contante aankopen van auto’s € 11.000,- hoger dan aanvankelijk becijferd. [getuige 1]<footnote-ref linkend="_181c58e9-1cc5-4eff-b364-5e825d516e70" /> en [getuige 2]<footnote-ref linkend="_042a546e-1451-44d6-b85f-63a1cd4e8dcf" /> hebben namelijk verklaard dat zij na verkoop van deze Lamborghini aan [A] met het daarvoor ontvangen bedrag rekeningen van [bedrijf 2] met betrekking tot bouwkundige werkzaamheden voor verdachte betaald hebben. Omdat het van vde koper van de Lamborghini ontvangen bedrag daarvoor niet toereikend was heeft de mederdachte [medeverdachte 1] hun € 11.000,- contant bijbetaald.<footnote-ref linkend="_e9497a5a-4050-4557-be66-3f37c7c3c165" /> Medeverdachte [medeverdachte 1] zelf verklaart ook dat hij [getuige 1] en [getuige 2] een bedrag contant heeft bijbetaald.<footnote-ref linkend="_77d603ca-cdbd-44b5-a0ea-dcad2b085ac6" /> Naar het oordeel van de rechtbank is dit weliswaar geen contante uitgave van de aankoop van een auto, maar wel een contante uitgave die thuishoort in de kasopstelling.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Contante aankopen van horloges</emphasis>
        </para>
        <para>In de kasopstelling wordt gerelateerd dat door verdachte of de medeverdachte [medeverdachte 1] in de onderzochte periode € 105.000,- is uitgegeven voor de contante aankoop van horloges. Dit onderdeel van de kasopstelling is gestoeld op een aangetroffen factuur van 11 mei 2009 die ziet op de aankoop van een Ferrari van € 150.000,- door verdachte. Voor de aankoop van deze Ferrari leverde verdachte drie horloges (een Jaeger le Coultre Master Minute Repeater Platina, een Franck Muller Chronobanker RG en een Rolex GMT Master LN) aan de verkoper en heeft hij € 50.000,- bijbetaald.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank is van oordeel dat uit het dossier alleen blijkt dat de waarde van deze horloges op 11 mei 2009 door de verkoper op € 105.000,- is vastgesteld. Niet is vast te stellen voor welk bedrag deze horloges zijn aangekocht door verdachte. Dit bedrag had bij het maken van de kasopstelling buiten beschouwing gelaten moeten worden. De rechtbank zal van dit onderdeel van de tenlastelegging vrijspreken.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Kosten levensonderhoud</emphasis>
        </para>
        <para>In de kasopstelling – bezien in samenhang met de toelichting op de kasopstelling (pagina 6584) – wordt gerelateerd dat door medeverdachte [medeverdachte 1] in de onderzochte periode € 89.395,50,- contant is betaald voor levensonderhoud. De rechtbank overweegt dat het aannemelijk is dat medeverdachte [medeverdachte 1] in de onderzochte periode contant heeft betaald voor levensonderhoud, nu blijkens het dossier boodschappen slechts zeer beperkt giraal werden afgerekend.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De kasopstelling gaat bij het vaststellen van de kosten van levensonderhoud uit van de woonsituatie conform de Gemeentelijke Basisadministratie Personen (BRP) en later de Basisregistratie Personen (BRP) en hanteert een norm afkomstig van het Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting (Nibud), Uit het dossier blijkt echter dat de woonsituatie op basis van de BRP en de GBA anders was dan de werkelijke woonsituatie. Hierdoor kan de juistheid van het bedrag dat in de kasopstelling wordt gerelateerd niet worden vastgesteld. Nu op basis van het onderhavige dossier niet (eenvoudig) valt vast te stellen welk bedrag verdachte dan wel contant heeft uitgegeven voor levensonderhoud, zal de rechtbank verdachte van dit onderdeel van de tenlastelegging vrijspreken. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Ook na correctie van de kasopstelling levert deze het vermoeden van witwassen op. Vooralsnog blijft immers een niet verklaard verschil bestaan tussen de legale contante ontvangsten en de werkelijke contante uitgaven. Dat verschil bedraagt € 505.444,94.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank is van oordeel dat, gelet op het vermoeden van witwassen en de daarbij in aanmerking genomen feiten en omstandigheden, van verdachte mag worden verlangd dat zij een verklaring geeft voor de herkomst van het contante geldbedrag die concreet, min of meer verifieerbaar en niet op voorhand als hoogst onwaarschijnlijk is aan te merken. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Bankstortingen</emphasis>
        </para>
        <para>Met betrekking tot een deel van de bankstortingen heeft verdachte gezegd dat zij deze zelf verricht heeft: zij heeft opbrengsten van verkopen via marktplaats en zakgeld van haar kinderen op haar privé bankrekening gestort. Deze verklaring acht de rechtbank min of meer verifieerbaar en niet op voorhand hoogst onwaarschijnlijk. Hier is bedrag van € 10.320,97 mee gemoeid. Dit betekent dat, nu geen nader onderzoek naar de genoemde herkomst van de gestorte gelden verricht is en hoewel verdachte zelf geen nadere informatie verstrekt heeft, het totaalbedrag genoemd in de tenlastelegging bij de bankstortingen niet bewezen geacht kan worden. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Kasstortingen in eenmanszaak</emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank overweegt dat de kasstorting d.d. 30 mei 2005 ten bedrage van € 13.500,- in de grootboekmutatiekaart op pagina 2277 van het dossier is omschreven als ‘lening van derde’. Nu de medeverdachte [medeverdachte 1] bovendien heeft verklaard dat hij in de beginperiode van zijn horlogehandel meermalen contant geld heeft geleend van familieleden, is de rechtbank van oordeel dat deze verklaring – mede gezien het tijdsverloop na deze kasstorting op 30 mei 2005 – in dit licht kan worden aangemerkt als concreet, min of meer verifieerbaar en niet op voorhand als hoogst onwaarschijnlijk. Om deze reden zal de rechtbank het in de tenlastelegging genoemde bedrag € 62.300.- niet bewezen verklaren. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Een legale bron voor een deel van de bankstortingen en voor een deel van de kasstortingen in de eenmanszaak moge met het voorgaande voldoende aannemelijk zijn, het verschil tussen de totale contante uitgaven en de legale contante inkomsten blijft aanzienlijk, namelijk een bedrag van € 481.623,97, en vooralsnog onverklaard.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Naar het oordeel van de rechtbank is daarom geen andere conclusie mogelijk dan dat de in de kasopstelling opgenomen contante uitgaven onmiddellijk of middellijk uit enig misdrijf zijn.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank is echter, met de raadsman, van oordeel dat uit het dossier niet kan worden afgeleid dat verdachte – al dan niet in nauwe en bewuste samenwerking met [medeverdachte 1] of een andere medeverdachte – wist of redelijkerwijs had moeten vermoeden dat de ten laste gelegde geldbedragen van enig misdrijf afkomstig waren. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Zo heeft verdachte meermalen verklaard dat zij ervan uitging dat het geld afkomstig was uit de handel van [medeverdachte 1] , die op grote schaal in (voornamelijk) exclusieve horloges handelde. Dat deze verklaring niet op voorhand ongeloofwaardig is blijkt uit de getuigenverklaringen in het dossier. Veel getuigen, waaronder vertegenwoordigers van grote juweliers, hebben [medeverdachte 1] immers omschreven als een horlogehandelaar die in exclusieve horloges handelde en succesvol was. Daarnaast blijkt uit het dossier niet dat verdachte betrokken was bij de handel van [medeverdachte 1] en hierop zicht had. Verdachte deed weliswaar de boekhouding voor de bedrijven van [medeverdachte 1] , maar zij was in tijd slechts beperkt bij de bedrijven van [medeverdachte 1] aanwezig en hield zich alleen bezig met administratieve werkzaamheden die uit een deel van de boekhouding voortvloeiden. Bovendien waren de legale inkomsten in de gehele ten laste gelegde periode niet dusdanig beperkt dat verdachte redelijkerwijs moest vermoeden dat het geld voor contante uitgaven, waarbij verdachte was betrokken, afkomstig was uit enig misdrijf. Het enkele feit dat verdachte meerdere (waaronder exclusieve) auto`s op haar naam liet zetten, is mede in het licht van het voorgaande onvoldoende om enige vorm van wetenschap bij verdachte vast te kunnen stellen.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Het dossier bevat ook verder  geen aanknopingspunten voor het oordeel dat verdachte redelijkerwijs had moeten vermoeden dat de gebruikte gelden (mede) van misdrijf afkomstig waren. Van objectieve aanwijzingen op basis waarvan verdachte zich ondubbelzinnig diende te vergewissen van de legale herkomst en bestemming van deze gelden, is niet gebleken. Van het onder 1 primair en onder 1 subsidiair ten laste gelegde dient verdachte daarom te worden vrijgesproken.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>BESLAG</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank zal de teruggave gelasten van de onder verdachte op grond van artikel 94 van het Wetboek van Strafvordering in beslag genomen voorwerpen vermeld op de lijst van in beslag genomen goederen, omdat verdachte wordt vrijgesproken en de voorwerpen niet vatbaar zijn voor onttrekking aan het verkeer dan wel verbeurdverklaring. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>6</nr>BESLISSING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>- verklaart het onder 1 primair en onder 1 subsidiair gelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij;</para>
    <para />
    <para>- gelast de teruggave aan verdachte van de inbeslaggenomen voorwerpen, vermeld op de als bijlage 2 aan dit vonnis gehechte lijst van inbeslaggenomen voorwerpen.</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. C.A. de Beaufort, voorzitter, mrs. K.G. van de Streek en P.K. Oosterling-van der Maarel, rechters, in tegenwoordigheid van mr. J.P. Ponsteen als griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van 8 maart 2018.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Mr. J.P. Ponsteen is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Bijlage 1: de tenlastelegging</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte wordt ten laste gelegd dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>feit 1 primair:</para>
      <para>
        <emphasis role="italic">zij op een of meerdere tijdstippen is of omstreeks de periode van 7 augustus 2002 tot en</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">met 6 oktober 2014, te Zeewolde en/of Utrecht en/of Amsterdam, althans in Nederland,</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">tezamen en in vereniging met een ander en/of anderen, althans alleen,</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">van het plegen van witwassen een gewoonte heeft gemaakt, immers heeft/hebben zij,</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">verdachte, en/of haar mededader(s) stelselmatig en/of op meerdere tijdstippen in</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">voormelde periode</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">(telkens) van meerdere voorwerpen en/of geldbedragen, te weten:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>
          <emphasis role="italic">diverse bankstortingen tot een totaalbedrag van € 439.851,57 en/of</emphasis>
        </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>
          <emphasis role="italic">diverse kasstortingen in de eenmanszaak [bedrijf 1] tot een totaalbedrag van € 62.300,-</emphasis>
        </para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <bridgehead role="italic">en/of</bridgehead>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>
          <emphasis role="italic">contante aankopen van auto’s (BMW X5 met kenteken [kenteken] en/of een</emphasis>
        </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>
          <emphasis role="italic">Lamborghini Gallardo met kenteken [kenteken] ) tot een totaalbedrag van € 20.500,- en/of</emphasis>
        </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>
          <emphasis role="italic">contante aankopen van meubels tot een totaalbedrag van € 21.965,14 en/of</emphasis>
        </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>
          <emphasis role="italic">contante aankopen van diverse horloges tot een totaalbedrag van € 105.000,- en/of</emphasis>
        </para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>
          <emphasis role="italic">Verzonden moneytransfers tot een bedrag van € 3.800 en/of</emphasis>
        </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>
          <emphasis role="italic">Kosten levensonderhoud tot een bedrag van € 89.395,50</emphasis>
        </para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">(alle bovenstaande posten in totaal optellend tot een bedrag van ongeveer € 742.812,21),</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">de werkelijke aard, herkomst, vindplaats, vervreemding en/of de verplaatsing verborgen</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">en/of verhuld,</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">en/of bovenstaande voorwerpen en/of geldbedragen verworven, voorhanden gehad,</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">overgedragen, omgezet en/of hiervan gebruik gemaakt</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">terwijl hij en/of zijn mededader(s) wist(en) dat die voorwerpen en/of geldbedragen —</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">onmiddellijk of middellijk — afkomstig waren uit enig misdrijf;</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">art. 420ter Wetboek van Strafrecht</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">art, 420bis lid 1 ahf/ond a Wetboek van Strafrecht</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">art. 420bis lid 1 ahf/ond b Wetboek van Strafrecht</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">art. 47 lid 1 ahf/ond 1 wetboek van Strafrecht</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>feit 1 subsidiair:</para>
      <para>
        <emphasis role="italic">zij op een of meerdere tijdstippen in of omstreeks de periode van 7 augustus 2002 tot en</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">met 6 oktober 2014, te Zeewolde en/of Utrecht en/of Amsterdam, althans in Nederland,</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">tezamen en in vereniging met een ander en/of anderen, althans alleen,</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">van meerdere voorwerpen en/of geldbedragen, te weten:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>
          <emphasis role="italic">diverse bankstortingen tot een totaalbedrag van € 439.851,57 en/of</emphasis>
        </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>
          <emphasis role="italic">diverse kasstortingen in de eenmanszaak [bedrijf 1] tot een totaalbedrag van € 62.300,-</emphasis>
        </para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <bridgehead role="italic">en/of</bridgehead>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>
          <emphasis role="italic">contante aankopen van auto’s (BMW5 met kenteken [kenteken] en/of een</emphasis>
        </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>
          <emphasis role="italic">Lamborghini Gallardo met kenteken [kenteken] ) tot een totaalbedrag van € 20.500,- en/of</emphasis>
        </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>
          <emphasis role="italic">contante aankopen van meubels tot een totaalbedrag van € 21.965,14 en/of</emphasis>
        </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>
          <emphasis role="italic">contante aankopen van diverse horloges tot een totaalbedrag van € 105.000,- en/of</emphasis>
        </para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>
          <emphasis role="italic">Verzonden moneytransfers tot een bedrag van € 3.800 en/of</emphasis>
        </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>
          <emphasis role="italic">Kosten levensonderhoud tot een bedrag van € 89.395,50</emphasis>
        </para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">(alle bovenstaande posten in totaal optellend tot een bedrag van ongeveer € 742.812,21),</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">de werkelijke aard, herkomst, vindplaats, vervreemding en/of de verplaatsing</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">heeft/hebben verborgen en/of verhuld,</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">en lof bovenstaande voorwerpen en! of geldbedragen heeft/hebben verworven,</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">voorhanden gehad, overgedragen, omgezet en/of hiervan gebruik gemaakt</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">terwijl hij en/of zijn mededaders) wist(en), althans redelijkerwijs had(den) moeten</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">vermoeden, dat die voorwerpen en/of geldbedragen — onmiddellijk of middellijk —</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">afkomstig waren uit enig misdrijf;</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">art. 420bis lid 1 ahf/ond a Wetboek van Strafrecht</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">art. 420bis lid 1 ahf/ond b Wetboek van Strafrecht</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">art. 420quater lid 1 ahf/ond a Wetboek van Strafrecht</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">art. 420quater lid 1 ahf/ond b Wetboek van Strafrecht</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">art. 47 lid 1 ahf/ond 1 Wetboek van Strafrecht</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Bijlage 2: lijst van inbeslaggenomen voorwerpen</emphasis>
      </para>
    </parablock>
  </section>
  <footnote id="_df8310a4-6fcd-4af3-9e81-e08b98a977de" label="1">
    <para> Pagina 1 proces-verbaal d.d. 29 februari 2016.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_5e0fa4fa-7ea0-4c60-b01f-10bbccf70001" label="2">
    <para> Pagina 4 proces-verbaal d.d. 29 februari 2016.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_8824c561-dc7c-43a3-b85d-de9188c3115f" label="3">
    <para> Pagina 6581 en 6582.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_db048028-178a-4ced-a9c8-e04a8f771d2a" label="4">
    <para> Pagina 6590.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_6338f500-1614-4127-b1cc-fe30c8a8dfa2" label="5">
    <para> Pagina 6582.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_341e08af-0bf8-47fc-bcc1-b8dddeb1ef55" label="6">
    <para> Pagina 6583.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_3e611c8b-81ad-416a-bc4f-8cd17408f1a1" label="7">
    <para> Pagina 4693.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_f89ecc5c-8971-48fb-83c5-6fc372ab233b" label="8">
    <para> Pagina 4718.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_63445443-14d6-41dd-a004-c27811f71ff3" label="9">
    <para> Pagina 6590.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_f25b9085-5cb8-4478-b091-e74f237a2782" label="10">
    <para> Pagina 6590.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_6b5b305e-0223-4822-97d2-eacfe9c08edb" label="11">
    <para> Pagina 6708 en 6710.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_2467ab8f-e2b7-4b40-934e-78aec311c4f8" label="12">
    <para> Pagina 6714 en 6724.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_4aa5da67-bc1b-47a5-a811-535f638541f2" label="13">
    <para> Verklaring ter terechtzitting van 15 november 2017, pagina 15 (BMW) en pagina 16 (Lamborghini).</para>
  </footnote>
  <footnote id="_181c58e9-1cc5-4eff-b364-5e825d516e70" label="14">
    <para> Pagina’s 3818 e.v.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_042a546e-1451-44d6-b85f-63a1cd4e8dcf" label="15">
    <para> Pagina’s 3737 e.v.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_e9497a5a-4050-4557-be66-3f37c7c3c165" label="16">
    <para> Pagina 3820 en 3821.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_77d603ca-cdbd-44b5-a0ea-dcad2b085ac6" label="17">
    <para> Verklaring ter terechtzitting van 15 november 2017, pagina 16.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>