<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBMNE:2018:4520</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-11-17T11:42:44</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-09-21</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Midden-Nederland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Midden-Nederland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2018-09-21</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">5532492 UM VERZ  16-9156</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Utrecht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht_strafprocesrecht">Strafrecht; Strafprocesrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2018:4520">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2018:4520</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-11-17T11:42:28</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-09-21</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBMNE:2018:4520 Rechtbank Midden-Nederland , 21-09-2018 / 5532492 UM VERZ  16-9156</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBMNE:2018:4520:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Beslissing op beroep tegen een opgelegde sanctie vanwege parkeren op een gehandicaptenparkeerplaats zonder duidelijk zichtbare geldige gehandicapten parkeerkaart. De kantonrechter stelt vast dat betrokkene het verrichten van de gedraging niet ontkent, maar stelt dat er omstandigheden zijn waardoor de administratieve sanctie op nihil of op een lager bedrag had moet worden vastgesteld.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBMNE:2018:4520:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND</bridgehead>
    <parablock>
      <para>Strafrecht</para>
      <para>zittingsplaats Utrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer:  5532492 UM VERZ  16-9156</para>
      <para>CJIB-nummer: [CJIB-nummer]</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">beslissing van de kantonrechter van 9 februari 2017</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>inzake</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [betrokkene] , te [woonplaats] , [adres] ,</bridgehead>
    <para>
      <emphasis role="underline">hierna te noemen: betrokkene</emphasis>.</para>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>Procesverloop</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij inleidende beschikking is betrokkene een administratieve sanctie opgelegd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De officier van justitie heeft op het door betrokkene ingestelde administratief beroep een beslissing genomen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegen deze beslissing heeft betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter heeft partijen in de gelegenheid gesteld om op de zitting van 26 januari 2017 hun zienswijze nader toe te lichten. Betrokkene is verschenen. Namens de officier van justitie is een zittingsvertegenwoordiger verschenen, werkzaam bij de Centrale Verwerking Openbaar Ministerie (CVOM).</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter heeft het onderzoek ter zitting gesloten en uitspraak gedaan.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>Beoordeling</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij beslissing op het administratief beroep heeft de officier van justitie de aan betrokkene opgelegde administratieve sanctie gehandhaafd en het beroep ongegrond verklaard.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan betrokkene is een sanctie opgelegd van € 370,00. Het gaat om een gedraging, verricht op 17 december 2015 om 8:25 uur te Zeist (Professor Lorentzlaan) met de personenauto, kenteken [kenteken] : parkeren op een gehandicaptenparkeerplaats zonder duidelijk zichtbare geldige gehandicapten parkeerkaart.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Betrokkene voert – kort weergegeven – de volgende gronden aan. Betrokkene is vrijwilliger bij [stichting] . In het kader van werkzaamheden voor deze stichting is het voertuig op de onderhavige parkeerplaats geparkeerd om een bejaarde dame die slecht ter been is het ziekenhuis in te begeleiden. Omdat deze dame zo nerveus was, kon betrokkene haar niet alleen laten. Ter zitting heeft betrokkene toegelicht dat de Stichting zich erover beraadt hoe dit soort situaties kunnen worden voorkomen.</para>
      <para>De officier van justitie heeft ter zitting het standpunt ingenomen dat het beroep bij de kantonrechter ongegrond is.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter stelt vast dat betrokkene het verrichten van de gedraging niet ontkent, maar stelt dat er omstandigheden zijn waardoor de administratieve sanctie op nihil of op een lager bedrag had moet worden vastgesteld.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>In de door betrokkene aangevoerde omstandigheden ziet de kantonrechter voldoende aanleiding om de sanctie te matigen tot € 70,00.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ten overvloede overweegt de kantonrechter nog als volgt. Ter voorkoming van toekomstige sancties voor soortgelijke gedragingen zou de desbetreffende dame bij de gemeente Zeist een persoonsgebonden (dus niet gekoppeld aan een kenteken) gehandicaptenparkeerkaart kunnen aanvragen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter:</para>
    </parablock>
    <para />
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>verklaart het beroep gedeeltelijk gegrond;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>wijzigt, met vernietiging van de beslissing van de officier van justitie in zoverre, het bedrag van de sanctie in de inleidende beschikking in € 70,00;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>bepaalt dat de officier van justitie aan betrokkene het teveel betaalde teruggeeft.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze beslissing is genomen door mr. drs. M.P. Glerum, kantonrechter, en uitgesproken op de openbare zitting van 9 februari 2017, in tegenwoordigheid van de griffier.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de griffier,					de kantonrechter,</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>N.C. Lens					mr. drs. M.P. Glerum</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Als u het met de beslissing op uw beroep niet eens bent, dan kunt u binnen zes weken na de hieronder vermelde datum van toezending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het </para>
      <para>gerechtshof Arnhem - Leeuwarden, maar alleen als:</para>
    </parablock>
    <para>a.	de u opgelegde administratieve sanctie meer dan € 70,00 bedraagt, of</para>
    <para>b.	uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u niet of niet op tijd zekerheid heeft gesteld.</para>
    <parablock>
      <para>Het beroepschrift moet worden ingediend bij de rechtbank Midden-Nederland, Afdeling Strafrecht, locatie Utrecht, o.v.v. Mulderzaken, postbus 16005, 3500 DA Utrecht.</para>
      <para>Let u erop dat u of uw gemachtigde het beroepschrift heeft ondertekend.</para>
      <para>De procedure bij het gerechtshof verloopt geheel schriftelijk, tenzij u in uw beroepschrift uitdrukkelijk om een zitting vraagt waarop u uw standpunt mondeling wilt toelichten.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Datum toezending proces-verbaal:</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>