<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBMNE:2018:1885</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-05-04T07:54:22</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-05-03</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Midden-Nederland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Midden-Nederland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2018-05-03</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">16/652638-17  (P)</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Utrecht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2018:1885">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2018:1885</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-05-03T11:57:52</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-05-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBMNE:2018:1885 Rechtbank Midden-Nederland , 03-05-2018 / 16/652638-17  (P)</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBMNE:2018:1885:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Verdachte is vrijgesproken van het deelnemen aan een criminele organisatie die tot oogmerk had het verhandelen en/of aanwezig hebben van cocaïne en van het dealen van cocaïne. De rechtbank Midden-Nederland acht de feiten niet wettig en overtuigend bewezen. Alhoewel er op basis van het dossier sterke aanwijzingen zijn dat verdachte zich bezig heeft gehouden met de handel in cocaïne, ontbreekt daartoe afdoende wettig bewijs. De omstandigheid dat op verschillende momenten bij drugsdeals een auto op naam van verdachte is gezien, is onvoldoende om vast te kunnen stellen dat het ook verdachte is geweest die vanuit die auto in cocaïne heeft gehandeld.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBMNE:2018:1885:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Afdeling straf-, familie- en jeugdrecht</para>
      <para>Zittingsplaats Utrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 16/652638-17  (P)</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van de meervoudige kamer van 3 mei 2018</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>in de strafzaak tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte]
        </emphasis>,   </para>
      <para>geboren op [1988] te [geboorteplaats]</para>
      <para>ingeschreven in de Basisregistratie Personen op het adres</para>
      <para>
        [adres] , [woonplaats]</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>ONDERZOEK TER TERECHTZITTING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van de inhoudelijke behandeling op de terechtzitting van  9 april 2018. Het onderzoek is gesloten op 23 april 2018. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering en standpunten van officier van justitie mr. B. Nitrauw en van hetgeen verdachte en zijn raadslieden mrs. J.W.D. Roozemond en S. Melliti, advocaten te Utrecht, naar voren hebben gebracht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>TENLASTELEGGING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De tenlastelegging is op de zitting van 9 april 2018 gewijzigd. De tenlastelegging en de wijziging van de tenlastelegging zijn als bijlagen aan dit vonnis gehecht. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Feit 1</emphasis>
      </para>
      <para>in de periode van 1 januari 2014 tot en met 17 mei 2017 te Woerden en/of Uithoorn en/of Harmelen en/of Mijdrecht heeft deelgenomen aan een criminele organisatie die tot oogmerk had het verhandelen en/of aanwezig hebben van cocaïne;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Feit 2</emphasis>
      </para>
      <para>in de periode van 1 januari 2014 tot en met 17 mei 2017 te Woerden en/of Uithoorn en/of Harmelen en/of Mijdrecht samen met anderen in cocaïne heeft gehandeld en/of cocaïne aanwezig heeft gehad. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>VOORVRAGEN</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De dagvaarding is geldig, de rechtbank is bevoegd tot kennisneming van het ten laste gelegde, de officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging van verdachte en er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>VRIJSPRAAK</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Ten aanzien van feit 1 en feit 2</emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank acht niet wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het onder 1 en 2 ten laste gelegde heeft begaan en zal verdachte hiervan vrijspreken. Alhoewel er op basis van het dossier sterke aanwijzingen zijn dat verdachte zich bezig heeft gehouden met de handel in cocaïne, ontbreekt daartoe afdoende wettig bewijs. De omstandigheid dat op verschillende momenten bij drugsdeals een auto op naam van verdachte is gezien, is onvoldoende om vast te kunnen stellen dat het ook verdachte is geweest die vanuit die auto in cocaïne heeft gehandeld. Nu dat niet kan worden vastgesteld, ontbreekt eveneens het bewijs dat verdachte heeft deelgenomen aan een criminele organisatie, zoals is ten laste gelegd onder feit 1.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5</nr>BESLISSING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Vrijspraak</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart het ten laste gelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Voorlopige hechtenis</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- heft op het geschorste bevel tot voorlopige hechtenis. </para>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. drs. C.M.A.T. van der Geest, voorzitter, mrs. V. van Dam en O.P. van Tricht, rechters, in tegenwoordigheid van mr. D.S. Benschop, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van 3 mei 2018.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Mr. V. van Dam is buiten staat mede te ondertekenen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Bijlage: de tenlastelegging</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte wordt ten laste gelegd dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>1.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op één of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode gelegen tussen 1</para>
      <para>januari 2014 tot en met 17 mei 2017 te Woerden en/of Uithoorn en/of Harmelen</para>
      <para>en/of Mijdrecht, in elk geval in Nederland, heeft deelgenomen aan een</para>
      <para>organisatie, gevormd door (onder meer) verdachte en [medevedachte] , welke</para>
      <para>organisatie tot oogmerk had het plegen van misdrijven, namelijk het (telkens)</para>
      <para>opzettelijk bereiden en/of bewerken en/of verkopen en/of afleveren en/of</para>
      <para>vervoeren en/of aanwezig hebben van hoeveelheden cocaine, in elk geval</para>
      <para>(telkens) (een) middel(en) vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst I;</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>art. 11b Opiumwet</para>
      <para>art 10 lid 4 Opiumwet</para>
      <para>art 2 ahf/ond B Opiumwet</para>
      <para>art 11b lid 1 Opiumwet</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>2.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op één of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode gelegen tussen 1</para>
      <para>januari 2014 tot en met 17 mei 2017 te Woerden en/of Uithoorn en/of Harmelen</para>
      <para>en/of Mijdrecht, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met één of</para>
      <para>meer ander(en), althans alleen, meermalen, althans eenmaal, (telkens)</para>
      <para>opzettelijk heeft bereid en/of bewerkt en/of verwerkt en/of verkocht en/of</para>
      <para>afgeleverd en/of verstrekt en/of vervoerd en/of opzettelijk aanwezig heeft</para>
      <para>gehad (een) hoeveelhe(i)d(en) van een materiaal bevattende cocaine, in elk</para>
      <para>geval (telkens) (een) middel(en) vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst</para>
      <para>I;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>art. 2 Opiumwet</para>
      <para>art 2 ahf/ond B Opiumwet</para>
      <para>art 10 lid 1 ahf/ond a alinea Opiumwet</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>