<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBMNE:2017:6452</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2017-12-22T16:24:22</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-12-22</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Midden-Nederland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Midden-Nederland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2017-12-21</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">16/652604-16 (P)</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Utrecht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2017:6452">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2017:6452</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2017-12-22T15:08:41</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-12-22</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBMNE:2017:6452 Rechtbank Midden-Nederland , 21-12-2017 / 16/652604-16 (P)</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBMNE:2017:6452:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <parablock>
        <para>De rechtbank ziet in het dossier meerdere aanknopingspunten dat verdachte deel uit heeft gemaakt van een groep jongeren die tijdens oud en nieuw brandstichtingen heeft gepleegd. Met betrekking tot het onder 1 tenlastegelegde overweegt de rechtbank dat de enkele omstandigheid dat iemand aanwezig is in een groep die openlijk geweld pleegt echter niet zonder meer voldoende is om hem te kunnen aanmerken als iemand die "in vereniging" geweld pleegt. De rechtbank is met de officier van justitie en de verdediging van oordeel dat niet is komen vast te staan dat verdachte een voldoende significante of wezenlijke bijdrage heeft geleverd aan de (gewelds)handelingen die zijn verricht. Verdachte zal dan ook worden vrijgesproken van het onder 1 tenlastegelegde.</para>
        <para>De rechtbank zal verdachte ook vrijspreken van het onder 2 primair en subsidiair tenlastegelegde. Door de rechtbank kan niet worden vastgesteld dat verdachte degene is geweest die de strafbare handelingen heeft verricht. Daarnaast is de rechtbank van oordeel dat medeplegen niet bewezen kan worden, nu niet blijkt dat sprake is geweest van een voldoende nauwe en bewuste samenwerking tussen verdachte en (een) ander(en) gericht op het gezamenlijk uitvoeren van het delict.</para>
      </parablock>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBMNE:2017:6452:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Afdeling strafrecht</para>
      <para>Zittingsplaats Utrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 16/652604-16 (P)</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van de meervoudige kamer van 21 december 2017</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de strafzaak tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">	[verdachte] ,</emphasis>
      </para>
      <para>geboren op [1999] te [geboorteplaats] ,</para>
      <para>	wonende aan de [adres] te [woonplaats] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>ONDERZOEK TER TERECHTZITTING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 7 december 2017. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering en standpunten van officier van justitie mr. R. Leuven en van hetgeen verdachte en mr. T.J. Roest Crollius, advocaat te Woerden, naar voren hebben gebracht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>TENLASTELEGGING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht. </para>
      <para>De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>onder 1:	in de periode van 31 december 2015 tot en met 1 januari 2016 in Woerden openlijk in vereniging geweld heeft gepleegd tegen 5 voertuigen;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>onder 2 primair:	op 1 januari 2016 in Woerden (samen met anderen) heeft geprobeerd brand te stichten in een brugwachtershuisje;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>onder 2 subsidiair:	op 1 januari 2016 in Woerden (samen met anderen) een ruit van een brugwachtershuisje heeft vernield.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>VOORVRAGEN</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De dagvaarding is geldig, de rechtbank is bevoegd tot kennisneming van het tenlastegelegde, de officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging van verdachte en er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>VRIJSPRAAK</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank ziet in het dossier meerdere aanknopingspunten dat verdachte deel uit heeft gemaakt van een groep jongeren die tijdens oud en nieuw brandstichtingen heeft gepleegd. Met betrekking tot het onder 1 tenlastegelegde overweegt de rechtbank dat de enkele omstandigheid dat iemand aanwezig is in een groep die openlijk geweld pleegt echter niet zonder meer voldoende is om hem te kunnen aanmerken als iemand die "in vereniging" geweld pleegt. De rechtbank is met de officier van justitie en de verdediging van oordeel dat niet is komen vast te staan dat verdachte een voldoende significante of wezenlijke bijdrage heeft geleverd aan de (gewelds)handelingen die zijn verricht. Verdachte zal dan ook worden vrijgesproken van het onder 1 tenlastegelegde.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank zal verdachte ook vrijspreken van het onder 2 primair en subsidiair tenlastegelegde. Door de rechtbank kan niet worden vastgesteld dat verdachte degene is geweest die de strafbare handelingen heeft verricht. Daarnaast is de rechtbank van oordeel dat medeplegen niet bewezen kan worden, nu niet blijkt dat sprake is geweest van een voldoende nauwe en bewuste samenwerking tussen verdachte en (een) ander(en) gericht op het gezamenlijk uitvoeren van het delict. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>BENADEELDE PARTIJ</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        [benadeelde] heeft zich als benadeelde partij in het geding gevoegd en vordert een bedrag van € 753,-. Dit bedrag bestaat uit € 553,- materiële schade en € 200,- immateriële schade, ten gevolge van het aan verdachte onder 1, vierde gedachtestreepje, ten laste gelegde feit.</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>5.1</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de officier van justitie</emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie heeft gevorderd dat de benadeelde partij niet-ontvankelijk in haar vordering wordt verklaard. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
        </para>
        <para>De verdediging is ook van mening dat de benadeelde partij niet-ontvankelijk in haar vordering moet worden verklaard. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.3</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank zal de benadeelde partij [benadeelde] niet-ontvankelijk verklaren in de vordering nu de verdachte van het onder 1, vierde gedachtestreepje, ten laste gelegde zal worden vrijgesproken. De benadeelde partij kan de vordering bij de burgerlijke rechter aanbrengen.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Nu de benadeelde partij niet-ontvankelijk wordt verklaard in haar vordering, zullen kosten worden gecompenseerd, in die zin dat ieder de eigen kosten draagt.</para>
      </parablock>
      <para />
      <para>
        <?linebreak?>
      </para>
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>6</nr>BESLISSING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Vrijspraak</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart het onder 1, 2 primair en 2 subsidiair ten laste gelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Benadeelde partij </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart [benadeelde] niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter;</para>
    <para />
    <para>- compenseert de proceskosten van de benadeelde partij en verdachte, in die zin dat ieder de eigen kosten draagt.</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. H.F. Koenis, voorzitter tevens kinderrechter, mrs. A.C. van den Boogaard en D. Riani el Achhab, rechters, in tegenwoordigheid van mr. S. Prinsen, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van 21 december 2017.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Bijlage: de tenlastelegging</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte wordt ten laste gelegd dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>1.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij in of omstreeks de periode gelegen tussen 31 december 2015 tot en met 1</para>
      <para>januari 2016 te Woerden, in elk geval in Nederland, openlijk, te weten op of</para>
      <para>aan de openbare weg, namelijk op of aan de hieronder genoemde weg(en), in</para>
      <para>vereniging geweld heeft gepleegd tegen één of meerdere voertuig(en):</para>
    </parablock>
    <para>- een personenauto (merk: Hyundai, type Tucson, met kenteken: [kenteken] ) op/aan</para>
    <para>de Iepenlaan</para>
    <para>- een vrachtwagen (merk: Mitsubishi, type Canter, met kenteken: [kenteken] )</para>
    <para>op/aan de Johan de Wittlaan</para>
    <para>- een personenauto (merk: Alfa, type Romeo, met kenteken: [kenteken] ) op/aan de</para>
    <para>Wilhelminaweg</para>
    <para>- een personenauto (merk: Renault, type Megane, met kenteken: [kenteken] )</para>
    <para>op/aan de Beerze</para>
    <para>- een personenauto (merk: Toyota, type Aygo, met kenteken: [kenteken] ) op/aan</para>
    <parablock>
      <para>de Kievitstraat</para>
      <para>welk geweld bestond uit het eenmaal of meermalen gooien van één of meerdere</para>
      <para>(bak)ste(e)n(en) door/tegen één of meerdere ruit(en) van het/de voertuig(en)</para>
      <para>en/of (vervolgens) het eenmaal of meermalen gooien van vuurwerk in het/de</para>
      <para>voertuig(en), terwijl dit door hem gepleegde geweld vernieling ten gevolge</para>
      <para>heeft gehad;</para>
      <para>art 141 lid 1 Wetboek van Strafrecht</para>
      <para>art 141 lid 2 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>2.</para>
      <para>Primair</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 01 januari 2016 te Woerden, in elk geval in Nederland, ter</para>
      <para>uitvoering van het door hem voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging</para>
      <para>met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk brand te stichten in een</para>
      <para>brugwachtershuisje van de Kwakelbrug, gelegen aan de Leidsestraatweg (eigendom</para>
      <para>van de Gemeente Woerden), terwijl daarvan gemeen gevaar voor goederen te</para>
      <para>duchten was, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans</para>
      <para>alleen, met dat opzet een ruit van het voornoemde brugwachtershuisje heeft</para>
      <para>ingeslagen/vernield en vervolgens één of meerdere stuk(ken) vuurwerk</para>
      <para>(waaronder een zogenoemde wondertol) heeft afgestoken en deze vervolgens door</para>
      <para>het gat in de ruit naar binnen heeft gegooid, in elk geval met dat opzet</para>
      <para>(open) vuur in aanraking heeft gebracht met dat vuurwerk en/of met dat</para>
      <para>(houten) brugwachtershuisje, althans met (een) brandbare stof(fen), zijnde de</para>
      <para>uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet voltooid;</para>
      <para>art 157 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht</para>
      <para>art 45 lid 1 Wetboek van Strafrecht</para>
      <para>art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Subsidiair</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 1 januari 2016 te Woerden, in elk geval in Nederland,</para>
      <para>tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk</para>
      <para>en wederrechtelijk een ruit (van een brugwachtershuisje), in elk geval enig</para>
      <para>goed, geheel of ten dele toebehorende aan de Gemeente Woerden, in elk geval</para>
      <para>aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), heeft</para>
      <para>vernield en/of beschadigd en/of onbruikbaar gemaakt;</para>
      <para>art 350 lid 1 Wetboek van Strafrecht</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>