<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBMNE:2016:6838</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2016-12-21T13:59:51</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-12-21</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Midden-Nederland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Midden-Nederland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2016-12-21</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">16/705045-14 (P)</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Utrecht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2016:6838">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2016:6838</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2016-12-21T11:17:27</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-12-21</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBMNE:2016:6838 Rechtbank Midden-Nederland , 21-12-2016 / 16/705045-14 (P)</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBMNE:2016:6838:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Vrijspraak. De rechtbank is van oordeel dat, gelet op de inhoud van het dossier, niet vast is komen te staan dat verdachte enige betrokkenheid heeft gehad bij de aangetroffen hennepplantage</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBMNE:2016:6838:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Afdeling strafrecht</para>
      <para>Zittingsplaats Utrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 16/705045-14 (P)</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van de meervoudige strafkamer van 21 december 2016</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de strafzaak tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte]
        </emphasis>
      </para>
      <para>geboren op [1966] te [geboorteplaats] ,</para>
      <para>wonende te [woonplaats] ,<?linebreak?>thans uit andere hoofde gedetineerd in P.I. Arnhem, Huis van Bewaring Arnhem Zuid.</para>
    </parablock>
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>ONDERZOEK TER TERECHTZITTING</title>
    <para>Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzitting van 7 december 2016.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering en het standpunt van de officier van justitie en van hetgeen verdachte en diens raadsvrouw mr. M.E.W.M. Rupert, advocaat te Assen naar voren hebben gebracht.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>TENLASTELEGGING</title>
    <parablock>
      <para>De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht. </para>
      <para>De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	Primair: 	in de periode van 1 april 2014 tot en met 3 juni 2014 in Houten, al 			dan niet samen met anderen, een grote hoeveelheid hennepplanten in 			een woning en in een kas aanwezig heeft gehad. </para>
      <para>	Subsidiair:	gelegenheid heeft verschaft aan medeverdachten [medeverdachte 1] en/of 				[medeverdachte 2] en/of [medeverdachte 3] en/of [medeverdachte 4] om hennep te telen.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>VOORVRAGEN</title>
    <para>De dagvaarding is geldig, de rechtbank is bevoegd tot kennisneming van het ten laste gelegde, de officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging van verdachte en er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging.</para>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>WAARDERING VAN HET BEWIJS</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de officier van justitie</emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie acht niet wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het aan hem ten laste gelegde heeft begaan en vordert vrijspraak.  </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
        </para>
        <para>De raadsvrouw stelt zich eveneens op het standpunt dat het aan verdachte ten laste gelegde  niet wettig en overtuigend bewezen kan worden en dat vrijspraak dient te volgen.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank is van oordeel dat, gelet op de inhoud van het dossier, niet vast is komen te staan dat verdachte enige betrokkenheid heeft gehad bij de aangetroffen hennepplantage op het adres [adres] in [woonplaats] . Nu het wettig en overtuigend bewijs ontbreekt, zal de rechtbank verdachte van het aan hem ten laste gelegde vrijspreken.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5</nr>BESLISSING</title>
    <para>De rechtbank:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Vrijspraak</emphasis>
      </para>
      <para>- <emphasis role="bold">Spreekt</emphasis> verdachte <emphasis role="bold">vrij</emphasis> van het primair en subsidiair aan hem ten laste gelegde.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. J. Ebbens, voorzitter, mrs. N.H.J.M. Veldman-Gielen en J.P.M. Schwillens, rechters, in tegenwoordigheid van mr. L.P. Stapel, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van 21 december 2016.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Mr. J.P.M. Schwillens is niet in de gelegenheid dit vonnis mede te ondertekenen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">BIJLAGE : De tenlastelegging</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Primair</para>
      <para>hij in of omstreeks de periode van 01 april 2014 tot en met 03 juni 2014 te</para>
      <para>Houten, althans in het arrondissement Midden-Nederland, tezamen en in</para>
      <para>vereniging met een of meer anderen, althans alleen, opzettelijk heeft geteeld</para>
      <para>en/of bereid en/of bewerkt en/of verwerkt, in elk geval opzettelijk aanwezig</para>
      <para>heeft gehad (in een kas behorende bij een pand aan de [adres] ) een</para>
      <para>hoeveelheid van (in totaal) 15.456 hennepplanten en/of (in een woning aan de</para>
      <para>
        [adres] ), een hoeveelheid van (in totaal) ongeveer 108 hennepplanten,</para>
      <para>althans een groot aantal hennepplanten en/of delen daarvan, in elk geval een</para>
      <para>hoeveelheid van meer dan 30 gram van een materiaal bevattende hennep, zijnde</para>
      <para>hennep een middel vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst II, dan wel</para>
      <para>aangewezen krachtens artikel 3a, vijfde lid van die wet;</para>
      <para>art 3 ahf/ond B Opiumwet</para>
      <para>art 3 ahf/ond C Opiumwet</para>
      <para>art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht</para>
      <para>art 11 lid 2 Opiumwet</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Subsidiair</para>
      <para>
        [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] en/of [medeverdachte 3] en/of [medeverdachte 4] en/of één of</para>
      <para>meer onbekend gebleven personen in of omstreeks de periode van 01 april 2014</para>
      <para>tot en met 03 juni 2014 te Houten, in elk geval in Nederland, met elkaar,</para>
      <para>althans één van hen, opzettelijk heeft/hebben geteeld en/of bereid en/of</para>
      <para>bewerkt en/of verwerkt, in elk geval opzettelijk aanwezig heeft/hebben gehad</para>
      <para>(in een kas behorende bij een pand aan [adres] ) een hoeveelheid van (in</para>
      <para>totaal) ongeveer 15.456 hennepplanten en/of in een woning (gelegen aan de</para>
      <para>
        [adres] ) een hoeveelheid van (in totaal) ongeveer 108 hennepplanten,</para>
      <para>althans een groot aantal hennepplanten en/of delen daarvan, in elk geval</para>
      <para>(telkens) een hoeveelheid van meer dan 30 gram van een materiaal bevattende</para>
      <para>hennep, zijnde hennep een middel vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst</para>
      <para>II,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tot en/of bij het plegen van welk(e) misdrijf/misdrijven verdachte op één of</para>
      <para>meer tijdstip(pen) gelegen in de periode van 01 april 2014 tot en met 03 juni</para>
      <para>2014 te Houten, in elk geval in Nederland, meermalen, althans eenmaal</para>
      <para>(telkens) opzettelijk gelegenheid en/of middelen en/of inlichtingen heeft</para>
      <para>verschaft en/of opzettelijk behulpzaam is geweest, door aan die onbekend</para>
      <para>gebleven persoon/personen voornoemde panden voor de teelt/het kweken van</para>
      <para>hennepplanten ter beschikking te stellen;.</para>
      <para>art 3 ahf/ond B Opiumwet</para>
      <para>art 3 ahf/ond C Opiumwet</para>
      <para>art 11 lid 2 Opiumwet</para>
      <para>art 48 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht</para>
      <para>art 48 ahf/sub 2 Wetboek van Strafrecht</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>