<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBMNE:2015:8804</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-12-10T15:29:12</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2015-12-10</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Midden-Nederland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Midden-Nederland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2015-12-07</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">16/994035-14 (P)</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Utrecht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2015:8804">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2015:8804</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-12-10T13:42:24</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2015-12-10</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBMNE:2015:8804 Rechtbank Midden-Nederland , 07-12-2015 / 16/994035-14 (P)</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBMNE:2015:8804:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <parablock>
        <para>Verdachte heeft zich, samen met anderen, gedurende meerdere jaren schuldig gemaakt aan oplichting en een gewoonte gemaakt van witwassen van een groot geldbedrag. Daarnaast heeft hij valse facturen opgemaakt, op basis waarvan hij gelden ontvangen heeft. </para>
        <para>De rechtbank veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf van 18 (zegge: achttien) maanden.</para>
        <para>De rechtbank bepaalt dat een gedeelte, te weten 6 (zegge: zes) maanden, van deze gevangenisstraf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten.</para>
        <para>De rechtbank stelt daarbij een proeftijd van 2 (zegge: twee) jaren vast.</para>
      </parablock>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBMNE:2015:8804:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Afdeling Strafrecht</para>
      <para>Zittingslocatie Utrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 16/994035-14 (P)</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van de meervoudige strafkamer van 7 december 2015</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de strafzaak tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte]
        </emphasis>,</para>
      <para>geboren te [geboorteplaats] op [1951] , </para>
      <para>wonende te [adres] , [woonplaats] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Omwille van de leesbaarheid van dit vonnis wordt verdachte hierna ook wel aangeduid als ‘ [verdachte] ’. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Om diezelfde reden wordt de toevoeging ‘B.V.’ bij de verschillende besloten vennootschappen telkens weggelaten.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het onderzoek ter terechtzitting</title>
    <para>Het onderzoek ter terechtzitting heeft plaatsgevonden op 28 en 29 september 2015 en 1, 5, 8, 9 en 12 oktober 2015. De verdachte is in persoon verschenen en heeft zich ter terechtzitting laten bijstaan door mr. M. van Viegen, advocaat te Amsterdam. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tijdens de zitting van 23 november 2015, waarbij alleen het onderzoek is gesloten, is niemand verschenen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie en van wat verdachte en diens raadsman naar voren hebben gebracht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Tenlastelegging</title>
    <para>De tenlastelegging is op de zitting gewijzigd. De tenlastelegging is, met wijziging, als bijlage aan dit vonnis gehecht. De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>	Feit 1 primair:		[bedrijf 1] en/of [bedrijf 2] en/of 						[bedrijf 3] en/of [bedrijf 4] en/of [bedrijf 5] in de periode 13 					oktober 2010 tot en met 21 januari 2014, al dan niet samen 				met anderen, beleggers heeft opgelicht, terwijl verdachte 				hieraan feitelijk leiding dan wel opdracht heeft gegeven;</para>
      <para>	Feit 1 subsidiair:	verdachte in de periode van 13 oktober 2010 tot en met 21 				januari 2014, al dan niet samen met anderen, beleggers 					heeft opgelicht;</para>
      <para>	Feit 1 meer subsidiair:	verdachte behulpzaam is geweest bij de oplichting van 					beleggers door [bedrijf 1] en/of [bedrijf 2] 					en/of [bedrijf 3] en/of [bedrijf 4] en/of [bedrijf 5] in de 					periode 13 oktober 2010 tot met 21 januari 2014.</para>
      <para>	Feit 2:			verdachte in de periode van 1 november 2011 tot en met 21 <?linebreak?>				januari 2014, al dan niet samen met anderen, 						een arbeidsovereenkomst en facturen valselijk heeft 					opgemaakt</para>
      <para>
        <emphasis role="italic">en/of</emphasis>
      </para>
      <para>				gebruik heeft gemaakt van deze valse 							arbeidsovereenkomst en facturen, dan wel deze heeft 					afgeleverd en/of voorhanden gehad;</para>
      <para>	Feit 3:			verdachte in de periode van 13 oktober 2010 tot en met 21 				januari 2014 € 13.032.800,-- heeft witgewassen.	</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Voorvragen</title>
    <paragroup>
      <nr>3.1</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
        </para>
        <para>Ten aanzien van de onder feit 1 meer subsidiair de ten laste gelegde medeplichtigheid heeft de raadsman aangevoerd dat de dagvaarding partieel nietig verklaard dient te worden.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van het Openbaar Ministerie</emphasis>
        </para>
        <para>Namens het Openbaar Ministerie is geen uitdrukkelijk onderbouwd standpunt ingenomen.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
        </para>
        <para>Gelet op hetgeen hierna onder paragraaf 4.3.2 overwogen zal worden, behoefte het gevoerde verweer geen nadere bespreking.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Voor het overige heeft de rechtbank vastgesteld dat zij bevoegd is tot kennisneming van de ten laste gelegde feiten en dat de officieren van justitie ontvankelijk zijn. Er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging.</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>Waardering van het bewijs</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van het Openbaar Ministerie</emphasis>
        </para>
        <para>De officieren van justitie achten wettig en overtuigend bewezen dat [verdachte] alle aan hem ten laste gelegde feiten heeft begaan. Meer specifiek hebben de officier van justitie wettig en overtuigend bewezen geacht dat hij:</para>
      </parablock>
      <para />
      <para>- Feitelijk leiding heeft gegeven aan de oplichtingen van beleggers begaan door de [bedrijf 1] -vennootschappen, zoals onder feit 1 primair ten laste gelegd.</para>
      <para />
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>Samen met anderen een valse arbeidsovereenkomst heeft opgemaakt en voorhanden heeft gehad, zoals onder feit 2 ten laste gelegd.</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>Samen met anderen valse facturen heeft opgemaakt en voorhanden heeft gehad, zoals onder feit 2 ten laste gelegd;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>Een bedrag van € 13.032.800,-- heeft witgewassen, zoals onder feit 3 ten laste gelegd.</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
        </para>
        <para>De raadsman stelt zich op het standpunt dat de aan verdachte ten laste gelegde feiten niet wettig en overtuigend bewezen kunnen worden. Hiertoe heeft de raadsman -onder meer-  het volgende aangevoerd:</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Ten aanzien van feit 1</emphasis>
        </para>
        <para>	Verdachte heeft feitelijk leidinggegeven aan de aan [bedrijf 1] gelieerde 	stichtingen, maar voldoet niet zelfstandig aan de delictsbestanddelen, zoals in de 	tenlastelegging opgenomen. De gedachtestreepjes 1 tot en met 5 in de 	tenlastelegging kan [verdachte] , gezien zijn functie, niet voorgewend hebben. 	[verdachte] heeft wel als stichtingsbestuurder onafhankelijk toezicht gehouden. 	Zijn taken heeft hij verricht zoals dat een behoorlijk bestuurder betaamt. Hij heeft 	nimmer willens en wetens niet onafhankelijk geopereerd of geen controletaken 	uitgevoerd. [verdachte] was betrokken bij de beoordeling van aan te kopen 	vastgoed, bezocht de vastgoedobjecten in Duitsland en controleerde de 	couponrentebetalingen. Hij was op de hoogte van het verdienmodel van [bedrijf 1] 	en heeft niet ‘in the blind’ geld overgemaakt. Voorts zijn er hypotheken gevestigd 	en bankgaranties verstrekt, zoals in de prospectussen vermeld staat.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>	Als er al sprake zou zijn geweest van een vooropgezet plan om beleggers op te	 	lichten, dan wist [verdachte] daar ten tijde van zijn sollicitatie en aantreden niets 	van. Daarbij kreeg [verdachte] telkens documenten voorgelegd ter onderbouwing 	van de door hem over te boeken gelden. [verdachte] kon niet vermoeden dat de 	gelden mogelijk voor andere doeleinden, dan de aankoop van onroerend 	goed, werden gebruikt.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>	Subsidiair kan niet wettig en overtuigend bewezen worden dat [verdachte] nauw en 	bewust heeft samengewerkt met zijn medeverdachten. Zijn rol was daartoe te klein.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>	Evenmin kan het meer subsidiair ten laste gelegde bewezen worden verklaard. 	[verdachte] heeft niet bevorderd of vergemakkelijkt dat de prospectussen werden 	opgesteld. Ook heeft hij de in de tenlastelegging opgenomen voorwendselen niet 	bevorderd of vergemakkelijkt. Er was geen vooropgezet plan waaraan hij deel heeft 	genomen. [verdachte] heeft nimmer de aanmerkelijke kans aanvaard, hij 	heeft slechts zijn werkzaamheden willen doen en had geen weet van mogelijke 	strafrechtelijke gedragingen. Hem kan niet verweten worden dat hij willens en 	wetens behulpzaam is geweest bij de oplichting.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Ten aanzien van feit 2</emphasis>
        </para>
        <para>
          [verdachte] heeft ten aanzien van de facturen gehandeld in overeenstemming met 	een afspraak die hij had met medeverdachte [medeverdachte 3] . </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>	Factuur D-1040 ziet op een bonus die [verdachte] mocht declareren als het fonds 	[bedrijf 5] binnen 4,5 maand was volgetekend. [verdachte] 	gebruikte standaard de bewoording ‘advieswerkzaamheden’ op zijn facturen.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>	Factuur D-1021 ziet op een voorschot aan [bedrijf 1] betreffende 	advieswerkzaamheden voor [bedrijf 3] . </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>	Factuur C ziet op de 1,5% die [verdachte] over de totale inleg voor de gehele 	looptijd mocht declareren. 	</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>	Er is geen sprake van valsheid in geschrifte, verdachte dient te worden 	vrijgesproken.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Ten aanzien van feit 3</emphasis>
        </para>
        <para>	Nu vrijspraak is bepleit voor hetgeen onder feit 1 en 2 ten laste is gelegd, dient ook 	voor het witwassen vrij te worden gesproken. Er is geen grond meer om het 	witwasfeit te kunnen bewijzen.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank is van oordeel dat op grond van de stukken in het dossier en het verhandelde ter terechtzitting wettig en overtuigend bewezen kan worden verklaard dat [verdachte] alle -al dan niet primair- aan hem ten laste gelegde feiten heeft begaan. </para>
      </parablock>
      <para />
      <paragroup>
        <nr>4.3.1</nr>
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="bold">Algemene overweging vooraf</emphasis>
          </para>
          <para>In onderhavige zaak gaat het –kort gezegd– om het aanbieden van obligatieleningen door diverse obligatiefondsen met als doel gelden van beleggers aan te trekken en vervolgens aan te wenden voor het aankopen van vastgoedobjecten in Duitsland. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Kort samengevat ziet de werkwijze er als volgt uit:</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Potentiële beleggers laten zich middels prospectussen informeren over de obligatiefondsen. Aan de hand van de in de prospectussen opgenomen informatie beslissen zij al dan niet een obligatielening af te sluiten. Hun inleg maken ze over naar een stichting die toezicht houdt op onder meer het aankoopbeleid van het obligatiefonds. Deze stichting kan het geld van de beleggers vervolgens vrijgeven aan een exploitatie-/werkmaatschappij. De exploitatie-/werkmaatschappij koopt met de inleg vervolgens het onroerend goed aan. </para>
        </parablock>
        <para />
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>4.3.2</nr>
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="bold">Het bewijs</emphasis>
          </para>
          <para>De rechtbank gaat op grond van de wettige bewijsmiddelen van de volgende feiten en omstandigheden uit.<footnote-ref linkend="_17d74d92-4fdb-4ff8-a364-28395bf9806d" /><footnote-ref linkend="_d1a87d38-6df2-4bf6-b211-b97bfdcb12bb" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="underline italic">Ten aanzien van alle feiten</emphasis>
          </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="bold underline">4.3.2.1	De fondsen</emphasis>
          </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="underline italic">
              [bedrijf 1] -fondsen</emphasis>
          </para>
          <para>
            <emphasis role="italic">Het eerste [bedrijf 1] -fonds</emphasis>
          </para>
          <para>
            [bedrijf 1] is op 20 juli 2010 opgericht en statutair gevestigd te [vestigingsplaats] . [bedrijf 1] voert volgens het uittreksel KvK als activiteit ‘het verstrekken van geldleningen aan en het stellen van zekerheden aan derden, speciaal het stellen van zekerheden in relatie tot binnen het concern van de vennootschap van derden tegen uitgiften van effecten verkregen gelden’.<footnote-ref linkend="_f2ae04f1-c7f8-4d71-a8b3-7e24dfa0a358" /> Volgens het prospectus van september 2010 van [bedrijf 1] is [bedrijf 1] een obligatiefonds die een obligatielening uitgeeft.<footnote-ref linkend="_7d445ca0-dd30-40d4-b224-a97247dda6d9" /> Initiatiefnemer is [bedrijf 6] .<footnote-ref linkend="_a83953dc-53ff-432c-88eb-eff83bf63db6" /> Deze rechtspersoon is de dochteronderneming van [bedrijf 7] .<footnote-ref linkend="_3e26128d-953e-4255-b136-5b68d4047aec" /> Medeverdachte [medeverdachte 1] is per 8 juli 2010 bestuurder en alleen/zelfstandig bevoegd van [bedrijf 7] .<footnote-ref linkend="_4191f57a-a68f-4939-a177-abdfac17df26" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            [bedrijf 8] is de exploitatiemaatschappij die het onroerend goed koopt en exploiteert.<footnote-ref linkend="_b842057f-0b72-4cc5-9fad-f36a22308306" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            [stichting 1] , gevestigd te [vestigingsplaats] , behartigt de belangen van de obligatiehouders, aldus het prospectus van [bedrijf 1] . Deze stichting handelt onafhankelijk van [bedrijf 1] en draagt zorg voor de geldstromen.<footnote-ref linkend="_baba4b97-54d7-4e07-b31a-9ae12fd19688" /> De stichting is op 20 september 2010 opgericht en heeft blijkens het uittreksel van de KvK tot doel ‘het verschaffen van een zekerheid aan de obligatiehouders die via [bedrijf 1] in obligatiefondsen participeren alsmede hun belangenbehartiging. Verdachte is vanaf 20 september 2010 de bestuurder van de stichting.<footnote-ref linkend="_1fee49e0-fb65-453e-bc0d-4443c7c8e33a" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Het tweede [bedrijf 1] -fonds</emphasis>
          </para>
          <para>Vervolgens is op 13 april 2011 [bedrijf 2] opgericht, met als statutaire zetel [vestigingsplaats] . In het uittreksel van de KvK staat dat [bedrijf 2] als activiteit heeft ‘het verstrekken van geldleningen en het stellen van zekerheden aan derden, speciaal het stellen van zekerheden in relatie tot binnen het concern van de vennootschap van derden tegen uitgifte van effecten verkregen gelden’.<footnote-ref linkend="_21c7fcc7-eb0e-4706-b852-6817ba4a0cd2" /> In het prospectus van april 2011 staat dat [bedrijf 2] obligaties uitgeeft.<footnote-ref linkend="_8e6f7cfa-d9ac-44d5-bee3-af3e4d1c838d" /> Initiatiefnemer is [bedrijf 6] .<footnote-ref linkend="_ca3a8d1a-65f8-4a02-960c-007338c95dfe" /> Zoals reeds vermeld is deze rechtspersoon de dochteronderneming van [bedrijf 7] , waarvan [medeverdachte 1] bestuurder is.<footnote-ref linkend="_1293c80f-99e9-4fa2-9456-628a5e8ac902" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            [bedrijf 2] is de exploitatiemaatschappij die het onroerend goed koopt en exploiteert.<footnote-ref linkend="_da48504f-c5c2-46d5-b13f-d321658f0526" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            [stichting 5] behartigt de belangen van de obligatiehouders en handelt onafhankelijk van [bedrijf 2] .<footnote-ref linkend="_5a26c969-fe9d-43fa-910a-35c9e945e945" /> De stichting beheert de inleg van de obligatiehouders.<footnote-ref linkend="_6729b0d1-825e-451e-9200-d6fc9932a1d6" /> De stichting is op 21 april 2011 opgericht met als doel ‘het verschaffen van een zekerheid aan de obligatiehouders die via [bedrijf 2] in obligatiefondsen participeren alsmede hun belangenbehartiging.’ Bezoek adres en statutaire zetel zijn gelegen te [vestigingsplaats] . [verdachte] is vanaf de datum van oprichting de bestuurder.<footnote-ref linkend="_1c0bb19c-e012-434e-9ede-b0f0b09dcd91" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Het derde [bedrijf 1] -fonds</emphasis>
          </para>
          <para>Het volgende fonds, [bedrijf 3] , wordt op 17 oktober 2011 opgericht en is gevestigd te [vestigingsplaats] . De activiteiten van [bedrijf 3] zijn ‘het verstrekken van geldleningen aan en het stellen van zekerheden aan derden, speciaal het stellen van zekerheden in relatie tot binnen het concern van de vennootschap van derden tegen uitgifte van effecten verkregen gelden<footnote-ref linkend="_2d497a1a-a58a-4dcf-9333-adc404675fb3" /> Ook dit fonds geeft blijkens het prospectus van oktober 2011 obligatieleningen uit.<footnote-ref linkend="_f3d2076d-182c-4815-97fe-4b427e3d297c" /> De initiatiefnemer is [bedrijf 6] .<footnote-ref linkend="_bbb0b63f-ea7d-4b57-8862-70d23bc30f4e" /> Zoals reeds vermeld is deze rechtspersoon de dochteronderneming van [bedrijf 7] , waarvan [medeverdachte 1] bestuurder is.<footnote-ref linkend="_fb5f7f89-a06d-483b-a0e6-40407059bf9a" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            [bedrijf 9] is de exploitatiemaatschappij die het onroerend goed koopt en exploiteert.<footnote-ref linkend="_e89d04ce-17c1-4d85-9fdd-f10deb60edfb" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            [stichting 2] is op 3 oktober 2011 opgericht met als doel ‘het verschaffen van een zekerheid aan de obligatiehouders die via [bedrijf 3] in obligatiefondsen participeren alsmede hun belangenbehartiging’.<footnote-ref linkend="_0bdc73d1-fc83-4fea-845f-18665b609ed9" /> De stichting is gevestigd in [vestigingsplaats] . [verdachte] is vanaf de datum van oprichting de bestuurder.<footnote-ref linkend="_3865ebcc-fc89-4a6f-ab19-95790d91fbcf" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Het vierde [bedrijf 1] -fonds</emphasis>
          </para>
          <para>Hierna wordt, op 14 maart 2012, [bedrijf 4] opgericht, met als vestigingsadres [vestigingsplaats] . Blijkens het uittreksel uit de KvK heeft deze rechtspersoon tot doel ‘verstrekken van geldleningen en het stellen van zekerheden aan derden, speciaal het stellen van zekerheden in relatie tot binnen het concern van de vennootschap van derden tegen uitgifte van effecten verkregen gelden’.<footnote-ref linkend="_b58158bb-8361-4e60-847f-bb2689cf4ab8" /> In het prospectus van [bedrijf 4] van maart 2012 staat dat [bedrijf 4] obligatieleningen uitgeeft.<footnote-ref linkend="_760ddb43-1220-46db-9728-2d103cfb65d3" /> Initiatiefnemer is [bedrijf 6] .<footnote-ref linkend="_4a53f8bc-199a-464d-88d4-343d2d7a5cf1" /> Zoals reeds vermeld is deze rechtspersoon de dochteronderneming van [bedrijf 7] , waarvan [medeverdachte 1] bestuurder is.<footnote-ref linkend="_1a44f849-1858-4719-81d2-b8d98acae166" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            [bedrijf 10] is de exploitatiemaatschappij die het onroerend goed koopt en exploiteert.<footnote-ref linkend="_3f010924-6888-49e1-bac8-3fa07254d780" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            [stichting 3] is op 1 maart 2012 opgericht met als doel ‘het verschaffen van een zekerheid aan de obligatiehouders die via [bedrijf 3] in obligatiefondsen participeren alsmede hun belangenbehartiging’. De stichting is gevestigd te [vestigingsplaats] .Verdachte is vanaf de datum van oprichting de bestuurder.<footnote-ref linkend="_7f5fd663-0618-43db-8f06-390802f6a19c" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <para />
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Het vijfde [bedrijf 1] -fonds</emphasis>
          </para>
          <para>Na [bedrijf 3] wordt [bedrijf 5] op 7 september 2012 opgericht, gevestigd te [vestigingsplaats] . [bedrijf 5] voert als activiteit: ‘het (doen) beheren en beleggen in vastgoed, het (doen) verstrekken van geldleningen tegen hypothecaire zekerheid, speciaal het stellen van zekerheden in relatie tot binnen het concern van de vennootschap van derden tegen uitgifte van effecten verkregen gelden’.<footnote-ref linkend="_986baeaa-7211-48fe-836c-9647ac557c72" /> Volgens het prospectus van [bedrijf 5] van maart 2013 geeft zij obligatieleningen uit.<footnote-ref linkend="_b229f444-98ee-480e-963b-029ee3c732d2" /> [bedrijf 17] is enig aandeelhouder van [bedrijf 5] .<footnote-ref linkend="_2ed82118-34a3-4728-8f24-73b807ab9143" /> Zij is de dochteronderneming van [bedrijf 6] .<footnote-ref linkend="_1f72e48f-7acf-4d15-9d14-36e1658c43dd" /> Zoals reeds vermeld is deze rechtspersoon de dochteronderneming van [bedrijf 7] , waarvan [medeverdachte 1] bestuurder is.<footnote-ref linkend="_ce7803f9-2fd9-4665-9fea-587c40bfa38b" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            [bedrijf 11] en [bedrijf 12] zijn de werkmaatschappijen die het vastgoed exploiteren.<footnote-ref linkend="_821f3df2-7052-4a1f-a2f0-836fcc17c0d7" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            [stichting 4] is opgericht om de belangen van de obligatiehouders te behartigen.<footnote-ref linkend="_934aa1ea-1520-488c-a00f-a43bd4a049fb" /> Volgens het uittreksel KvK beheert en administreert de stichting obligaties. De stichting is gevestigd te [vestigingsplaats] .<footnote-ref linkend="_735dc179-d45a-4211-91c6-544fcf45f62a" /> De stichting houdt toezicht op de uitvoering van de activiteiten van het obligatiefonds en controleert de geldstromen. [verdachte] is vanaf de datum van oprichting de bestuurder.<footnote-ref linkend="_d0f52197-8449-4695-a7c6-46aa3fe626d7" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="bold underline">4.3.2.2	De rol van de verdachte en diens medeverdachten</emphasis>
          </para>
          <para>
            [getuige 1] heeft bij de rechter-commissaris verklaard dat hij begrepen had dat [bedrijf 1] was opgezet door [medeverdachte 2] , als appeltje voor de dorst als het bij [bedrijf 13] en [bedrijf 14] fout zou gaan.<footnote-ref linkend="_50acc78b-4a67-40ea-a6ca-f3067c40c3f8" /> Hij hoorde van [medeverdachte 3] dat [medeverdachte 2] veel geld had opgenomen bij [bedrijf 1] . Dat geld ging naar hem privé.<footnote-ref linkend="_c4277f75-0347-478c-a2c7-ba12d58aa8da" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            [getuige 2] heeft verklaard dat [medeverdachte 2] regelmatig zei dat hij de eigenaar was van [bedrijf 1] .<footnote-ref linkend="_17fddd95-d75f-4461-93c8-0d9f65e8f276" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            [medeverdachte 2] heeft zelf verklaard dat hij aandeelhouder en adviseur van [bedrijf 1] was. Van sommige entiteiten had hij toegang tot de financiële middelen. Er was één bankpasje wat hij wel eens gebruikte om geld mee op te nemen. Ook had hij toegang tot, en gebruikte hij af en toe, de TAN-codes van [bedrijf 1] , bijvoorbeeld om een voorschot te nemen.<footnote-ref linkend="_acf7cbef-fae4-48b9-8058-47052ea43c95" />  [medeverdachte 2] was mede aandeelhouder en bepaalde mede wat er met de gelden gebeurde die werden binnengehaald, aldus [getuige 3] , werkzaam als accountmanager bij [bedrijf 1] .<footnote-ref linkend="_8cd5c1cf-a228-4d69-8091-e0227aa50294" /> Tevens  besloot [medeverdachte 2] om [medeverdachte 1] te schorsen. Er zou aangekocht worden in het laatste [bedrijf 1] -fonds, maar [medeverdachte 2] vond dat er te laat werd aangekocht, terwijl er wel rentes betaald moeten worden. Hij was ongeduldig en wilde het versnellen.<footnote-ref linkend="_e51a5326-5805-4059-a0a1-f1d0de58ab59" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Over [medeverdachte 3] heeft [getuige 3] verklaard dat hij de grote baas was. [medeverdachte 3] schreef het prospectus en schreef belangrijke dingen voor de website. Als er onderhandelingen gevoerd moesten worden ging hij mee. [medeverdachte 1] deed vooral de administratie, [medeverdachte 3] stuurde hem daarin aan. [getuige 3] heeft samen met [medeverdachte 1] verschillende gesprekken met investeerders gevoerd.<footnote-ref linkend="_1087ef68-f827-424d-b6b1-dcee94b9d2fc" /> Alvorens zij zo’n gesprek in gingen was er overleg met [medeverdachte 3] .<footnote-ref linkend="_60a624b5-0941-45f7-892a-97c2abde9fbd" /> [medeverdachte 1] onderhield ook contacten met partijen waarmee werd samengewerkt.<footnote-ref linkend="_9179ca84-364a-4bb9-96df-9ffddc14358b" /> [medeverdachte 1] en [medeverdachte 3] waren vooral verantwoordelijk voor de geldstromen. Volgens [getuige 3] was [medeverdachte 1] de directeur, maar had [medeverdachte 3] het als laatste voor het zeggen. [medeverdachte 1] overlegde met hem voor hij beslissingen nam, waardoor [medeverdachte 3] de meeste zeggenschap had.<footnote-ref linkend="_381f29e2-a56b-4c3a-b57f-6a3c7417500a" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            [medeverdachte 3] heeft zelf verklaard dat hij de dagelijkse werkzaamheden deed bij [bedrijf 1] samen met [medeverdachte 1] . Daartoe had hij een consultancy overeenkomst gesloten met [bedrijf 1] .</para>
          <para>Hij voerde accountants-overleggen, administraties, sales en maakte nieuwsbrieven. Ook schreef hij, onder meer in samenwerking met [medeverdachte 1] , de prospectussen een deden zij samen de aankoop van onroerend goed. [medeverdachte 2] hield de controle op de aankoop van onroerend goed.<footnote-ref linkend="_5365f503-0a8b-4e5c-b481-fb2ab844e1ee" /> Als [medeverdachte 2] akkoord ging werd er een bod gedaan.<footnote-ref linkend="_4a98510e-6ff3-453c-8ca2-cd427df5ef9c" /> Op het moment dat vastgoed werd aangekocht moest [medeverdachte 3] met [medeverdachte 2] overleggen, want hij was de eigenaar van het bedrijf.<footnote-ref linkend="_3a9eca42-a368-47ad-b100-cb1999ab24d5" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Met ingang van 1 juli 2010 trad [medeverdachte 1] in dienst bij [bedrijf 1] als directeur/bestuurder. Tevens trad hij vanaf dat moment in dienst bij alle andere ondernemingen van  het [bedrijf 1] -concern als bestuurder.<footnote-ref linkend="_86bcd276-4a6c-4279-935d-367cc8475e2c" /> [medeverdachte 3] had [medeverdachte 1] gevraagd om directeur te worden, omdat hijzelf een strafblad heeft en de naam [naam] slecht bekend staat in de beleggingswereld.<footnote-ref linkend="_85aa1f1e-04f2-4278-b9ac-26484c0a3310" /> [medeverdachte 1] heeft zelf verklaard dat hij door [medeverdachte 2] is benaderd om directeur te worden van [bedrijf 1] .<footnote-ref linkend="_6d601302-f1de-453d-8661-852c973b291c" /> [medeverdachte 2] zou hem ondersteunen om in de rol van directeur te komen.<footnote-ref linkend="_f120adf9-0371-4b53-9ea8-e258c070c05b" /> [medeverdachte 1] deed, naar eigen zeggen, de administratie en was contactpersoon voor bedrijven waarmee zaken werden gedaan. Ook zou hij het aan te kopen vastgoed gaan beheren.<footnote-ref linkend="_8c8235fb-b99e-4d1a-9eee-7fde139e3aee" /> [medeverdachte 1] beschikte over een TAN-lijst. Betalingen besprak hij met [medeverdachte 3] .<footnote-ref linkend="_fa9e8fd1-4c70-465f-8e95-05874b19e93c" /> [verdachte] heeft verklaard dat [medeverdachte 1] zich vooral bezig hield met de cijfers.<footnote-ref linkend="_01abc287-cece-43fd-8c4b-7d271de77bea" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            [bedrijf 6] had een overeenkomst gesloten met [bedrijf 15] in verband met het opstellen van prospectussen.<footnote-ref linkend="_d494e434-38ba-492d-9d85-4acb7437d71f" /> [medeverdachte 2] had besloten dat er iemand ingehuurd moest worden voor het opstellen daarvan. [medeverdachte 1] heeft toen de overeenkomst gesloten.<footnote-ref linkend="_bc5a5cf5-e0e5-4744-a746-389e0ec78e2f" /> Dit deed hij voor alle fondsen.<footnote-ref linkend="_77964331-2999-435d-8ee9-1cf0a80ec842" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Belegger [belegger 1] heeft een paar keer contact gehad met onder meer [medeverdachte 1] . Hij kreeg van hem steeds bevredigende, gelikte antwoorden op zijn vragen.<footnote-ref linkend="_bc123bb1-ad70-4d50-9f33-d828b108c993" /> Ook belegger [belegger 2] had telefonisch contact met [medeverdachte 1] .<footnote-ref linkend="_5da2d68b-a335-4f43-9e12-8f7d5bc2cf9d" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Zoals uit paragraaf 4.3.2.1 volgt was [verdachte] de bestuurder van alle [bedrijf 1] -stichtingen. Voor zijn aantreden had hij twee gesprekken met [medeverdachte 3] , [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] . [medeverdachte 2] was degene die het gesprek feitelijk voerde. In het tweede gesprek was het [medeverdachte 3] die het gesprek leidde.<footnote-ref linkend="_194af0cf-6de2-42a6-becb-a5ccc85c6299" /> De taak van [verdachte] was het in de gaten houden van het betalingsverkeer van de stichtingen naar de werkmaatschappijen; het fiatteren van geldstromen afkomstig van de beleggers.<footnote-ref linkend="_d90f6d13-bfa3-41bd-964b-992a64cfbfdb" /> [verdachte] gaf voor alle geldleningen fiat. Op basis van de overeenkomsten van geldlening en de daarin voor vrijgave gevraagde gelden, wist [verdachte] niet of er ook daadwerkelijk onroerend goed aan ten grondslag lag. Nadat de overeenkomst van geldlening werd opgemaakt, ging [verdachte] met [medeverdachte 1] naar de bank om de overboeking te regelen. Geld dat werd vrijgegeven ging niet naar een notaris, maar rechtstreeks naar een [bedrijf 1] -vennootschap. Het geld werd, aldus [verdachte] , besteed aan andere doeleinden dan waarvoor het werd vrijgegeven. Er werd geen controle uitgevoerd op waar het geld uiteindelijk voor werd gebruikt. In geen enkel geval, waarin geld werd vrijgegeven door de [bedrijf 1] Stichtingen, werd tijdens het vrijgeven of daarna, gecontroleerd of het geld gebruikt werd voor het in de geldlening beschreven doel.<footnote-ref linkend="_307a2c55-5d25-458e-8ee3-0e4d181f59d4" /> Hij had geen zicht op wat er daadwerkelijk door de werkmaatschappijen werd betaald voor de aankoop van vastgoed. Naar eigen zeggen had [verdachte] geen goed zicht op de geldstromen binnen de [bedrijf 1] fondsen.<footnote-ref linkend="_e9173841-0ba1-45bb-afc9-4ee60a85d41f" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="bold underline">4.3.2.3	De prospectussen</emphasis>
          </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Het eerste [bedrijf 1] -fonds</emphasis>
          </para>
          <para>
            [bedrijf 1] heeft een prospectus uitgebracht per 17 september 2010. Hierin staat onder meer dat: </para>
        </parablock>
        <para>- [bedrijf 1] een obligatielening uitschrijft van € 1.650.000,--;</para>
        <para>- [bedrijf 1] tot doel heeft de aankoop van uitmuntende vastgoedobjecten in economisch sterke deelstaten in Duitsland;<footnote-ref linkend="_5d995986-81be-48a4-bdc7-f5061b6da75d" /></para>
        <para>- het vastgoedobject volledig is verhuurd aan de Duitse deelstaat Nordrhein-Westfalen;</para>
        <para>- [bedrijf 1] de verkoopopbrengsten van het vastgoedobject op einddatum zal storten op rekening van de stichting. De verkoopopbrengsten worden op rekening van de stichting gestort waarna de stichting de hypotheek zal doorhalen en de obligatiehouders hun inleg uitbetaald inclusief aflossingspremie;<footnote-ref linkend="_ef7bbdcf-0725-4bd5-82c9-5fcb907ac60b" /></para>
        <para>- het risico bestaat dat huurders hun huurverplichtingen niet nakomen of dat sprake is van buitenproportionele leegstand of dat de waarde daalt, omdat het Duitse economisch klimaat stagneert of verslechtert. Inkomensverlies kan tot gevolg hebben dat de gerealiseerde jaarhuur onvoldoende is om alle kosten te dekken. In dat geval zal [naam] , garant staan en de nog openstaande verplichtingen voldoen. Het risico bestaat dat [naam] niet aan haar verplichtingen kan voldoen. Het bestuur van [bedrijf 1] acht dit risico nihil, omdat de Duitse deelstaat Nordrhein-Westfalen de huurder is;<footnote-ref linkend="_057c0cdb-b700-4fa5-8c72-5b306cc4784a" /></para>
        <para>- [stichting 1] de belangen behartigt van de obligatiehouders. De stichting handelt onafhankelijk van [bedrijf 1] en draagt zorg voor het beheer van de geldstromen;<footnote-ref linkend="_2a7f0599-0be0-4dbe-b83c-ae960fe2e12d" /></para>
        <para>- de obligatiehouders hun inleg voldoen op het rekeningnummer van de stichting. De stichting geeft de gelden voor aankoop vrij op het moment van aankoop;<footnote-ref linkend="_2396959e-614d-4237-8b82-4cedfa23e611" /></para>
        <para>- de totale fondsinvestering bestaat uit € 1.650.000,-- (obligatielening) en € 1.200.000,-- (banklening);<footnote-ref linkend="_41a3d7f4-486b-4da0-b19a-e0c869716e6b" /></para>
        <para>- het vastgoedobject waarin [bedrijf 1] investeert voor circa 50% gefinancierd wordt middels een bancaire lening.<footnote-ref linkend="_a124f878-5495-4970-83d4-6a99c451b490" /></para>
        <para>- de fondsinvestering als volgt is opgebouwd:</para>
        <parablock>
          <para>€ 2.410.000,-- 	aankoopprijs</para>
          <para>€ 204.000,-- 	aankoopkosten</para>
          <para>De volgende kosten zijn berekend:</para>
          <para>€ 130.000,-- 	structureringskosten</para>
          <para>€ 60.000,-- 	advieskosten</para>
          <para>€ 26.500,-- 	financieringskosten</para>
          <para>€ 7.500,-- 	prospectuskosten</para>
          <para>€ 12.000,-- 	oprichtingskosten</para>
          <para>De kosten zijn eenmalige kosten.<footnote-ref linkend="_9cd7d23b-9518-406b-beec-c4d5875945f9" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Het tweede [bedrijf 1] -fonds</emphasis>
          </para>
          <para>Per 20 april 2011 geeft [bedrijf 2] een prospectus uit, waarin -onder meer- het volgende staat:</para>
        </parablock>
        <para>- [bedrijf 2] geeft een obligatielening uit van € 2.130.000,--;</para>
        <para>- [bedrijf 2] heeft tot doel de aankoop van uitmuntende vastgoedobjecten in economisch sterke deelstaten van Duitsland;<footnote-ref linkend="_3d3dfcbc-1472-42c2-8257-e06230dac3ed" /></para>
        <para>- met het verworven vermogen wordt vastgoed aangekocht volgens het voorgeschreven beleid;<footnote-ref linkend="_a67e85b8-0b4e-4fcf-93c3-ff713d92c58b" /></para>
        <para>- de initiatiefnemer verstrekt een achtergestelde lening van € 300.000,-- aan [bedrijf 2] ;<footnote-ref linkend="_7e91a172-b412-47a1-94f3-b5cf52c86458" /></para>
        <para>- de achtergestelde lening vormt een financiële buffer voor [bedrijf 2] . Een achtergestelde lening kan rendement en/of aflossing op einddatum op voorhand veilig stellen;<footnote-ref linkend="_5a8255d2-de00-47d6-8587-14c96358e0c0" /></para>
        <para>- [bedrijf 1] verwerft 64 appartementen en 20 parkeerplaatsen in [woonplaats] . Alle appartementen zijn verhuurd.<footnote-ref linkend="_18782f94-12e6-4e06-bc4e-38a35ed08666" /> Meer specifiek: [adres] , [adres] , [adres] , [adres] alle gelegen te [woonplaats] .<footnote-ref linkend="_d692cfd2-c64d-474c-8898-45c539f94e93" /></para>
        <para>- [stichting 5] beheert de inleg van de obligatiehouders en beheert na aankoop van het vastgoedobject de hypotheek eerste rang;<footnote-ref linkend="_5a615448-cdde-42c5-b534-b4b4f986ca62" /></para>
        <para>- de stichting behartigt de belangen van de obligatiehouders en handelt onafhankelijk van [bedrijf 2] en beheert de geldstromen;<footnote-ref linkend="_62202468-c202-483f-949a-0200f1db9a68" /></para>
        <para>- obligatiehouders voldoen hun inleg op het rekeningnummer van de stichting. De stichting geeft de gelden voor aankoop vrij op het moment van aankoop;<footnote-ref linkend="_02e20848-9af7-4590-9a64-b6d0853c9d37" /></para>
        <para>- het risico bestaat dat huurders hun huurverplichtingen niet nakomen of dat sprake is van buitenproportionele leegstand of dat de waarde daalt, omdat het Duitse economisch klimaat stagneert of verslechtert. Inkomensverlies kan tot gevolg hebben dat de gerealiseerde jaarhuur onvoldoende is om alle kosten te dekken. In dat geval kan het obligatiefonds aanspraak maken op de achtergestelde lening. Het bestuur van [bedrijf 2] acht dit risico nihil, doordat er een grote vraag is naar de appartementen uit de portefeuille van [bedrijf 2] , aangezien deze op een A-locatie liggen en bij aanvang alle verhuurd zijn;<footnote-ref linkend="_e311b72c-8add-45d3-ac70-7727f6aa4364" /></para>
        <para>- [bedrijf 2] zal de verkoopopbrengsten van het vastgoed op einddatum storten op rekening van de stichting, waarna de stichting de hypotheek zal doorhalen en de obligatiehouders hun inleg uitbetaald. Na aflossing van de obligatiehouders wordt de achtergestelde lening en rentevergoeding over de looptijd door de stichting uitbetaald aan de initiatiefnemer;<footnote-ref linkend="_70859237-8bb3-4c6b-945e-e71597ffc22b" /></para>
        <para>- de fondsinvestering is als volgt opgebouwd:</para>
        <parablock>
          <para>€ 1.750.000,-- 	aankoopprijs</para>
          <para>€ 194.250,-- 	aankoopkosten</para>
          <para>De volgende kosten zijn berekend:</para>
          <para>€ 89.750,--	structureringskosten</para>
          <para>€ 21.000,-- 	advieskosten</para>
          <para>€ 5.000,-- 	due diligence kosten</para>
          <para>€ 65.000,-- 	marketingkosten</para>
          <para>€ 5.000,-- 	oprichtingskosten</para>
          <para>De kosten zijn eenmalige kosten;<footnote-ref linkend="_b7715022-a057-4c27-af1a-695173950ad8" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Het derde [bedrijf 1] -fonds</emphasis>
          </para>
          <para>Vervolgens is door [bedrijf 3] per oktober 2011 een prospectus uitgebracht. Hierin staat -onder meer- het volgende:</para>
        </parablock>
        <para>- [bedrijf 3] geeft een obligatielening uit van € 2.220.000,--;</para>
        <para>- [bedrijf 3] heeft tot doel de aankoop van uitmuntende vastgoedobjecten in economisch sterke deelstaten van Duitsland;<footnote-ref linkend="_c605822a-758c-4744-8919-2984a5d27e60" /></para>
        <para>- met het verworven vermogen wordt vastgoed aangekocht volgens het voorgeschreven beleid:<footnote-ref linkend="_7de907c6-8c11-4ceb-916e-c4817aa4639f" /></para>
        <para>- de initiatiefnemer verstrekt een achtergestelde lening van € 220.000,-- aan het obligatiefonds;<footnote-ref linkend="_7e55b7c5-436a-461e-bbf1-a2ad9324d429" /></para>
        <para>- de achtergestelde lening vormt een financiële buffer voor het obligatiefonds, een achtergestelde lening kan rendement en/of aflossing op de einddatum op voorhand veilig stellen;<footnote-ref linkend="_e8bf21a4-cff3-4282-bd93-1541b77edead" /></para>
        <para>- [bedrijf 3] verwerft 46 appartementen en 31 parkeerplaatsen verdeeld over 2 vastgoedobjecten. Beide vastgoedobjecten liggen op zeer gewilde locaties en zijn volledig verhuurd.<footnote-ref linkend="_b3614af0-0bc6-41be-ad19-b26809b0a0a2" /> Het gaat om [adres] te [woonplaats] en [adres] te [woonplaats] ;<footnote-ref linkend="_558200e0-1bde-470b-a7bd-222c2dcf1547" /></para>
        <para>- doordat het fonds investeert in appartementen waarnaar een stijgende vraag is in de markt zijn de appartementen makkelijk te verhuren indien deze leeg komen te staan. Dit vormt een extra zekerheid voor het fonds aangezien de rente moet worden betaald uit de exploitatie inkomsten;<footnote-ref linkend="_6dd53068-ba34-4bf7-9c27-635070d6dbe9" /></para>
        <para>- [stichting 6] behartigt de belangen van de obligatiehouders en handelt onafhankelijk van [bedrijf 3] en draagt zorg voor de geldstromen;</para>
        <para>- het bestuur van de stichting heeft geen recht op een vergoeding, waardoor haar onafhankelijke positie wordt versterkt.<footnote-ref linkend="_b5f2c406-99fe-4d65-a7ce-a75d219b5a5d" /></para>
        <para>- de fondsinvestering is als volgt opgebouwd:</para>
        <parablock>
          <para>€ 1.800.000,-- 	aankoopprijs</para>
          <para>€ 211.000,--	aankoopkosten</para>
          <para>De volgende kosten zijn berekend:</para>
          <para>€ 90.000,-- 	structureringskosten</para>
          <para>€ 28.000,-- 	advieskosten</para>
          <para>€ 10.000,-- 	due diligence kosten</para>
          <para>€ 75.000,-- 	marketingkosten</para>
          <para>€ 6.000,-- 	oprichtingskosten</para>
          <para>De kosten zijn eenmalige kosten;<footnote-ref linkend="_6f6b5e9c-39c5-49d3-a6c5-583bba50e8b0" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Het vierde [bedrijf 1] -fonds</emphasis>
          </para>
          <para>Per maart 2012 brengt [bedrijf 4] haar prospectus uit. Hierin staat -onder meer- het volgende:</para>
        </parablock>
        <para>- [bedrijf 4] geeft een obligatielening uit van € 2.250.000,--;</para>
        <para>- [bedrijf 4] heeft tot doel de aankoop van uitmuntende vastgoedobjecten in economisch sterke deelstaten van Duitsland;<footnote-ref linkend="_09ac7f6d-51d9-4296-a64a-de870745d218" /></para>
        <para>- met het verworven vermogen wordt vastgoed aangekocht volgens het voorgeschreven beleid;<footnote-ref linkend="_3ff2889b-c2d1-4d9d-bcd4-28863cce4e10" /></para>
        <para>- [bedrijf 4] is gericht op risicobeperking voor haar participanten;<footnote-ref linkend="_e43e8a4d-d0ff-4b70-bba6-ee5294264c9c" /></para>
        <para>- [bedrijf 4] verstrekt een bankgarantie aan [stichting 7] . Deze bankgarantie dient de bonusuitkering aan alle obligatiehouders te garanderen;<footnote-ref linkend="_80494461-0502-4085-b9b1-331d454143b3" /></para>
        <para>- [bedrijf 4] investeert in vier vastgoedobjecten, in [woonplaats] , [woonplaats] en [woonplaats] .<footnote-ref linkend="_de4a4cab-04d6-4c2e-98d7-f94eebc90e47" /> Meer specifiek [adres] te [woonplaats] , [adres] te [woonplaats] , [adres] te [woonplaats] en [adres] te [woonplaats] ;<footnote-ref linkend="_a24189bd-b4e7-4a66-b32e-1db970710624" /></para>
        <para>- [stichting 7] behartigt de belangen van de obligatiehouders, handelt onafhankelijk van [bedrijf 4] en draagt zorg voor het beheer van de geldstromen;<footnote-ref linkend="_fe26ea04-dee0-4803-9279-327de42d61fd" /></para>
        <para>- [stichting 7] beheert de inleg van de obligatiehouders en beheert na aankoop van de vastgoedobjecten de eerste hypotheek;<footnote-ref linkend="_88afbd6c-54b8-4937-8eac-867575d6dbad" /></para>
        <para>- alle appartementen in de objecten zijn volledig verhuurd;<footnote-ref linkend="_9c8a11f0-91a6-4903-9e8a-f5268538c9b5" /></para>
        <para>- [bedrijf 1] verwacht geen problemen met de verhuur van de appartementen;<footnote-ref linkend="_deaa008d-5d11-4abc-b5ea-8e2d1d5aa203" /></para>
        <para>- doordat het fonds investeert in appartementen waarnaar een stijgende vraag is in de markt, zijn de appartementen makkelijk te verhuren indien deze leeg komen te staan. Dit vormt een zekerheid voor het fonds, aangezien de rente wordt betaald uit de exploitatie inkomsten;<footnote-ref linkend="_08d898b9-a43a-4883-8731-46d4aa3c1040" /></para>
        <para>- de fondsinvestering is als volgt opgebouwd:</para>
        <parablock>
          <para>€ 1.851.000,-- 	aankoopprijs</para>
          <para>€ 217.000,-- 	aankoopkosten</para>
          <para>De volgende kosten zijn berekend:</para>
          <para>€ 90.000,-- 	structureringskosten</para>
          <para>€ 26.000,-- 	advieskosten</para>
          <para>€ 10.000,-- 	due diligence kosten</para>
          <para>€ 50.000,-- 	marketingkosten</para>
          <para>€ 6.000,-- 	oprichtingskosten</para>
          <para>De kosten zijn eenmalige kosten;<footnote-ref linkend="_86e6ce45-a9a0-4ea9-8758-5fa4fc3b1f13" /></para>
        </parablock>
        <para>- uit het aflossingsscenario kan worden geconcludeerd dat de inleg van de obligatiehouders vanaf de aanvangsdatum tot de einddatum gewaarborgd blijft.<footnote-ref linkend="_1c512454-c438-4d72-bbbe-04b4948e22c1" /></para>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Het vijfde [bedrijf 1] -fonds</emphasis>
          </para>
          <para>Als laatste is op 6 maart 2013 het prospectus van [bedrijf 5] uitgegeven.<footnote-ref linkend="_4112616e-268d-4c19-9b88-4f4b51296bec" /> Hierin staat -onder meer- het volgende:</para>
        </parablock>
        <para>- [bedrijf 5] schrijft een obligatielening uit ter grootte van € 4.350.000,--;</para>
        <para>- de uitgifte van de obligaties heeft tot doel het verschaffen van kapitaal aan de werkmaatschappijen en zal gebruikt worden ter financiering van vastgoedobjecten;</para>
        <para>- de opbrengst van de obligatielening zal door de uitgevende instelling worden doorgeleend aan de werkmaatschappijen, de werkmaatschappijen zullen de geleende gelden uitsluitend aanwenden ter financiering van de vastgoedobjecten;<footnote-ref linkend="_8ed2a8c0-92be-4fa0-b40e-dd77d5a0f43a" /></para>
        <para>- het obligatiefonds financiert 79 woningen en 4 kleine winkelruimtes. In geval van leegstand zal door de beheerder van de vastgoedobjecten een nieuwe huurder gezocht worden;<footnote-ref linkend="_00e92ca0-e46b-498e-bcb0-ad359f0949f2" /></para>
        <para>- [bedrijf 5] wendt de ontvangen rente aan voor het voldoen van zijn betalingsverplichting aan de obligatiehouders;<footnote-ref linkend="_8c58ffd0-69b0-4bca-ae83-e1c7569e4a8a" /></para>
        <para>Het obligatiefonds gaat ervan uit dat de vastgoedobjecten die het obligatiefonds primair beoogt aan te kopen uiterlijk 1 mei 2013 zijn aangekocht, zodat het obligatiefonds vanaf die datum huurinkomsten geniet;<footnote-ref linkend="_a872f11e-89a8-4277-b625-979f45a37805" /></para>
        <para>- tot zekerheid voor alle (toekomstige) vorderingen van de obligatiehouders uit hoofde van de obligatielening verkrijgt [stichting 8] het eerste recht van hypotheek op alle vastgoedobjecten die [bedrijf 11] primair beoogt aan te kopen;</para>
        <para>- de bank heeft een eerste recht van hypotheek op de vastgoedobjecten die [bedrijf 12] beoogt aan te kopen. Tot zekerheid voor alle (toekomstige) vorderingen van de obligatiehouders uit hoofde van de obligatielening verkrijgt [stichting 8] het tweede recht van hypotheek op alle vastgoedobjecten die [bedrijf 12] beoogt aan te kopen;<footnote-ref linkend="_42fc8f0c-88d6-476d-b1fa-f76594a0462e" /></para>
        <para>- [stichting 8] is opgericht om de belangen van de obligatiehouders te behartigen. [stichting 8] houdt toezicht op het obligatiefonds en zorgt ervoor dat het beleid en de werkwijze van het obligatiefonds, zoals omschreven in het prospectus, op de juiste wijze wordt uitgevoerd;<footnote-ref linkend="_6d89a382-841a-4748-a46f-4ac89c8672c9" /></para>
        <para>- [stichting 8] controleert de geldstromen van het obligatiefonds. De uitgevende instelling kan de gelden voor de aankoop van de vastgoedobjecten pas overmaken aan de werkmaatschappijen, nadat [stichting 8] schriftelijk goedkeuring heeft gegeven voor de aankoop van de betreffende vastgoedobjecten. De uitgevende instelling is niet zelfstandig bevoegd op zijn bankrekeningen ten aanzien van overboekingen; voor dergelijke overboekingen is mede-autorisatie van de stichting vereist. Door deze constructie is de stichting altijd op de hoogte van substantiële overboekingen van gelden door de uitgevende instelling en kan de stichting toezien of de gelden conform de voorwaarden zoals beschreven in het prospectus worden aangewend;<footnote-ref linkend="_89511fdf-3fc0-4d1c-a5aa-5e3d402b715d" /></para>
        <para>- het bestuur van [stichting 8] ontvangt een jaarlijkse onkostenvergoeding ad € 500,-- per bestuurslid. Deze vergoeding wordt voldaan door de initiatiefnemer van het obligatiefonds en komt dus niet ten laste van het obligatiefonds. Op enige andere vergoeding heeft het bestuur van de stichting geen recht;<footnote-ref linkend="_d6311872-f1b0-46fa-891b-d53bad0c1c13" /></para>
        <para>- de fondsinvestering is als volgt opgebouwd:</para>
        <parablock>
          <para>€ 5.225.000,-- 	aankoopprijs</para>
          <para>€ 611.000,-- 	aankoopkosten</para>
          <para>De volgende kosten zijn berekend:</para>
          <para>€ 200.000,-- 	structureringskosten</para>
          <para>€ 45.000,-- 	juridisch- en fiscaaladvies</para>
          <para>€ 15.000,-- 	afsluitprovisie bank</para>
          <para>€ 39.000,-- 	due diligence kosten</para>
          <para>€ 230.000,-- 	marketingkosten</para>
          <para>€ 15.000,-- 	oprichtingskosten</para>
          <para>De kosten zijn eenmalige kosten.<footnote-ref linkend="_1be7c163-4468-4a85-b5a0-52c837d1896b" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="bold underline">4.3.2.4	De inleg en de besteding van de inleg</emphasis>
          </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Het eerste [bedrijf 1] -fonds</emphasis>
          </para>
          <para>In de periode van 13 oktober 2010 tot en met 14 februari 2011 is door beleggers in totaal                                € 1.753.250,-- ingelegd in [bedrijf 1] .<footnote-ref linkend="_ec2f8aa4-5c1e-43c1-8810-476befcbd129" /> De gelden worden gestort op de bankrekening van [stichting 1] ( [rekeningnummer] ).<footnote-ref linkend="_53483f6f-83b0-42c8-8368-c85ccf3969ad" /> De eerste inleg komt op 13 oktober 2010 binnen.<footnote-ref linkend="_a99b97e7-2ecd-45bc-8779-25cc443a1d57" /> Twee dagen na de eerste inleg, op 15 oktober 2010, wordt € 2.494,-- en                        € 6.650,-- overgemaakt naar [bedrijf 6] onder vermelding van ‘verkoopkosten, emissiekosten en structureringskosten’.<footnote-ref linkend="_24349778-41c8-479a-b72c-7f3efcb075b9" /> Van daaruit wordt op de data 15, 18 en 25 oktober, achtereenvolgens € 160,-- + € 160,-- + € 700,-- + € 1.000,-- overgemaakt naar [medeverdachte 2] .<footnote-ref linkend="_c4858a18-0460-4115-a382-6e0ff96ed71a" /> Op 29 december 2010 worden rentebetalingen gedaan aan inleggers in [bedrijf 1] uit de eigen inleg.<footnote-ref linkend="_ad312d83-135a-4921-9603-8566d2c36c29" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Nog voordat de eerste inleg binnenkomt, wordt op 27 september 2010 een overeenkomst gesloten tussen [bedrijf 15] GmbH en [bedrijf 6] .<footnote-ref linkend="_9e878072-fefb-4d1d-903f-aee5ecee8e4c" /> De in de overeenkomst genoemde diensten worden afgenomen ten behoeve van het obligatiefonds [bedrijf 1] .<footnote-ref linkend="_41cebf57-2c7f-4a8d-a228-9d6fa88baf62" /> Zo zal [bedrijf 15] GmbH aan [bedrijf 6] een modeldocument beschikbaar stellen ten behoeve van de uit te geven prospectus.<footnote-ref linkend="_2a2ecfa0-31f3-4a32-88a4-bca8b4379b4a" /> Overeen wordt gekomen dat [bedrijf 6] een vaste vergoeding zal betalen aan [bedrijf 15] GmbH van:</para>
          <para>€ 25.000,--		Structureringskosten (gebruik model)</para>
          <para>€ 15.000,--		Emissiekosten</para>
          <para>€ 2.000,--		Kantoorkosten<footnote-ref linkend="_502ba298-566b-4dfe-83c2-abb2f0c72bbe" /></para>
          <para>Deze overeenkomst is ondertekend door [medeverdachte 3] en [medeverdachte 1] .<footnote-ref linkend="_0bb1a540-f578-44da-9bd9-b5d8e4716971" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Door [bedrijf 1] is € 900.000,-- overgemaakt ten behoeve van de aankoop van [adres] , [woonplaats] .<footnote-ref linkend="_9b3bcbfe-a77a-4eed-876d-11bc03441247" /> Dit betreft een gezamenlijk aankoop met [bedrijf 2] .<footnote-ref linkend="_66028f49-6b5f-4054-9fbe-56347ac3591f" /> De koopovereenkomst voor dit object dateert van 29 september 2010. De aankoopprijs is € 2.100.000,--.<footnote-ref linkend="_cbed4702-184e-4b30-8941-938a21e33163" /> Vervolgens is € 96.133,-- betaald aan boetes wegens het te laat afnemen van het pand.<footnote-ref linkend="_e2454c2d-f701-4e30-8580-004a9949c479" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Het tweede [bedrijf 1] -fonds</emphasis>
          </para>
          <para>In de periode van 20 mei 2011 tot en met 18 augustus 2011 is door beleggers in totaal                          € 2.244.200,-- ingelegd in [bedrijf 2] . De gelden worden gestort op de bankrekening van [stichting 1] [bedrijf 2] ( [rekeningnummer] ).<footnote-ref linkend="_8d5ee1db-ac7e-49b1-99e6-bcbd912e3fa9" /> Op 14 juni  2011 worden grote bedragen overgemaakt naar [bedrijf 2] en [bedrijf 6] onder vermelding van ‘conform leenovereenkomst’.<footnote-ref linkend="_a32243be-4198-42cd-9fb1-10124c36e4dc" /> Door [bedrijf 2] is € 1.200.000,-- overgemaakt ten behoeve van de aankoop van [adres] , [woonplaats] .<footnote-ref linkend="_a89222dd-daa2-4604-aa1f-c7878574c694" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>In totaal is er dus € 2.446.000,-- besteed aan de aankoop van onroerend goed, uit een gecombineerde inleg. Dat is 61% van de inleg.<footnote-ref linkend="_91fcbe58-761a-47ba-9237-e8e198a61abe" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Het derde [bedrijf 1] -fonds</emphasis>
          </para>
          <para>In de periode van 1 november 2011 tot en met 6 februari 2012 is door beleggers in totaal                    € 2.274.875,-- ingelegd in [bedrijf 3] . Door [bedrijf 3] is € 419.000,-- en € 450.000,-- en € 303.100,-- betaald voor de aankoop van onroerend goed aan de [adres] te [woonplaats] , de [adres] en [adres] te [woonplaats] en [adres] te [woonplaats] .<footnote-ref linkend="_03c08411-42eb-4f14-9ee9-775f39220d5d" /> In totaal is er voor € 1.172.100,-- aan onroerend goed aangekocht. Dat is 52% van de inleg.<footnote-ref linkend="_02808b30-70f2-4db5-b43c-c1f23e018908" /> Op 21 januari 2014 stond er nog € 928,32 op de rekening van [stichting 3] .<footnote-ref linkend="_6852a036-db4b-4e83-9a1d-c8772e3ea759" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            [verdachte] heeft op 15 november 2011 middels een e-mail gericht aan [medeverdachte 1] € 10.000,--gedeclareerd aan [bedrijf 9] onder vermelding ‘Voorschot Advieskosten Aankoop Vastgoed Duitsland’, met notanummer 111103. Onderaan de e-mail staat vermeld ‘ [naam] ’.<footnote-ref linkend="_28cd7b9b-baea-466d-b95d-5e4a080ea678" /> Op 15 november 2011 is vanaf de bankrekening van [bedrijf 3] € 10.000,-- overgemaakt naar [verdachte] onder vermelding van ‘voorschotnota advieskosten’.<footnote-ref linkend="_5bac4ae6-38a6-401d-ba48-4f5d9631285d" /> Over de naam [naam] heeft [verdachte] verklaard dat hij deze naam bedacht had om uit de administratie niet duidelijk te laten worden dat hij deze extra vergoeding kreeg. Door een factuur op een andere naam uit te reiken heeft [verdachte] , naar eigen zeggen, bewust meegewerkt aan het onjuist voorstellen van zaken aan de obligatiehouders.<footnote-ref linkend="_377184e2-9766-42a2-884d-709406777baf" /> De factuur is aangetroffen op het adres van [bedrijf 6] te [vestigingsplaats] in de map ‘Facturen betaald 2012’.<footnote-ref linkend="_cffb0c09-27f1-4af9-8265-33189f107595" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Op 23 februari 2012 heeft [verdachte] , uit naam van [naam] ,                                  € 40.162,50 gefactureerd aan [bedrijf 1] onder vermelding ‘Advieskosten Vastgoed in Duitsland’. De factuur is gericht aan [medeverdachte 1] en heeft notanummer 030212. Blijkens de factuur moet nog € 8.662,50 voldaan worden van het totaal.<footnote-ref linkend="_5ca30117-6b9d-44ab-9dcd-d69d27d20ccf" /> Dit bedrag is op 9 maart 2012 van de rekening van [bedrijf 6] overgemaakt naar [verdachte] .<footnote-ref linkend="_e8bfff32-6136-4fb0-9d88-7da4bfd248e5" /> Uit de toelichting bij de nota volgt dat de nota ziet op [bedrijf 3] en dat de hoogte van het gedeclareerde bedrag is gebaseerd op een percentage van 1.5% van de totale inleg in dit fonds.<footnote-ref linkend="_41fbeae2-3b1b-4baa-82cb-3c1e9d6ac4af" /> De factuur is aangetroffen op het adres van [bedrijf 6] te [vestigingsplaats] in de map ‘ [naam] ’.<footnote-ref linkend="_313c7ff0-8463-41e0-8d7c-baf3084f0537" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Het vierde [bedrijf 1] -fonds</emphasis>
          </para>
          <para>In de periode van 10 april 2012 tot en met 30 juli 2012 is door beleggers in totaal € 2.377.250,-- ingelegd in [bedrijf 4] .<footnote-ref linkend="_bb618e5b-307d-4338-a89b-a1be5af61160" /> De gelden zijn gestort op de rekening van [stichting 3] ( [rekeningnummer] )<footnote-ref linkend="_b019b8d7-bba5-44db-a0a0-6f0867426093" />. Door [bedrijf 4] is € 440.000,-- en € 353.100,-- en € 471.600,-- betaald in verband met de aankoop van onroerend goed [adres] en [adres] te [woonplaats] , als ook [adres] [woonplaats] .<footnote-ref linkend="_eedcc478-64ce-4ea1-bf06-f1749c07578c" /> In totaal is voor € 1.264.700,-- besteed aan de aankoop van onroerend goed. Dat is 53% van de inleg.<footnote-ref linkend="_3a8cb53b-0b1b-43a6-8e5b-8efabd3b1d63" /> Op 21 januari 2014 stond er nog € 928,32 op de rekening van [stichting 3] .<footnote-ref linkend="_f29ae118-5b89-40b3-b975-a043afc61ad9" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>De huurpenningen van de verhuur van het aangekochte onroerend werd deels gebruikt om operationele kosten mee te betalen, als ook salarissen en voor het doen van betalingen aan [bedrijf 16] (een vennootschap van [medeverdachte 2] ) en [bedrijf 15] (zoals hiervoor al vermeld, een vennootschap van [medeverdachte 3] ).<footnote-ref linkend="_2133de55-bf5a-4a10-8371-e0eccdac4958" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Het vijfde [bedrijf 1] -fonds</emphasis>
          </para>
          <para>In de periode van 8 maart 2013 tot en met 13 mei 2013 is door beleggers in totaal € 4.383.225,-- ingelegd in [bedrijf 5] . De gelden zijn gestort op de rekening van [bedrijf 5] ( [rekeningnummer] ).<footnote-ref linkend="_67d1bfa5-e8bb-484d-ab2b-a4e0f1a1bd6b" /> Door [bedrijf 11] is een koop gesloten voor € 580.000,-- betreffende [adres] .<footnote-ref linkend="_cf6e8aea-0a43-4579-a9c6-661441d69835" /> Door [bedrijf 12] is een koopcontract gesloten voor een bedrag van € 2.160.000,-- betreffende [adres] te [woonplaats] .<footnote-ref linkend="_66d63c38-8142-4940-b5a9-5b6e5a62bbb1" /> Met betrekking tot deze kopen waren nog geen gelden naar notarissen overgemaakt.<footnote-ref linkend="_5b918e9b-c2b6-4e76-98da-e8ada69f2e5d" /> Op 21 januari 2014 stond er nog € 1.654.568,22 op de rekening van [bedrijf 5] .<footnote-ref linkend="_e9fb9d34-61e7-4d26-af7c-ea6435c577b9" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Resumé</emphasis>
          </para>
          <para>In voornoemde vijf [bedrijf 1] -fondsen is in totaal € 13.032.800,-- ingelegd.<footnote-ref linkend="_e72e6114-8453-4cca-9fed-a46185b6f3d0" /> Hiermee zijn de volgende bestedingen gedaan:</para>
          <para>€ 4.882.800,-- aankoop vastgoed</para>
          <para>€ 1.270.000,-- (rente)betalingen in andere fondsen</para>
          <para>€ 2.288.000,-- nog niet uitgegeven</para>
          <para>€ 4.592.000,-- (restpost) uitgegeven aan betaling van operationele kosten en betalingen aan verdachten en aan hen gelieerde rechtspersonen.<footnote-ref linkend="_da7d22ef-6a6d-4075-9cd1-77ec6c1bff8a" /> Zo is een bedrag van € 910.749,50 gegaan naar  [bedrijf 16] .<footnote-ref linkend="_f1736517-1d7e-4dc8-98e1-7bc25b42374f" /> [medeverdachte 2] is de bestuurder, en alleen/zelfstandig bevoegde, van deze rechtspersoon.<footnote-ref linkend="_37e6d3ae-8750-4316-9dcd-d882e57b0c93" /> Per saldo is hiervan € 542.800,-- naar de privérekeningen van [medeverdachte 2] en zijn echtgenote [medeverdachte 4] overgeboekt.<footnote-ref linkend="_d25415f4-5cf5-4868-84aa-9090c5c6e0e9" /></para>
          <para>Van de [bedrijf 1] -inleg is ook € 554.153,95 is naar [bedrijf 15] GmbH overgemaakt.<footnote-ref linkend="_9f04340a-5738-4b97-a101-dc9d4f3257d4" /> [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] hebben daarnaast respectievelijk € 83.050,-- en € 51.621,66,-- aan onkostenvergoedingen aan de [bedrijf 1] groep onttrokken door overschrijvingen naar hun privérekeningen.<footnote-ref linkend="_0b8ccdd5-b4a9-4a8d-b80c-789da01e5d14" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            [verdachte] heeft verklaard dat er van de inleg normaliter 10% af gaat aan fondskosten, wat betekent dat zo’n € 1.200.000,-- afgetrokken moet worden van het bedrag van                                      € 13.000.000,--. Het restant van het ingelegde geld zou dan moeten zijn aangewend voor de betaling van vastgoed inclusief de bijbehorende aankoopkosten zoals makelaarskosten, kosten notaris, overdrachtsbelasting en taxatiekosten.<footnote-ref linkend="_0b0ef546-c4aa-4524-9442-a92fe8cdb196" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Op 3 juni 2013 stuurt [verdachte] een factuur aan [bedrijf 6] voor een bedrag van € 10.000,--. De factuur is gericht aan [medeverdachte 1] .<footnote-ref linkend="_32316202-78bb-4138-a422-19be2ce1228a" /> Op 17 juni 2013 is van de bankrekening van [bedrijf 17] € 10.000,-- overgeschreven naar [verdachte] .<footnote-ref linkend="_b792d2e2-765b-49b9-9d33-1031f5af88d1" /> In de begeleidende e-mail, gericht aan [medeverdachte 1] en [medeverdachte 3] , staat dat dit te maken heeft met het volstorten van het AFM fonds binnen de 4,5 maand.<footnote-ref linkend="_0fbe61fe-7484-4138-b06e-232ffb291e03" /> [verdachte] heeft hierover verklaard dat dit een extra vergoeding betrof naast de maandelijkse vergoeding die hij kreeg voor de eerste twee [bedrijf 1] fondsen.<footnote-ref linkend="_2acbfdad-15ad-49a9-b640-16678454e812" /> Met AFM fonds bedoelde [verdachte] [bedrijf 5] .<footnote-ref linkend="_5f9f723a-8b7f-4bcd-af36-a00e21d9a79a" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="bold underline">4.3.2.5	De beleggers</emphasis>
          </para>
          <para>
            [belegger 2] werd aangeschreven voor de [bedrijf 1] beleggingen en vroeg een prospectus aan. Op 25 mei 2011 legde hij € 15.300,-- in in [bedrijf 2] .<footnote-ref linkend="_1bf7d227-628b-484c-9e1f-7ca933c615a8" /> Op 17 april 2012 legde hij nog eens € 25.000,-- in in [bedrijf 4] en vervolgens nog € 10.000,-- op 8 mei 2013 in [bedrijf 5] .<footnote-ref linkend="_ea3b622b-9722-434c-8862-bebe6ad5a365" /> [belegger 2] heeft verklaard dat hij nooit zou hebben belegd als hij niet het vertrouwen had gehad dat men niet zou doen wat in de prospectus vermeld stond.<footnote-ref linkend="_5c1ee741-0df1-4329-b1c1-2be4fed5fe64" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Net als haar echtgenoot, heeft ook [D] geïnvesteerd in [bedrijf 1] . Op 17 april 2012, na het prospectus te hebben gelezen, nam zij een obligatie van € 25.000,-- in [bedrijf 4] . Op 3 mei 2014 legde zij nog eens € 10.000,-- in in [bedrijf 5] . Hieraan voorafgaand vroeg zij het prospectus aan, las dit door en besloot te investeren. Aan de hand van het prospectus had zij het volste vertrouwen dat haar beleggingen goed besteed zouden worden.<footnote-ref linkend="_224ec4c8-0fb6-4449-9b11-d859a350b2d5" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            [belegger 1] heeft in [bedrijf 1] geparticipeerd. Hij ontving per post een vooraankondiging en vroeg vervolgens het prospectus aan. Het prospectus gaf hem vertrouwen. Op 13 december 2011 maakte hij zijn deelname in [bedrijf 3] van € 50.000,--. Vervolgens ontving [belegger 1] een vooraankondiging voor [bedrijf 4] . Wederom vroeg hij het prospectus aan. Achtereenvolgens op 12 en 27 juni 2012 maakte hij € 91.000,-- en € 10.000,-- over.<footnote-ref linkend="_6b738b00-b0ed-40d9-942e-4c53ddb7f9a8" /> Begin 2013 ontving [belegger 1] een vooraankondiging voor [bedrijf 5] . Hij vroeg het prospectus aan. Op 5 april 2013 stortte hij zijn deelname van € 95.000,--.<footnote-ref linkend="_254cef4c-1b51-4d5b-a8e4-58634490d498" /> In de beleving van [belegger 1] zou het totale geld in de fondsen geïnvesteerd worden in vastgoed.<footnote-ref linkend="_aa3210bb-31bf-4eab-adf0-35dfbc83c587" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            [A] ontving eveneens een vooraankondiging en een prospectus voor [bedrijf 1] welke hij doornam.<footnote-ref linkend="_d54cdf07-d0ae-4997-ae06-148defd4eec3" /> [A] legde € 15.300,-- evenals zijn vrouw. Dat was in oktober 2010. Daarna ontving hij een vooraankondiging en een prospectus voor [bedrijf 2] . Ook hierin legden beiden € 15.300,-- in, dat was in juli 2011.<footnote-ref linkend="_c3e45d96-d8a8-455d-be07-abcd117245f9" /></para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            [B] (hierna: [B] ) kwam via een mailing in aanraking met [bedrijf 2] . Hierna vroeg hij een brochure en een prospectus aan.<footnote-ref linkend="_59254ad6-689c-4726-9dd5-873d73d1195a" /> In totaal investeerde hij voor          € 20.000,--.<footnote-ref linkend="_6c9b73dd-989d-44f7-90c3-67f147ec7ad9" /> [B] maakte op 7 juni 2011 € 20.400,-- over naar de bankrekening van [stichting 5] .<footnote-ref linkend="_373753d7-1cce-47fc-843e-631a50d791df" /></para>
        </parablock>
        <para />
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>4.3.3</nr>
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="bold">De vrijspraak van het feitelijk leidinggeven</emphasis>
          </para>
          <para>Onder feit 1 primair wordt [verdachte] verweten feitelijk leiding te hebben gegeven aan de oplichting door de stichtingen waarvan hij de bestuurder was. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Uit paragraaf 4.3.2.1 volgt weliswaar dat [verdachte] statutair bestuurder was van de Stichtingen en in die hoedanigheid alleen en zelfstandig bevoegd was, maar de feitelijk gang van zaken (zoals weergegeven in paragraaf 4.3.2.2) laat een ander beeld zien. [verdachte] deed slechts wat hem werd opgedragen en had geen goed zicht op alle geldstromen. [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] bepaalden wat er met de gelden gebeurde. De onafhankelijkheid van de stichtingen was in de praktijk feitelijk niet gewaarborgd.</para>
          <para>Naar het oordeel van de rechtbank kan, gelet op het voorgaande, niet wettig en overtuigend bewezen worden dat [verdachte] feitelijk leidinggevende was van de stichtingen. [verdachte] zal van het aan hem onder 1 primair en 2 primair ten laste gelegde worden vrijgesproken.</para>
        </parablock>
        <para />
        <para />
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>4.3.4</nr>
        <para>
          <emphasis role="bold">Bewijsoverwegingen</emphasis>
        </para>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="bold underline">4.3.4.1	Oplichting</emphasis>
          </para>
          <para>De raadsman heeft aangevoerd dat niet wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte de beleggers in de diverse fondsen heeft opgelicht.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>De rechtbank overweegt hieromtrent het volgende:</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Uit de hiervoor in paragraaf 4.3.2.5 opgenomen bewijsmiddelen volgt dat aan beleggers vooraankondigingen en/of prospectussen zijn verstuurd met daarin informatie over de obligatieleningen die door de verschillende [bedrijf 1] -fondsen werden aangeboden. De vooraankondigingen en/of prospectussen hadden tot doel om eventuele beleggers te interesseren in, en te informeren over, de obligatieleningen van de diverse fondsen. In de prospectussen was informatie opgenomen die niet strookte met de werkelijkheid. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Zo volgt uit de bewijsmiddelen dat de stichtingen niet onafhankelijk van de fondsen opereerden en hun taken niet hebben uitgevoerd, en ook niet konden uitvoeren, op een wijze als omschreven in de prospectussen. <?linebreak?>[verdachte] heeft verklaard dat hij geen controle heeft uitgevoerd op waar het geld van de stichtingen voor werd gebruikt. Hij had geen zicht op de geldstromen, maar gaf wel voor alle geldleningen zijn fiat. Ook heeft [verdachte] , terwijl hij bestuurder was van de stichtingen, grote bedragen gefactureerd aan [bedrijf 1] -fondsen onder de noemer ‘advieswerkzaamheden’. [verdachte] deed dit uit een andere naam om uit de administratie niet duidelijk te laten worden dat hij een extra vergoeding kreeg. Door op voornoemde wijze te handelen kan niet gezegd worden dat [verdachte] als bestuurder van de stichtingen onafhankelijk gehandeld heeft.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Uit het voorgaande volgt al dat de inleggelden op de bankrekeningen van de stichtingen deels niet conform het aankoopbeleid vrijgegeven werden. Dit beeld wordt bevestigd als gekeken wordt naar het feitelijke aankoopbeleid binnen de fondsen.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Voor zover onroerend goed in Duitsland is aangekocht, is dit immers niet conform hetgeen in de prospectussen werd voorgespiegeld, gebeurd. Met betrekking tot de [bedrijf 1] -fondsen is van de totale inleg van € 13.032.800,-- slechts € 4.882.800,-- besteed voor de aankoop van onroerend goed. Dat is ongeveer 37% van de totale inleg. Uit een berekening die de rechtbank heeft gemaakt aan de hand van de inhoud van de prospectussen, volgt juist dat (telkens) zo’n 8% à 14% is berekend aan eenmalige fondskosten (zoals structureringskosten, advieskosten, due diligence kosten, marketingkosten, oprichtingskosten) en dat de overige inleggelden besteed zouden worden aan de aankoop van onroerend goed. Uit het voorgaande volgt dat -anders dan in de prospectussen opgenomen- in beperkte mate investeringen zijn gedaan en dat daarentegen hoge kosten zijn gemaakt. Aanzienlijke delen van de geïnvesteerde gelden zijn niet ingezet ten behoeve van de beleggers en het te behalen rendement. Zelfs als, zoals naar voren is gebracht, de inleg van het laatste [bedrijf 1] fonds buiten deze berekening wordt gelaten, is er geen sprake van dat het deel van de inleg dat is besteed aan onroerend goed, in overeenstemming is met het in de prospectussen voorgewende deel.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Uit de bankafschriften volgt ook dat vrijwel direct nadat de eerste inleggelden binnenkomen op de bankrekeningen van de stichtingen, gelden worden vrijgegeven om couponrentebetalingen te voldoen. Tevens zijn grote geldbedragen weggevloeid naar </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>verdachte en diens medeverdachten c.q aan hen te koppelen rechtspersonen of familieleden. Ook dit is in strijd met hetgeen in de prospectussen staat. De ingelegde gelden mochten enkel door de stichtingen vrijgegeven worden ten behoeve van de aankoop van onroerend goed. Zoals hiervoor reeds uiteen is gezet is veel minder onroerend goed aangekocht dan in de prospectussen voorgespiegeld, terwijl al de ingelegde gelden op de bankrekeningen op zijn.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Omdat er door de fondsen geen, dan wel veel minder, onroerend goed is aangekocht dan voorgespiegeld in de prospectussen, waren ook de huuropbrengsten niet gegarandeerd. Met de huuropbrengsten zouden de couponrentebetalingen voldaan worden en ook dat is derhalve niet gebeurd. De couponrente waar de inleggers recht op hadden werd voor het overgrote deel betaald uit hun eigen inleg of de inleg in andere fondsen.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Voorts zijn de aanwezige risico’s van de beleggingen in de prospectussen geminimaliseerd, door teksten op te nemen als: ‘het risico dat [naam] niet aan haar verplichting kan voldoen acht het bestuur nihil, omdat de Duitse deelstaat Nordrhein Westfalen de huurder is’. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>De voorgestelde gang van zaken gaf het beeld dat een investering in -een van de-voornoemde fondsen een zeer beperkt risico had. Door dit aan de inleggers voor te spiegelen, werden zij bewogen gelden in te leggen in een ogenschijnlijke zeer beperkt risicodragende  obligatieovereenkomst met de fondsen. Zonder deze informatie waren zij daartoe niet overgegaan, zo blijkt uit de verklaringen van beleggers. Daarnaast is het een feit van algemene bekendheid dat mensen die geïnteresseerd zijn in het beleggen van hun gelden zich –alvorens daartoe over te gaan– (direct of indirect) laten informeren. Het is gebruikelijk dat dit gebeurt na bestudering van een prospectus, dan wel andere informatie, van het betreffende beleggingsproduct. Voorts is het een feit van algemene bekendheid dat mensen hun gelden beleggen om daar rendement uit te halen. In dit verband is de rechtbank van oordeel dat de wederrechtelijkheid besloten ligt in de onwaarheden die zijn opgenomen in het prospectus en/of brochures en/of anderszins gegeven informatie, waardoor beleggers bewogen zijn gelden in te leggen. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>De rechtbank is van oordeel dat verdachte en zijn medeverdachten zich hebben bediend van listige kunstgrepen en een samenweefsel van verdichtsels door bedrieglijk en in strijd met de waarheid in de prospectussen en de brochures de in de bewijsmiddelen opgenomen zekerheden en informatie aan de beleggers voor te spiegelen, wetende dat deze niet bestonden of op geen enkele wijze waargemaakt zouden worden. Van een bonafide belegging is geen sprake geweest.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Door gelden aan te trekken van beleggers onder het voorwendsel dat met die gelden onroerend goed in Duitsland gekocht zou worden, terwijl die gelden voor het overgrote deel en reeds vanaf de eerste inleg, werden doorgesluisd naar en gebruikt werden door verdachte en zijn medeverdachten voor geheel andere doeleinden, is de rechtbank van oordeel dat vanaf de aanvang van het eerste [bedrijf 1] fonds het oogmerk bestond op de wederrechtelijke bevoordelingen van (mede)verdachte(n) zelf en anderen en dat er sprake was van oplichting.</para>
        </parablock>
        <para />
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="bold underline">4.3.4.2	Het medeplegen</emphasis>
          </para>
          <para>Door de verdediging is aangevoerd dat [verdachte] niet nauw en bewust heeft samengewerkt met anderen om beleggers op te lichten. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Voor de beoordeling van de vraag of verdachte al dan niet als medepleger aangemerkt kan worden, zoals subsidiair ten laste gelegd, heeft de rechtbank de door de Hoge Raad (zie onder meer ECLI:NL:HR:2014:3474) geformuleerde criteria gehanteerd. Er moet sprake zijn geweest van een nauwe en bewuste samenwerking met een ander of anderen. Of er sprake is van een nauwe en bewuste samenwerking vergt een beoordeling van de concrete omstandigheden van het geval. Bij deze beoordeling kan rekening gehouden worden met de intensiteit van de samenwerking, de onderlinge taakverdeling, de rol in de voorbereiding, de uitvoering of afhandeling van het delict en het belang van de rol van verdachte, diens aanwezigheid op belangrijke momenten en het zich niet terugtrekken op een daartoe geëigend tijdstip. Het gaat er dus om dat verdachte een wezenlijke bijdrage moet hebben geleverd aan het delict.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Uit de paragrafen 4.3.2.1, 4.3.2.2 en 4.3.2.4 volgt dat verdachte [verdachte] zich samen met [medeverdachte 2] , [medeverdachte 3] en [medeverdachte 1] bezig heeft gehouden met de obligatieleningen die door de vijf [bedrijf 1] -fondsen werden uitgegeven en dat de inleggers zijn opgelicht. Verdachte [verdachte] was op de hoogte van de inhoud van de prospectussen en wist wat van hem als stichtingsbestuurder verwacht werd. Zo was het zijn taak om ervoor te zorgen dat gelden enkel werden vrijgegeven voor de aankoop van onroerend goed of daarmee samenhangende (fonds)kosten, conform de inhoud van de prospectussen. Desalniettemin heeft verdachte, door zijn handelen, er actief aan bijgedragen dat met het geld van beleggers iets anders werd gedaan dan voorgespiegeld. Uit de bewijsmiddelen volgt immers dat er geen, dan wel onvoldoende, toezicht is gehouden. Een groot deel van de ingelegde gelden van beleggers zijn door de Stichtingen vrijgegeven, terwijl voor minder dan de helft van de totale inleg onroerend goed is aangekocht. Het was [verdachte] die, op verzoek van zijn medeverdachten, de gelden vrij gaf en hij was degene die diende te controleren dat de gelden ten behoeve van de aankoop van onroerend goed werden aangewend. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Het verweer van de verdediging dat verdachte slechts gelden vrijgaf, nadat hij de daarbij behorende stukken had gekregen, wordt weerlegd door de bewijsmiddelen. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Op grond van het voorgaande acht de rechtbank bewezen dat de verdachte zodanig bewust en nauw heeft samengewerkt met zijn mededaders dat sprake is van medeplegen van het tenlastegelegde. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>De bewijsverweren die de verdediging op dit punt heeft aangevoerd zijn hiermee verworpen.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="bold underline">4.3.4.3	Witwassen</emphasis>
          </para>
          <para>
            [verdachte] wordt onder feit 3 - zakelijk weergegeven - verweten dat hij zich al dan niet tezamen met anderen in de periode van 13 oktober 2010 tot en met 21 januari 2014 schuldig heeft gemaakt aan (gewoonte) witwassen. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Verdachte heeft zich samen met anderen schuldig gemaakt aan oplichting. De daarbij betrokken rechtspersonen maakten onderdeel uit van een structuur van rechtspersonen, waarvan het gezamenlijke doel was het aantrekken van gelden van investeerders (beleggers). Uit de bewijsmiddelen volgt dat beleggers door valse voorwendselen zijn bewogen om geld te investeren en zijn opgelicht. Dit investeren doen zij door hun inleg over te boeken naar de bankrekening van stichtingen gelieerd aan de obligatiefondsen ofwel aan de obligatiefondsen zelf. Naar het oordeel van de rechtbank is sprake van een constructie waarin beleggers worden opgelicht. De door hun ingelegde gelden zijn door misdrijf, te weten oplichting, verkregen.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Vervolgens is een groot deel van dit geld overgeboekt, ofwel omgezet, naar allerhande andere rekeningen van andere rechtspersonen/fondsen en zijn daarmee betalingen verricht en privé-onttrekkingen gedaan. Hierdoor is de criminele herkomst van de gelden verborgen of verhuld. De rechtbank sluit hierbij aan bij de arresten van de Hoge Raad d.d. 17 december 2013 (ECLI:NL:HR:2013:2001) en 8 januari 2013 (ECLI:NL:HR:2013:BX4449).</para>
          <para>Van het totaal aan ingelegde gelden, te weten € 13.032.800,-- kan de rechtbank niet eenvoudigweg vaststellen van wiens misdrijf (binnen de constructie van de diverse rechtspersonen) dit afkomstig is en of het is overgedragen of omgezet. Daarbij heeft de rechtbank vastgesteld dat op sommige bankrekeningen van de rechtspersonen nog gelden staan. Ook ten aanzien van deze gelden kan de rechtbank, gelet op het heen en weer schuiven met geld tussen verschillende bankrekeningen van verschillende vennootschappen, de herkomst niet meer vaststellen. Dit geld heeft zich op deze wijze vermengd met de andere van misdrijf afkomstige gelden op de verschillende rekeningen. Om die reden merkt de rechtbank het geldbedrag dat nog op bankrekeningen staat aan als zijnde witgewassen. Zo oordelend merkt de rechtbank het volledige bedrag van € 13.032.800,-- aan als zijnde witgewassen. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Gelet op de langere duur waarin beleggers zijn opgelicht en de door hen ingelegde gelden zijn omgezet, is er tevens sprake van de strafverzwarende variant van gewoontewitwassen.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Uit hetgeen in paragraaf 4.3.2.2 in relatie tot 4.3.2.4 en 4.3.4.2 reeds naar voren is gekomen, volgt dat tussen verdachte en zijn mededaders bij de uitvoering van de oplichting, sprake was van een nauwe en bewuste samenwerking. <?linebreak?></para>
          <para>Op grond het voorgaande acht de rechtbank dan ook wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan medeplegen van gewoontewitwassen. </para>
          <para>De bewijsverweren die de verdediging op dit punt heeft aangevoerd zijn hiermee verworpen.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="bold underline">4.3.4.4	Valsheid in geschrift</emphasis>
          </para>
          <para>Door de verdediging is aangevoerd dat geen sprake is van valsheid in geschrift. [verdachte] heeft de facturen opgemaakt en ingediend in overeenstemming met een afspraak die hij daarover had met medeverdachte [medeverdachte 3] , aldus de verdediging.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Met betrekking tot de facturen is de rechtbank allereerst van oordeel dat deze een bewijsbestemming hebben, te weten de grondslag voor het ontvangen van een vergoeding voor geleverde diensten. Uit de in paragraaf 4.3.2.4 weergegeven bewijsmiddelen volgt dat [verdachte] drie facturen heeft ingediend betreffende -kort gezegd- advieskosten. Door de verdediging is aangevoerd dat hier overeenkomsten aan ten grondslag lagen, op basis waarvan [verdachte] deze facturen mocht indienen. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>De rechtbank oordeelt als volgt. Uit de bewijsmiddelen volgt dat [verdachte] de bestuurder was van de diverse stichtingen. Ook volgt uit de bewijsmiddelen dat [verdachte] alleen recht had op een onkostenvergoeding als stichtingsbestuurder en dat hij in zijn hoedanigheid van bestuurder onafhankelijk en in het belang van de beleggers diende op te treden. [verdachte] heeft zelf verklaard dat hij de facturen op een andere naam ( [naam] ) zette, zodat uit de administratie niet duidelijk werd dat hij daarmee te maken had. De beleggers werden daarmee bewust op het verkeerde been gezet. [verdachte] was zich dus bewust van de laakbaarheid van zijn handelen. Daarbij kon het leveren van advies helemaal niet tot de taken van [verdachte] , als onafhankelijk stichtingsbestuurder, behoren. In paragraaf 4.3.3.1 is reeds uiteengezet dat [verdachte] door op deze wijze te handelen beleggers heeft opgelicht. Vervolgens heeft [verdachte] betalingen ontvangen naar aanleiding van de door hem ingediende facturen. De facturen zijn aangetroffen in verschillende administraties van de [bedrijf 1] -vennootschappen.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>De rechtbank is dan ook van oordeel dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het opzettelijk valselijk opmaken van de facturen en het gebruik maken hiervan. Het bewijsverweer van de verdediging is hiermee verworpen.</para>
        </parablock>
        <para />
        <para />
      </paragroup>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>Bewezenverklaring</title>
    <para>De rechtbank acht op grond van de in rubriek 4. genoemde bewijsmiddelen bewezen dat verdachte </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>1.</para>
      <para>Subsidiair</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>op tijdstippen in de periode van 13 oktober 2010 (eerste inleg) tot en met 21 januari 2014 te </para>
      <para>Baarn en/of elders in Nederland, telkens tezamen en in vereniging met anderen, telkens  met het oogmerk om zich en anderen wederrechtelijk te bevoordelen,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>door listige kunstgrepen en door een samenweefsel van verdichtsels, personen, hebben bewogen tot de (girale) afgifte van geldbedragen, in totaal EURO 13.032.800,-, te weten onder meer:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>- [belegger 1] (G-002-01) ongeveer  246.750,-, op 13 december 2011 en 12 juni 2012 en 27</para>
    <parablock>
      <para>juni 2012 en 5 april 2013, en</para>
      <para>- [belegger 2] (G-006) ongeveer  50.675,-, op 25 mei 2011 en 17 april 2012 en 8 mei</para>
      <para>2013, en</para>
    </parablock>
    <para>- [A] (G-012) 61.200,-, op of omstreeks 8 juli 2011 en 18 november 2010, en</para>
    <para>- [C] (G-017) (inlegger 4), ongeveer 35.375,-, althans enige geldbedragen op of omstreeks 17 april 2012 en/of 3 mei 2013, en</para>
    <para>- [B] (G-021) EURO 20.400,-, op 7 juni 2011,</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>immers hebben hij, verdachte, en zijn mededaders, met voornoemd oogmerk - zakelijk weergegeven- opzettelijk listiglijk en in strijd met de waarheid bedoelde</para>
      <para>personen via prospectussen en/of op een andere wijze, benaderd en geïnteresseerd in de deelname aan een of meer obligatieovereenkomsten in de fondsen [bedrijf 1] B.V. en</para>
      <para>
        [bedrijf 2] B.V. en [bedrijf 3] B.V. en [bedrijf 4] B.V. en [bedrijf 5] B.V. en daarbij voorgewend dat</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>-ontvangen gelden van de beleggers zouden worden geïnvesteerd en/of belegd in</para>
      <para>de aankoop van in het prospectus als referentieobject genoemde vastgoedobjecten in Duitsland en/of</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>-de belegger/inlegger een bedrag investeerde dat een bepaald rendement opleverde afkomstig uit de huuropbrengsten en</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>- de (totale) fondsinvestering zou worden aangewend voor de aankoop van (het)</para>
    <para>onroerend goed in het fonds en/of voor kosten in verband met de aankoop van het onroerend goed en/of in verband met (de oprichting van) het obligatiefonds</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>-de [stichting 1] en [stichting 5] en [stichting 2] en [stichting 3] en [stichting 4] , onafhankelijk zouden worden bestuurd, en onafhankelijk toezicht zouden houden op het aankoopbeleid van de beleggingsfondsen en  de gelden voor aankoop van het onroerend goed pas vrij zouden geven wanneer aan alle voorwaarden uit de prospectussen zou zijn voldaan en</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>-er zekerheden waren</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>waardoor bovengenoemde personen telkens werden bewogen tot de (girale) afgifte van bovengenoemde geldbedragen;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>2.</para>
      <para>op tijdstippen in de periode van 1 november 2011 tot en met 21 januari 2014 te Baarn en/of elders in Nederland, </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>telkens tezamen en in vereniging met een ander of anderen, </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>telkens geschriften die bestemd waren om tot bewijs van enig feit te dienen, te weten</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>a. a) een factuur (D-1040) d.d. 3 juni 2013, afkomstig van verdachte en gericht aan [bedrijf 6] B.V. en  [medeverdachte 1] , met een factuurbedrag van  10.000,-, met de omschrijving "Nota Advieskosten Aankoop Vastgoed Duitsland",</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>b) een e-mail met als onderwerp: Voorschotnota Advieskosten Vastgoed (D-1021) d.d. 15 november 2011, afkomstig van [naam] en verdachte en gericht aan</para>
    <parablock>
      <para>
        [bedrijf 9] B.V. met een factuurbedrag van  10.000,-, met de</para>
      <para>omschrijvingen "Voorschot Advieskosten Aankoop Vastgoed Duitsland" en "nota</para>
      <para>nr. 111103",</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>c) een factuur (D-1018) d.d. 23 februari 2012, afkomstig van verdachte en gericht aan [bedrijf 1] B.V. en [medeverdachte 1] , met een totaal factuurbedrag van 40.162,50, met de omschrijving "inzake Advieskosten Vastgoed Duitsland",</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>A.</para>
      <para>valselijk heeft opgemaakt, immers heeft hij, verdachte, telkens valselijk en in strijd met de waarheid - zakelijke weergegeven - in die onder a en b en c genoemde facturen en e-mail advieswerkzaamheden en/of omschrijving van verleende diensten vermeld, welke in werkelijkheid niet waren/zijn verricht, zulks telkens met het oogmerk om die geschriften als echt en onvervalst te gebruiken of door anderen te doen gebruiken;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>B.</para>
      <para>telkens opzettelijk daarvan gebruik heeft gemaakt, terwijl verdachte en zijn mededaders telkens wisten dat die geschriften telkens bestemd was voor gebruik als ware deze echt en onvervalst;</para>
      <para>bestaande die valsheid telkens hierin dat - zakelijk weergeven</para>
    </parablock>
    <para>- verdachte in die onder a en b en c genoemde facturen en e-mail vermeldt dat verdachte advieswerkzaamheden voor [bedrijf 6] B.V. en [bedrijf 9] B.V. en [bedrijf 1] B.V. heeft verricht,</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>bestaande het gebruik maken van voornoemde facturen en e-mail hierin dat verdachte en/of zijn mededader(s) onder a en c genoemde facturen in de boekhouding van [bedrijf 6] B.V. en [bedrijf 9] B.V. heeft/hebben opgenomen en/of laten opnemen en geld heeft ontvangen van [bedrijf 9] B.V.,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zulks terwijl hij verdachte en zijn mededader(s) wisten dat deze geschriften bestemd</para>
      <para>waren voor gebruik als ware het echt en onvervalst;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>3.</para>
      <para>op tijdstippen, gelegen in of omstreeks de periode van 13 oktober 2010 tot en met 21 januari 2014 te Baarn en/of elders in Nederland, telkens tezamen en in vereniging met anderen, van het plegen van witwassen een gewoonte heeft gemaakt, immers hebben hij, verdachte, en zijn mededaders telkens meermalen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>voorwerpen te weten geldbedragen, tot een totaal van EURO 13.032.800,-, verworven en/of voorhanden gehad en/of overgedragen en/of omgezet en/of gebruik van gemaakt terwijl hij, verdachte en zijn mededaders wisten dat die geldbedragen - middellijk - afkomstig waren uit enig misdrijf.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank acht niet bewezen hetgeen meer of anders is ten laste gelegd. Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor zover in het bewezen verklaarde deel van de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. De verdachte is daardoor niet in zijn verdediging geschaad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>De strafbaarheid van het feit</title>
    <para>Ten aanzien van de onder feit 1 meer subsidiair de ten laste gelegde medeplichtigheid heeft de raadsman aangevoerd dat verdachte ontslagen dient te worden van alle rechtsvervolging. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Nu de rechtbank het subsidiair aan verdachte ten laste gelegde feit wettig en overtuigend bewezen acht, behoeft voornoemd verweer ten aanzien van het meer subsidiair ten laste gelegde geen verdere bespreking.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De bewezen geachte feiten zijn volgens de wet strafbaar als:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	Feit 1:		Medeplegen van oplichting, meermalen gepleegd.</para>
      <para>	Feit 2A: 	Medeplegen van valsheid in geschrift, meermalen gepleegd.</para>
      <para>	Feit 2B:	Opzettelijk gebruik maken van een vals geschrift,					als bedoeld in artikel 225, eerste lid van het 						Wetboek van Strafrecht, als ware het echt en 						onvervalst, meermalen gepleegd.</para>
      <para>	Feit 3:		Medeplegen van gewoontewitwassen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het bestaan van een rechtvaardigingsgrond is niet aannemelijk geworden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>7</nr>De strafbaarheid van verdachte</title>
    <para>Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. Verdachte is dan ook strafbaar.</para>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>8</nr>Motivering van de straffen en maatregelen</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>8.1.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">De eis van de officier van justitie</emphasis>
        </para>
        <para>De officieren van justitie hebben gevorderd dat verdachte voor de door hen bewezen geachte feiten zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf van 12 maanden, waarvan zes maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaren.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>8.2.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
        </para>
        <para>De verdediging heeft primair integraal vrijspraak bepleit. Subsidiair heeft de verdediging verzocht bij een eventuele strafoplegging rekening te houden met het blanco strafblad van verdachte en de leeftijd van verdachte. De raadsman heeft verzocht bij een bewezenverklaring te volstaan met het opleggen van een werkstraf, dan wel een voorwaardelijke gevangenisstraf.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>8.3.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
        </para>
        <para>De hierna te noemen strafoplegging is in overeenstemming met de ernst van het bewezen geachte, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon van verdachte, zoals daarvan ter terechtzitting is gebleken.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank heeft bij de keuze tot het opleggen van een vrijheidsbenemende straf en bij de vaststelling van de duur daarvan in het bijzonder het volgende laten meewegen.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          [verdachte] heeft zich, samen met anderen, gedurende meerdere jaren schuldig gemaakt aan oplichting en een gewoonte gemaakt van witwassen van een groot geldbedrag. Daarnaast heeft hij valse facturen opgemaakt, op basis waarvan hij gelden ontvangen heeft. Voor het ontvangen van deze gelden bestond geen enkele rechtvaardiging. Dit zijn ernstige vermogensdelicten die een ontwrichtende werking hebben op de economie en die de integriteit van het financiële verkeer aantasten. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>In zijn hoedanigheid als stichtingsbestuurder heeft [verdachte] de beschikking en verantwoordelijkheid gehad over vele miljoenen die door beleggers werden ingelegd op basis van een obligatieovereenkomst. Van dit geld is slechts een klein percentage gebruikt voor de aankoop van onroerend goed. De rest van het ingelegde geld is voor een groot deel op gegaan en niet ten bate van de beleggers gekomen. De rechtbank rekent het verdachte aan dat hij niet in de belangen van de beleggers heeft gehandeld, terwijl aan de beleggers werd voorgespiegeld dat dat juist het doel van zijn functie was. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Zeer kwalijk en strafverzwarend acht de rechtbank het feit dat [verdachte] zich gelden heeft toegeëigend van de bankrekeningen van de stichtingen waarvan hij de bestuurder was, terwijl het juist zijn taak was erop toe te zien dat met het geld van de beleggers zou gebeuren wat in de prospectussen stond vermeld. Om dit te bewerkstelligen heeft [verdachte] valse facturen opgemaakt. Verdachte heeft zijn eigen financiële gewin laten prevaleren boven de belangen van de beleggers en zichzelf op deze wijze schaamteloos verrijkt.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De door verdachte gedupeerde beleggers hebben aanzienlijke geldbedragen verloren. Het door hen ingelegde vermogen is geheel of grotendeels weggevloeid. Dit heeft, naast (grote) financiële gevolgen, ook emotionele gevolgen voor de gedupeerden. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Verdachte heeft geen blijk gegeven de laakbaarheid van zijn handelen in te zien. Ter terechtzitting heeft verdachte alle beschuldigingen van de hand gewezen en geen enkele verantwoordelijkheid genomen voor zijn aandeel in het geheel. Daarbij heeft hij verklaard de bedragen die hij zichzelf heeft toegeëigend niet te hebben verwerkt in zijn aangifte inkomstenbelasting en bovendien de in rekening gebrachte omzetbelasting niet te hebben afgedragen. Sterker nog, verdachte heeft verklaard in Nederland nog nooit een aangifte te hebben ingediend. Ook daar lijkt verdachte de ernst niet van in te zien.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Voorts heeft de rechtbank acht geslagen op het strafblad van verdachte d.d. 30 september 2015, waaruit volgt dat verdachte niet eerder is veroordeeld.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Ondanks het feit dat de rechtbank verdachte vrijspreekt van het feitelijk leidinggeven, is de rechtbank van oordeel dat gelet op alle hiervoor genoemde omstandigheden aanleiding bestaat een hogere straf op te leggen dan wat de officieren van justitie hebben gevorderd. Het feit dat verdachte [verdachte] zijn taak als beheerder over de inleggelden op geen enkele wijze serieus heeft vervuld en zelfs valse facturen heeft opgemaakt om zichzelf ten koste van die inleggelden te verrijken speelt in dat oordeel een belangrijke rol. Een forse gevangenisstraf, waarvan een deel voorwaardelijk als stok achter de deur, is passend en geboden.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank is van oordeel dat gelet op alle hiervoor genoemde omstandigheden aanleiding bestaat bij de straftoemeting af te wijken van wat de officier van justitie heeft gevorderd.</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>9</nr>Toepasselijke wettelijke voorschriften</title>
    <para>De beslissing berust op de artikelen 9, 14a, 14b, 14c, 22c, 22d, 47, 57, 225, 326, 420bis en 420ter van het Wetboek van Strafrecht, zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezen verklaarde en op de reeds aangehaalde artikelen</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank komt op grond van het voorgaande tot de volgende beslissing.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>10</nr>Beslissing</title>
    <para>De rechtbank:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Voorvragen</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- Verklaart de dagvaarding geldig.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Vrijspraak</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- Verklaart het onder 1 primair ten laste gelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Bewezenverklaring</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- Verklaart bewezen dat verdachte het ten laste gelegde heeft begaan zoals hiervoor in rubriek 5 is vermeld.</para>
    <para>- Verklaart niet bewezen wat aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor is bewezen verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Strafbaarheid</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- Het bewezen verklaarde levert op:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>	Feit 1:		Medeplegen van oplichting, meermalen gepleegd.</para>
      <para>	Feit 2A: 	Medeplegen van valsheid in geschrift, meermalen gepleegd.</para>
      <para>	Feit 2B:	Opzettelijk gebruik maken van een vals geschrift,					als bedoeld in artikel 225, eerste lid van het 						Wetboek van Strafrecht, als ware het echt en 						onvervalst, meermalen gepleegd.</para>
      <para>	Feit 3:		Medeplegen van gewoontewitwassen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>- Verklaart het bewezene strafbaar.</para>
    <para>- Verklaart verdachte daarvoor strafbaar.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Strafoplegging</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- Veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf van <emphasis role="bold">18 (zegge: achttien) maanden</emphasis>.</para>
    <para>- Bepaalt dat een gedeelte, te weten <emphasis role="bold">6 (zegge: zes) maanden</emphasis>, van deze gevangenisstraf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten.</para>
    <para>-Stelt daarbij een proeftijd van 2 (zegge: twee) jaren vast.</para>
    <para>- De tenuitvoerlegging kan worden gelast indien veroordeelde zich voor het einde van de proeftijd aan een strafbaar feit schuldig maakt.</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. A. van Maanen, voorzitter, mrs. N.E.M. Kranenbroek en A.M. Verhoef, rechters, in tegenwoordigheid van mr. L.P. Stapel, griffier, en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank van 7 december 2015.</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">BIJLAGE : De tenlastelegging</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>1.</para>
      <para>Primair</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        [bedrijf 1] BV en/of [bedrijf 2] BV en/of [bedrijf 3] BV</para>
      <para>en/of [bedrijf 4] BV en/of [bedrijf 5] BV en/of</para>
      <para>(een) aanverwante rechtsperso(o)n(en), in elk geval een rechtsperso(o)n(en),</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>op een (of meer) tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 13 oktober 2010</para>
      <para>(eerste inleg) tot en met 21 januari 2014 te Amersfoort en/of Soest en/of</para>
      <para>Baarn en/of Amstelveen  en/of elders in Nederland, en/of in Duitsland</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>(telkens) tezamen en in vereniging met (een) of meer ander(en), althans</para>
      <para>alleen, (telkens)  met het oogmerk  om zich en/of (een)  ander(en)</para>
      <para>wederrechtelijk te bevoordelen,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>door het aannemen van een valse hoedanigheid en/of door (een) listige</para>
      <para>kunstgre(e)p(en) en/of door een samenweefsel van verdichtsels, één of meer</para>
      <para>personen, heeft/hebben bewogen tot de (girale) afgifte van een of meer</para>
      <para>geldbedrag(en), in totaal (ongeveer) EURO 13.032.800,- (AH-033), althans enig</para>
      <para>geldbedrag, in elk geval enig goed, te weten onder meer:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>- [belegger 1] (G-002-01) (inlegger 1) (ongeveer) EURO 246.750,-, althans</para>
      <para>enig(e) geldbedrag(en) (op of omstreeks 13 december 2011 en/of 12 juni 2012</para>
      <para>en/of 27 juni 2012 en/of 5 april 2013), en/of</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>- [belegger 2] (G-006) (inlegger 2), (ongeveer) EURO  50.675,-, althans enig(e)</para>
      <para>geldbedrag(en) (op of omstreeks 25 mei 2011 en/of 17 april 2012 en/of 8 mei</para>
      <para>2013), en/of</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>- [A] (G-012) (inlegger 3), (ongeveer) EURO 61.200,-, althans enig</para>
      <para>geldbedrag (op of omstreeks 8 juli 2011 en/of 18 november 2010), en/of</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>- [C] (G-017) (inlegger 4), (ongeveer) EURO 35.375,-, althans enig(e)</para>
      <para>geldbedrag(en) (op of omstreeks 17 april 2012 en/of 3 mei 2013), en/of</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>- [B] (G-021) (inlegger 5), (ongeveer) EURO 20.400,-, althans enig</para>
      <para>geldbedrag (op of omstreeks 7 juni 2011),</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>immers heeft/hebben [bedrijf 1] BV en/of [bedrijf 2] BV en/of</para>
      <para>
        [bedrijf 3] BV en/of [bedrijf 4] BV en/of</para>
      <para>
        [bedrijf 5] BV en/of (een) aanverwante rechtsperso(o)n(en), in</para>
      <para>elk geval een rechtsperso(o)n(en), en/of een (of meer) mededader(s), met</para>
      <para>voornoemd oogmerk - zakelijk weergegeven- opzettelijk valselijk en/of</para>
      <para>listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid (bedoelde</para>
      <para>personen)</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>via (een) prospectus(sen) en/of flyer(s) en/of brochure(s) en/of</para>
      <para>bijeenkomst(en) en/of telefonisch en/of via internet en/of op een andere</para>
      <para>wijze, benaderd en/of geïnteresseerd in de deelname aan een of meer</para>
      <para>obligatieovereenkomst(en) in het/de fonds(en) [bedrijf 1] B.V. en/of</para>
      <para>
        [bedrijf 2] B.V. en/of [bedrijf 3] B.V. en/of [bedrijf 4]</para>
      <para> B.V. en/of [bedrijf 5] B.V. en daarbij</para>
      <para>voorgewend dat</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>-ontvangen gelden van de beleggers zouden worden geïnvesteerd en/of belegd in</para>
      <para>(de aankoop en/of verkoop en/of verhuur van) in het prospectus als</para>
      <para>referentieobject genoemde (een) vastgoedobjecten in Duitsland en/of</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>-de belegger/inlegger een bedrag investeerde dat jaarlijks gegarandeerd een</para>
      <para>bepaald rendement opleverde afkomstig uit de huuropbrengsten en/of</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>-het rendement per kwartaal tot het einde van de overeenkomst zou worden</para>
      <para>ontvangen en/of</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>- de (totale) fondsinvestering zou worden aangewend voor de aankoop van (het)</para>
    <parablock>
      <para>onroerend goed in/voor het fonds en/of voor kosten in verband met de aankoop</para>
      <para>van (het) onroerend goed en/of in verband met (de oprichting van) het</para>
      <para>(obligatie)fonds;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>-de inlegger na de looptijd van de obligatielening gegarandeerd de inleg</para>
      <para>retour zou ontvangen en/of</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>-de [stichting 1] en/of [stichting 5]</para>
      <para> en/of [stichting 2] en/of [stichting 3]</para>
      <para> en/of [stichting 8]</para>
      <para> ,  althans een (of meer) Stichting(en), onafhankelijk zou(den) worden</para>
      <para>bestuurd, en (onafhankelijk) toezicht zou(den) houden op het aankoopbeleid</para>
      <para>van de beleggingsfondsen en/of  de gelden voor aankoop van het onroerend goed</para>
      <para>pas vrij zou(den) geven wanneer aan alle voorwaarden uit de prospectussen  zou</para>
      <para>zijn voldaan en/of</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>-(er) zekerhe(i)d(en) was/waren en/of</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>-(er) zekerhe(i)d(en) zouden worden ondergebracht in [stichting 1]</para>
      <para> en/of [stichting 5] en/of</para>
      <para>
        [stichting 2] en/of [stichting 3]</para>
      <para> en/of [stichting 4] ,</para>
      <para>althans in een (of meer) Stichting(en), waaronder de verkrijging van een</para>
      <para>bankgarantie en/of de verkrijging van het recht van een eerste hypotheek,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>waardoor bovengenoemde perso(o)n(en) (telkens) werd(en) bewogen tot de</para>
      <para>(girale) afgifte van bovengenoemd(e) geldbedrag(en),</para>
      <para>zulks terwijl hij, verdachte (s) (telkens) tot (het) vorenstaande feit(en)</para>
      <para>opdracht heeft gegeven en/of daaraan feitelijk leiding heeft gegeven;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>art 51 Wetboek van Strafrecht</para>
      <para>art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht</para>
      <para>art 326 lid 1 Wetboek van Strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Subsidiair</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Hij, verdachte, op een (of meer) tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van</para>
      <para>13 oktober 2010 (eerste inleg) tot en met 21 januari 2014 te Amersfoort en/of</para>
      <para>Soest en/of Baarn en/of Amstelveen  en/of elders in Nederland, en/of in</para>
      <para>Duitsland</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>(telkens) tezamen en in vereniging met (een) of meer ander(en), althans</para>
      <para>alleen, (telkens)  met het oogmerk  om zich en/of (een)  ander(en)</para>
      <para>wederrechtelijk te bevoordelen,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>door het aannemen van een valse hoedanigheid en/of door (een) listige</para>
      <para>kunstgre(e)p(en) en/of door een samenweefsel van verdichtsels,</para>
      <para>één of meer personen, heeft/hebben bewogen tot de (girale) afgifte van een of</para>
      <para>meer geldbedragen, in totaal (ongeveer) EURO 13.032.800,- (AH-033), althans</para>
      <para>enig geldbedrag, in elk geval enig goed, te weten onder meer:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>- [belegger 1] (G-002-01) (inlegger 1) (ongeveer) EURO 246.750,-, althans</para>
      <para>enig(e) geldbedrag(en) (op of omstreeks 13 december 2011 en/of 12 juni 2012</para>
      <para>en/of 27 juni 2012 en/of 5 april 2013), en/of</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>- [belegger 2] (G-006) (inlegger 2), (ongeveer) EURO 50.675,-, althans enig(e)</para>
      <para>geldbedrag(en) (op of omstreeks 25 mei 2011 en/of 17 april 2012 en/of 8 mei</para>
      <para>2013), en/of</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>- [A] (G-012) (inlegger 3), (ongeveer) EURO 61.200,-, althans enig</para>
      <para>geldbedrag (op of omstreeks 8 juli 2011 en/of 18 november 2010), en/of</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>- [C] (G-017) (inlegger 4), (ongeveer) EURO  35.375,-, althans enig(e)</para>
      <para>geldbedrag(en) (op of omstreeks 17 april 2012 en/of 3 mei 2013), en/of</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>- [B] (G-021) (inlegger 5), (ongeveer) EURO 20.400,-, althans enig</para>
      <para>geldbedrag (op of omstreeks 7 juni 2011),</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>immers heeft/hebben hij, verdachte, en/of zijn/hun mededader(s), met</para>
      <para>voornoemd oogmerk - zakelijk weergegeven- opzettelijk valselijk en/of</para>
      <para>listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid (bedoelde</para>
      <para>personen)</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>via (een) prospectus(sen) en/of flyer(s) en/of brochure(s) en/of</para>
      <para>bijeenkomst(en) en/of telefonisch en/of via internet en/of op een andere</para>
      <para>wijze, benaderd en/of geïnteresseerd in de deelname aan een of meer</para>
      <para>obligatieovereenkomst(en) in het/de fonds(en) [bedrijf 1] B.V. en/of</para>
      <para>
        [bedrijf 2] B.V. en/of [bedrijf 3] B.V. en/of [bedrijf 4]</para>
      <para> B.V. en/of [bedrijf 5] B.V. en daarbij</para>
      <para>voorgewend dat</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>-ontvangen gelden van de beleggers zouden worden geïnvesteerd en/of belegd in</para>
      <para>(de aankoop en/of verkoop en/of verhuur van) in het prospectus als</para>
      <para>referentieobject genoemd(e) (een) vastgoedobjecten in Duitsland en/of</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>-de belegger/inlegger een bedrag investeerde dat jaarlijks gegarandeerd een</para>
      <para>bepaald rendement opleverde afkomstig uit de huuropbrengsten en/of</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>-het rendement per kwartaal tot het einde van de overeenkomst zou worden</para>
      <para>ontvangen en/of</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>- de (totale) fondsinvestering zou worden aangewend voor de aankoop van (het)</para>
    <parablock>
      <para>onroerend goed in/voor het fonds en/of voor kosten in verband met de aankoop</para>
      <para>van (het) onroerend goed en/of in verband met (de oprichting van) het</para>
      <para>(obligatie)fonds</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>-de inlegger na de looptijd van de obligatielening gegarandeerd de inleg</para>
      <para>retour zou ontvangen en/of</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>-De [stichting 1] en/of [stichting 5]</para>
      <para> en/of [stichting 2] en/of [stichting 3]</para>
      <para> en/of [stichting 8]</para>
      <para> ,  althans een (of meer) Stichting(en), onafhankelijk zou(den) worden</para>
      <para>bestuurd, en (onafhankelijk) toezicht zou(den) houden op het aankoopbeleid</para>
      <para>van de beleggingsfondsen en/of  de gelden voor aankoop van het onroerend goed</para>
      <para>pas vrij zou(den) geven wanneer aan alle voorwaarden uit de prospectussen  zou</para>
      <para>zijn voldaan en/of</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>-(er) zekerhe(i)d(en) zo(den) worden ondergebracht in [stichting 1]</para>
      <para> en/of [stichting 5] en/of</para>
      <para>
        [stichting 2] en/of [stichting 3]</para>
      <para> en/of [stichting 4] , althans in</para>
      <para>een (of meer) Stichting(en), waaronder de verkrijging van een bankgarantie</para>
      <para>en/of de verkrijging van het recht van een eerste hypotheek</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>waardoor bovengenoemde perso(o)n(en) (telkens) werd(en) bewogen tot de</para>
      <para>(girale) afgifte van bovengenoemd(e) geldbedrag(en).</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>art 47 Wetboek van Strafrecht</para>
      <para>art 326 lid 1 Wetboek van Strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Meer subsidiair</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        [bedrijf 1] BV en/of [bedrijf 2] BV en/of [bedrijf 3] BV</para>
      <para>en/of [bedrijf 4] BV en/of [bedrijf 5] BV en/of</para>
      <para>(een) aanverwante rechtsperso(o)n(en), in elk geval een rechtsperso(o)n(en),</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>op een (of meer) tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 13 oktober 2010</para>
      <para>(eerste inleg) tot en met 21 januari 2014 te Amersfoort en/of Soest en/of</para>
      <para>Baarn en/of Amstelveen en/of elders in Nederland, en/of in Duitsland</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>(telkens) tezamen en in vereniging met (een) of meer ander(en), althans</para>
      <para>alleen, (telkens) met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en)</para>
      <para>wederrechtelijk te bevoordelen,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>door het aannemen van een valse hoedanigheid en/of door (een) listige</para>
      <para>kunstgre(e)p(en) en/of door een samenweefsel van verdichtsels,</para>
      <para>één of meer personen, heeft/hebben bewogen tot de (girale) afgifte van een of</para>
      <para>meer geldbedrag(en), in totaal (ongeveer)  13.032.800,- (AH-033), althans</para>
      <para>enig geldbedrag, in elk geval enig goed, te weten onder meer:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>- [belegger 1] (G-002-01) (inlegger 1) (ongeveer)  246.750,-, althans enig(e)</para>
    <parablock>
      <para>geldbedrag(en) (op of omstreeks 13 december 2011 en/of 12 juni 2012 en/of 27</para>
      <para>juni 2012 en/of 5 april 2013), en/of</para>
    </parablock>
    <para>- [belegger 2] (G-006) (inlegger 2), (ongeveer)  50.675,-, althans enig(e)</para>
    <parablock>
      <para>geldbedrag(en) (op of omstreeks 25 mei 2011 en/of 17 april 2012 en/of 8 mei</para>
      <para>2013), en/of</para>
    </parablock>
    <para>- [A] (G-012) (inlegger 3), (ongeveer)  61.200,-, althans enig</para>
    <para>geldbedrag (op of omstreeks 8 juli 2011 en/of 18 november 2010), en/of</para>
    <para>- [C] (G-017) (inlegger 4), (ongeveer)  35.375,-, althans enig(e)</para>
    <para>geldbedrag(en) (op of omstreeks 17 april 2012 en/of 3 mei 2013), en/of</para>
    <para>- [B] (G-021) (inlegger 5), (ongeveer)  20.400,-, althans enig</para>
    <para>geldbedrag (op of omstreeks 7 juni 2011),</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>immers heeft/hebben [bedrijf 1] BV en/of [bedrijf 2] BV en/of</para>
      <para>
        [bedrijf 3] BV en/of [bedrijf 4] BV en/of</para>
      <para>
        [bedrijf 5] BV en/of (een) aanverwante rechtsperso(o)n(en), in</para>
      <para>elk geval een rechtsperso(o)n(en), en/of een (of meer) mededader(s), met</para>
      <para>voornoemd oogmerk  zakelijk weergegeven- opzettelijk valselijk en/of</para>
      <para>listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid (bedoelde</para>
      <para>personen)</para>
      <para>via (een) prospectus(sen) en/of flyer(s) en/of brochure(s) en/of</para>
      <para>bijeenkomst(en) en/of telefonisch en/of via internet en/of op een andere</para>
      <para>wijze, benaderd en/of geïnteresseerd in de deelname aan een of meer</para>
      <para>obligatieovereenkomst(en) in het/de fonds(en) [bedrijf 1] B.V. en/of</para>
      <para>
        [bedrijf 2] B.V. en/of [bedrijf 3] B.V. en/of [bedrijf 4]</para>
      <para> B.V. en/of [bedrijf 5] B.V. en daarbij</para>
      <para>voorgewend dat</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>- ontvangen gelden van de beleggers zouden worden geïnvesteerd en/of belegd in</para>
    <parablock>
      <para>(de aankoop en/of verkoop en/of verhuur van) in het prospectus als</para>
      <para>referentieobject genoemd(e) (een) vastgoedobject(en) in Duitsland en/of</para>
    </parablock>
    <para>- de belegger/inlegger een bedrag investeerde dat jaarlijks gegarandeerd een</para>
    <para>bepaald rendement opleverde afkomstig uit de huuropbrengsten en/of</para>
    <para>- het rendement per kwartaal tot het einde van de overeenkomst zou worden</para>
    <para>ontvangen en/of</para>
    <para>- de (totale) fondsinvestering zou worden aangewend voor de aankoop van (het)</para>
    <parablock>
      <para>onroerend goed in/voor het fonds en/of voor kosten in verband met de aankoop</para>
      <para>van (het) onroerend goed en/of voor kosten in verband met (de oprichting van)</para>
      <para>het (obligatie)fonds en/of</para>
    </parablock>
    <para>- de inlegger na de looptijd van de obligatielening gegarandeerd de inleg</para>
    <para>retour zou ontvangen en/of</para>
    <para>- de [stichting 1] en/of [stichting 5]</para>
    <parablock>
      <para> en/of [stichting 2] en/of [stichting 3]</para>
      <para> en/of [stichting 8]</para>
      <para> , althans een (of meer) Stichting(en), onafhankelijk zou(den) worden</para>
      <para>bestuurd, en/of onafhankelijk toezicht zou(den) houden op het aankoopbeleid</para>
      <para>van de beleggingsfondsen en/of de gelden voor aankoop van het onroerend goed</para>
      <para>pas vrij zou(den) geven wanneer aan alle voorwaarden in de prospectussen zou</para>
      <para>zijn voldaan en/of</para>
    </parablock>
    <para>- ( er) zekerhe(i)d(en) was/waren en/of</para>
    <para>- zekerhe(i)d(en) zouden worden ondergebracht in de [stichting 1]</para>
    <parablock>
      <para> en/of [stichting 5] en/of</para>
      <para>
        [stichting 2] en/of [stichting 3]</para>
      <para> en/of [stichting 4] , althans in</para>
      <para>een (of meer) Stichting(en), waaronder de verkrijging van een bankgarantie</para>
      <para>en/of de verkrijging van het recht van een eerste hypotheek,</para>
      <para>waardoor bovengenoemde perso(o)n(en) (telkens) werd(en) bewogen tot de</para>
      <para>(girale) afgifte van bovengenoemd(e) geldbedrag(en),</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>bij het plegen van welk(e) strafba(a)r(e) feit(en) hij, verdachte, toen en</para>
      <para>daar opzettelijk behulpzaam is geweest door als bestuurder van de [stichting 1]</para>
      <para> en/of [stichting 5] en/of</para>
      <para>
        [stichting 2] en/of [stichting 3]</para>
      <para> en/of [stichting 4]</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>gelden van de bankrekening van een of meer van die stichtingen vrij te geven</para>
      <para>en/of over te maken aan (de besloten vennootschap(pen) [bedrijf 8]</para>
      <para>B.V. en/of [bedrijf 2] B.V. en/of [bedrijf 9] B.V. en/of</para>
      <para>
        [bedrijf 10] B.V. en/of [bedrijf 11]</para>
      <para>B.V. , met een ander doel dan (zoals in de statuten van de stichting(en)</para>
      <para>bepaald en/of zoals in het prospectus van [bedrijf 1] BV en/of [bedrijf 2]</para>
      <para> BV en/of [bedrijf 3] BV en/of [bedrijf 4] BV</para>
      <para>en/of [bedrijf 5] BV aangegeven) voor de aankoop van onroerend</para>
      <para>goed en/of</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>niet of onvoldoende de belangen heeft behartigd van (de) obligatiehouders</para>
      <para>(zoals in de statuten bepaald) en/of</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>niet of onvoldoende toezicht heeft uitgeoefend op de aanschaf van (het)</para>
      <para>onroerend goed en/of de besteding van inleggelden;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht</para>
      <para>art 48 ahf/sub 2 Wetboek van Strafrecht</para>
      <para>art 326 lid 1 Wetboek van Strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>2.</para>
      <para>Hij, verdachte, op een (of meer) tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van</para>
      <para>1 november 2011 tot en met 21 januari 2014 te Amersfoort en/of Soest en/of</para>
      <para>Baarn en/of Amstelveen  en/of elders in Nederland, en/of in Duitsland</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>(telkens) tezamen en in vereniging met (een) of meer ander(en), althans</para>
      <para>alleen,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>(telkens) (een) geschrift(en) dat/die bestemd was/waren om tot bewijs van enig</para>
      <para>feit te dienen, te weten</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>a. a) een factuur (D-1040) d.d. 3 juni 2013, afkomstig van verdachte en/of (een)</para>
    <parablock>
      <para>ander(en) en gericht aan [bedrijf 6] B.V. en/of  [medeverdachte 1] , met</para>
      <para>een factuurbedrag van  10.000,-, met de omschrijving "Nota Advieskosten</para>
      <para>Aankoop Vastgoed Duitsland",</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en/of</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>b) een factuur en/of e-mail met als onderwerp: Voorschotnota Advieskosten</para>
    <parablock>
      <para>Vastgoed (D-1021) d.d. 15 november 2011, afkomstig van [naam]</para>
      <para>Vastgoedadviseurs en/of verdachte en of (een) ander(en) en gericht aan</para>
      <para>
        [bedrijf 9] B.V. met een factuurbedrag van  10.000,-, met de</para>
      <para>omschrijving(en) "Voorschot Advieskosten Aankoop Vastgoed Duitsland" en "nota</para>
      <para>nr. 111103",</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en/of</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>c) een factuur (D-1018) d.d. 23 februari 2012, afkomstig van verdachte en of</para>
    <parablock>
      <para>(een) ander(en) en gericht aan [bedrijf 1] B.V. en/of  [medeverdachte 1] , met een</para>
      <para>totaal factuurbedrag van  40.162,50, met de omschrijving "inzake Advieskosten</para>
      <para>Vastgoed Duitsland",</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>A.</para>
      <para>valselijk heeft/hebben opgemaakt en/of doen opmaken en/of laten opmaken of</para>
      <para>heeft/hebben vervalst en/of doen vervalsen en/of laten vervalsen, immers</para>
      <para>heeft/hebben hij, verdachte, en/of zijn mededader(s) (telkens) valselijk en/of</para>
      <para>in strijd met de waarheid - zakelijke weergegeven - op/in die onder a en/of b</para>
      <para>en/of c genoemde factu(u)r(en) en/of e-mail (advies)werkzaamheden en/of</para>
      <para>(omschrijving van verleende diensten) diensten vermeld en/of doen vermelden</para>
      <para>en/of laten vermelden, welke in werkelijkheid niet waren/zijn verricht,</para>
      <para>zulks (telkens) met het oogmerk om dat/die geschrift(en) als echt en</para>
      <para>onvervalst te gebruiken of door anderen te doen gebruiken;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en/of</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>B.</para>
      <para>(telkens) opzettelijk gebruik heeft/hebben gemaakt van en/of hebben afgeleverd</para>
      <para>en/of voorhanden heeft/hebben gehad, terwijl verdachte en/of (een of meer van)</para>
      <para>haar mededader(s) (telkens) wist(en) of redelijkerwijs moest(en) vermoeden,</para>
      <para>dat die/dat geschrift(en) (telkens) bestemd was/waren voor gebruik als ware</para>
      <para>deze echt en onvervalst;</para>
      <para>bestaande die valsheid of vervalsing (telkens) hierin dat - zakelijk weergeven</para>
    </parablock>
    <para>- verdachte en/of (een of meer van) zijn mededader(s) in die/dat onder a en/of</para>
    <parablock>
      <para>b en/of c genoemde factu(u)r(en) en/of e-mail vermeldt(en) en/of doet/doen</para>
      <para>vermelden en/of doet/doen voorkomen dat verdachte (advies)werkzaamheden voor</para>
      <para>
        [bedrijf 6] B.V. en/of [bedrijf 9] B.V. en/of</para>
      <para>
        [bedrijf 1] B.V. heeft verricht,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>bestaande het gebruik maken van voornoemde factu(u)r(en) en/of e-mail hierin</para>
      <para>dat verdachte en/of (een of meer van) zijn mededader(s) onder a en/of b en/of</para>
      <para>c genoemde factu(u)r(en) in de boekhouding van [bedrijf 6]</para>
      <para>B.V. en/of [bedrijf 9] B.V. en/of [bedrijf 1] B.V.,</para>
      <para>heeft/hebben opgenomen en/of doet/doen opnemen en/of laat/laten opnemen en/of</para>
      <para>geld heeft/hebben ontvangen van [bedrijf 6] B.V. en/of</para>
      <para>
        [bedrijf 9] B.V. en/of [bedrijf 1] B.V.,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zulks terwijl hij verdachte en/of zijn mededader(s) wist(en) en/of</para>
      <para>redelijkerwijs moest(en) vermoeden dat dit/deze geschrift(en) bestemd</para>
      <para>was/waren voor gebruik als ware het echt en onvervalst;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>art 47 Wetboek van Strafrecht</para>
      <para>art 225 lid 2 Wetboek van Strafrecht)</para>
      <para>art 225 lid 1 Wetboek van Strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>3.</para>
      <para>Hij, op een of meer tijdstippen, gelegen in of omstreeks de periode van 13</para>
      <para>oktober 2010 tot en met 21 januari 2014 te Amersfoort  en/of Soest en/of</para>
      <para>Baarn en/of Amstelveen en/of elders in Nederland en/of Duitsland, (telkens)</para>
      <para>tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen, van het plegen</para>
      <para>van witwassen een gewoonte heeft gemaakt, immers heeft/hebben hij, verdachte,</para>
      <para>en/of zijn mededaders (telkens) meermalen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>van (een) voorwerp(en) te weten (een of meerdere) geldbedragen, tot een</para>
      <para>totaal van EURO 13.032.800,-, (D-1158 t/m D-1162 en AH-033), althans enig(e)</para>
      <para>geldbedrag(en), de werkelijke aard, herkomst, de vindplaats, de vervreemding</para>
      <para>of de verplaatsing verborgen en/of verhuld en/of voornoemd(e) voorwerp(en)</para>
      <para>verworven en/of voorhanden gehad en/of overgedragen en/of omgezet en/of</para>
      <para>gebruik van gemaakt terwijl hij, verdachte en/of zijn mededader(s) wist(en)</para>
      <para>dat die/dat voorwerp(en) en/of geldbedrag(en) - onmiddellijk of middellijk -</para>
      <para>afkomstig was/waren uit enig misdrijf;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>art 420ter/420bis lid 1 sub a en b jo artikel 47 lid 1 Wetboek van Strafrecht</para>
      <para>art 420ter Wetboek van Strafrecht</para>
      <para>art 420bis lid 1 ahf/ond a Wetboek van Strafrecht</para>
    </parablock>
  </section>
  <footnote id="_17d74d92-4fdb-4ff8-a364-28395bf9806d" label="1">
    <para> Voor zover niet anders vermeld, wordt in de hierna volgende voetnoten telkens verwezen naar bewijsmiddelen die zich in het aan deze zaak ten grondslag liggende dossier bevinden, volgens de in dat dossier toegepaste nummering. Tenzij anders vermeld, gaat het daarbij om processen-verbaal, in de wettelijke vorm opgemaakt door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren.</para>
    <para>Voor zover het gaat om geschriften als bedoeld in artikel 344.1.5° Wetboek van Strafvordering, worden deze alleen gebruikt in verband met de inhoud van andere bewijsmiddelen.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_d1a87d38-6df2-4bf6-b211-b97bfdcb12bb" label="2">
    <para> De vindplaatsvermeldingen die in de navolgende bewijsoverwegingen voorkomen, verwijzen -voor zover niet anders vermeld- naar de schriftelijke stukken die zijn opgenomen in het proces-verbaal van de FIOD Belastingdienst kantoor Utrecht, dossiernummer 49503, opgemaakt door verbalisanten [verbalisant 1] , [verbalisant 2] en hulpofficier van justitie [verbalisant 3] . </para>
    <para />
  </footnote>
  <footnote id="_f2ae04f1-c7f8-4d71-a8b3-7e24dfa0a358" label="3">
    <para> D-522, p. 3843.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_7d445ca0-dd30-40d4-b224-a97247dda6d9" label="4">
    <para> D-804, p. 6096.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_a83953dc-53ff-432c-88eb-eff83bf63db6" label="5">
    <para> D-804, p. 6102.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_3e26128d-953e-4255-b136-5b68d4047aec" label="6">
    <para> D-520, p. 3840.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_4191f57a-a68f-4939-a177-abdfac17df26" label="7">
    <para> D-519, p. 3839.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_b842057f-0b72-4cc5-9fad-f36a22308306" label="8">
    <para> D-804, p. 6103; D-523, p. 3845.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_baba4b97-54d7-4e07-b31a-9ae12fd19688" label="9">
    <para> D-804, p. 6103.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_1fee49e0-fb65-453e-bc0d-4443c7c8e33a" label="10">
    <para> D-564, p. 3950.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_21c7fcc7-eb0e-4706-b852-6817ba4a0cd2" label="11">
    <para> D-526, p. 3851.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_8e6f7cfa-d9ac-44d5-bee3-af3e4d1c838d" label="12">
    <para> D-768, p. 5421.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_ca3a8d1a-65f8-4a02-960c-007338c95dfe" label="13">
    <para> D-768, p. 5425.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_1293c80f-99e9-4fa2-9456-628a5e8ac902" label="14">
    <para> D-520, p. 3840; D-519, p. 3839.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_da48504f-c5c2-46d5-b13f-d321658f0526" label="15">
    <para> D-768, p. 5426.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_5a26c969-fe9d-43fa-910a-35c9e945e945" label="16">
    <para> D-768, p. 5427.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_6729b0d1-825e-451e-9200-d6fc9932a1d6" label="17">
    <para> D-768, p. 5426.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_1c0bb19c-e012-434e-9ede-b0f0b09dcd91" label="18">
    <para> D-562, p. 3948.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_2d497a1a-a58a-4dcf-9333-adc404675fb3" label="19">
    <para> D-529, p. 3857.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_f3d2076d-182c-4815-97fe-4b427e3d297c" label="20">
    <para> D-803, p. 6018.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_bbb0b63f-ea7d-4b57-8862-70d23bc30f4e" label="21">
    <para> D-803, p. 6022.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_fb5f7f89-a06d-483b-a0e6-40407059bf9a" label="22">
    <para> D-520, p. 3840; D-519, p. 3839.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_e89d04ce-17c1-4d85-9fdd-f10deb60edfb" label="23">
    <para> D-803, p. 6023.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_0bdc73d1-fc83-4fea-845f-18665b609ed9" label="24">
    <para> D-563, p. 3949.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_3865ebcc-fc89-4a6f-ab19-95790d91fbcf" label="25">
    <para> D-563, p. 3949.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_b58158bb-8361-4e60-847f-bb2689cf4ab8" label="26">
    <para> D-532, p. 3863.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_760ddb43-1220-46db-9728-2d103cfb65d3" label="27">
    <para> D-805, p. 6167.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_4a53f8bc-199a-464d-88d4-343d2d7a5cf1" label="28">
    <para> D-805, p. 6171.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_1a44f849-1858-4719-81d2-b8d98acae166" label="29">
    <para> D-520, p. 3840; D-519, p. 3839.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_3f010924-6888-49e1-bac8-3fa07254d780" label="30">
    <para> D-805, p. 6172.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_7f5fd663-0618-43db-8f06-390802f6a19c" label="31">
    <para> D-847, p. 6390.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_986baeaa-7211-48fe-836c-9647ac557c72" label="32">
    <para> D-534, p. 3866.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_b229f444-98ee-480e-963b-029ee3c732d2" label="33">
    <para> D-802, p. 5842.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_2ed82118-34a3-4728-8f24-73b807ab9143" label="34">
    <para> D-802, p. 5872; D-534, p. 3866.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_1f72e48f-7acf-4d15-9d14-36e1658c43dd" label="35">
    <para> D-533, p. 3865.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_ce7803f9-2fd9-4665-9fea-587c40bfa38b" label="36">
    <para> D-520, p. 3840; D-519, p. 3839.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_821f3df2-7052-4a1f-a2f0-836fcc17c0d7" label="37">
    <para> D-802, p. 5875.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_934aa1ea-1520-488c-a00f-a43bd4a049fb" label="38">
    <para> D-802, p. 5875.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_735dc179-d45a-4211-91c6-544fcf45f62a" label="39">
    <para> D-848, p. 6391.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_d0f52197-8449-4695-a7c6-46aa3fe626d7" label="40">
    <para> D-848, p. 6391.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_50acc78b-4a67-40ea-a6ca-f3067c40c3f8" label="41">
    <para> De verklaring van [getuige 1] afgelegd bij de rechter-commissaris d.d. 15 januari 2015, p. 3.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_c4277f75-0347-478c-a2c7-ba12d58aa8da" label="42">
    <para> De verklaring van [getuige 1] afgelegd bij de rechter-commissaris d.d. 15 januari 2015, p. 5.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_17fddd95-d75f-4461-93c8-0d9f65e8f276" label="43">
    <para> De verklaring van [getuige 2] afgelegd bij de rechter-commissaris d.d. 2 december 2014, p. 15. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_acf7cbef-fae4-48b9-8058-47052ea43c95" label="44">
    <para> De verklaring van [medeverdachte 2] , afgelegd bij de rechter-commissaris d.d. 12 februari 2015, p. 3.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_8cd5c1cf-a228-4d69-8091-e0227aa50294" label="45">
    <para> De verklaring van [getuige 3] , afgelegd bij de rechter-commissaris d.d. 9 januari 2015, p. 5. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_e51a5326-5805-4059-a0a1-f1d0de58ab59" label="46">
    <para> De verklaring van [medeverdachte 2] , afgelegd bij de rechter-commissaris d.d. 12 februari 2015, p. 4; D-733, p. 5276.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_1087ef68-f827-424d-b6b1-dcee94b9d2fc" label="47">
    <para> De verklaring van [getuige 3] , afgelegd bij de rechter-commissaris d.d. 9 januari 2015, p. 3. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_60a624b5-0941-45f7-892a-97c2abde9fbd" label="48">
    <para> De verklaring van [getuige 3] , afgelegd bij de rechter-commissaris d.d. 9 januari 2015, p. 4. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_9179ca84-364a-4bb9-96df-9ffddc14358b" label="49">
    <para> De verklaring van [getuige 3] , afgelegd bij de rechter-commissaris d.d. 9 januari 2015, p. 3. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_381f29e2-a56b-4c3a-b57f-6a3c7417500a" label="50">
    <para> De verklaring van [getuige 3] , afgelegd bij de rechter-commissaris d.d. 9 januari 2015, p. 5. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_5365f503-0a8b-4e5c-b481-fb2ab844e1ee" label="51">
    <para> V-017-004, p. 2166 &amp; p. 2167.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_4a98510e-6ff3-453c-8ca2-cd427df5ef9c" label="52">
    <para> V-018-005, p. 2213.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_3a9eca42-a368-47ad-b100-cb1999ab24d5" label="53">
    <para> V-017-004, p. 2166 &amp; p. 2167.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_86bcd276-4a6c-4279-935d-367cc8475e2c" label="54">
    <para> D-774, p. 5507.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_85aa1f1e-04f2-4278-b9ac-26484c0a3310" label="55">
    <para> V-017-004, p. 2167.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_6d601302-f1de-453d-8661-852c973b291c" label="56">
    <para> V-018-004, p. 2207.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_f120adf9-0371-4b53-9ea8-e258c070c05b" label="57">
    <para> V-018-004, p. 2208.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_8c8235fb-b99e-4d1a-9eee-7fde139e3aee" label="58">
    <para> V-018-004, p. 2208; V-018-005, p. 2214.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_fa9e8fd1-4c70-465f-8e95-05874b19e93c" label="59">
    <para> V-018-005, p. 2214. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_01abc287-cece-43fd-8c4b-7d271de77bea" label="60">
    <para> G-023-01, p. 2459.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_d494e434-38ba-492d-9d85-4acb7437d71f" label="61">
    <para> D-777, p. 5516 t/m 5524.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_bc5a5cf5-e0e5-4744-a746-389e0ec78e2f" label="62">
    <para> V-018-004, p. 2209.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_77964331-2999-435d-8ee9-1cf0a80ec842" label="63">
    <para> V-018-004, p. 2212.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_bc123bb1-ad70-4d50-9f33-d828b108c993" label="64">
    <para> G-002-01, p. 2328.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_5da2d68b-a335-4f43-9e12-8f7d5bc2cf9d" label="65">
    <para> G-006, p. 2356.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_194af0cf-6de2-42a6-becb-a5ccc85c6299" label="66">
    <para> G-023-01, p. 2457.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_d90f6d13-bfa3-41bd-964b-992a64cfbfdb" label="67">
    <para> G-023-01, p. 2457.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_307a2c55-5d25-458e-8ee3-0e4d181f59d4" label="68">
    <para> V-024-01, p. 2232. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_e9173841-0ba1-45bb-afc9-4ee60a85d41f" label="69">
    <para> V-024-02, p. 2242.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_5d995986-81be-48a4-bdc7-f5061b6da75d" label="70">
    <para> D-804, p. 6096 &amp; p. 6106.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_ef7bbdcf-0725-4bd5-82c9-5fcb907ac60b" label="71">
    <para> D-804, p. 6097.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_057c0cdb-b700-4fa5-8c72-5b306cc4784a" label="72">
    <para> D-804, p. 6100.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_2a7f0599-0be0-4dbe-b83c-ae960fe2e12d" label="73">
    <para> D-804, p. 6103 &amp; p. 6123.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_2396959e-614d-4237-8b82-4cedfa23e611" label="74">
    <para> D-804, p. 6124.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_41a3d7f4-486b-4da0-b19a-e0c869716e6b" label="75">
    <para> D-804, p. 6109.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_a124f878-5495-4970-83d4-6a99c451b490" label="76">
    <para> D-804, p. 6115.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_9cd7d23b-9518-406b-beec-c4d5875945f9" label="77">
    <para> D-804, p. 6114.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_3d3dfcbc-1472-42c2-8257-e06230dac3ed" label="78">
    <para> D-768, p. 5421.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_a67e85b8-0b4e-4fcf-93c3-ff713d92c58b" label="79">
    <para> D-768, p. 5434 &amp; p. 5446.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_7e91a172-b412-47a1-94f3-b5cf52c86458" label="80">
    <para> D-768, p. 5421 &amp; p. 5423 &amp; p. 5455.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_5a8255d2-de00-47d6-8587-14c96358e0c0" label="81">
    <para> D-768, p. 5435.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_18782f94-12e6-4e06-bc4e-38a35ed08666" label="82">
    <para> D-768, p. 5421.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_d692cfd2-c64d-474c-8898-45c539f94e93" label="83">
    <para> D-768, p. 5438 t/m 5441 &amp; p. 5475 t/m 5479.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_5a615448-cdde-42c5-b534-b4b4f986ca62" label="84">
    <para> D-768, p. 5426.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_62202468-c202-483f-949a-0200f1db9a68" label="85">
    <para> D-768, p. 5427.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_02e20848-9af7-4590-9a64-b6d0853c9d37" label="86">
    <para> D-768, p. 5423 &amp; p. 5454.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_e311b72c-8add-45d3-ac70-7727f6aa4364" label="87">
    <para> D-768, p. 5461.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_70859237-8bb3-4c6b-945e-e71597ffc22b" label="88">
    <para> D-768, p. 5423.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_b7715022-a057-4c27-af1a-695173950ad8" label="89">
    <para> D-768, p. 5445.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_c605822a-758c-4744-8919-2984a5d27e60" label="90">
    <para> D-803, p. 6018.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_7de907c6-8c11-4ceb-916e-c4817aa4639f" label="91">
    <para> D-803, p. 6019 &amp; p. 6028 &amp; p. 6031.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_7e55b7c5-436a-461e-bbf1-a2ad9324d429" label="92">
    <para> D-803, p. 6018 &amp; p. 6020 &amp; p. 6029.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_e8bf21a4-cff3-4282-bd93-1541b77edead" label="93">
    <para> D-803, p. 6032.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_b3614af0-0bc6-41be-ad19-b26809b0a0a2" label="94">
    <para> D-803, p. 6018.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_558200e0-1bde-470b-a7bd-222c2dcf1547" label="95">
    <para> D-803, p. 6036 en 6037 &amp; op. 6072 en 6073.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_6dd53068-ba34-4bf7-9c27-635070d6dbe9" label="96">
    <para> D-803, p. 6039.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_b5f2c406-99fe-4d65-a7ce-a75d219b5a5d" label="97">
    <para> D-803, p. 6024 &amp; p. 6051.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_6f6b5e9c-39c5-49d3-a6c5-583bba50e8b0" label="98">
    <para> D-803, p. 6042.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_09ac7f6d-51d9-4296-a64a-de870745d218" label="99">
    <para> D-805, p. 6167 &amp; p. 6177.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_3ff2889b-c2d1-4d9d-bcd4-28863cce4e10" label="100">
    <para> D-805, p. 6168.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_e43e8a4d-d0ff-4b70-bba6-ee5294264c9c" label="101">
    <para> D-805, p. 6167 &amp; p. 6177 &amp; p. 6178.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_80494461-0502-4085-b9b1-331d454143b3" label="102">
    <para> D-805, p. 6167 &amp; p. 6169 &amp; p. 6173.</para>
    <para> &amp; p. 6181.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_de4a4cab-04d6-4c2e-98d7-f94eebc90e47" label="103">
    <para> D-805, p. 6167.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_a24189bd-b4e7-4a66-b32e-1db970710624" label="104">
    <para> D-805, p. 6184 t/m 6187.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_fe26ea04-dee0-4803-9279-327de42d61fd" label="105">
    <para> D-805, p. 6173.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_88afbd6c-54b8-4937-8eac-867575d6dbad" label="106">
    <para> D-805, p. 6172.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_9c8a11f0-91a6-4903-9e8a-f5268538c9b5" label="107">
    <para> D-805, p. 6189.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_deaa008d-5d11-4abc-b5ea-8e2d1d5aa203" label="108">
    <para> D-805, p. 6190.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_08d898b9-a43a-4883-8731-46d4aa3c1040" label="109">
    <para> D-805, p. 6190.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_86e6ce45-a9a0-4ea9-8758-5fa4fc3b1f13" label="110">
    <para> D-805, p. 6193 en 6194.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_1c512454-c438-4d72-bbbe-04b4948e22c1" label="111">
    <para> D-805, p. 6200.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_4112616e-268d-4c19-9b88-4f4b51296bec" label="112">
    <para> D-802, p. 5842.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_8ed2a8c0-92be-4fa0-b40e-dd77d5a0f43a" label="113">
    <para> D-802, p. 5863.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_00e92ca0-e46b-498e-bcb0-ad359f0949f2" label="114">
    <para> D-802, p. 5860.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_8c58ffd0-69b0-4bca-ae83-e1c7569e4a8a" label="115">
    <para> D-802, p. 5876.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_a872f11e-89a8-4277-b625-979f45a37805" label="116">
    <para> D-802, p. 5913.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_42fc8f0c-88d6-476d-b1fa-f76594a0462e" label="117">
    <para> D-802, p. 5868.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_6d89a382-841a-4748-a46f-4ac89c8672c9" label="118">
    <para> D-802, p. 5875 &amp; p. 5883.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_89511fdf-3fc0-4d1c-a5aa-5e3d402b715d" label="119">
    <para> D-802, p. 5883.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_d6311872-f1b0-46fa-891b-d53bad0c1c13" label="120">
    <para> D-802, p. 5884.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_1be7c163-4468-4a85-b5a0-52c837d1896b" label="121">
    <para> D-802, p. 5909 en 5911.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_ec2f8aa4-5c1e-43c1-8810-476befcbd129" label="122">
    <para> AH-033, p. 672D-1158, p. 7867 t/m 7870..</para>
  </footnote>
  <footnote id="_53483f6f-83b0-42c8-8368-c85ccf3969ad" label="123">
    <para> D-1145, p. 7850: OPV-4, p. 138.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_a99b97e7-2ecd-45bc-8779-25cc443a1d57" label="124">
    <para> OPV-4, p. 138; D-710, p. 5123.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_24349778-41c8-479a-b72c-7f3efcb075b9" label="125">
    <para> D-710, p. 5123 i.c.m. D-624, p. 4355.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_c4858a18-0460-4115-a382-6e0ff96ed71a" label="126">
    <para> D-624, p. 4355 &amp; p. 4356.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_ad312d83-135a-4921-9603-8566d2c36c29" label="127">
    <para> AH-033, p. 680.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_9e878072-fefb-4d1d-903f-aee5ecee8e4c" label="128">
    <para> D-777, p. 5516 en p. 5523.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_41cebf57-2c7f-4a8d-a228-9d6fa88baf62" label="129">
    <para> D-777, p. 5516.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_2a2ecfa0-31f3-4a32-88a4-bca8b4379b4a" label="130">
    <para> D-777, p. 5517.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_502ba298-566b-4dfe-83c2-abb2f0c72bbe" label="131">
    <para> D-777, p. 5524.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_0bb1a540-f578-44da-9bd9-b5d8e4716971" label="132">
    <para> D-777, p. 5523.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_9b3bcbfe-a77a-4eed-876d-11bc03441247" label="133">
    <para> AH-033, p. 672; D-1165, p. 7893.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_66028f49-6b5f-4054-9fbe-56347ac3591f" label="134">
    <para> AH-033, p. 672.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_cbed4702-184e-4b30-8941-938a21e33163" label="135">
    <para> D-1272, p. 8192.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_e2454c2d-f701-4e30-8580-004a9949c479" label="136">
    <para> D-1398, p. 8403; D-1165, p. 7893.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_8d5ee1db-ac7e-49b1-99e6-bcbd912e3fa9" label="137">
    <para> AH-033, p. 672; D-1159, p. 7871 t/m 7873; OPV-4, p. 139.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_a32243be-4198-42cd-9fb1-10124c36e4dc" label="138">
    <para> D-888, p. 6788.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_a89222dd-daa2-4604-aa1f-c7878574c694" label="139">
    <para> AH-033, p. 672; D-1165, p. 7893.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_91fcbe58-761a-47ba-9237-e8e198a61abe" label="140">
    <para> AH-033, p. 673.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_03c08411-42eb-4f14-9ee9-775f39220d5d" label="141">
    <para> AH-033, p. 672; AH-179, p. 1353; D-1167, p. 7895 t/m 7897.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_02808b30-70f2-4db5-b43c-c1f23e018908" label="142">
    <para> AH-033, p. 673. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_6852a036-db4b-4e83-9a1d-c8772e3ea759" label="143">
    <para> BOB-27B, p. 1674.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_28cd7b9b-baea-466d-b95d-5e4a080ea678" label="144">
    <para> D-1021, p. 7266.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_5bac4ae6-38a6-401d-ba48-4f5d9631285d" label="145">
    <para> D-697, p. 5019.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_377184e2-9766-42a2-884d-709406777baf" label="146">
    <para> V-024-02, p. 2249. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_cffb0c09-27f1-4af9-8265-33189f107595" label="147">
    <para> AH-050A, p. 818 en 819.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_5ca30117-6b9d-44ab-9dcd-d69d27d20ccf" label="148">
    <para> D-1018, p. 7262.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_e8bfff32-6136-4fb0-9d88-7da4bfd248e5" label="149">
    <para> D-1032, p. 7277.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_41fbeae2-3b1b-4baa-82cb-3c1e9d6ac4af" label="150">
    <para> D-1018, p. 7263.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_313c7ff0-8463-41e0-8d7c-baf3084f0537" label="151">
    <para> AH-050A, p. 818 en 824.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_bb618e5b-307d-4338-a89b-a1be5af61160" label="152">
    <para> D-1161, p. 7877 t/m 7880.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_b019b8d7-bba5-44db-a0a0-6f0867426093" label="153">
    <para> AH-033, p. 672; D-1160, p. 7874 t/m 7876.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_eedcc478-64ce-4ea1-bf06-f1749c07578c" label="154">
    <para> AH-033, p. 672; AH-179, p. 1353; D-1168, p. 7898 t/m 7900.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_3a8cb53b-0b1b-43a6-8e5b-8efabd3b1d63" label="155">
    <para> AH-033, p. 673. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_f29ae118-5b89-40b3-b975-a043afc61ad9" label="156">
    <para> BOB-27B, p. 1674.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_2133de55-bf5a-4a10-8371-e0eccdac4958" label="157">
    <para> AH-033, p. 674. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_67d1bfa5-e8bb-484d-ab2b-a4e0f1a1bd6b" label="158">
    <para> AH-033, p. 672; D-1162, p. 7881 t/m 7887</para>
  </footnote>
  <footnote id="_cf6e8aea-0a43-4579-a9c6-661441d69835" label="159">
    <para> D-1086, p. 7455</para>
  </footnote>
  <footnote id="_66d63c38-8142-4940-b5a9-5b6e5a62bbb1" label="160">
    <para> D-1085, p. 7454.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_5b918e9b-c2b6-4e76-98da-e8ada69f2e5d" label="161">
    <para> AH-033, p. 672.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_e9fb9d34-61e7-4d26-af7c-ea6435c577b9" label="162">
    <para> BOB-027B, p. 1674.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_e72e6114-8453-4cca-9fed-a46185b6f3d0" label="163">
    <para> OPV-4, p. 147.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_da7d22ef-6a6d-4075-9cd1-77ec6c1bff8a" label="164">
    <para> OPV-4, p. 149.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_f1736517-1d7e-4dc8-98e1-7bc25b42374f" label="165">
    <para> AH-169, p. 1273.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_37e6d3ae-8750-4316-9dcd-d882e57b0c93" label="166">
    <para> D-490, p. 3721.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_d25415f4-5cf5-4868-84aa-9090c5c6e0e9" label="167">
    <para> AH-189, p. 1446.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_9f04340a-5738-4b97-a101-dc9d4f3257d4" label="168">
    <para> AH-169, p. 1274.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_0b8ccdd5-b4a9-4a8d-b80c-789da01e5d14" label="169">
    <para> OPV-4, p. 149; D-1395, p. 8387; D-1396, p. 8388.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_0b0ef546-c4aa-4524-9442-a92fe8cdb196" label="170">
    <para> V-024-01, p. 2235.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_32316202-78bb-4138-a422-19be2ce1228a" label="171">
    <para> D-1040, p. 7290.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_b792d2e2-765b-49b9-9d33-1031f5af88d1" label="172">
    <para> D-889, p. 6794.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_0fbe61fe-7484-4138-b06e-232ffb291e03" label="173">
    <para> D-1039, p. 7289.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_2acbfdad-15ad-49a9-b640-16678454e812" label="174">
    <para> V-024-02, p. 2249.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_5f9f723a-8b7f-4bcd-af36-a00e21d9a79a" label="175">
    <para> V-024-02, p. 2250.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_1bf7d227-628b-484c-9e1f-7ca933c615a8" label="176">
    <para> D-888, p. 6787.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_ea3b622b-9722-434c-8862-bebe6ad5a365" label="177">
    <para> G-006, p. 2356; D-1162, p. 7881.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_5c1ee741-0df1-4329-b1c1-2be4fed5fe64" label="178">
    <para> G-006, p. 2357.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_224ec4c8-0fb6-4449-9b11-d859a350b2d5" label="179">
    <para> G-017, p. 2401.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_6b738b00-b0ed-40d9-942e-4c53ddb7f9a8" label="180">
    <para> G-002-01, p. 2327.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_254cef4c-1b51-4d5b-a8e4-58634490d498" label="181">
    <para> G-002-01, p. 2328.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_aa3210bb-31bf-4eab-adf0-35dfbc83c587" label="182">
    <para> G-002-01, p. 2330.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_d54cdf07-d0ae-4997-ae06-148defd4eec3" label="183">
    <para> G-012, p. 2377.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_c3e45d96-d8a8-455d-be07-abcd117245f9" label="184">
    <para> G-012, p. 2378.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_59254ad6-689c-4726-9dd5-873d73d1195a" label="185">
    <para> G021-01, p. 2428.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_6c9b73dd-989d-44f7-90c3-67f147ec7ad9" label="186">
    <para> G021-01, p. 2429.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_373753d7-1cce-47fc-843e-631a50d791df" label="187">
    <para> D-888, p. 6788.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>