<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBMNE:2015:5949</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-03-10T15:59:29</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2015-08-07</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Midden-Nederland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Midden-Nederland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2015-07-28</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">3836231 UT VERZ 15-2379</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Utrecht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>ERF-Updates.nl 2015-0295</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2015:5949">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2015:5949</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-08-21T16:15:43</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2015-08-21</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBMNE:2015:5949 Rechtbank Midden-Nederland , 28-07-2015 / 3836231 UT VERZ 15-2379</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBMNE:2015:5949:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Het verzoek tot opheffing wordt toegewezen ex artikel 4:209 lid 1 BW. Het verzoek om de vereffeningskosten vast te stellen wordt afgewezen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBMNE:2015:5949:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <section>
    <title>RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND</title>
    <para>Kantonrechter</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>locatie Utrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer: 3836231 UT VERZ  15-2379</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Beschikking d.d. 28 juli 2015 </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Inzake het verzoek van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verzoeker 1] , [verzoeker 2] , [verzoeker 3] , [verzoeker 4] , [verzoeker 5] en [verzoeker 6] ,</emphasis>
      </para>
      <para>gemachtigde: <emphasis role="bold">mr. J. Beumer-de Lange</emphasis>, werkzaam, bij <emphasis role="bold">De Lange &amp; Kortland netwerk notarissen</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te Putten,</para>
      <para>verder te noemen verzoekers.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verzoekers hebben het verzoek gedaan hun hoedanigheid van vereffenaars in de nalatenschap van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [erflater] , </emphasis>geboren te [geboorteplaats] op [1916] , overleden te [woonplaats] op [2012] , laatst gewoond hebbende te [woonplaats] , verder te noemen erflater.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>De procedure</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Uit de brief van 4 februari 2015 van verzoekers leidt de kantonrechter af dat op grond van artikel 4:209 lid 1 van het Burgerlijk Wetboek (BW) verzocht wordt de opheffing van de vereffening van de nalatenschap van erflater te bevelen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij brieven van 24 februari 2015 en 30 maart 2015 heeft de kantonrechter verzoekers gevraagd om nadere informatie toe te sturen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij brief van 7 april 2015 vragen verzoekers ontheffing van de verplichting om de boedelbeschrijving ter inzage te leggen op grond van artikel 4:211 lid 3 BW. De kantonrechter heeft bij brief van 17 april 2015 bericht het voornemen te hebben om dat verzoek af te wijzen omdat de nalatenschap van erflater negatief is. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Vervolgens hebben verzoekers bij brief van 30 april 2015 gevraagd de boedelbeschrijving ter inzage te leggen en over te gaan tot opheffing van de vereffening. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij brief van 13 mei 2015 is verzoekers bericht dat de kantonrechter het voornemen heeft om het verzoek tot opheffing van de vereffening toe te wijzen. Verzoekers zijn in de gelegenheid gesteld om het verzoek nader aan te vullen danwel te wijzigen. Hiervan is geen gebruik gemaakt. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De boedelbeschrijving heeft conform de verplichting op grond van artikel 4:211 lid 3 BW ter inzage gelegen op griffie van deze rechtbank van 26 mei 2015 tot 7 juli 2015. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>De overwegingen van de kantonrechter</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter zal de opheffing van de vereffening van de nalatenschap van erflater bevelen gelet op de geringe waarde van de baten van de nalatenschap. Uit de stukken blijkt namelijk dat na de verkoop van het onroerend goed een schuld aan de Rabobank van </para>
      <para>€ 103.252,25 resteert.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verzoekers hebben bij brief van 4 februari 2015 gevraagd de vereffeningskosten vast te stellen. Hierop is bij brief van 24 februari 2015 door de kantonrechter bericht dat geen concreet bedrag is genoemd waarop wordt verzocht de vereffeningskosten vast te stellen. In die brief zijn verzoekers er ook op gewezen dat  de kosten van werkzaamheden die zijn uitgevoerd namens de erfgenamen die op grond van artikel 4:195 lid 1 BW vereffenaars zijn, geen vereffeningskosten als bedoeld in de zin van artikel 4:209 lid 2 BW zijn. De wet biedt namelijk alleen de mogelijkheid om het loon van de door de rechtbank benoemde vereffenaar vast te stellen. Er is geen wettelijke grondslag voor het vaststellen van het loon van de erfgenamen die vereffenaars zijn op de vereffeningswerkzaamheden uit te voeren, althans deze werkzaamheden uit te besteden. Verzoekers zijn in de gelegenheid gesteld het verzoek aan te vullen. Hiervan is echter geen gebruik gemaakt. Gelet op het voorgaande zal de kantonrechter het verzoek om de vereffeningskosten vast te stellen afwijzen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Nu de beneficiaire aanvaarding door de erfgenamen geen publicatieplicht met zich heeft meegebracht (in de Staatscourant of nieuwsbladen) kan worden volstaan met de inschrijving van de opheffing in het boedelregister.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>beveelt de opheffing van de vereffening van de nalatenschap van <emphasis role="bold">[erflater] , </emphasis>geboren te [geboorteplaats] op [1916] , overleden te [woonplaats] op [2012] , laatst gewoond hebbende te [woonplaats] ;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>bepaalt dat de opheffing van de vereffening van de nalatenschap dient te worden ingeschreven in het boedelregister;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>wijst het meer of anders verzochte af.</para>
    </parablock>
    <mediaobject>
      <imageobject>
        <imagedata align="center" scale="100" fileref="a4312edc-bdda-431b-a594-f281dfa501f4" depth="27" width="29" format="image/png" />
      </imageobject>
    </mediaobject>
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Deze beschikking is gegeven door mr. A.A.T. van Rens, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 28 juli 2015, in tegenwoordigheid van de griffier.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>
                <emphasis role="italic">Tegen deze beslissing kan binnen drie maanden na de dag van de uitspraak hoger beroep worden ingesteld bij het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, Postbus 9030, 6800 EM Arnhem. Het beroepschrift kan uitsluitend door een advocaat worden ingediend.</emphasis>.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>