<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBMNE:2015:51</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-21T20:45:55</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2015-01-07</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Midden-Nederland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Midden-Nederland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2015-01-14</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C-16-363890 - HA RK 14-40</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Utrecht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_ondernemingsrecht">Civiel recht; Ondernemingsrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>JONDR 2014/943</rdf:li>
          <rdf:li>AR 2015/128</rdf:li>
          <rdf:li>OR-Updates.nl 2015-0074</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2015:51">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2015:51</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-01-26T16:17:59</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2015-01-26</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBMNE:2015:51 Rechtbank Midden-Nederland , 14-01-2015 / C-16-363890 - HA RK 14-40</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBMNE:2015:51:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Verzetten ex art. 2:404 BW. Vervolg na tussenbeschikking van 5 november 2014. Verzetten gegrond.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBMNE:2015:51:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="c089c43e-c7df-4ed5-963d-0f18b7cbe129" depth="2" width="13" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="0e75e378-0e79-42a9-b7f4-fb591fdbff11" depth="2" width="523" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>beschikking</para>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Afdeling Civiel recht</para>
      <para>handelskamer</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>locatie Utrecht</para>
      <para>zaaknummers / rekestnummers: C/16/363890/HA RK 14-40, C/16/363911/HA RK 14‑41 en C/16/363913/HA RK 14-42</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Beschikking van 14 januari 2015</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak met zaaknummer / rekestnummer C/16/363890/HA RK 14-40 van</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>MR OBJ POORTHUIS, kantoorhoudende te ’s-Hertogenbosch, </title>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">MR. P.R. DEKKER</emphasis>, kantoorhoudende te Rosmalen, en <emphasis role="bold">MR. G. TE BIESEBEEK</emphasis>, kantoorhoudende te Budel, handelend in hun hoedanigheid van gezamenlijk bevoegde curatoren in het faillissement van de besloten vennootschap <emphasis role="bold">2SQR PARTICIPATIEMAATSCHAPPIJ B.V.</emphasis>, </para>
      <para>2.	<emphasis role="bold">MR. O.B.J. POORTHUIS</emphasis>, kantoorhoudende te ’s-Hertogenbosch en <emphasis role="bold">MR. P.R. DEKKER</emphasis>, kantoorhoudende te Rosmalen, handelend in hun hoedanigheid van gezamenlijk bevoegde curatoren in de faillissementen van de besloten vennootschappen <emphasis role="bold">2SQR HOLDING B.V.</emphasis>, <emphasis role="bold">BEHEERSMAATSCHAPPIJ FLORIS B.V.</emphasis>, <emphasis role="bold">GERMAN SUPERMARKETS "SAGITTARIUS” PROPERTIES IV B.V.</emphasis>,<emphasis role="bold"> LEONARDO PROPERTIES VUGHT B.V.</emphasis>, <emphasis role="bold">KLASSICHE IMMOBILIEN DEUTSCHLAND B.V. </emphasis></para>
      <para>en <emphasis role="bold">SAGITTARIUS PROPERTIES VI B.V.</emphasis>, </para>
      <para>verzoekers,</para>
      <para>advocaten mr. B.J.M.P. Cremers en mr. J. van der Jagt,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>de naamloze vennootschap SNS BANK N.V., gevestigd te Utrecht,</title>
    <parablock>
      <para>verweerster, </para>
      <para>advocaten mr. J.M. van Dijk en mr. E.J. Zippro,</para>
      <para>2.	de besloten vennootschap <emphasis role="bold">PROPERTIZE B.V.</emphasis>, gevestigd te Utrecht,</para>
      <para>verweerster, </para>
      <para>advocaat mr. D.A.M.H.W. Strik,</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak met zaaknummer / rekestnummer C/16/363911/HA RK 14-41 van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de vennootschap naar Duits recht <emphasis role="bold">COMMERZ REAL INVESTMENTGESELLSCHAFT MBH</emphasis>, gevestigd te Wiesbaden, Duitsland,</para>
      <para>verzoekster, </para>
      <para>advocaat mr. Y.A. van Bijsterveld en mr. T. Smulders,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>de naamloze vennootschap SNS BANK N.V., gevestigd te Utrecht,</title>
    <parablock>
      <para>verweerster, </para>
      <para>advocaten mr. J.M. van Dijk en mr. E.J. Zippro,</para>
      <para>2.	de besloten vennootschap <emphasis role="bold">PROPERTIZE B.V.</emphasis>, gevestigd te Utrecht,</para>
      <para>verweerster, </para>
      <para>advocaat mr. D.A.M.H.W. Strik,</para>
    </parablock>
    <para>
      <?linebreak?>
      <?linebreak?>
    </para>
    <parablock>
      <para>en in de zaak met zaaknummer / rekestnummer C/16/363913/HA RK 14-42 van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de vennootschap naar Duits recht <emphasis role="bold">COMMERZ REAL INVESTMENTGESELLSCHAFT MBH</emphasis>, gevestigd te Wiesbaden, Duitsland,</para>
      <para>verzoekster,</para>
      <para>advocaat mr. Y.A. van Bijsterveld en mr. T. Smulders,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>de naamloze vennootschap SNS REAAL N.V., gevestigd te Utrecht,</title>
    <parablock>
      <para>verweerster, </para>
      <para>advocaten mr. J.M. van Dijk en mr. E.J. Zippro,</para>
      <para>2.         de besloten vennootschap <emphasis role="bold">PRPZ FINANCIERING PARTICIPATIES B.V.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te Utrecht,</para>
      <para>verweerster,</para>
      <para>advocaat mr. D.A.M.H.W. Strik.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen zullen hierna Curatoren, CRI, SNS Bank, Propertize, SNS Reaal en PRPZ worden genoemd. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>2SQR Participatiemaatschappij B.V., 2SQR Holding B.V., Beheersmaatschappij Floris B.V., German Supermarkets “Sagittarius” Properties IV B.V., Leonardo Properties Vught B.V., Klassiche Immobilien Deutschland B.V. en Sagittarius Properties VI B.V. zullen hierna gezamenlijk de gefailleerde vennootschappen worden genoemd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>De rechtbank heeft op 5 november 2014 een tussenbeschikking gegeven.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>SNS Bank en SNS Reaal hebben gezamenlijk een akte ingediend; Curatoren en CRI hebben ieder een antwoordakte ingediend. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3.</nr>
      <para>Hierna is uitspraak bepaald.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>De verdere beoordeling</title>
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>De rechtbank verwijst naar en bouwt voort op haar tussenbeschikking van 5 november 2014. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>SNS Bank heeft geen gebruik gemaakt van de haar geboden gelegenheid een voorstel te doen voor een waarborg in de zin van artikel 2:404 lid 6 BW. Hetzelfde geldt voor SNS Reaal. Het verzet van Curatoren en van CRI tegen het voornemen van SNS Bank tot beëindiging van haar overblijvende aansprakelijkheid en het verzet van CRI tegen het voornemen van SNS Reaal tot beëindiging van haar overblijvende aansprakelijkheid moeten dan ook gegrond worden verklaard. De gegrondverklaring heeft tot gevolg dat de overblijvende aansprakelijkheid van SNS Bank jegens de gefailleerde vennootschappen en jegens CRI (als bedoeld in artikel 2:404 lid 2 BW) en van SNS Reaal jegens CRI niet eindigt.  </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>SNS Bank dient als de in het ongelijk gestelde partij te worden veroordeeld in de proceskosten in de zaak met nummer C/16/363890/HA RK 14-40. De kosten aan de zijde van Curatoren worden begroot op: </para>
      <para>- griffierecht	€	282,00</para>
      <para>- salaris advocaat	<emphasis role="underline">	9.633,00</emphasis> (3 punten × tarief € 3.211,00)</para>
      <para>Totaal	€ 	9.915,00</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>SNS Bank dient als de in het ongelijk gestelde partij te worden veroordeeld in de proceskosten in de zaak met nummer C/16/363911/HA RK 14-41. De kosten aan de zijde van CRI worden begroot op:</para>
      <para>- griffierecht	€	608,00</para>
      <para>- salaris advocaat	<emphasis role="underline">	9.633,00</emphasis> (3 punten × tarief € 3.211,00)</para>
      <para>Totaal	€ 	10.241,00</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <para>SNS Reaal dient als de in het ongelijk gestelde partij te worden veroordeeld in de proceskosten in de zaak met nummer C/16/363913/HA RK 14-42. De kosten aan de zijde van CRI worden begroot op:</para>
      <para>- griffierecht	€	608,00</para>
      <para>- salaris advocaat	<emphasis role="underline">	9.633,00</emphasis> (3 punten × tarief € 3.211,00)</para>
      <para>Totaal	€ 	10.241,00</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.6.</nr>
      <para>Voor een veroordeling in de volledige proceskosten van CRI, zoals zij heeft verzocht, is geen aanleiding. Dit al omdat niet is gebleken dat CRI nadeel heeft ondervonden van het door haar gestelde feit dat zij was gedwongen de procedures te starten om de reden dat geen informatie over de vermogenspositie van Propertize beschikbaar was. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>De beslissing</title>
    <para>De rechtbank</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">in de zaak met nummer C/16/363890/HA RK 14-40</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>verklaart het verzet van Curatoren tegen het voornemen van SNS Bank tot beëindiging van haar overblijvende aansprakelijkheid gegrond,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>veroordeelt SNS Bank in de proceskosten, aan de zijde van Curatoren tot op heden begroot op € 9.915,00,</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">in de zaak met nummer C/16/363911/HA RK 14-41</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>verklaart het verzet van CRI tegen het voornemen van SNS Bank tot beëindiging van haar overblijvende aansprakelijkheid gegrond,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>veroordeelt SNS Bank in de proceskosten, aan de zijde van CRI tot op heden begroot op € 10.241,00,</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">in de zaak met nummer C/16/363913/HA RK 14-42</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.5.</nr>
      <para>verklaart het verzet van CRI tegen het voornemen van SNS Reaal tot beëindiging van haar overblijvende aansprakelijkheid gegrond,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.6.</nr>
      <para>veroordeelt SNS Reaal in de proceskosten, aan de zijde van CRI tot op heden begroot op € 10.241,00,</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">in alle drie de zaken</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.7.</nr>
      <para>verklaart deze beschikking wat betreft de proceskostenveroordelingen uitvoerbaar bij voorraad,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.8.</nr>
      <para>wijst het meer of anders verzochte af.</para>
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>Deze beschikking is gegeven door mr. C.E.M. Nootenboom-Lock, mr. R.J. Verschoof en mr. A.K. Korteweg, bijgestaan door mr. H.G. van Soolingen als griffier, en in het openbaar uitgesproken op 14 januari 2015.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>