<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBMNE:2014:7598</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2016-04-26T11:53:57</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-04-26</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Midden-Nederland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Midden-Nederland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2014-07-09</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/16/347211</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Utrecht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2014:7598">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2014:7598</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2016-04-26T11:53:21</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-04-26</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBMNE:2014:7598 Rechtbank Midden-Nederland , 09-07-2014 / C/16/347211</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBMNE:2014:7598:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Koopovereenkomst – appartementsrecht – zekerheidsstelling – gebruiksvergoeding.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBMNE:2014:7598:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="0e664fb0-2134-4189-b667-a3356726a046" depth="2" width="13" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="bd268e9d-7770-40e1-a0df-897b830aa046" depth="2" width="523" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>vonnis</para>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Afdeling Civiel recht</para>
      <para>handelskamer</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>locatie Utrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer / rolnummer: C/16/347211 / HA ZA 13-499</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van 9 juli 2014</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">FORTUM VASTGOED B.V.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te Diemen,</para>
    </parablock>
    <para>2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">KCC BEHEER B.V.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te Rotterdam,</para>
      <para>eiseressen in conventie,</para>
      <para>verweersters in reconventie,</para>
      <para>advocaat mr. M. van Weeren,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde]
        </emphasis>,</para>
      <para>wonende te [woonplaats] ,</para>
      <para>gedaagde in conventie,</para>
      <para>eiser in reconventie,</para>
      <para>advocaat mr. D.D. Castelijns.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen zullen hierna Fortum c.s. en [gedaagde] genoemd worden.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het verzoek tot verbetering </title>
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Bij brief van 13 juni 2014 heeft mr. Soede namens [gedaagde] de rechtbank verzocht om verbetering van het op 28 mei 2014 in deze zaak gewezen vonnis op grond van artikel 31 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv), in die zin dat de rechtbank aan rechtsoverweging 5.3. zal toevoegen dat de in 5.3. van het vonnis vermelde hypotheek alleen voor zover het hypotheeknemer [gedaagde] betreft zal worden doorgehaald althans door alsnog te bepalen dat de doorhaling van die hypotheek alleen rechtsgevolgen heeft voor hypotheeknemer [gedaagde] .</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <parablock>
        <para>De rechtbank heeft Fortum c.s. in de gelegenheid gesteld zich over dit verzoek uit te laten. Bij brief van 17 juni 2014 heeft mr. van Weeren namens Fortum c.s. aan de rechtbank bericht bezwaar tegen inwilliging van het verzoek te hebben.</para>
        <para>
          <emphasis role="bold">2.	De beoordeling</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>Artikel 31 Rv bepaalt dat verbetering van een vonnis betrekking kan hebben op een kennelijke rekenfout, schrijffout of andere kennelijke fout. Bij een andere kennelijke fout kan bijvoorbeeld gedacht worden aan het geval waarin een onderdeel van de vordering in de rechtsoverwegingen is toegewezen terwijl datzelfde onderdeel in het dictum wordt afgewezen. Als criterium bij de beoordeling van de vraag of sprake is van een kennelijke fout heeft te gelden dat voor partijen en derden direct duidelijk moet zijn dat van een vergissing sprake is. Het door [gedaagde] geuite bezwaar tegen het vonnis van 28 mei 2014 heeft niet te gelden als een kennelijke reken- of schrijffout en is evenmin aan te merken als een andere kennelijke fout.  </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>De rechtbank is dan ook van oordeel dat in het vonnis van 28 mei 2014 geen sprake is van een kennelijke fout, die zich voor eenvoudig herstel leent. De rechtbank zal het verzoek dan ook afwijzen.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>De beslissing</title>
    <para>De rechtbank</para>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>wijst het verzoek om verbetering van het op 28 mei 2014 tussen Fortum c.s. en [gedaagde] gewezen vonnis af.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. R.C. Hartendorp, mr. D.C.P.M. Straver en mr. A.K. Korteweg, is bij afwezigheid van de voorzitter getekend door mr. Straver en in het openbaar uitgesproken op 9 juli 2014.<footnote-ref linkend="_05b4c076-c32c-42ca-b8a8-be3e0e652d2b" /></para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
  <footnote id="_05b4c076-c32c-42ca-b8a8-be3e0e652d2b" label="1">
    <para>type: MT 4253</para>
    <para>coll:</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>